Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

27 december
H. Johannes, apostel en evangelist

33. DE LEERLING DIE DOOR JEZUS BEMIND WERD

-De roeping van de apostel. Zijn trouw. -Bijzon­dere details van de uitverkiezing door de Heer. De opdracht te zorgen voor Maria. Onze devotie tot de heilige Maagd. -De visvangst na de Verrijzenis. Het geloof en de liefde doen hem Christus al van verre onderscheiden.

33.1 De apostel Johannes was geboortig uit Betsaïda, een stad in Galilea aan de noordelijke oever van het Meer van Tiberias. Zijn ouders waren Zebedeüs en Salóme, Jakobus de Meerdere zijn broer. Zij vormden een welgesteld vissers­gezin. Toen zij de Heer leerden kennen, aarzelden zij niet zich volledig tot zijn beschikking te stellen. Johannes en Jakobus lieten, nadat Jezus hen riep, hun vader Zebedeüs met de dagloners in de boot achter en volgden Hem.1 Salóme, hun moeder, volgde de Heer ook. Zij diende Hem met haar bezittingen in Galilea en Jeruzalem. Zij vergezelde Hem naar de Calvarieberg.2 

Johannes was leerling van Johannes de Doper, toen deze bij de Jordaan preekte, totdat op een dag Jezus dicht langs kwam en de Voorloper Hem aanwees: Zie het Lam Gods. De twee leerlingen hoorden hem dat zeggen en gingen Jezus achterna.3Deze ontmoeting heeft Johannes nooit vergeten. Hij wil ons niets zeggen van wat er die dag tussen hem en de Meester gezegd is. Wij weten alleen, dat hij vanaf dat moment nooit meer van Hem zal scheiden. Als hij al heel oud is schrijft hij zijn evangelie. Hij vergeet niet het tijdstip te vermelden waarop de ontmoeting plaatshad: Het was ongeveer het tiende uur4, vier uur in de middag.

Hij ging weer naar huis in Betsaïda, aan de visvangst. Korte tijd later, toen de Heer hem door die eerste ontmoeting voorbereid had, riep Hij hem definitief om deel uit te maken van de Twaalf. Johannes scheelde veel in leeftijd met de anderen, hij was de jongste. Hij was nog geen twintig toen hij aan de roep van de Heer gehoor gaf 5, en hij deed het met zijn hele hart, met een ongedeelde, al het andere uitsluitende liefde.

Bij de heilige Johannes, en bij allen, geeft de roeping zelfs aan het allerkleinste zin. Het hele leven wordt beïn­vloed door de plannen van de Heer met ieder van ons. «Het belangrijkste moment in ieders leven is de ontdekking van zijn roeping. Het verandert alles zonder iets te veranderen, net zoals een landschap zonder te veranderen na zonsondergang anders is dan ervoor, in het licht van de maan of gehuld in duisternis. Iedere ontdekking geeft een nieuwe schoonheid aan de dingen en een nieuw licht schept nieu­we schaduwen. De ene ontdekking is het voorspel van andere ontdekkingen, van nieuwe lichten en andere schoonheid.»6 

Het middelpunt van het hele leven van Johannes was zijn Heer, zijn Meester. In zijn trouw aan Jezus vond hij de zin van zijn bestaan. Hij vertoonde geen enkel verweer tegen de roeping. Hij wilde erbij zijn op Calvarië, toen alle anderen verdwenen waren. Zo dient ook ons leven te zijn, want, ook al roept de Heer sommigen op bijzondere wijze, zijn hele prediking heeft iets dat een roeping bevat, een uitnodiging Hem in een nieuw leven te volgen, waarvan Hij het geheim bezit: Wie mijn volgeling wil zijn...7 

De Heer heeft ons allen uitverkoren8 -sommigen met een speciale roeping- om Hem te volgen, het werk van zijn Verlossing in de wereld voort te zetten. Hij verwacht van allen een blijde en sterke trouw, zoals die van de apostel Johannes. Ook als het moeilijk is.

