11 januari
49. DE GEHOORZAAMHEID VAN JEZUS
-Jezus,
toonbeeld van gehoorzaamheid. -Vruchten van de gehoorzaamheid. -Gehoorzaamheid
en vrijheid. Gehoorzaamheid uit liefde.
49.1 Na de
terugvinding in de tempel ging Jezus met Maria en Jozef mee terug naar Galilea.
Hij ging met hen mee naar Nazareth en was aan hen onderdanig.1 De Heilige Geest heeft gewild, dat dit feit vermeld
werd in het evangelie. De enige bron kan Maria geweest zijn die keer op keer de
zwijgende gehoorzaamheid van haar Zoon zag. Het is een van de weinige
aantekeningen die wij over de jaren van zijn verborgen leven hebben: Jezus was
aan hen onderdanig. «Christus, aan Wie de hele wereld onderworpen is, -zegt de
heilige Augustinus- was de zijnen onderdanig.»2 Uit gehoorzaamheid aan de Vader onderwierp Jezus zich
aan hen die op aarde met gezag jegens Hem bekleed waren: in de eerste plaats
waren dat zijn ouders.
Onze Lieve Vrouw moet bij
heel wat gelegenheden nagedacht hebben over de gehoorzaamheid van Jezus die
uitermate fijngevoelig en tegelijkertijd simpel en vol natuurlijkheid was. De
heilige Lucas laat hier onmiddellijk op volgen, dat zijn Moeder dit alles
bewaarde in haar hart.3
Het hele leven van Jezus
was een oefening van gehoorzaamheid aan de wil van de Vader: Ik doe altijd
wat Hem behaagt4,
zou Hij ons later zeggen. En bij een eerdere gelegenheid zei Hij helder en
duidelijk tot zijn leerlingen: Mijn spijs is, de wil te doen van Hem die Mij
gezonden heeft en zijn werk te volbrengen.5
Spijs of voedsel is de
energiebron voor het leven. Jezus zegt ons, dat de gehoorzaamheid aan de wil
van God -die Hij op zoveel verschillende wijzen betoond heeft- zal moeten zijn
het voedsel en de zin van ons leven. Zonder gehoorzaamheid is er geen groei in
het innerlijk leven, geen werkelijke ontplooiing van de menselijke persoon. De
gehoorzaamheid brengt «de waardigheid van de menselijke persoon, verre van
daaraan afbreuk te doen, tot rijpheid.»6
Er is geen enkele situatie
in ons leven waarvoor God onverschillig is. Elk ogenblik verwacht Hij van ons
een antwoord: het antwoord dat overeenstemt met zijn heerlijkheid en met ons
persoonlijk geluk. Wij zijn gelukkig wanneer wij gehoorzamen, omdat wij dan
doen wat de Heer van ons verlangt, wat ons past, ook al kost het moeite. De wil
van God blijkt ons uit zijn geboden, door zijn Kerk, door dingen die gebeuren
en door de mensen die wij dienen te gehoorzamen.
49.2
Gehoorzaamheid is een deugd die ons welgevalliger doet zijn bij God. In de
heilige Schrift wordt ons de ongehoorzaamheid van Saul verteld die een door
Jahwe gegeven gebod niet opvolgde. Ondanks de overwinning op de Amalekieten en
de offers die de koning zelf daarna opdroeg, had God spijt hem tot koning
aangesteld te hebben en zei: Gehoorzamen is beter dan offeren7. De heilige Gregorius zegt daarover: «Gehoorzaamheid
heeft terecht voorrang op offeren, want door de gehoorzaamheid wordt de eigen
wil geofferd.»8 In onze
gehoorzaamheid tonen wij onze overgave aan de Heer.
In het evangelie zien wij
hoe onze heilige Moeder Maria, die zichzelf de dienstmaagd des Heren9 noemde,
gehoorzaamt door te laten blijken, dat zij geen andere wil heeft dan die van
haar God. De heilige Jozef gehoorzaamt, en altijd onmiddellijk, in wat de Heer
hem opdraagt10.
Het onverwijld uitvoeren van een gebod is een van de eigenschappen van echte
gehoorzaamheid.
