Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Elfde week door het jaar. Zaterdag

36. Alles is voor ons bestwil

-Gods wil beminnen. God heeft de best mogelijke plannen met ieder van ons. Bij tegenspoed de innerlijke rust bewaren. -Overgave aan God en verantwoordelijkheid. -Omnia in bonum: voor hen die God liefhebben, is alles voor hun bestwil.

36.1 Alles, zelfs het kleinste ding in het heelal, bestaat omdat God het in stand houdt. Hij die hult de hemel in wolken, die maakt dat het regent op aarde, die het gras op de bergen doet kiemen; die de honger stilt van de dieren, van het ravenjong dat om voer schreeuwt.1 De hele schepping is het werk van God, en Hij zorgt liefdevol voor zijn schepsels, vooreerst door hen in stand te houden. «Dit 'in stand houden' is in zekere zin een voortdurende schepping (conservatio est continua creatio).»2 Deze zorg en voorzienigheid strekken zich op bijzondere wijze uit tot de mens, Gods lievelingsobject.

Jezus leert ons steeds, dat God onze Vader is en dat Hij het beste voor zijn kinderen wil. Het beste dat we ons kunnen voorstellen, voor onszelf en voor degenen van wie we het meest houden, stemt bij lange na niet overeen met de goddelijke plannen. God onze Vader weet heel goed wat we nodig hebben, en zijn alziende blik reikt zowel tot dit leven als tot in de eeuwigheid; onze blik is kort en zeer gebrekkig, onze visie beperkt. Logischerwijze bestaan geluk en heiligheid wezenlijk in het kennen, beminnen en volbrengen van Gods wil, die zich aan ons tijdens ons leven op verschillende wijzen, maar voldoende helder, openbaart.

In het evangelie van de mis doet de Heer ons een aanbeveling, opdat onze dagen vervuld mogen zijn van vrede... Weest niet bezorgd voor uw leven, wat ge zult eten of wat ge zult drinken, en ook niet voor uw lichaam, wat ge zult aantrekken. Is het leven niet méér dan het voedsel en het lichaam niet méér dan de kleding? Let eens op de vogels in de lucht: ze zaaien niet en maaien niet en verzamelen niet in schuren, maar uw hemelse Vader voedt ze.3 Hier krijgen we een uitnodiging om te leven in vreugdevolle hoop bij het volbrengen van onze dagelijkse plichten. Het is logisch dat we te maken krijgen met tegenslagen, leed en moeilijkheden, maar we moeten deze als kinderen van God dragen, zonder ons overdreven zorgen te maken, zonder verzet of bedroefdheid, omdat we weten dat de Heer toelaat dat deze dingen gebeuren -deze ziekte, die ogenschijnlijke ramp- om ons te zuiveren, ons te veranderen in medeverlossers met Hem. Het lijden en de tegenspoed moeten dienen om ons te zuiveren, om ons te helpen groeien in de deugden, en om meer van God te houden... «Heb je uit de mond van de Meester zelf de gelijkenis niet gehoord van de wijnstok en de ranken? Troost je: Hij eist veel van je, omdat je een wijnrank bent die vrucht draagt... Hij snoeit je, ut fructum plus afferas, opdat je nog meer vrucht zult dragen.

»Natuurlijk is dit wegsnijden en snoeien pijnlijk. Maar hoe sappig zijn daarna de vruchten en hoe rijp de werken!»4 Laten we niet in de war raken als we de 'tegenwind' van de goddelijke plannen ontmoeten; God is zich goed bewust van wat Hij doet en van wat Hij laat gebeuren.

Laten we vandaag onszelf eens goed onderzoeken om te zien of wij tegenslagen, verdriet en ogenschijnlijk falen zonder de vrede te verliezen aanvaarden; of we ons beklagen of, al is het slechts voor korte tijd, sombere gedachten of opstandigheid de vrije teugel laten. Laten we, in de aanwezigheid van de Heer, nagaan of ons fysieke of morele leed ons werkelijk dichter bij God onze Vader brengt, en ons nederiger maakt. Weest niet bezorgd voor uw leven... zegt de Heer ons nogmaals in deze tijd van gebed.

