Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Derde week. Maandag

16. CHRISTELIJKE NATUURLIJKHEID

-Duidelijk christen zijn in alle omstandigheden van het leven. -Apostolaat in moeilijke omstandigheden. -Zuiverheid van bedoeling.

16.1 De berechting van Stefanus ontketende een grote vervolging tegen de Kerk. In de lezing van vandaag wordt het verhaal verteld van zijn apostolaat en zijn marteldood.1 Stefanus, vol genade en kracht, deed grote wondertekenen onder het volk. Dezelfde middelen, bijna dezelfde woorden als tegen Jezus werden aangewend, werden tegen hem gebruikt. Wij hebben hem horen zeggen, dat die Nazoreeër Jezus deze plaats zal afbreken en de voorschriften veranderen, die Mozes ons heeft overgeleverd.

Stefanus verkondigde dapper zijn geloof in de verrezen Jezus. En zelfs als onze Heer niet om ons leven vraagt, zoals Hij het Stefanus vroeg, is hij een voorbeeld voor ons van een duidelijk christelijk leven; natuurlijk en openhartig geleefd, niet afgeschrikt door valse schandalen of door wat de mensen zouden kunnen zeggen. We kunnen verwachten, dat mensen ons soms op een verwrongen manier zullen beoordelen, omdat zij het wezen van een christelijke manier van handelen of de liefdevolle eisen van de leer van Christus niet voldoende begrijpen. We zouden dan onze Heer en zijn trouwe volgelingen moeten nadoen, door met kalmte te handelen en een christelijk leven te leiden met al zijn gevolgen, zelfs als het betekende ons leven voor Hem te geven. Ongetwijfeld zou het gemakkelijker zijn ons aan te passen aan heidense omstandigheden en levensstijlen. Maar als we dat deden, konden wij niet volhouden trouwe volgelingen te zijn van Jezus. Zulke omstandigheden, waarin wij vastheid van karakter nodig hebben en sterkte in het geloof, kunnen overal opduiken: op de universiteit, op het werk, of op de plaats waar we met het gezin op vakantie gaan.

«Bij hun publieke activiteiten moeten de katholieken zijn bezield door de maatstaven en de doeleinden van het evangelie, die de Kerk beleeft en uitlegt. Gewettigde verscheidenheid van mening in tijdelijke zaken behoort geen afbreuk te doen aan de noodzakelijke overeenstemming van katholieken in de verdediging en de bevordering van levenswaarden en projecten ontleend aan de moraal van het evangelie.»2 Katholieken moeten elke angst verwerpen om ergernis te veroorzaken als, wegens leven als trouwe leerlingen van onze Heer, hun gedrag verkeerd wordt uitgelegd of ondubbelzinnig wordt afgewezen. Iemand die zijn christen zijn zou verbergen te midden van een omgeving met heidense gewoonten, zou toegeven aan menselijk opzicht, en zou er goed aan doen zich die woorden van Jezus te herinneren: Ieder die Mij zal verloochenen tegenover de mensen, hem zal Ik ook verloochenen tegenover mijn Vader die in de hemel is.3

«Weet je -vraagt de pastoor van Ars- wat de eerste bekoring is die de duivel aan iemand aanbiedt, die er mee begonnen is God beter te dienen? Het is menselijk opzicht.»4 Hoe is ons gedrag wanneer wij met onze vrienden zijn, op het werk, op een bijeenkomst? Laten wij voor onze positie als zonen en dochters van God met eenvoud en durf uitkomen?

16.2 Soms laten wij ons verleiden om zonder enige warmte te spreken over de echte waarheden van het leven, of anders om er helemaal niet over te spreken. Er is de tendens om iemand die met enthousiasme spreekt over een nobele zaak -zoals het recht op leven vanaf het moment van ontvangenis, de vrijheid van opvoeding- te beschrijven als een fanatiekeling. Of anders is er de neiging iemand te brandmerken met bepaalde bijnamen als hij of zij diepgaande overtuigingen heeft over de zin van het leven en die in praktijk probeert te brengen.