Ondanks hun beperkingen
wisten de apostelen te gehoorzamen. Omdat zij de Heer vertrouwden, wierpen zij
het net rechts van de boot11 uit, zoals Jezus hun gezegd had. Zij haalden een
overvloedige vangst op, hoewel het niet het geschikte uur was en het wel leek
of er die dag geen enkele vis in het meer was. Gehoorzaamheid en geloof in het
woord van de Heer verrichten wonderen.
Gehoorzaamheid gaat hand in
hand met gunsten, genaden en vruchten. De tien melaatsen zijn genezen door hun
gehoorzaamheid aan de woorden van de Heer: Gaat u laten zien aan de
priesters. En onderweg werden ze gereinigd12. Hetzelfde overkwam die blinde
bij wie de Heer slijk op de ogen smeerde en toen tot hem zei: Ga u wassen in
de vijver van de Silóam, [...] wat betekent: gezondene. Hij ging ernaar toe,
waste zich en kwam er ziende vandaan13. «Wat een voorbeeld van vast
geloof geeft die blinde ons! Een levend, werkzaam geloof. Is dat ook uw
antwoord op de verlangens van God, op momenten -heel wat momenten- waarop u
blind bent, waarop het licht verduisterd wordt door de zorgen van uw ziel? Wat
voor kracht hield dat water verborgen, dat ogen die ermee bestreken werden,
genazen? Een geheimzinnig oogwatertje, een kostbare medicijn uit het
laboratorium van een geleerde alchemist zou beter op zijn plaats geweest zijn.
Maar die man gelooft. Hij doet wat God van hem vraagt en als hij terugkomt,
zijn zijn ogen weer helder.»14 Heel vaak zullen wij het licht ook vinden in de persoon
die God tot onze leidsman -en geneesheer- heeft aangesteld, als wij in
gehoorzaamheid volgzaam zijn. God heeft, zoals wij in de Handelingen van
de Apostelen lezen, de Heilige Geest geschonken aan hen die Hem gehoorzamen15.
Het evangelie toont ons veel voorbeelden van mensen die wisten te
gehoorzamen: de dienaren te Kana in Galilea16, de herders in Bethlehem17, de Wijzen uit het Oosten18... Allen ontvingen zij van God rijkelijk genaden en
gunsten.
«De gehoorzaamheid
verleent ons handelen en lijden verdienste, in die zin dat, hoe onnut dit
laatste ook mag schijnen, het zeer vruchtbaar kan worden. Een van de wonderen
die de Heer verrichtte, is, dat Hij gezorgd heeft, dat het schijnbaar meest onnutte, het lijden, heilzaam werd. Hij heeft
het verheerlijkt middels de gehoorzaamheid en de liefde. De gehoorzaamheid is
groot en heldhaftig wanneer men in de beoefening ervan bereid is tot dood en
schande.»19
49.3 «Jezus Christus heeft, om de wil
van de Vader te vervullen, het rijk der hemelen op aarde ingeluid en ons zijn
mysterie geopenbaard, door in gehoorzaamheid de verlossing te bewerken.»20 En
de heilige Paulus zegt ons, dat Hij zich heeft vernederd, en gehoorzaam werd
tot de dood, ja tot de dood aan een kruis21. In Getsemani bereikte de
gehoorzaamheid van Jezus haar culminatiepunt, toen Hij volledig afstand deed
van zijn eigen wil om de last van alle zonden van de wereld op zich te nemen en
ons zo vrij te kopen: Vader... niet wat Ik wil, maar wat Gij wilt22.