36.2 Heel vaak weten we niet wat goed voor ons is; «en wat de zaak nog meer verwart, is dat we denken dat we het wel weten. We hebben onze eigen plannen om gelukkig te worden, en te vaak kijken we naar God als iemand die ons helpen zal ze te verwezenlijken. De ware stand van zaken is echter volledig het tegenovergestelde. God heeft zijn eigen plannen om ons gelukkig te maken, en Hij wacht op ons om Hem te helpen ze ten uitvoer te brengen. En laat het duidelijk zijn dat we op geen enkele manier Gods plannen kunnen verbeteren.»5 Wanneer we in de praktijk zeker zijn van deze waarheden en ze, dag na dag, beleven, komen we tot een kalme overgave, zelfs als ons iets hards overkomt, wat we niet kunnen begrijpen en wat ons verdriet en zorgen geeft. Er valt niets in elkaar, het is geen ramp, als we gedragen worden door het besef van ons goddelijk kindschap: Als God nu het veldgewas, dat er vandaag nog staat en morgen in de oven wordt geworpen, zó kleedt, hoeveel te meer dan u...6

Soms gebeurt het, zegt de heilige Thomas, dat als iemand, die geen kennis bezit van de medische wetenschap, een dokter water ziet voorschrijven aan de ene zieke en wijn aan de andere, hij dan in zijn onwetendheid denkt dat het voorschrijven in het wilde weg gebeurt zoals het opgooien van een muntstuk. «En zo gaat het ook met God. Hij, die de oorzaken van de dingen kent en in overeenstemming met zijn voorzienigheid, ordent alles al naar gelang de ware noden van de mensen: Hij stelt op de proef sommigen die misschien goed zijn, en staat toe dat anderen die slecht zijn in voorspoed leven.»7 We mogen nooit vergeten dat God wil dat we hier gelukkig zijn, maar Hij wil dat we nog gelukkiger zullen zijn voor altijd bij Hem in de hemel.

Heiligheid bestaat in het liefdevol vervullen van de wil van God, die zich openbaart in de plichten van elke dag overeenkomstig ieders persoonlijke situatie. Wetend dat Gods liefdevolle aandacht de kleinste details van ons leven omvat, kunnen wij ons in volledig vertrouwen aan God overgeven. Maar deze overgave moet aktief en verantwoordelijk zijn, met gebruikmaking van de middelen die elke situatie vereist; het kan inhouden dat we naar de dokter moeten gaan als we ziek zijn; het kan betekenen dat we alle stappen moeten zetten die noodzakelijk zijn om de baan te krijgen die we zo zeer nodig hebben, en waarvoor we tot God gebeden hebben; het kan betekenen dat we hard moeten werken om in ons beroep verder te komen, of alle uren aan de studie wijden die nodig zijn om voor dat moeilijke examen te slagen...

Overgave aan God moet nauw verbonden zijn met verantwoordelijkheid, een verantwoordelijkheid die ons ertoe brengt de meest geschikte menselijke middelen te gebruiken, want in veel gevallen is wat als 'pech' of 'tegenzittende omstandigheden' vermomd is, in feite niets anders dan verborgen middelmatigheid, luiheid of onvoorzichtigheid, omdat men niet alle mogelijkheden voorzien had, en niet de juiste middelen gebruikte waar de situatie om vroeg. Als werk gewetensvol gedaan wordt en ordelijk, als het goed wordt afgeleverd, als het geheiligd is, dan zal het te zijner tijd vruchten voortbrengen, net als standvastig en offervaardig apostolaat. En als deze vruchten niet aanstonds komen, dan is dat een teken dat God ze zal geven via wegen die wij niet verwacht hadden, en dat Hij wil dat we ons juist in deze omstandigheden heiligen.