Zonder ons te buiten te gaan -wat vreemd zou zijn aan het liefdevolle voorbeeld dat Jezus ons heeft nagelaten- moeten wij proberen te leven met diepe en vastberaden christelijke overtuigingen. Wij zijn ons er bijvoorbeeld goed van bewust, dat onverschilligheid ten aanzien van de wonderwerken van God een groot kwaad is, het gevolg van lauwheid of een dood of slapend geloof, onafhankelijk aan hoe erg mensen hun onverschilligheid ook trachten te vermommen als 'onpartijdigheid'.

Door het doopsel krijgen wij de genade die verlost en die zin geeft aan onze aardse pelgrimstocht. In het bezit van zo'n grote weldaad is een christen van nature opgewekt en optimistisch, en tracht hij zijn geluk aan de mensen rondom hem mede te delen door een onafgebroken apostolaat.

Jezus deed altijd goed. Ik vraag u, zei Hij eens tegen enkele wetgeleerden en farizeeën die hem bespioneerden, is het juist om goed te doen of kwaad? waarna Hij de man met de verschrompelde hand genas. Wij moeten overal goed doen, de vreugde van Christus in elke omgeving kenbaar maken. We voelen de behoefte zielen te winnen voor de Waarheid, voor de Liefde, voor Christus.

«Dit wordt, in de juiste betekenis van het woord, 'proselitisme' genoemd. Manipulatie met het woord 'proselitisme' sticht verwarring. Dit woord is door sommige mensen zwart gemaakt door te veronderstellen, dat het gaat om het behartigen van eigenbelang met gebruikmaking van oneerbare praktijken om degenen, op wie het is gericht, te verlokken, te dwingen of te verstrikken door misbruik te maken van hun onwetendheid, hun materiële armoede of hun emotionele eenzaamheid. Zo'n houding moet worden veroordeeld. Maar dat betekent niet dat wij christenen daarom apostolische vruchtbaarheid moeten afzweren, de openhartige broederlijkheid van oprecht proselitisme.»5

Onze zekerheid over de waarheden van ons geloof -alleen iemand die overtuigd is, is in staat anderen te overtuigen- en de liefde van Christus brengt ons ertoe op een vruchtbare manier mede te delen wat wij zelf hebben ontdekt: dit is waarachtig proselitisme. En zo mogen we altijd te werk gaan.

16.3 De plaats, waar we onze heiliging zoeken, is in ons werk, in onze betrekkingen met de mensen die dezelfde werkzaamheden met ons delen, in onze maatschappelijke contacten en in onze gezinnen.

Wanneer wij hindernissen tegenkomen, gebrek aan begrip of onrechtvaardige kritiek, zullen we onze Heer zijn genade vragen om kalm te blijven, en, normaal gezien, zullen wij niet stoppen met apostolaat uit te oefenen. Onze Heer ontmoette niet altijd mensen met oprechte bedoelingen, toen hij het Goede Nieuws verbreidde. Dit verhinderde Hem nooit om te praten over de wonderwerken van het Koninkrijk van God. De apostelen bij het begin van de Kerk, en ook de eerste christenen, bevonden zich in een omgeving die de leer van de verlossing, die zij in hun hart droegen, volledig verwierp. Maar zij slaagden er toch in de klassieke wereld te bekeren.

«Ik begrijp je willoosheid niet. Als je in aanraking komt met een groepje mensen dat een beetje lastig is -misschien wel zo geworden door jouw nalatigheid-, ga je ze uit de weg, gooi je het bijltje erbij neer en denk je dat ze ballast zijn, een hinderpaal voor je apostolische dromen, dat ze je toch niet zullen begrijpen... Hoe wil je dat ze naar je luisteren als je niet, naast je genegenheid en je dienstbaarheid in gebed en versterving, tot ze spreekt?...»6

Anderzijds is er niet zoiets als een onveranderlijke of blijvende toestand. Met de tijd zal iemand, die eervol handelt en werkt met een oprechte bedoeling en zonder persoonlijk voordeel te zoeken, altijd in het juiste licht gezien worden.

