19 maart. Hoogfeest
27. DE HEILIGE JOZEF
In zekere zin wordt de Veertigdagentijd
onderbroken om het hoogfeest te vieren van de heilige Jozef, de echtgenoot van
Maria. Hij zorgde, samen met Onze Lieve Vrouw, voor het Kind Jezus, en in de
hemel is er geen grotere heilige dan hij, uitgezonderd zijn echtgenote. Zoals
hij het hoofd was van de Heilige Familie en voor zijn gezin hier op aarde
zorgde, zo oefent hij thans zijn beschermheerschap uit over de universele Kerk.
Dit feest dat reeds op talrijke plaatsen
bestond, werd in de 15e eeuw vastgesteld op deze dag; later werd het, in 1621,
tot de gehele Kerk als verplichte feestdag uitgebreid. Paus Pius ix benoemde
hem in 1847 tot patroon van de universele Kerk. Het vaderschap van sint Jozef
betreft niet slechts Jezus -voor wie hij de rol van vader vervulde- maar ook de
Kerk die het heilswerk van Christus op aarde voortzet. Aldus werd het erkend
door paus Johannes xxiii, die zijn naam in de romeinse canon opnam, opdat alle christenen -op
het moment dat Christus op het altaar tegenwoordig komt- de gedachtenis eren
van hem die zijn lichamelijke tegenwoordigheid op aarde mocht genieten.
-De beloften van het Oude Testament komen in
Jezus door middel van Jozef tot vervulling. -Trouw van de heilige aartsvader
aan de opdracht die hij van God ontvangen had. -Onze trouw.
27.1 Dit is de
trouwe en verstandige dienaar, die de Heer over zijn gezin heeft aangesteld.1
Dit gezin waarover in de introïtus van de
heilige mis wordt gesproken, is de Heilige Familie van Nazaret, Gods schat op
aarde, die Hij toevertrouwde aan de heilige Jozef, de trouwe en verstandige
dienaar, die zijn leven met vreugde heeft gegeven om zijn gezin te onderhouden.
Het gezin van de Heer is bij uitbreiding ook de Kerk, die sint Jozef als haar
beschermer en patroon erkent.
De eerste lezing roept de oude beloften op
waarin van geslacht tot geslacht de komst wordt aangekondigd van een sterke en rechtvaardige Koning, een Goede
Herder die de kudde naar
grazige weiden zal leiden2,
een verlosser die ons zal
redden.3 In deze lezing van
vandaag wordt aan David, door tussenkomst van de profeet Natan, meegedeeld, dat
uit zijn nageslacht de Messias zal komen, die voor eeuwig koning zou zijn. Voor
Jozef is Jezus de zoon van David. In Hem zijn alle beloften vanaf Abraham in
vervulling gegaan.4
«Door de menswording worden de 'beloften' en de
'voorafbeeldingen' van het Oude Testament 'werkelijkheid': plaatsen, personen,
feiten en riten vermengen zich volgens
nauwkeurige goddelijke bevelen, ze worden overgebracht door het dienstwerk der
engelen en ontvangen door schepselen die bijzonder gevoelig zijn voor
Gods stem. Maria is de nederige dienstmaagd van de Heer, van de eeuwigheid af
voorbereid op de taak Moeder van God te worden;
Jozef is degene [...] die de opdracht heeft te voorzien in de
'voorbeschikte' opneming van Gods Zoon in de wereld, overeenkomstig de
goddelijke bepalingen en de menselijke wetten. Heel het leven van Jezus is aan
zijn bescherming toevertrouwd.»5
Het evangelie van
de heilige mis hecht bijzonder belang aan het benadrukken
van Jozefs verwantschap met het huis van David, dat de beheerder was van de
beloften welke aan de aartsvaders waren gedaan: Jakob was de vader van Jozef, de man van Maria, en uit haar
werd geboren Jezus die Christus genoemd wordt.6 Hij is de aartsvader van het Nieuwe Testament.
Jozef was een eenvoudige man die door God met
genaden en gaven werd overladen om een uitzonderlijke en innige taak in de
heilsplannen te vervullen. Hij leefde in onuitsprekelijke
vreugde, omdat hij Jezus en Maria bij zich had, maar ook te midden van
onzekerheden en lijden: verstomdheid tegenover het mysterie dat in Maria
was geschied en dat hij nog niet kent; de uiterste armoede in Betlehem; de
voorspelling van Simeon in de tempel over het lijden van de Verlosser; de
angstige vlucht naar Egypte; het leven bijna zonder bestaansmiddelen in een
vreemd land; de terugkeer uit Egypte en de vrees voor Archelaüs... Hij was echter
altijd meer dan trouw aan de wil van God en schoof louter menselijke plannen
ter zijde.