Wij moeten niet vreemd staan te kijken als wij de gehoorzaamheid omhelzen en
dan het kruis vinden. Gehoorzaamheid vergt, uit liefde tot God, het afstand doen van het eigen ik,
van onze meest intieme wil. En verder, Jezus helpt en vergemakkelijkt de weg, als wij nederig zijn. «De
Heer zei mij eens -vertelt ons de heilige Theresia- dat ik nog geen
gehoorzaamheid beoefende, zolang ik nog niet bereid was te lijden; dat ik de
ogen moest vestigen op hetgeen Hij geleden had, dan zou mij alles licht
vallen.»23
Christus gehoorzaamt uit liefde. Dat is de betekenis van de christelijke
gehoorzaamheid die wij God en zijn geboden en de Kerk -haar geboden en
leergezag- als onze ouders verschuldigd zijn. Deze gehoorzaamheid moet tot in
de intiemste dingen van onze ziel doordringen. In alle zaken zijn wij meer of
minder rechtstreeks gehoorzaamheid aan God verschuldigd middels de
gezagsdragers. En de Heer wil geen onwillige dienstknechten, maar kinderen die
zijn wil willen volbrengen.
Gehoorzaamheid, die altijd onderwerping en overgave veronderstelt, is geen
gebrek aan vrijheid. Er zijn banden die ons tot slaven maken, andere die ons
bevrijden. Het koord waarmee de alpinist aan zijn medeklimmers vastgebonden
is, is geen vreesaanjagende band, maar een veiligheidstouw tegen het
neerstorten in de afgrond. En de banden die de delen van het lichaam
bijeenhouden, zijn geen verbindingen die de bewegingen onmogelijk maken, maar
een garantie dat deze moeiteloos, harmonieus en stevig verricht worden.
De echte vrijheid daarentegen ziet zich bedreigd door ongeordende
zinnelijkheid en beperktheid van denken die hun oorsprong vinden in egoïsme en
eigenzinnigheid. Die hindernissen kunnen overwonnen worden door de
gehoorzaamheid die de eigen persoonlijkheid verheft en verruimt.
Andere gevolgen van de gehoorzaamheid zijn ook een echte karaktervorming
en een grote zielevrede, voortbrengselen van het offer en de overgave van de
eigen wil voor een hoger goed. Door God te dienen, middels de gehoorzaamheid,
wordt de ware vrijheid verkregen: Deo servire regnare est, God dienen is
heersen... Heer, wij vragen U: luister naar ons gebed. Wij stellen er een eer
in Christus te dienen, de Koning van het heelal. Laat ons eeuwig met Hem leven
in het Koninkrijk der hemelen.24
Als wij ons dicht naar Maria begeven, leren wij makkelijk van haar prompt
en stipt te gehoorzamen, met blijdschap en daadwerkelijk. «Wij moeten trachten
van haar te leren, door haar voorbeeld van gehoorzaamheid aan God na te volgen:
een gehoorzaamheid waarbij de geest van dienstvaardigheid en adeldom
harmonieus samengaan. Bij Maria vinden wij niets van de houding der dwaze
maagden, die wel gehoorzaamden, maar onnadenkend. Onze Lieve Vrouw luistert
aandachtig naar wat God van haar wil. Zij overdenkt wat zij niet begrijpt, zij
stelt vragen over wat zij niet weet. Dan legt ze zich met heel haar wezen toe
op het vervullen van de goddelijke wil: Zie de dienstmaagd des Heren, mij
geschiede naar uw woord (Lc 1,38).»25
-1.
Lc 2,51. -2. H. Augustinus,
Preek 51, 19. -3. Vgl. Lc 2,51.
-4. Joh 8,29. -5. Joh 4,34. -6. Vaticanum ii,
Decr. Perfectae caritatis, 14. -7. 1 Sam 15,22. -8. H. Gregorius de Grote, Moralia in
Iob, 14. -9. Lc 1,38. -10. Vgl. Mt 2,13-15. -11. Joh
21,6. -12. Lc 17,14. -13. Joh 9,6-7. -14. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 193. -15.
Vgl. Hnd 5,32. -16. Vgl. Joh 2,1 e.v. -17. Vgl. Lc 2,18.
-18. Vgl. Mt 2,1-12. -19. R.
Garrigou-Lagrange o.p., Het zieleleven van den christen. -20. Vaticanum ii, Lumen gentium,
3. -21. Fil 2,8. -22. Mc 14,36. -23. H. Theresia van Avila, Het boek van haar leven, 26,4.
-24. Gebed na de communie, Hoogfeest van Christus, Koning van het
heelal. -25. H. Jozefmaria Escrivá,
Als Christus nu langs komt, 173.
|