Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Laatste zondag door het jaar
Christus, Koning van het heelal

46. De heerschappij van Christus

-Een heerschappij van gerechtigheid en liefde. -Moge Christus vooreerst heersen in ons verstand, onze wil, in al onze handelingen. -Het Koninkrijk van Christus verbreiden.

46.1 De Heer troont eeuwig als koning. De Heer zegent zijn volk met vrede1, zo roept een van de gezangen van de heilige Mis ons in herinnering.

Het hoogfeest dat wij vieren is «als het ware een synthese van heel het heilsmysterie».2 In de loop van het liturgisch jaar hebben we alle mysteries van het leven van de Heer gevierd, en met dit hoogfeest wordt het kerkelijk jaar afgesloten. Vandaag wordt ons de verheerlijkte Christus, de Koning van geheel de schepping en van onze zielen, ter overweging aangeboden. Ook de Openbaring des Heren, Pasen en Hemelvaart zijn uiteraard de feesten van Christus Koning en Heer van al het geschapene, maar het feest van vandaag werd speciaal ingesteld om ons Jezus te tonen als de enige vorst over een samenleving die God de rug lijkt toe te keren.3

In de Misteksten wordt ons de liefde duidelijk gemaakt van Christus Koning, die zijn heerschappij niet met de kracht van een veroveraar kwam vestigen, maar met de goedheid en zachtheid van een herder: Ik zoek mijn kudde op en bezoek mijn eigen schapen. Zoals een herder omziet naar zijn kudde, en zich onder zijn schapen begeeft wanneer ze verstrooid zijn, zo zal Ik omzien naar mijn schapen en ze in veiligheid brengen, hoe ver ze ook afgedwaald zijn ten gevolge van mist en nevel.4

Met deze bezorgdheid heeft de Heer de mensen gezocht, die door de zonde verspreid en verwijderd van God waren. En omdat zij gewond en ziek zijn, heeft Hij hen genezen en hun wonden verbonden. Zozeer heeft Hij hen liefgehad, dat Hij zijn leven voor hen heeft gegeven. «Als Koning komt Hij Gods liefde openbaren om de Middelaar van het Nieuwe Verbond te zijn, de Verlosser van de mens. Het Koninkrijk dat Jezus Christus heeft ingesteld, is als zuur­desem en teken van heil om een wereld te vestigen die rechtvaardiger, broederlijker, meer solidair is, geïnspireerd op de evangelische waarden van hoop en toekomstige zaligheid, waartoe wij allen zijn geroepen. Daarom wordt in de prefatie van de eucharistieviering van vandaag gesproken over Jezus, die aan de Vader een koninkrijk van waarheid, heiligheid en liefde, recht en gerechtigheid, een koninkrijk van vrede heeft aangeboden.»5 Zo is het Koninkrijk van Christus, en wij zijn geroepen daarin te delen en het door een vruchtbaar apostolaat om ons heen te verbreiden. De Heer moet aanwezig zijn in onze verwan­ten, vrienden, buren, collega's op het werk... «Tegenover mensen die de godsdienst terugbrengen tot een verzameling verbodsbepalingen, of zich schikken naar een in halftinten geschetst katholicisme; tegenover hen die de Heer met zijn gezicht tegen de muur willen zetten of Hem naar een hoekje van hun ziel verbannen...: tegenover die mensen moeten we in woorden en daden laten blijken, dat we Christus tot de ware koning van alle harten willen maken..., ook van hun harten.»6

46.2 Oportet autem illum regnare..., want het is vastgesteld dat Hij het koningschap zal uitoefenen...7

De heilige Paulus leert ons, dat de heerschappij van Christus over geheel de schepping reeds in deze tijd in vervulling gaat, maar haar definitieve volheid zal verwerven na het laatste oordeel. De apostel stelt deze, voor ons zo geheimvolle gebeurtenis voor als een daad van plechtig eerbetoon aan de Vader: Christus zal als een overwinningsteken heel de schepping aanbieden, Hij zal Hem het Koninkrijk overdragen dat Hij Hem tot dan toe had toevertrouwd.8 Zijn glorievolle komst aan het einde der tijden, wanneer Hij de nieuwe hemel en de nieuwe aarde9 heeft gevestigd, zal de definitieve zege over de duivel, de zonde, lijden en dood met zich meebrengen.10