Het middelpunt van
zijn leven vormden Jezus en Maria en de vervulling van de
opdracht die God hem had toevertrouwd. «De
overgave van sint Jozef komt ons voor als een weefsel van het samengaan van trouwe liefde, liefdevol geloof, hoopvol
vertrouwen. Zijn feestdag is derhalve een goed ogenblik om ons opnieuw te
bezinnen op de christelijke roeping, die de Heer aan ieder van ons heeft
geschonken.
»Wanneer men
werkelijk eerlijk uit geloof, uit liefde en uit hoop wenst te leven, dan is de hernieuwing van
de overgave niet hetzelfde als het opnieuw oppakken wat in onbruik is geraakt.
Wanneer er geloof, liefde en hoop is, dan betekent dit zich vernieuwen:
in de handen van God blijven -ondanks alle persoonlijke fouten, zonden en
zwakheden. Zich vernieuwen is: het bevestigen van de weg van trouw. Hernieuwde
overgave betekent [...] de hernieuwing van de trouw aan datgene wat de Heer van
ons wil: liefde met daden.»7
Wij bidden met
name vandaag tot de heilige aartsvader om het
daadkrachtige verlangen de wil van God in alles te vervullen, in een
vreugdevolle, onvoorwaardelijke overgave, die voor velen moge dienen om de weg
te vinden die ten hemel voert.
27.2 Kom, goede en trouwe dienaar: ga binnen in de vreugde van uw Heer.8 Deze woorden van de communieantifoon
van de heilige mis zou sint Jozef eens horen vanwege de liefde- en vreugdevolle
vervulling van zijn taak op aarde. Het zijn
zeer blije woorden die de Heer ook ooit tot ons zal zeggen als wij trouw
geweest zijn aan de roeping die we ontvangen hebben, ook al zullen we vaak weer
opnieuw zijn moeten beginnen, in nederigheid
en eenvoud van hart. In een ander gebed van de mis wordt het woord
'trouw' herhaald en toegepast op sint Jozef: Almachtige God, Gij hebt aan de heilige Jozef de
taak gegeven om als een trouw dienaar te
waken over het begin van uw heilswerk...9 Het is alsof de Heer ons vandaag wil herinneren aan de
trouw aan onze verplichtingen jegens Hem en de anderen, de trouw aan de roeping die we van God ontvangen
hebben, aan de oproep die iedere christen gekregen heeft, zijn doen en
laten in de wereld overeenkomstig de wil van God.
Ons leven heeft geen andere betekenis dan trouw
zijn aan de Heer, op elke leeftijd en in elke omstandigheid waarin we ons
bevinden. Daarvan -zo weten we- hangt ons geluk in dit leven af en voor een
goed deel ook het geluk van hen die ons omringen. Sint Jozef heeft vele totaal
verschillende situaties meegemaakt en die waren lang niet allemaal aangenaam
vanuit menselijk oogpunt, maar de heilige aartsvader was sterk als een rots en
rekende altijd op Gods hulp. Niets kon Jozef afleiden van de weg die hem gewezen was; hij was de man die
door God, die op hem vertrouwde, aan het hoofd was gesteld van zijn
gezin hier op aarde. «Wat was zijn leven anders dan een volledige toewijding
aan het dienstwerk waartoe hij was geroepen? Echtgenoot van de maagd Maria,
wettige vader van Jezus [...], bracht hij zijn leven door met zijn zorg voor hen,
geheel overgegeven aan de vervulling van de taak waartoe hij geroepen was. En
omdat een mens die zich overgeeft niet meer zichzelf toebehoort, maakte hij
zich niet meer bezorgd om zichzelf vanaf het ogenblik waarop hij, verlicht door
de engel in die eerste droom, volledig Gods plan met hem aannam, toen hij Maria
als echtgenote ontving, begon zijn leven voor hen die onder zijn hoede waren
gesteld. De Heer vertrouwde hem zijn gezin toe en Jozef heeft Hem niet
teleurgesteld; God steunde op Hem, en hij hield stand in alle omstandigheden.»10 God steunt voor vele grote dingen op ons... Laten wij
Hem niet teleurstellen.
