Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Tweede week. Dinsdag

11. De waardigheid van de mens

-Grootheid en waardigheid van de menselijke persoon. -Waardigheid van de mens in zijn werk. Beginselen van de sociale leer van de Kerk. -Een rechtvaardige maatschappij.

11.1 Jezus liep door een korenveld en zijn leerlingen plukten enkele aren om ze op te eten. Het was sabbat. De Farizeeën richtten zich tot de Meester opdat Hij hen terecht zou wijzen, want -volgens hun opvattingen- was zelfs dat geringe 'werk' op de sabbat niet toegestaan. Jezus nam het toen op voor zijn leerlingen en tegelijkertijd verdedigde Hij de sabbatsrust; Hij verwees daartoe naar de Heilige Schrift: Hebt gij nooit gelezen wat David deed, toen hij gebrek had en hij en zijn metgezellen honger kregen? Hoe hij onder de hogepriester Abjatar het huis van God binnenging en van de toonbroden at, die alleen de priesters mogen eten, en hoe hij er ook van gaf aan zijn metgezellen? En Hij zei hun: De sabbat is gemaakt om de mens, maar niet de mens om de sabbat. Vervolgens gaf Hij hun een nog verhevener reden: De Mensenzoon is dus Heer ook van de sabbat.1 Alles staat in dienst van Christus en van de mens, ook de sabbatsrust.

De toonbroden waren twaalf broden die elke week op het altaar van het heiligdom gelegd werden, als eerbetoon van de twaalf stammen van Israël2; de broden die van het altaar werden weggehaald, waren bestemd voor de priesters die de eredienst leidden.

Davids gedrag liep vooruit op de leer die Christus in deze evangeliepassage onderricht. Reeds in het Oude Testament had God de voorschriften van de Wet zodanig geordend, dat de voornaamste voorrang hebben boven de minder belangrijke. Dit verklaart waarom een voorschrift zoals dat van de broden, dat betrekking had op de cultus, ondergeschikt was aan een voorschrift van de natuurwet.3 Het sabbatsgebod stond evenmin boven de elementaire levensbehoeften.

Het Tweede Vaticaans Concilie laat zich door deze passage inspireren om te onderstrepen, dat de waarde van de persoon boven die van de economische en sociale ontwikkeling staat.4 Na God komt de mens op de eerste plaats; als dat niet het geval is, ontstaat er een ware wanorde, zoals we helaas zo vaak zien gebeuren.

De allerheiligste Mensheid van Christus werpt een licht vooruit dat óns wezen en óns leven verlicht, want alleen in Christus leren wij de onmetelijke waarde van de mens kennen. «Als jullie je afvragen welk mysterie jullie zelf zijn» -zo zei Johannes Paulus ii tot een groot aantal jongeren- «kijk dan naar Christus, die degene is die betekenis aan het leven geeft.»5 Alleen Hij; niemand anders kan zin aan het bestaan geven, en daarom mag men de mens niet definiëren aan de hand van de lagere geschapen werkelijkheden, en nog minder aan zijn arbeidsproductie, aan het materiële resultaat van zijn inspanningen. De grootheid van de menselijke persoon komt voort uit de geestelijke realiteit van zijn ziel, het kindschap Gods, zijn eeuwige bestemming, die hij van God gekregen heeft. Dit plaatst hem boven heel de geschapen natuur. De waardigheid en het zeer grote respect dat hij verdient, worden hem op het moment van de ontvangenis verleend en liggen ten grondslag aan het recht op de onschendbaarheid van het leven en de eerbied voor het moederschap.

