Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Derde week. Vrijdag

20. DE GEMEENSCHAP VAN DE HEILIGEN

-De gemeenschap van de genade. De schat van de Kerk. -Beschikbaar voor alle christenen. De ontelbare echo's van onze goede daden. -Aflaten.

20.1 De heilige Paulus verwijst in zijn geschriften naar de fundamentele gebeurtenis in zijn leven, waarover we in de eerste lezing van de Mis van vandaag lezen. Het was voor altijd in zijn geest ingeprent gebleven. Toen hij op zijn tocht Damascus naderde, omstraalde hem plotseling een licht uit de hemel. Hij viel ter aarde en hoorde een stem die hem zei: Saul, Saul, waarom vervolgt gij Mij? Hij sprak: Wie zijt gij Heer? Hij antwoordde: Ik ben Jezus die gij vervolgt.1 In deze eerste openbaring toont Jezus zichzelf als persoonlijk en innig verbonden met zijn leerlingen die door Paulus worden vervolgd.

Later zou de leer van het mystieke Lichaam van Christus, een van de kernpunten in zijn prediking, deze diepgaande eenheid onder de christenen, ter wille van hun verbondenheid met hun Hoofd dat Christus is, laten zien. Wanneer één lid lijdt, delen alle ledematen in het lijden; wordt één lid geëerd, alle delen in de vreugde.2 Dit onwankelbaar geloof in de eenheid van de gelovigen, leidde de Apostel ertoe om de eerste christenen in Rome, die hij nog niet persoonlijk kende, hun gebed te vragen om verlost te worden van de ongelovigen die hij in Judea zou ontmoeten.3 Hij voelde zich altijd zeer verbonden met zijn broers in het geloof, die hij in zijn brieven aansprak als 'heiligen': Van Paulus en Timóteüs, dienstknechten van Christus Jezus, aan alle heiligen in Christus Jezus te Filippi.4 Vanaf de eerste tijden van de Kerk hebben de christenen in de apostolische geloofsbelijdenis als een van de belangrijkste geloofswaarheden verklaard: Ik geloof in de gemeenschap van de heiligen. Het bestaat uit een gemeenschappelijk bezit van geestelijke goederen waarin ieder meedeelt. Het is dus geen delen in aardse goederen van materiële, culturele of kunstzinnige aard, maar een gemeenschap van onvergankelijke goederen, waarmee wij elkaar geestelijke hulp van onschatbare waarde kunnen bieden. Door vandaag ons werk, ons gebed, onze vreugde en verdriet aan de Heer op te dragen, stellen wij een onmetelijk goede daad ten gunste van onze medegelovigen waar ter wereld zij zich ook mogen bevinden.

«Laat iedereen de gemeenschap van de heiligen intens beleven. Dan zal hij, zowel tijdens de innerlijke strijd als bij de uitoefening van zijn beroep, de vreugde en de kracht voelen van niet alleen te staan».5 De heilige Theresia van Avila, bewust van de schade veroorzaakt door de protestantse dwalingen in de Kerk, kende ook deze steun die we elkaar kunnen geven: «De zaken van de dienst van God staan er zo slecht voor -zei zij- dat degenen van ons die Hem werkelijk dienen, met de rug tegen elkaar moeten staan om enigszins vooruit te gaan.»6 Deze leer is in de geschiedenis van de Kerk altijd in praktijk gebracht.7

«Wat betekent de gemeenschap van de heiligen voor ons in de praktijk? Het betekent, dat wij allen verbonden met Christus -de heiligen in de hemel, de zielen in het vagevuur, en wij op aarde- bedacht moeten zijn op de noden van elkaar... De heiligen 'moeten' de zielen liefhebben die God liefheeft. De liefde, die de gezegenden in de Hemel voor de zielen in het vagevuur en de zielen op aarde hebben, is geen passieve liefde. Wij zouden het een actieve, 'hongerige' liefde kunnen noemen. De heiligen verlangen ernaar alle zielen vooruit te helpen naar de hemel, waarvan ze de kostbare waarde nu als nooit tevoren beseffen. En als het gebed van een goed mens op aarde invloed heeft bij God, is de invloed van de gebeden die de heiligen voor ons opdragen niet te schatten. Zij zijn de helden van God, zijn intieme vrienden en vertrouwelingen.»8

20.2 De gemeenschap van de heiligen strekt zich zelfs uit tot de meest onfortuinlijke christen: hoezeer hij zich alleen voelt, hij weet dat hij nooit alleen sterft: de hele Kerk staat naast hem om hem aan God, zijn Schepper, terug te geven.