In de tussentijd mag de christen geen passieve houding aannemen tegenover de heerschappij van Christus in de wereld. Wij verlangen vurig naar die heerschappij: Oportet illum regnare... Hij dient vooreerst in ons verstand te regeren, door de kennis van zijn leer en onze liefdevolle eerbied voor de geopenbaarde waarheden; Hij moet in onze wil regeren, opdat deze steeds vollediger aan de goddelijke wil gehoorzaamt en zich daarmee vereenzelvigt; Hij moet in ons hart heersen, opdat zich geen enkele andere liefde tussen de liefde voor God stelt; Hij moet in ons lichaam, de tempel van de Heilige Geest heersen11; in ons werk, dat de weg naar heiligheid is... «Hoe groot zijt Gij, onze Heer en onze God! Gij geeft aan ons leven een bovennatuurlijke zin en goddelijke resultaten. Dank zij U kunnen wij, uit liefde voor uw Zoon, met al de kracht van ons wezen, met ziel en lichaam herhalen: oportet illum regnare, Hij moet als koning heersen! Maar door die kreet heen weerklinkt de klacht van onze zwakheid, want Gij weet dat wij schepselen zijn.»12

Het feest van vandaag is als het ware een voorproef op de tweede komst van Christus in macht en majesteit, de glorievolle komst die de harten zal vervullen en alle tranen van ongeluk zal opdrogen. Maar het is tegelijkertijd een oproep en prikkel om alle aardse werkelijkheden om ons heen te doordringen van de beminnelijke Geest van Christus, want «de verwachting van een nieuwe aarde moet de bezorgdheid om deze aarde uit te bouwen niet afzwakken, maar eerder aanwakkeren; want hier groeit dat lichaam van de nieuwe mensenfamilie dat al in staat is om enigermate een voorafschaduwing van het eindrijk te geven. Al moet de aardse vooruitgang dus zorgvuldig worden onderscheiden van de groei van het rijk van Christus, toch is hij in het rijk van God ten zeerste betrokken, in zoverre hij kan bijdragen tot een betere ordening van de mensengemeenschap.

»Want het goed van de menselijke waardigheid, van de broederlijkheid en de vrijheid, al deze goede vruchten dus van onze natuur en onze inspanning, zullen wij, nadat wij ze [...] hebben gepropageerd, later weer terugvinden, dan gezuiverd van elke smet, transparant en omgevormd, wanneer Christus aan de Vader een eeuwig, een allen en alles omvattend rijk zal teruggeven [...]. Op deze aarde is dat rijk al op een gesluierde wijze aanwezig; bij de komst van de Heer echter zal het zijn voltooiing vinden.»13 Wij werken aan de uitbreiding van Jezus' rijk mee, wanneer we de kleine wereld om ons heen, die we elke dag tegenkomen, menselijker en christelijker pogen te maken.

46.3 Op de vraag van Pilatus antwoordde Jezus: Mijn koningschap is niet van deze wereld... En op de daarop volgende interpellatie van de landvoogd luidde zijn antwoord: Ja, koning ben Ik. Hiertoe ben Ik geboren...14 Hoewel niet van deze wereld, begint het koningschap van Christus reeds hier. Zijn rijk wordt onder de mensen verbreid, wanneer dezen zich kinderen van God voelen, zich aan Hem voeden en voor Hem leven. Christus is een Koning, aan wie alle macht is gegeven in de hemel en op aarde, en toch heerst Hij zachtmoedig en nederig van hart15, door dienaar van allen te zijn, want Hij is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en zijn leven te geven als losprijs voor velen. Zijn troon was eerst de kribbe van Bethlehem en daarna het kruis van Calvarië. Want ofschoon Hij de vorst is van de koningen der aarde16, eist Hij niet meer waardigheidstekenen dan geloof en liefde.