De oorzaak die de diepste grondslag vormt van de menselijke waardigheid is gelegen in het feit, dat de mens de enige werkelijkheid van de zichtbare schepping is waarvan God houdt om zichzelf, daar Hij hem naar zijn eigen beeld en gelijkenis heeft geschapen en hem tot de orde der genade heeft verheven. Bovendien kreeg de mens een nieuwe waarde, nadat de Zoon van God door zijn menswording onze natuur aangenomen en zijn leven voor alle mensen gegeven had: propter nos homines et propter nostram salutem descendit de coelis. Et incarnatus est. Daarom zijn wij bekommerd om alle zielen om ons heen; geen enkele blijft immers uitgesloten van Christus' liefde; geen enkele mogen we uitsluiten van ons respect en onze achting. Laten we eens om ons heen kijken, naar de mensen die we elke dag zien en groeten, en laten we dan in Gods tegenwoordigheid bezien of wij de anderen daadwerkelijk die waardering en eerbied betonen.

11.2 De waardigheid van het menselijk schepsel -Gods beeld- is het geëigende criterium om de ware vooruitgang van maatschappij, werk en wetenschap te beoordelen, en niet omgekeerd.6 De waardigheid van de mens wordt uitgedrukt in heel zijn persoonlijk en sociaal handelen; heel bijzonder op het terrein van zijn werk, want daar voltrekt en vervult zich tegelijkertijd het gebod van zijn Schepper, die hem uit het niets heeft voortgebracht en hem heeft gezet op een aarde zonder zonde ut operaretur, om die te bewerken7 en Hem aldus te verheerlijken. Om die reden verdedigt de Kerk de waardigheid van de werkende mens, die men tekort doet, als men hem alleen maar waardeert om wat hij produceert, als men het werk slechts als louter koopwaar beschouwt en men meer waarde toekent aan «de arbeid dan aan de arbeider, [...] aan het object meer dan aan het subject dat het volbrengt»8 -zoals Johannes Paulus ii het beeldend uitdrukt-; als men de mens gebruikt als een factor om winst te maken, door hem alleen maar te beoordelen naar wat hij produceert.

Het betreft hier geen kwestie van uiterlijke vormen, van omgang, want ook met menselijk gesproken hartelijke manieren kan men tegen de waardigheid van andere mensen ingaan, als men hen ondergeschikt maakt aan utilitaristische doeleinden, als mechanisme, bijvoorbeeld, om de productiviteit te verhogen of om de vrede in de onderneming te bewaren; we moeten in ieder mens Gods beeld eren.

Onze visie zou verre van christelijk zijn, als we ook maar in enig opzicht een laag-bij-de-grondse, alleen op de aarde gerichte visie erop na zouden blijven houden: de meest betrouwbare graadmeters van rechtvaardigheid in de maatschappelijke betrekkingen zijn noch de mate van welvaart die men weet te scheppen, noch de manier waarop deze verdeeld is; we moeten nagaan «of de structuur, het functioneren en het klimaat van een economisch systeem zodanig zijn, dat ze de menselijke waardigheid van allen die daarin hun eigen activiteit ontplooien niet in gevaar brengen.»9 We moeten voor ogen houden, dat het hoogste criterium bij het gebruik maken van de materiële goederen moet zijn: «het vergemakkelijken en bevorderen van de geestelijke vervolmaking van de menselijke wezens, zowel in de natuurlijke als de bovennatuurlijke orde»10, vanzelfsprekend te beginnen met degenen die de goederen vervaardigen.

Daarom vereist de nauwe relatie tussen werk en eigendom, tot haar eigen vervolmaking, dat degene die het werk verricht tot op zekere hoogte kan zien dat «hij werkt aan iets dat van hemzelf is.»11

De waardigheid van de arbeid komt tot uiting in een rechtvaardig loon, dat de basis is van alle sociale rechtvaardigheid; dit geldt ook wanneer er sprake is van een vrije overeenkomst, want zelfs al is het afgesproken salaris in overeenstemming met de letter van de wet, dit wettigt op zich de overeengekomen beloning nog niet. Als degene die een contract aanbiedt (de directeur van een particulier opleidingsinstituut, de aannemer, de huisvrouw...) gebruik zou willen maken van bij voorbeeld een situatie van overaanbod aan werkkracht, om salarissen uit te betalen die niet overeenkomen met de waardigheid van de mensen, dan zou hij zowel die mensen als hun Schepper beledigen, omdat dezen een onvervreemdbaar natuurlijk recht hebben op de nodige middelen om in het levensonderhoud van zichzelf en hun gezin te kunnen voorzien; en dit recht prevaleert boven het recht van de vrije arbeidsovereenkomst.12 Een andere «logische consequentie is, dat we allemaal de plicht hebben ons werk goed te doen. [...] We mogen onze plicht niet verzaken of tevreden zijn met het leveren van middelmatig werk.»13 Luiheid en slecht werk leveren zijn beide eveneens een aanslag op de sociale rechtvaardigheid.