De gemeenschap van de heiligen is een feit dat verder reikt dan de tijd. Elke daad die wij met liefde doen, heeft onbegrensde gevolgen. Op de laatste dag zullen de ontelbare echo's, die de woorden, daden of vaste gebruiken van een heilige, en die van ons, in de geschiedenis van de wereld hebben gehad, ons geopenbaard worden.

Wij hebben elkaar allemaal nodig. Wij kunnen allemaal elkaar helpen. In feite delen wij voortdurend in de geestelijke goederen die de Kerk als gemeenschap bezit. Op dit ogenblik is iemand voor ons aan het bidden, en wordt onze ziel nieuw leven ingeblazen door het lijden, het werk of het gebed van mensen, die wij wellicht zelfs niet kennen. Eenmaal, in de tegenwoordigheid van God op het ogenblik van het bijzondere oordeel, zullen wij die waardevolle bijdragen zien, die ons in veel gevallen er bovenop hielden en in andere gevallen ons hielpen een beetje dichter bij God te komen.

Als wij trouw zijn, zullen wij ook met een onnoemelijke vreugde overwegen hoe onze offers, werk en gebeden doeltreffend waren om andere mensen te helpen. Wellicht zullen wij begrijpen dat de redding van anderen in grote mate toe te schrijven is aan ons gebed, onze versterving, onze goede daden...

Wij delen in deze gemeenschap van geestelijke goederen op een zeer bijzondere wijze door de heilige Mis. De eenheid van alle leden van de Kerk, zelfs van degenen die het meest vervreemd zijn, wordt elke dag vervolmaakt door het Lichaam van Christus dat voor zijn Kerk en voor de hele mensheid wordt opgedragen. «Alle christenen ontvangen, door de Gemeenschap der Heiligen, de genade van iedere Mis, of zij nu wordt opgedragen in tegenwoordigheid van duizenden personen of alleen van een kind, dat misschien verstrooid is.»9

De heilige Gregorius drukt de wonderbaarlijke doeltreffendheid van de Mis op een aanschouwelijke en opvoedkundige wijze uit. «Het schijnt mij toe -zegt hij in een van zijn preken- dat velen van jullie het verhaal kennen, dat ik jullie nu ga vertellen. Men zegt, dat niet lang geleden een man gevangen genomen werd door zijn vijanden en naar een verafgelegen deel van het land gebracht werd. Omdat hij daar lange tijd was, en zijn vrouw hem niet naar huis zag komen, dacht zij dat hij dood was. Dus liet zij elke week een Mis voor hem opdragen. En telkens als zijn vrouw de Mis liet opdragen voor de vergeving van zijn zonden, werden de ketenen van zijn gevangenschap losser. Toen hij later terugkwam in zijn eigen stad, vertelde hij zijn vrouw hoe verbaasd hij was dat op bepaalde dagen van de week de kettingen, die hem in zijn cel vasthielden, losser werden. Toen zij nadacht over de tijdstippen en de dagen dat dit gebeurde, ontdekte zij, voor zover zij het zich kon herinneren, dat hij werd losgemaakt als het Heilig Offer voor zijn ziel werd opgedragen.»10 Vele ketenen worden elke dag voor ons verbroken dankzij het gebed van anderen.