33.2 Johannes heeft bij het Laatste Avondmaal mogen rusten aan de borst van de Heer. Wij prijzen hem gelukkig omdat hem hemelse geheimen werden geopenbaard. Door hem werd het woord ten leven over heel de aarde verbreid.9 

Evenals Petrus ontving ook Johannes bijzondere blijken van vriendschap en vertrouwen van de Heer. De evangelist verwijst discreet naar zichzelf als de leerling die door Jezus bemind werd.10 Dat is voor ons een aanwijzing, dat Jezus een bijzondere genegenheid voor hem voelde. Dat blijkt ook in het plechtige moment van het Laatste Avond­maal, als Jezus aankondigt dat een van hen Hem zal verra­den, en Johannes, rustend aan zijn borst, meteen vraagt, wie de verrader zou zijn.11 Het grootste blijk van vertrouwen in de beminde leerling zien we, als de Heer hem vanaf het kruis de grootste liefde die Hij hier op aarde had, toever­trouwt: zijn heilige Moeder. Het meest ingrijpende moment in het leven van Johannes was het ogenblik, toen Jezus hem riep Hem te volgen en alles achter te laten, maar hier, op Calvarië krijgt hij de subtielste en dierbaarste taak opgedragen: zorgen voor de moeder van God.

Toen Jezus zijn moeder zag en naast haar de leerling die Hij liefhad, zei Hij tot zijn moeder: Vrouw, ziedaar uw zoon. Vervolgens zei Hij tot de leerling: Ziedaar uw moeder. En van dat ogenblik af nam de leerling haar bij zich in huis.12 Met Johannes, als met geen ander, heeft Maria kun­nen spreken over alles wat zij in haar hart bewaard had.13 

Laten wij vandaag, op zijn feestdag, met een heilige naijver opzien naar de leerling die door Jezus bemind werd om het onmetelijke geschenk dat de Heer hem toevertrouw­de. En laten wij hem tegelijkertijd bedanken voor de goede zorgen waarmee hij haar tot aan het eind van haar dagen hier op aarde heeft omringd. De heilige Johannes stond daar als vertegenwoordiger van alle christenen; zij zijn allemaal kinderen van Maria. Laten we van Johannes le­ren vol vertrouwen met haar om te gaan. Hij, «de geliefde leerling van Jezus nam Maria bij zich in huis, in zijn le­ven. Geestelijke schrijvers hebben in deze woorden, die wij kennen uit het evangelie, een uitnodiging aan alle ge­lovigen gezien Maria ook een plaats in hun leven te geven. In zekere zin is deze verduidelijking overbodig. Maria wil zeker, dat wij haar aanroepen, dat wij vol vertrouwen naar haar toegaan, dat wij een beroep doen op haar moederschap door haar te vragen zich onze moeder te betonen14 

Wij kunnen ons ook een beeld vormen van de enorme invloed die de heilige Maagd uitgeoefend moet hebben op de ziel van de jonge apostel. En dat beeld is duidelijker als wij terugdenken aan de episoden in ons leven waarin wij onze toevlucht tot haar genomen hebben en op bijzondere wijze omgingen met de moeder van God.

33.3 Een paar dagen na de Verrijzenis van de Heer troffen een paar van zijn leerlingen elkaar bij het Meer van Tiberias, in Galilea. Zo deden zij waar Christus hen toe aangespoord had.15 Zij hadden hun beroep als visser weer opgenomen. Onder hen bevonden zich Johannes en Petrus.

De Heer gaat de zijnen bezoeken. Het verslag toont ons een aantrekkelijk tafereel: Jezus met diegenen die Hem, ondanks alles, zijn trouw gebleven. «Hij ging langs zijn apostelen, langs die zielen die zich aan Hem gegeven had­den: en ze waren zich er niet van bewust. Hoe vaak is Christus niet alleen vlak bij ons, maar zelfs in ons. En het leven dat we leiden is zo menselijk! [...] Nu begrijpen ze het. Wat ze bij zoveel gelegenheden uit de mond van de Meester gehoord hebben, speelt de leerlingen weer door de geest: mensenvissers, apostelen. En ze begrijpen, dat alles mogelijk is omdat Hij aan de visvangst leiding geeft.

