Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Negenentwintigste week. Vrijdag

8. De tekenen des tijds

-Christus herkennen die ons leven doorkruist. -Het geloof en de zuiverheid van de ziel. -Jezus ontmoeten en Hem aan anderen bekend maken.

8.1 De mens heeft altijd belangstelling gehad voor de wisselingen van de seizoenen en de veranderingen van het weer. Zeelieden hebben een heel begrijpelijke belangstelling voor de weersomstandigheden, voor de richting en de kracht van de wind en voor wolkenformaties. Zij verdie­pen zich daarin om de weersomstandigheden in hun werkgebied te kunnen voorspellen. In het evangelie van de Mis van vandaag spreekt de Heer tot vissers en boeren, denkend aan hun zorg: Wanneer gij een wolk ziet opkomen in het westen, zegt gij terstond: er komt regen; zo gebeurt het ook. En wanneer gij ziet dat er een zuidenwind waait, zegt gij: het wordt gloeiend heet, en het gebeurt.1 Jezus geeft zijn toehoorders iets om over na te denken -zij kunnen de tekenen van het weer verstaan uit heel kleine aanwijzingen, maar zij lijken niet in staat de veelvuldige tekenen in de tijd te verstaan als het om de Messias gaat! Hij vraagt hun: Hoe komt het dat gij niet uit uzelf de juiste gevolgtrekking maakt? Bij velen ontbrak de goede wil en de juiste intentie. Hun ogen waren gesloten voor het licht van het evangelie. De tekenen van de komst van het Koninkrijk waren duidelijk in het Woord van God, in de wonderen die door de Heer verricht werden en vooral in de Persoon van Christus, vlak voor hun ogen.2 Ondanks al deze tekenen, waarvan er vele door de profeten voorspeld waren, trokken zij niet de juiste conclusie. God was midden onder hen en zij herkenden Hem niet.

De Heer blijft ons leven doorkruisen. Hij maakt ons zijn aanwezigheid duidelijk door verschillende tekenen, maar dikwijls herkennen wij deze niet. Christus is in ziekte en beproevingen aanwezig die, als wij Gods wil aanvaarden, kunnen dienen om ons te zuiveren. Hij is aanwezig in de mensen met wie wij werken, in degenen die onze hulp nodig hebben, in de leden van ons gezin, de bekenden die wij dagelijks ontmoeten... Jezus is achter dat stukje goede nieuws. Hij wacht op onze gepaste dankbaarheid. Hij staat klaar om ons nog meer zegeningen te schenken. Jammer genoeg zijn er veel gelegenheden waarbij wij Hem niet danken. Wat zou het jammer zijn als wij van God zouden afdwalen, doordat wij zo mateloos bezig zijn met onze eigen zaken!

Hoe zou ons leven er uitzien als wij echt in Gods nabijheid zouden leven? Zouden wij niet ontdekken, dat veel van onze boosheid en veel persoonlijke problemen zouden vervliegen? «Als we leven met meer vertrouwen op de goddelijke Voorzienigheid, als we leven -en dat met een sterk geloof!- in de zekerheid van die dagelijkse bescherming, dat het ons nooit aan iets zal ontbreken, wat zou ons dan een hoop zorgen en ongerustheid bespaard blijven. Heel wat bezorgdheid zou verdwijnen die naar het woord van Jezus eigen is aan de heidenen, aan de mensen in de wereld (Lc 12,30), aan hen die te weinig gericht zijn op het bovennatuurlijke.»3 Deze zorgen en ongerustheid zijn het vooruitzicht voor degenen die leven alsof de Meester nooit onder ons gekomen is.

8.2 De kracht van ons geloof hangt voor een groot gedeelte af van de instelling van onze wil. De Heer leerde de luisterende menigte: Mijn leer is niet van Mij, maar van Hem die Mij gezonden heeft. Als iemand bereid is zijn wil te doen, zal hij van deze leer weten of zij uit God voortkomt of dat Ik haar uit Mijzelf verkondig. Wie uit zichzelf spreekt, zoekt eigen eer. Wie daarentegen de eer zoekt van Degene die Hem zond, hij is geloofwaardig en er is geen bedrog in hem.4 Wanneer men niet bereid is een gevaarlijke relatie te verbreken, wanneer men werkt zonder de juiste intentie God erdoor te eren, dan kan het geweten gemakkelijk vertroebeld raken en de meest voor de hand liggende waar­heden kunnen er niet in doordringen. «Immers, de mens kan, ofwel geleid door vooroordelen ofwel gedreven door hartstochten en kwade wil, een afwijzende houding aannemen en zich verzetten niet alleen tegen de in het oog springende klaarblijkelijkheid van de uitwendige tekenen, maar ook tegen de bovennatuurlijke inwerkingen van de genade van God in onze zielen.»5 Als de goede wil ontbreekt, als iemand niet echt op God gericht is, zal het verstand talloze hindernissen tegenkomen op de weg tot geloof, tot gehoorzaamheid en tot betrokkenheid op God.6 Hoeveel gevallen hebben wij niet meegemaakt, waarbij iemands geloofsproblemen werden opgelost door middel van een goede biecht! «God geeft zicht aan degenen die in staat zijn Hem te zien. Dat wil zeggen: omdat de ogen van hun geest open zijn voor Hem. Iedereen heeft ogen, maar sommigen hebben ze afgeschermd tegen het licht van de zon. Zij kunnen de zon helemaal niet zien. Maar zelfs, ofschoon de blinden de zon niet kunnen zien, gaat deze door met schijnen. De mensen dus, die niet kunnen zien, moeten hun onvermogen om te zien wijten aan hun eigen onvolkomen gezichtsvermogen.»7

