De Boog tekst
home best verkocht alle titels aanbiedingen cadeau bestellijst help contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Vierde zondag van de advent

21. ADVENT, TIJD VAN HOOP EN VERWACHTING

-Maria, Meesteres van de hoop. Oorsprong van moedeloosheid en ontmoediging. Jezus Christus, het hoogste goed. -Het voorwerp van onze hoop. -Vertrouwen in de Heer. Hij is nooit te laat met het geven van de benodigde genade en hulp.

21.1 De geest van de advent bestaat voor een groot deel in het dicht bij Maria leven, in deze tijd waarin zij Jezus in haar schoot draagt. Ons leven is ook een wat langere advent, de verwachting van het definitieve moment waarop we de Heer ten slotte voor altijd zullen ontmoeten. De katholiek weet, dat alle dagen van zijn leven als een 'advent' in verbondenheid met de maagd Maria moeten worden doorgebracht. Het geeft hem de zekerheid te slagen in het enige dat echt telt in zijn bestaan: Christus ontmoeten in dit leven en later in de eeuwigheid.

Om Kerstmis voor te bereiden, dat nu al zo dichtbij is, is er geen beter middel dan Maria te vergezellen door met meer liefde en vertrouwen met haar om te gaan. Onze Lieve Vrouw doet de blijdschap in de ziel toenemen, omdat zij ons met haar omgang naar Christus leidt. «Leermeesteres van de Hoop. Maria verkondigde: van heden af prijst elk geslacht mij zalig (Lc 1,48). In menselijke termen zou men zich kunnen afvragen waar die verwachting op gebaseerd was? Wie was zij voor de mannen en vrouwen van toen? De grote vrouwen van het Oude Testament -Judit, Ester, Debora- verwierven al hier op aarde menselijke roem [...] Wat steekt de hoop van onze Lieve Vrouw schril af tegen ons ongeduld. We dringen er vaak bij God op aan, dat Hij ons het kleine beetje goeds dat we voor Hem tot stand gebracht hebben, terstond beloont. De eerste moeilijkheid doet zich nog niet voor, of we beklagen ons. Wij zijn vaak niet in staat de poging door te zetten, de hoop niet te verliezen.»1

Wie moeilijkheden en lijden verdraagt, raakt niet ontmoedigd, maar wel degene die niet haakt naar de heiligheid en het eeuwig leven, en die wanhoopt dat ooit te bereiken. Die eerste houding, dat gemis aan streven naar heiligheid, wordt bepaald door ongeloof, door oppervlakkigheid, door lauwheid en buitensporige gehechtheid aan de aardse goederen die beschouwd worden als het enige dat telt. Als ontmoediging niet genezen wordt, verlamt zij de pogingen het goede te doen en moeilijkheden te overwinnen. In sommige gevallen wordt de moedeloosheid om de eigen heiligheid bepaald door de zwakte van het willen, door vrees voor de inspanning die bij de ascetische strijd hoort en voor het moeten opgeven van de verknochtheden en ongeordendheden van de zintuigen. Ook schijnbare mislukkingen van onze innerlijke strijd en apostolische ijver kunnen ons ontmoedigen. Wie de zaken omwille van God en diens glorie doet, mislukt nooit: «Overtuig je van deze waarheid: jouw succes, nu en in deze aangelegenheid, bestond erin te mislukken. - Dank de Heer en begin opnieuw!»2 «Je mislukte niet: je hebt ervaring opgedaan. - Vooruit!»3 

Binnen een paar dagen zullen we in het stalletje Jezus in de kribbe zien, dat is een bewijs van de barmhartigheid en de liefde van God. En wij zullen kunnen zeggen: «In deze hoogheilige nacht staat alles in mij stil. Ik sta tegenover Hem: in de oneindige witheid is er niets dan Hij. Hij zegt niets, maar Hij is hier... Hij is God die mij bemint.»4 En als God mens wordt en mij liefheeft, hoe kan het dan zijn, dat ik Hem niet zou zoeken? Waarom de hoop Hem te ont­moeten verliezen, als Hij op zoek is naar mij? Weg met die eventuele moedeloosheid. Noch uitwendige oorzaken, noch onze persoonlijke ellende vermogen iets tegenover de blijdschap van de Geboorte die gaat plaatshebben.