Een rover was de eerste die zijn werkelijke hoedanigheid herkende: Jezus -zo zei hij Hem in eenvoudig en nederig geloof- denk aan mij, wanneer Gij in uw Koninkrijk gekomen zijt.17 De naam die voor velen een aanleiding tot ergernis en bespotting was, zal de redding zijn van deze man, in wie het geloof wortel was gaan schieten toen de goddelijkheid van de Heiland het meest verborgen leek te zijn. En de Heiland «geeft altijd méér dan wat men Hem vraagt: de rover vroeg Hem alleen om aan hem te denken, maar de Heer zegt tot hem: Voorwaar, Ik zeg u: Vandaag nog zult gij met Mij zijn in het paradijs. Het leven bestaat in het wonen bij Jezus Christus; en waar Jezus Christus is, daar is ook zijn Koninkrijk.»18

Op het feest van vandaag horen wij Jezus tot het binnenste van ons hart zeggen: Ik ken de plannen die Ik met u heb: ze hebben uw heil op het oog, niet uw onheil.19 Wij nemen ons vandaag voor om in ons hart alles in orde te brengen dat niet in overeenstemming is met de wil van Christus. Tegelijkertijd bidden wij Hem, dat wij zijn medewerkers mogen zijn in die grootse opdracht om zijn koningschap te verbreiden om ons heen en naar alle plaatsen waar men Hem nog niet kent. «Daartoe zijn wij, christenen, geroepen, dit is onze apostolische taak, dit is het vuur dat onze ziel moet verteren: het koninkrijk van Christus te verwezenlijken, haat en wreedheid te doen verdwijnen, over de aarde de sterke en vredebrengende balsem van de liefde te verspreiden.»20 Daarin zullen we alleen slagen, als we velen tot Jezus weten te brengen door een volhardend en krachtdadig apostolaat onder degenen die in ons leven dagelijks langs komen.

Om onze verlangens werkelijkheid te doen worden, nemen we andermaal onze toevlucht tot onze Vrouwe. «Maria, de heilige Moeder van onze Koning, de koningin van ons hart, zorgt voor ons zoals zij alleen het kan doen. Medelijdende Moeder, troon van genade, wij vragen U ons te helpen om van ons leven en dat van hen die ons omringen een ongekunsteld lied te maken dat strofe na strofe de liefde zal bezingen, quasi flumen pacis (Jes 66,12), als een stroom van vrede. Want Gij zijt een oceaan van oneindige barmhartigheid.»21 .

-1. Communio, Ps 28,10-11. -2. Johannes Paulus ii, Homilie 20 november 1983. -3. Vgl. Pius xi, Enc. Quas primas, 11 december 1925. -4. Eerste lezing (Cyclus A), Ez 34,11-12. -5. Johannes Paulus ii, Toespraak 26 november 1989. -6. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 608. -7. Tweede lezing (Cyclus A), 1 Kor 15,25. -8. Vgl. 1 Kor 15,23-28. -9. Apok 21,1-2. -10. Vgl. The Navarre Bible, noot bij 1 Kor 15,23-28. -11. Vgl. Pius xi, Enc. Quas primas, cit. -12. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 181. -13. Vaticanum ii, Past. const. Gaudium et spes, 39. -14. Joh 18,36-37. -15. Vgl. Mt 11,29. -16. Tweede lezing (Cyclus B), Apok 1,5. -17. Lc 23,42. -18. H. Ambrosius, Commentaar op het evangelie van Lucas, in loc. -19. Jer 29,11. -20. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 183. -21. Ibidem, 187.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012