36.3 Het besef van ons kindschap Gods helpt ons te ontdekken, dat alles wat in ons leven gebeurt, gewild of toegelaten wordt voor ons bestwil door de zeer beminnelijke wil van God. Hij, die onze Vader is, verleent ons wat het beste voor ons is, en Hij verwacht van ons, dat we zijn vaderlijke liefde zien zowel in de gunstige en aangename, als in de ongunstige en onaangename gebeurtenissen.8

Zoals de apostel Paulus zegt: In alles bevordert God het heil van die Hem liefhebben.9 Wie God bemint en zijn liefde met daden toont, weet dat, wat er ook komen mag, alles voor zijn bestwil is, mits hij blijft liefhebben. En juist omdat hij liefheeft, gebruikt hij de nodige middelen opdat het resultaat goed zal zijn, opdat het werk -goed afgemaakt, en gedaan met een zuivere mening- vruchten van heiligheid en apostolaat zal voortbrengen. En als hij eenmaal de middelen die hem ter beschikking stonden heeft benut, dan geeft hij zich over aan God en rust hij in zijn liefdevolle voorzienigheid. «Let op -zegt de heilige Bernardus- Hij zei niet dat de dingen dienen voor onze willekeur, maar dat ze dienen voor het heil. Niet voor onze grillen, maar voor het nut; niet voor het genoegen, maar voor de redding; niet voor onze verlangens, maar voor ons voordeel. In deze zin dient alles voor ons welzijn, zelfs de dood, zelfs de zonde... Want werken zonden niet ten goede van degene die daardoor nederiger, vuriger, zorgzamer, voorzichtiger, verstandiger wordt?»10 Na de middelen gebruikt te hebben die binnen ons bereik lagen, of bij zaken die niet van ons afhangen, zullen we in het binnenste van ons hart zeggen: Omnia in bonum, alles is voor ons bestwil.

Met deze overtuiging, de vrucht van het goddelijk kindschap, zullen we vervuld van optimisme en hoop leven en aldus vele moeilijkheden overwinnen. «Het lijkt alsof de wereld jou terneer drukt. Je ontwaart rondom geen enkele uitweg. Het is deze keer onmogelijk om de moeilijkheden te overwinnen.

»Maar, ben je wederom vergeten dat God jouw vader is? Almachtig, alwetend, barmhartig? Hij kan je niets slechts toezenden. Datgene wat jou bezorgd maakt, is goed voor je, ook al zijn op dit moment jouw ogen verblind.

»Omnia in bonum. Heer, dat uw allerwijste wil nog eens geschiede, en altijd!»11

Omnia in bonum. Alles is voor ons bestwil. Wij kunnen alles veranderen in iets dat God welgevallig is, en tot het heil van de ziel strekt. Deze uitdrukking van de heilige Paulus kan als schietgebed, als een gebedje dienen dat ons vrede zal geven op moeilijke momenten.

De heilige Maria, onze Moeder, zal ons leren hoe we ons vol vertrouwen kunnen overgeven, met vertrouwen in Gods handen, als we elke dag veelvuldig onze toevlucht tot haar nemen. In het allerzoetste Hart van Maria, waarvan we het feest in deze maand juni vieren, zullen we altijd vrede, troost en vreugde vinden.

-1. Ps 147,8-9. -2. Johannes Paulus ii, Algemene audiëntie, 29 januari 1986. -3. Mt 6,25-26. -4. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 701. -5. E. Boylan, This tremendous lover. -6. Mt 6,30. -7. H. Thomas van Aquino, Over het Credo. -8. The Navarre Bible, noot bij Rom 8,28. -9. Rom 8,28. -10. H. Bernardus, Over de kortheid van het leven, 6. -11. H. Jozefmaria Escrivá, De Kruisweg, negende statie, 4.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012