21.2 Het hele Oude Testament door is er sprake van hoop als een van de wezenlijkste kenmerken van het ware volk van God. Alle ogen zijn gericht op de verre toekomst, omdat dan ooit de Messias zal komen: «De boeken van het Oude Testament beschrijven de heilsgeschiedenis waardoor de komst van Christus in de wereld langzaam wordt voorbereid.»5 In Genesis is sprake van de overwinning van de Vrouw op het kwaad, en van een nieuwe wereld.6 De pro­feet Hosea kondigt aan dat Israël zal terugkeren naar de oude liefde en daarin zal bloeien.7 Jesaja kondigt te midden van de tegenvallers tijdens de regering van Hizkia de komst van de Messias aan.8 Micha duidde op Bethlehem in het land van Juda als de geboorteplaats van de Messias.9 

Nog maar een paar dagen en dan zien we in het stalletje de Heer. Profeten hebben Hem geschouwd en voorzegd: een vrouw, die Maagd en Moeder was, heeft Hem gedragen; Johannes heeft verkondigd dat Hij komen zou, en Hem herkend en aangewezen toen Hij eenmaal was gekomen. Hij zelf ontsteekt in ons de vreugde en de kracht om toe te leven naar de dag van zijn geboorte. Laat Hij ons vinden, waakzaam, biddend, vol van dat geheim, zingend van alle grote dingen die Hij heeft gedaan.10 

Jezus Christus verkondigt, vanaf de kribbe in Bethle­hem tot aan zijn Hemelvaart, een boodschap van hoop en verwachting. Jezus zelf is onze enige hoop.11 Hij is de totale garantie, dat wij het beloofde heil zullen verwerven. Laten we naar de grot van Bethlehem kijken, «in waakzame verwachting», en begrijpen dat wij alleen met Hem vol vertrouwen naar God de Vader kunnen gaan.12 

De Heer zelf wijst erop dat het belangrijkste voorwerp van de christelijke hoop niet de goederen van dit leven zijn, die door worm en mot vergaan en waar dieven inbreken om te stelen13, maar de schatten van het onvervreemdbaar erfdeel, en op de eerste plaats het opperste geluk God voor eeuwig te bezitten.

Laat ons vol vertrouwen hopen, dat ons ooit de eeuwige zaligheid toegedeeld zal worden, en voor nu, vergiffenis voor onze zonden en zijn genade. Als gevolg hiervan strekt de verwach­tingsvolle hoop zich uit tot alle middelen die nodig zijn om dat doel te bereiken. Onder dit bijzonder opzicht kunnen de aardse goederen ook tot het gebied van de hoop behoren, maar alleen in de mate waarin en op de wijze waarop God het gebruik van deze goederen tot ons heil geordend heeft.

Laten we, deze dagen en altijd, met al onze krachten strijden tegen die kleinere vormen van wanhoop, zoals moede­loosheid, ontmoediging, en het bijna uitsluitend bezig zijn met de aardse goederen. Door de hoop zullen we ons in God verliezen en alle middelen binnen bereik plaatsen voor een ascetische strijd die ons zal aanzetten vaak opnieuw te beginnen, volhardend te zijn in het apos­tolaat en geduldig bij tegenstand, en een veel bovennatuurlijker visie te hebben op het leven en de voorvallen van het leven. «In de mate waarin de wereld de christelijke hoop moe wordt, is het alternatief dat overblijft materialisme, van een soort waar we reeds bekend mee zijn; dat en niets anders. De ervaring die de wereld heeft met het christendom is er een van grote liefde, van levenslange liefde [...]. Geen nieuwe stem [...] zal voor ons enige aantrekkingskracht hebben, tenzij die ons terugbrengt naar de stal van Bethlehem -om onze trots daar te vernederen, onze liefde te vergroten en ons gevoel van eerbied bij het zien van een ontzagwekkende reinheid te verdiepen.»14

21.3 Luistert naar Mij, gij moedelozen, gij die meent ver van de overwinning te zijn. Ik breng mijn overwinning; die is niet ver, mijn redding zal niet talmen.15 

Onze hoop op de Heer dient groter te zijn naarmate de middelen waarover men beschikt kleiner zijn, of de moei­lijkheden groter. Bij een bepaalde gelegenheid, toen Jezus naar Kafarnaüm terugkeerde, zegt de heilige Lucas16 dat iedereen Hem verwachtte. Te midden van de menigte steekt een persoon boven de rest uit die door de evangelist getypeerd wordt met de woorden dat hij een overste van de synagoge was en Jezus om genezing vraagt voor zijn dochter: Hij viel Jezus te voet. Hij maakt er helemaal geen probleem van in het openbaar een dergelijk blijk van nederigheid en geloof in Hem te geven.