»Daarop zei de leerling van wie Jezus veel hield tot Petrus: Het is de Heer! Liefde, liefde ziet van verre. De liefde begrijpt zo snel als mogelijk is die fijne trekjes. Die jonge Apostel: met de diepe genegenheid die hij voor Jezus voelt omdat hij Christus met de zuiverheid en tederheid van een onschuldig hart liefheeft, roept hij het uit, het is de Heer! Toen Simon Petrus hoorde dat het de Heer was, trok hij zijn bovenkleed aan -want hij droeg slechts een onderkleed- en sprong in het meer. Petrus, wat een geloof. Hij springt in het meer, vervuld van een wonderlijke moed. Met de liefde van Johannes en het geloof van Petrus kun­nen we toch zeker alles bereiken?»16 

Het is de Heer! Die kreet moet ook uit ons hart opklinken, midden onder ons werk, als we ziek zijn, in onze om­gang met degenen die deel uitmaken van ons leven. We zouden de heilige Johannes moeten vragen ons te leren het gelaat van Christus te onderscheiden te midden van die werkelijkheden waarin wij ons bewegen, want Hij is heel dicht bij ons. En Hij is de enige die zin kan geven aan wat wij doen.

Naast zijn door God geïnspireerde geschriften kennen wij door de overlevering details die een bevestiging zijn van de toewijding van de heilige Johannes voor het behoud van de zuiverheid van het geloof en van de trouw aan het gebod van de broederliefde.17 De heilige Hiëro­nymus ver­telt dat hij tot zijn leerlingen die, toen hij al heel oud was, bij hem bijeen kwamen, keer op keer herhaalde: 'Kinder­tjes, bemint elkander'. Zij vroegen hem waarom hij dat elke keer weer met nadruk herhaalde. Johannes antwoordde: «Dat is het gebod van de Heer en, als dat onderhouden wordt, is het voldoende.»18 

De heilige Johannes kunnen we vandaag een heleboel vragen: in het bijzonder dat de jeugd Christus zoekt, Hem ontmoet en de grootheid van harte heeft zijn roep te vol­gen. Wij kunnen ook zijn voorspraak inroepen, opdat wij de Heer trouw zijn, zoals hij het was; dat we de opvolger van Petrus de eerbied zullen betuigen die hij de eerste Plaatsbekleder van Christus op aarde betoond heeft; dat hij ons leert in onze omgang met Maria, moeder van God en onze Moeder, innemender en vertrouwvoller te zijn. Laten we hem vragen dat de mensen in onze omgeving zullen kunnen weten dat wij katholieke leerlingen van Jezus zijn door de manier waarop wij ons gedragen.

God, Gij hebt door de heilige apostel Johannes de geheimen van uw Woord voor ons ontsloten. Wij bidden U: maak ons ontvankelijk om het mysterie te verstaan waarvan hij de verkondiger bij uitstek is geweest.19

-1. Mc 1,20. -2. Mc 15,40-41. -3. Joh 1,36-37. -4. Joh 1,39. -5. Vgl. Santos Evangelios, Pamplona 1983, bl. 1094. -6. F. Suárez, Maria van Nazareth, Oegstgeest z.j., bl. 63. -7. Mt 16,24. -8. Rom 1,7; 2 Kor 1,1. -9. Introïtus. -10. Vgl. Joh 13,23; 19,26; enz. -11. Joh 13,23. -12 Joh 19,26-27. -13. Vgl. Lc 2,51. -14. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 140. -15. Vgl. Mt 28,7. -16. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 265 en 266. -17. Santos Evangelios, Pamplona 1983, bl. 1101. -18. H. Hiërony­mus, Commentaar op de Brief aan de Galaten, 3,6. -19. Gebed uit de Mis.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012