Alleen degenen met een onvast karakter en een oppervlakkige vorming, en zonder duidelijke maatstaven om hen te leiden, laten zich beïnvloeden door wat de mensen zeggen. Dikwijls wordt zo'n houding, die menselijk gesproken zelfs onaantrekkelijk is, ondersteund door de wens om niet in moeilijkheden te geraken, of bijvoorbeeld zijn baan in gevaar te brengen, of het verlangen om op geen enkele wijze anders te zijn als de anderen.

Wij lezen in de tussenzang: Al spannen ook vorsten tegen mij samen, uw dienaar geeft acht op wat Gij beschikt. Ik neem uw verordening ter harte, zij geven mij goede raad.7

Om een einde te maken aan de ongerustheid over wat de mensen zullen zeggen, moeten wij een zuivere bedoeling hebben en meer bezorgd zijn over de mening van God dan de mening van wie ook. Wij hebben ook de kracht nodig om kleinzielige kritiek op een opgewekte en onverstoorbare manier te negeren; om bereid te zijn de schat bekend te maken die elke leerling van de Heer heeft gevonden. We moeten ook een goed voorbeeld geven; dat is eenvoudigweg leven in overeenstemming met de genade die onze Heer in onze harten heeft gelegd. Dat is iets dat ons nooit zal berouwen. Zelfs in de meest moeilijke omgeving kunnen wij zielen winnen voor Christus, als wij werkelijk die vrienden, collega's en kennissen van ons gelukkig willen maken. «Voordat wij heiligen willen maken van al die mensen die wij liefhebben, moeten we hen gelukkig maken en vol vreugde. Niets bereidt een ziel beter voor op de genade dan de vreugde.

»Je weet al dat, als je de harten van degenen, die je beter wenst te maken, in je handen houdt, je reeds halfweg je apostolisch pad bent gegaan, als je in staat bent hen door de zachtheid van Christus te boeien. Als zij van je houden en je vertrouwen, als zij tevreden zijn, is de grond klaar om te zaaien. Want hun harten staan open als vruchtbare grond, klaar om het blanke graan van je woord als een apostel of opvoeder te ontvangen.

»Als je weet hoe te spreken zonder te kwetsen, alhoewel je misschien moet corrigeren of berispen, zullen de harten zich niet voor je sluiten. Het zaad zal op werkelijk vruchtbare grond vallen en de oogst zal overvloedig zijn. Als de zaken anders lagen, zouden je woorden geen open hart vinden, maar een stenen muur. Je zaad zou niet op vruchtbare grond vallen maar 'aan de kant van de weg' van onverschilligheid of wantrouwen, of 'op de rotsgrond' van een ziel die slecht gezind is, of 'tussen de distels' van een gewond en verontwaardigd hart.

»Wij mogen nooit vergeten dat onze Heer het welslagen beloofd heeft aan vriendelijke gezichten, hartelijkheid, goede manieren, en duidelijke, overtuigende woorden, die richting en onderricht geven zonder te kwetsen. We moeten nooit vergeten dat wij mensen zijn die omgaan met andere mensen, zelfs als wij hun zieleheil willen. Wij zijn geen engelen. En daarom scheppen ons uiterlijk voorkomen, onze glimlach, onze manieren een klimaat dat de doeltreffendheid van ons apostolaat beïnvloedt.»8

Door de heilige Maagd vinden we de benodigde kracht, zoals de apostelen die vonden, om over God te spreken zonder ons zorgen te maken over wat de mensen zouden kunnen zeggen. «Als de Meester, wanneer Hij opstijgt naar de rechterhand van de Vader, hun heeft gezegd: 'Gaat en onderwijst alle volken', blijven de leerlingen in vrede achter. Maar zij hebben nog twijfels: ze weten niet wat zij moeten doen en verenigen zich met Maria, Koningin der apostelen, om vurige predikers te worden van de Waarheid, die de wereld zal redden.»9

-1. Vgl. Hnd 6,8-15. -2. Spaanse bisschoppenconferentie, Getuigen van de levende God, 28 juni 1985. -3. Mt 10,32. -4. H. Jean-Baptiste Marie Vianney, Preek over de bekoringen. -5. C. López Pardo, in Palabra, n. 245. -6. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 954. -7. Ps 119,23-24. -8. S. Canals, Ascética meditada. -9. H. Jozefmaria Escrivá, o.c., 232.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012