Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Vierendertigste week. Maandag

47. De arme weduwe

-Geen grenzen stellen aan de edelmoedigheid. -Onvoorwaardelijke overgave. De Heer niets ontzeggen. -Edelmoedigheid van God.

47.1 Groot waren de offers die men de Heer dagelijks in de tempel van Jeruzalem bracht. Sommige hadden betrekking op de producten van het land als teken van de goddelijke opperheerschappij over al het geschapene. Ze bestonden uit meel en olie, aren of gekookt brood, die vervolgens bewierookt werden als uitdrukking van het verlangen, dat ze de Heer welgevallig mochten zijn.1 Een deel van de offergave werd op het altaar verbrand, een ander deel werd door de priester in het binnenste van de tempel opgegeten.2 De «holocaust», het brandoffer, was een offer waarbij het slachtdier (een lam, een vogel...) dat tevoren was gewijd, volledig werd vernietigd, bijna altijd door middel van vuur. «Holocaust» betekent immers, dat tijdens het offer het slachtdier volledig werd verbrand. Ten tijde van de Heer werden er 's ochtends en 's middags offers gebracht; vandaar dat men het een eeuwig offer3 noemde. Het was de voorafbeelding van het offer dat nog zou komen, het eucharistisch offer.

Als offergave en tevens voor het onderhoud van de tempel wierpen de joden ook hun aalmoezen in een voor allen zichtbare plaats, de schatkist. Op een dag bevond Jezus zich bij deze plek en keek toe hoe het volk koperstukken daarin wierp, terwijl menige rijke er veel in liet vallen.4 Hij zag ook hoe een arme weduwe naderbij kwam en er twee kleine munten in wierp. Marcus heeft ons zelfs gewezen op de waarde van die muntstukken: ter waarde van een cent, een onbetekenend bedrag. Toch raakte de Heer ontroerd bij de stap die deze vrouw zette, want Hij begreep aanstonds dat dit alles voor haar betekende. Haar offer was voor God voornamer dan dat van alle anderen. Die arme weduwe gaf immers alles wat zij bezat, alles waar ze van leven moest. De anderen hadden gegeven van wat hun overschoot, zij daarentegen van wat zij nodig had. Zij zal haar offer hebben gebracht met grote liefde, met een groot vertrouwen in de Goddelijke Voorzienigheid en God zal haar hebben beloond, ook reeds tijdens haar dagen hier op aarde. De heilige Augustinus tekent aan: «Zij wierpen er veel in van het vele dat zij bezaten; zij wierp er alles in wat zij bezat. En zij had veel, want zij had God in haar hart. God in de ziel bezitten is meer dan goud in de ark. Wie heeft er meer in geworpen dan die weduwe, die niets voor zichzelf behield?»6 Wij leren vandaag door deze passage uit het evangelie van de heilige Mis, dat we niet bevreesd moeten zijn om edelmoedig te zijn met God en goede werken in dienst van de Heer en de ander, en zelfs niet bang om dat te offeren wat ons voor het levensonderhoud noodzakelijk schijnt. En wat hebben we in feite maar weinig nodig! Aan God moeten wij aanbieden wat wij zijn en wat wij hebben, zonder ook maar een klein deeltje voor onszelf te behouden. Er bestaat een oud gezegde dat zegt, dat men God kan veroveren met het laatste muntstuk. Is er iets in ons hart dat niet aan de Heer toebehoort? Tijd, goederen, vrienden...? Wat vraagt Jezus nu van ons? Met welke dingen zouden we misschien moeten kappen of ze naar het tweede plan verschuiven?

Zoveel vreugde bracht dat gebaar van de vrouw bij de Heer teweeg, dat Hij meteen de behoefte voelde het aan zijn leerlingen te vertellen.7 Dezelfde vreugde ondergaat zijn hart, wanneer wij ons geheel en al aan Hem overgeven. «Het Rijk Gods heeft geen prijs, en toch kost het je precies wat je hebt [...]. Petrus en Andreas heeft het een boot en enkele netten gekost; de weduwe kostte het twee zilveren muntstukjes (vgl. Lc 21,2); een ander een glaasje fris water (vgl. Mt 10,42)...»8

47.2 Tijdens zijn prediking in de drie jaren van zijn openbare leven, en met name door zijn overgave aan lijden en dood, roept de Heer zijn volgelingen op om zich aan God de Vader aan te bieden, niet meer door middel van het offeren van dieren, vogels of vruchten van het land maar door het offeren van zichzelf. De heilige Paulus zal dit de eerste christenen van Rome in herinnering roepen: En nu, broeders, smeek ik u bij Gods erbarming: wijdt uzelf aan Hem toe als een levende, heilige offergave, die Hij kan aanvaarden. Dat is de geestelijke eredienst die u past.9 Met name in de heilige Mis kan en moet de christen zich aanbieden tezamen met Christus, want «opdat de offergave waarmee de gelovigen tijdens dit Offer het goddelijk slachtoffer aan de hemelse Vader aanbieden, haar volle kracht kan verkrijgen [...], moeten zij zichzelf offeren als offerdier [...] en zich, vurig verlangend om aan Jezus Christus die zo bittere pijnen heeft geleden gelijk te worden, aanbieden als geestelijk offerdier met en door de eeuwige Hogepriester.»10