Zeggen we vandaag
tot de Heer, dat wij trouw willen zijn, overgegeven aan
ons goddelijk en menselijk handelen op aarde, zoals Jozef, in de wetenschap dat
daarvan de zin van heel ons leven afhangt.
Onderzoeken we in alle rust op welke punten wij nog getrouwer kunnen
zijn: verplichtingen jegens God, jegens degenen met wier zorg wij wellicht
belast zijn, in het apostolaat, in het beroepswerk...
27.3 Heer, geef dat wij ons met een zuiver hart kunnen wijden aan de dienst
van uw altaar, zoals de heilige Jozef met liefde en toewijding heeft gezorgd
voor [...] uw Zoon...11
Toen wij ons op het hoogfeest van vandaag
voorbereidden door de overweging van de devotie van de 'zeven zondagen van de
heilige Jozef', hebben we gemediteerd over het door sint Thomas vermelde
beginsel, dat van toepassing is op de uitverkiezing van sint Jozef en op
iedere roeping: «Zij die door God tot iets worden uitverkoren, worden door Hem
voorbereid en toegerust, zodanig dat zij voor hun taak berekend zijn.»12 Gods trouw uit zich in de hulp die Hij steeds verleent, in iedere situatie van leeftijd,
werk, gezondheid enz. waarin we ons bevinden, opdat wij onze taak op aarde
trouw kunnen vervullen. De heilige Jozef beantwoordde fijnzinnig en
bereidwillig de talloze genaden die hij van Godswege ontving.
Wij dienen vaak te
overwegen dat de Heer ons nooit zal verlaten; Hij verwacht altijd ons antwoord:
in onze jeugdjaren, op rijpere leeftijd, en wanneer wij
niet lang meer van God verwijderd zullen zijn; wanneer alles ertoe lijkt bij te
dragen dat we inderdaad trouw kunnen zijn,
en ook op die momenten waarop we de indruk krijgen dat alles uitnodigt
om de aangegane verplichtingen te verbreken.
Het soms of gedurende langere tijd 'niet
voelen' van God, het geen zin hebben om de beste tijd van de dag aan God te
wijden, dat alles kan wellicht te wijten
zijn aan het feit, dat de ziel helemaal vervuld is van zichzelf en van alles
wat om ons heen gebeurt. Op die
ogenblikken betekent trouw aan God trouw aan de innerlijke ingetogenheid, aan
de inzet uit die toestand van gebrek aan zin
te raken, trouw aan het gebed, aan
dat gebed waarin de ziel alleen tegenover God staat, en tot Hem bidt, of Hem
aanschouwt...
God verwacht van ons allen een wakkere,
liefdevolle, initiatiefrijke houding. Het hart van de heilige aartsvader was
altijd vervuld van vreugde, ook op de moeilijkste momenten! Proberen wij ervoor te zorgen, dat ons goddelijk
optreden op aarde, ons op weg zijn naar God toe altijd nieuw is, zoals de
liefde altijd nieuw en oorspronkelijk is, want -zoals de dichter zegt-:
«Niemand ging gisteren / noch gaat vandaag / of zal morgen gaan tot God / langs deze zelfde weg / die ik ga. / Voor ieder
mens bewaart de zon een nieuwe lichtstraal / en een onbetreden weg /
God». Altijd eeuwig nieuw.
Vandaag bidden wij
tot de heilige Jozef om deze innerlijke jeugd, vrucht van werkelijke overgave en grondige vernieuwing van die krachtige verbintenissen die wij eens zijn aangegaan. We bidden hem ook voor allen die
van ons die vreugde -gevolg van de
overgave- verwachten, die hen moge brengen tot Jezus, die zij altijd in
de onmiddellijke nabijheid van Maria zullen aantreffen.
-1. Introïtus, Lc 12,42. -2. Ez 34,23. -3. Gn 3,15. -4. Tweede lezing, Rom 4,18. -5. Johannes Paulus ii, Apost. exhort. Redemptoris custos, 15-VIII-1989, 8. -6. Mt 1,16. -7. H. Jozefmaria Escrivá, Als
Christus nu langs komt, 43.
-8. Communie, Mt 25,21. -9. Altaarmissaal, Collectegebed van de Mis van de heilige Jozef.
-10. F. Suárez, Jozef van
Nazareth. -11. Altaarmissaal,
Mis van het hoogfeest van de
heilige Jozef. Gebed over de offergaven. -12. H. Thomas van Aquino, Summa
Theologiae, III q27 a4 c.