Na een aanwijzing van de Heer zetten allen zich onmiddellijk in beweging naar het huis van Jaïrus. Het meisje, twaalf jaar oud, enig kind, lag op sterven. De doods­strijd had al ingezet. Juist als ze al een deel van de weg hebben afgelegd is er een vrouw, verscholen tussen de menigte, die aan een ziekte lijdt, waardoor zij volgens de wet onrein is en anderen niet mag naderen. Zij raakt de zoom van het kleed van de Heer aan. Ook een vrouw met een diepe nederigheid. Jaïrus heeft zijn hoop en nederigheid getoond door ten overstaan van allen Jezus te voet te vallen. Deze vrouw doet alsof zij onopgemerkt voorbijgaat. Zij zou geen tijd van de Meester in beslag willen nemen. Zij achtte zichzelf veel te onbeduidend om door de Heer te worden opgemerkt. Het is haar voldoende zijn mantel aan te raken. Beide wonderen zullen volmaakt verricht worden. De vrouw wie de kennis van zoveel medici niet had mogen baten, werd voor altijd genezen. En het dochtertje van Jaïrus zou een volledig gezond leven leiden, ondanks het feit dat zij, toen de groep mensen na het oponthoud onderweg arriveerde, gestorven was.

Wat deed Jaïrus tijdens dat oponthoud met die vrouw die leed aan vloeiïngen? Het lijkt, dat hij naar het tweede plan geschoven was. Het is niet moeilijk je een voorstelling te maken hoe ongeduldig hij was, want toen hij van huis ging om de Meester te halen, lag zijn kind op sterven. Jezus echter haast zich kennelijk niet. Het lijkt zelfs of Hij het niet belangrijk vindt wat er in het huis van Jaïrus gebeurt. Als Jezus aankomt, is het meisje gestorven. Er is nu geen mogelijkheid meer haar voor de dood te behoeden. Het lijkt dat Jezus te laat is gekomen. Juist dan, als er menselijkerwijs niets meer gedaan kan worden, als er niets meer is om niet moedeloos van te worden, heeft het uur geslagen voor de bovennatuurlijke hoop.

Jezus komt nooit te laat. Hij vraagt alleen een groter geloof. Hij heeft gewacht tot het volstrekt te laat was om ons te onderrichten dat de bovennatuurlijke hoop ook gegrondvest kan worden op de ruïnes van de menselijke verwachting, en dat het alleen nodig is een grenzeloos ver­trouwen te hebben in Hem die alles kan, op elk moment.

Deze passage verwijst ons naar ons eigen leven, als het lijkt of Jezus niets doet aan onze noden, verleent Hij ons een grotere genade. Deze passage laat ons terugdenken aan zoveel momenten voor het tabernakel, waarin we woorden meenden te horen die heel veel hierop leken : Wees niet bang, maar heb geloof. Hopen op Jezus is vertrouwen op Hem en daden aan Hem overlaten. Veel vertrouwen, wanneer de menselijke elementen waarop we nog zouden kunnen steunen zwakker zijn.

De devotie tot de heilige Maagd is de beste garantie om de vereiste middelen te verwerven en het eeuwig geluk waartoe we bestemd zijn. Maria is heel echt «een haven voor bedreigden in de storm, het herstel van onze rampen, de troost van de ongelukkigen en de blijdschap van de zieken.»17 Laten we haar vragen dat we hoop mogen hebben. Nu, in de dagen die ons resten tot Kerstmis -en altijd- die zo vol geloof zijn in haar Zoon Jezus Christus, de door de profeten aangekondigde Messias. «Zij licht hier op aarde het volk Gods op pelgrimstocht voor als een teken van vaste hoop en van troost, totdat eens de dag des Heren komt (2 Pe 3,10).»18

-1. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 286. -2. Idem, De Weg, 404. -3. Ibidem, 405. -4. J. Leclercq, En suivant l'année liturgique. -5. Vaticanum ii, Dogm. const. Lumen gentium, 55. -6. Vgl. Gn 3,15. -7. Hos 2,16-25. -8. Jes 7,9-14. -9. Mi 5,1-5. -10. Prefatie II van de advent. -11. Vgl. 1 Tim 1,1. -12. Vgl. 1 Tes 3,13. -13. Mt 6,19. -14. R.A. Knox, Kerstpreek, 29.12.1953. -15. Vgl. Jes 46,12-13. -16. Lc 8,40-46. -17. H. Alfonsus van Liguori, Bezoeken aan het Allerheiligst Sacrament, 28. -18. Vaticanum ii, o.c., 68.



Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
Spreken met God Deel 5
van € 17,95 voor € 15,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Priester zijn
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 50 vragen over Jezus
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps:   xml   html      ©De Boog 2009