Deze overgave wordt dagelijks verwezenlijkt, gewoon­lijk in kleine daden, vanaf de zorg om bij het begin van de ochtend de dag aan te bieden tot en met de kleine attenties die het samen leven met anderen vereist; met het hart steeds gericht op wat de Heer van ons wil vragen, met een bereidheid om Hem niets te ontzeggen. Onze overgave moet volkomen zijn, onvoorwaardelijk. In een van de oudste geschriften van de eerste christenheid wordt het volgende verteld: wanneer een man enkele uitstekend vervaardigde vaten met goede wijn vult maar enkele daarvan slechts voor de helft, zal hij, wanneer hij ze later opnieuw inspecteert, niet de vaten die hij helemaal had gevuld onderzoeken -want hij weet dat de daar bewaarde wijn goed blijft- maar zal hij naar de vaten kijken die half leeg zijn, omdat hij terecht vreest dat de wijn daarin verzuurd is.11 Hetzelfde gebeurt met onze zielen. De 'halve overgave' verbreekt uiteindelijk de vriendschap met de Meester. Alleen een volledige edelmoedigheid zal ons in staat stellen het ritme van zijn stappen te volgen. Anders zullen we ons verder van Hem verwijderd zien en wordt Hij slechts een verre en vage gestalte. Als een christen in overeenstemming met zijn geloof wil leven, zal hij moeten besluiten om God zonder enig voorbehoud toe te behoren; en God mag van geen enkel terrein worden uitgesloten. Zo wordt de Heer het middelpunt van heel de genegenheid en droomwereld van de leerling. Deze overgave van wat we zijn en hebben, wordt iedere dag verwezenlijkt in de trouw, in de kleine dingen, in onze verplich­tingen jegens de Heer en de ander.

Laten we niet bevreesd zijn om alles wat we hebben ter beschikking van Jezus te stellen. Laten we niet aarzelen onszelf volledig te geven. «Als de schijnheiligen rondom u twijfelen of de Heer het recht heeft zoveel te eisen, moet u zich niet van de wijs laten brengen. Integendeel, zoek de aanwezigheid van God, zonder voorbehoud, volgzaam, als leem in de hand van de pottenbakker (Jer 18,6) en belijd Hem in onderdanige genegenheid: Deus meus et omnia! Gij zijt mijn God en mijn Al.»12

47.3 Een oude Oosterse legende vertelt hoe iedereen die de koning ontmoette, verplicht was hem een geschenk aan te bieden. Op een dag ontmoette een arme boer de monarch. En aangezien hij niets bezat om hem aan te bieden, deed hij een beetje water in de holte van zijn hand en bood de vorst dit allereenvoudigste geschenk aan. De koning -een buitengewoon man!- was zeer verblijd door de goede wil die zijn onderdaan toonde en hij gaf opdracht om hem ter beloning een kom vol gouden munten te geven.

De Heer, edelmoediger dan alle koningen ter wereld, beloofde het honderdvoudige in dit leven en later het eeuwige leven.13 Hij wil dat wij ook reeds in dit leven gelukkig zijn: zij die Hem edelmoedig volgen, verkrijgen reeds hier op aarde een vreugde en vrede die de menselijke vreugde en troost verre overstijgen. Deze vreugde is een voorbode van de hemel. Hem nabij hebben is reeds de beste beloning. «Hij is zo dankbaar -schrijft de heilige Teresia- dat een oogopslag, als we aan Hem denken, niet onbeloond blijft.»14

De Heer verwacht elke dag het eenvoudige aanbod van ons werk, van de kleine moeilijkheden die we altijd tegen zullen komen, van de echt beleefde naastenliefde, van de tijd die we ten gunste van anderen hebben besteed, van de edelmoedige aalmoes... Bij deze dagelijkse overgave aan de ander «moeten we verder gaan dan alleen de strikte rechtvaardigheid, naar het voorbeeldige gedrag van de weduwe die ons leert hoe we edelmoedig moeten geven, zelfs van wat tot de eigen levensbehoeften behoort. We zullen vooral voor ogen moeten houden, dat God de menselijke daden niet meet met een maat die blijft steken in de schijn van 'hoeveel' we hebben gegeven. God meet naar de maatstaf van de inwendige waarden van 'hoe' we ons ter beschikking van de naaste stellen: een maatstaf volgens de graad van liefde waarmee we ons uit vrije wil aan het dienen van onze broeders geven.»17

Onze offers aan God, vaak ogenschijnlijk van zo weinig belang, zullen nog beter de Heer bereiken als we ze aanbieden via onze Vrouwe. Zoals de heilige Bernardus aanbeveelt: «Dat weinige wat ge wilt aanbieden, poog dat in de bekoorlijke en alle achting waardige handen van Maria te leggen, opdat het de Heer wordt aangeboden zonder gevaar te lopen door Hem te worden afgewezen.»18

-1. Vgl. Lev 2,1-2;14-15. -2. Vgl. Lev 6,7-11. -3. Vgl. Dan 8,11. -4. Mc 12,41. -5. Vgl. Lc 21,1-4. -6. H. Augustinus, Preek 107 A. -7. Vgl. Mc 12,43. -8. H. Gregorius de Grote, Homilie 5 over de evangelies. -9. Rom 12,1. -10. Pius xii, Enc. Mediator Dei, 20 november 1947, 25. -11. Vgl. Pastor Hermas, Mandata, 13,5,3. -12. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 167. -13. Vgl. Lc 18,28-30. -14. H. Teresia van Avila, Weg der volmaaktheid, 23,3. -15. 1 Kor 10,31. -16. Kol 3,17. -17. Johannes Paulus ii, Homilie, 10 november 1985. -18. H. Bernardus, Homilie bij de Geboorte van de H. Maagd Maria, 18.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 05 feb 2012