20.3 De onzichtbare eenheid van de Kerk kent vele zichtbare symbolen. Een bevoorrecht ogenblik van die eenheid heeft plaats met het sacrament dat zeer juist 'communie' heet, in dat majesteitelijk Offer dat hetzelfde is over de hele wereld. Eén is de Priester die het opdraagt, één is het Slachtoffer, één de mensen die het ook opdragen, één de God aan wie het wordt opgedragen, en één het resultaat van de offergave. Omdat het brood één is, vormen wij allen te zamen één lichaam, want allen hebben wij deel aan het ene brood.11 Precies zoals dat brood gisteren een handvol aparte graankorrels was, zo ook worden wij, in de mate van onze eenheid met Christus, samengesmolten tot één lichaam, zelfs als wij van zeer verschillende plaatsen en posities komen. «Door het sacrament van het eucharistisch brood -zegt het Tweede Vaticaanse Concilie- wordt de eenwording van de gelovigen uitgebeeld en bewerkt.»12 Het is het sacrament van de Liefde13, dat eenheid veronderstelt onder de broeders en zusters.

Het is ook een waarheid van het geloof, dat eenzelfde uitwisseling van geestelijke weldaden bestaat tussen de gelovigen die de triomferende Kerk in de Hemel vormen, de lijdende Kerk in het vagevuur en de strijdende Kerk op aarde. Wij kunnen onszelf toevertrouwen aan, en zo hulp verkrijgen van de heiligen in de hemel, van de engelen, van de zielen die nog gezuiverd worden in het vagevuur (voor wie wij, vanaf onze aarde, veel kunnen doen om hun last te verlichten) en van onze broers en zussen die, zoals wij, nog op pelgrimstocht zijn naar het hemels vaderland.

Als wij de vrome plicht vervullen van gebed en het opdragen van smeekbeden voor de zielen van de overledenen, moeten wij in het bijzonder rekening houden met degenen, met wie wij op aarde nauwere banden hadden: ouders, broers en zusters, vrienden en verwanten. Zij rekenen op ons gebed. De heilige Mis is ook bij uitstek het beste smeekgebed dat wij voor de overledenen kunnen opdragen.

Op dit dogma van de gemeenschap der heiligen is de leer van de aflaten gebaseerd. Door aflaten beheert de Kerk met gezag de genade verdiend door Christus, de heilige Maagd en de heiligen; onder bepaalde voorwaarden maakt de Kerk gebruik van deze genade om de straf te compenseren, verschuldigd voor onze zonden, en ook de schuld uit te boeten van de zielen in het vagevuur.

Deze leer over de uitwisseling van geestelijke weldaden behoort een grote prikkel voor ons te zijn om onze plichten getrouw te vervullen, om zodoende al onze daden aan God op te offeren, wetend dat al onze bezigheden, ziekten, moeilijkheden en gebeden een aanzienlijke hulp zijn voor anderen. Niets, dat wij met een oprechte bedoeling doen, gaat ooit verloren. Ons leven zou vruchtbaarder zijn, als wij deze werkelijkheid van ons geloof beter in praktijk zouden brengen.

«Een gedachte die je in moeilijke ogenblikken zou kunnen helpen: hoe groter mijn trouw zal worden, des te meer zal ik ertoe bijdragen, dat anderen in die deugd kunnen groeien. En het is zo aantrekkelijk om te voelen, dat we door elkaar worden gesteund!»14

Als wij onszelf eraan herinneren dat op dit ogenblik iemand voor ons tussenbeide komt, en dat iemand anders op ons gebed hoopt om een moeilijke situatie te boven te komen, of om hem te helpen te besluiten dichter bij onze Heer te blijven, dan worden wij gedrongen ons geloof vandaag dieper te beleven.

-1. Hnd 9,3-5. -2. 1 Kor 12,26. -3. Rom 15,30-31. -4. Fil 1,1. -5. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 545. -6. H. Theresia van Avila, Het boek van haar leven, 7-8. -7. Vgl. H. Ignatius van Antiochië, Brief aan de Efesiërs, 2,2-5; H. Cyprianus, Brief 60; H. Clemens van Rome, Brief aan de Korintiërs, 36,1 e.v.; H. Ambrosius, Verhandeling over Kaïn en Abel, 1 e.v. -8. L. Trese, The faith explained. -9. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 69. -10. H. Gregorius de Grote, Preken over de Evangeliën, 37. -11. 1 Kor 10,17. -12. Vaticanum ii, Dogm. const. Lumen Gentium, 3. -13. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae, III, q73, a3. -14. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 948.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 05 feb 2012