Om het geloof in al zijn volheid te ontvangen moeten wij een deemoedige houding hebben, «eigen aan een christelijke ziel, en niet het streven de grootheid Gods terug te brengen tot het armzalige vlak van het menselijke begrijpen en uitleggen... Door deze houding zullen wij leren begrijpen en beminnen, en het geheim zal voor ons een heerlijke les zijn, meer overtuigend dan ieder menselijk argument.»8

Onze morele instelling is heel belangrijk voor onze vriendschap met God, vooral wat betreft nederigheid en zuiverheid van hart. Het is mogelijk, dat de onzekerheid of de twijfels in het geestelijk leven de oorzaak hebben niet in louter verstandelijke kwesties maar in een houding van verzet tegen de goddelijke wil.9 De heilige Augustinus vertelt zijn persoonlijke ervaring vóór zijn bekering: «Want er was een honger binnen in mij door een gebrek aan dat innerlijke voedsel, dat Gijzelf bent, God. Toch, terwijl ik hongerig was, had ik geen honger, ik had geen verlangen naar onvergankelijk voedsel, niet omdat ik daarmee al verzadigd was, maar omdat ik, hoe leger ik was, ik er des te meer afkeer van kreeg.»10 Laten wij onze bedoelingen zuiveren door als gewoonte ons tot God te richten in kleine zaken. Alle eer aan God! Zo zullen wij bewerken dat wij in zijn tegenwoordigheid zijn.

8.3 Het evangelie van vandaag eindigt met deze woorden van de Heer: Wanneer gij met uw tegenpartij naar de overheid gaat, doe dan onderweg nog moeite u van hem te bevrijden; anders zou hij u wel eens voor de rechter kunnen slepen; de rechter zal u aan de gerechtsdienaar overleveren en de gerechtsdienaar zal u in de gevangenis werpen. Iedereen reist langs de weg die leidt tot oordeel. Laten wij besluiten om belangrijke klachten en wrok opzij te zetten nu wij er nog de tijd voor hebben. Laten wij de tekenen van de tijd ontdekken, zoals zij zich in ons leven voordoen. Wanneer wij aan het einde van de weg gekomen zijn, zal het te laat zijn deze tekortkomingen te verhelpen. Nu is het de tijd voor ons om de zaak recht te zetten, om lief te hebben en eerherstel te geven. De Heer nodigt ons uit om de ware betekenis van de tijd opnieuw te ontdekken. Misschien hebben wij nog wat schulden uitstaan: schulden bestaande uit dankbaarheid, vergiffenis, zelfs in rechtvaardigheid...

Natuurlijk moeten wij ook anderen helpen die samen met ons op weg zijn om de tekenen des tijds te verstaan, om de voetstappen van de Heer te herkennen... Misschien willen sommigen de Meester niet volgen, omdat zij kortzichtig zijn. Dat was de moeilijkheid met velen in Palestina die Jezus hoorden preken. «De God die door veel mensen bestreden wordt, is niet de ware God zelf, maar de verkeerde voorstelling die men zich van Hem maakt: een God die de rijken beschermt, die alleen maar vraagt en eisen stelt, die afgunstig zou zijn op onze vooruitgang in de welvaart, die boven voortdurend zit te letten op onze zonden, om het genoegen te smaken ons te straffen! ... Zo is God niet, Hij is rechtvaardig en goed tegelijkertijd. Hij is ook Vader van de verloren zonen. Hij wil ze niet zielig en ellendig zien, maar groots en vrij, als scheppers van hun eigen bestemming. Niet alleen is God niet de rivaal van de mens, maar Hij heeft de mens zelfs tot vriend willen hebben. Hij heeft hem geroepen om deelachtig te worden aan Zijn eigen goddelijke natuur en aan Zijn eigen eeuwig geluk. Het is niet waar, dat Hij overdreven eisen stelt: Hij is met weinig tevreden, omdat Hij goed weet, dat we niet veel hebben... Die God zal zich steeds meer gekend en bemind maken, bij allen, ook bij degenen die Hem nu verwerpen: verwerpen, niet omdat ze slechte mensen zijn (misschien zijn het betere mensen dan jij en ik) maar omdat zij naar Hem kijken vanuit een verkeerd standpunt! Blijven zij daarom voortgaan niet in Hem te geloven? Hij, God zelf antwoordt dan: 'Ik geloof wel degelijk in jullie'.»11

God is een liefdevolle Vader. Hij wil zijn kinderen niet van zich afstoten. Laten wij nooit onze hoop op Hem verliezen. Laten wij anderen helpen de tekenen des tijds te verstaan. Zoals de boer het weer voor morgen kan voorspellen, zo behoort de christen in staat te zijn het gelaat van Christus, de Heer van de geschiedenis, te ontdekken in de grote en kleine gebeurtenissen in de geschiedenis van de mensheid. Met deze geweldige kennis kan de christen anderen tot de waarheid brengen.

-1. Lc 12,54-59. -2. Vgl. Vaticanum ii, Lumen gentium, 5. -3. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 116. -4. Joh 7,16-18. -5. Pius xii, Enc. Humani generis, 12 augustus 1950, 4. -6. Vgl. J. Pieper, La fe, hoy, Palabra, Madrid 1968, bl. 107-117. -7. H. Theophilus van Anthiochië, Boek 1, 2, 7. -8. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 13. -9. Vgl. J. Pieper, l.c. -10. H. Augustinus, Belijdenissen, 3,1,1. -11. A. Luciani, Brieven aan beroemde mensen, Haarlem 1978, p 24-25.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 07 feb 2012