11.3 We moeten voor ogen houden, dat het belangrijkste doel van de economische ontwikkeling «niet louter een stijging van de produktiviteit is en evenmin een verhoging van de winst of het vergroten van de macht, maar het dienstbetoon van de gehele mens, waarbij rekening moet worden gehouden met zijn materiële behoeften en de eisen van zijn intellectuele, morele, geestelijke en religieuze leven.»14 Dit houdt niet in, dat de economische wetenschap niet een wettige autonomie bezit: de autonomie die eigen is aan de tijdelijke orde, die ertoe aanzet de oorzaken van economische problemen te bestuderen, technische en politieke oplossingen voor te stellen enz. Maar deze oplossingen moeten altijd onderworpen zijn aan een hoger criterium, van morele orde, want ze zijn niet in absolute zin onafhankelijk en autonoom; en we mogen niet vertrouwen op zuiver technische oplossingen, als we voor problemen komen te staan waarvan de oorsprong in een morele wanorde gelegen is.

Er is een lange weg te gaan totdat we een rechtvaardige maatschappij bereikt hebben, waarin de waardigheid van de mens, een kind van God, volledig erkend en geëerbiedigd wordt. Maar dát is nu juist onze taak, als christenen, samen met alle mensen van goede wil, want «men bemint de rechtvaardigheid niet, wanneer men haar niet beleeft met betrekking tot de ander. Ook is het niet geoorloofd zich op kosten van anderen op te sluiten in een gemakkelijke religiositeit en de noden van anderen te vergeten. Wie rechtvaardig wenst te zijn in de ogen van God, spant zich ook in om rechtvaardigheid onder de mensen te brengen.»15 We moeten iedere mens respecteren, met alle consequenties, in de meest verschillende situaties: het leven verdedigen vanaf de conceptie, omdat het om een kind van God gaat dat recht op leven heeft, een recht dat hem door God is gegeven en dat niemand hem kan ontnemen; respect voor bejaarden en voor de zwaksten, aan wie wij echte barmhartigheid moeten bewijzen, die barmhartigheid die de wereld lijkt te verliezen. Als werknemers en arbeiders, door goed en vakkundig werk te leveren, of als ondernemers, door de sociale leer van de Kerk terdege te kennen en in praktijk te brengen.

Evenzo dienen we deze waardigheid van de mens te erkennen in de normale relaties in ons leven: door de mensen met wie we omgaan -waarbij we over hun mogelijke gebreken heen stappen- als kinderen van God te zien, en daarbij zelfs de geringste vorm van roddel te vermijden en alles wat hen kan benadelen. «Maak er een gewoonte van om iedereen met wie je omgaat, aan te bevelen bij zijn engelbewaarder, opdat deze hem helpt goed en trouw, en blij te zijn.»16 Dan zal het omgaan met anderen gemakkelijker gaan en onze relaties zullen winnen aan hartelijkheid, vrede en wederzijds respect.

De Mensenzoon is Heer ook van de sabbat. Wij moeten alles ordenen met betrekking tot Christus -het Hoogste Goed- en tot de menselijke persoon, voor wiens verlossing Christus zich op Calvarië geofferd heeft. Geen enkel aards goed is verheven boven de mens.

-1. Mc 2,23-28. -2. Vgl. Lev 24,5-9. -3. Vgl. The Navarre Bible, EUNSA, Pamplona 1983, in loc. -4. Vgl. Vaticanum ii, Past. const. Gaudium et spes, 26. -5. Johannes Paulus ii, Homilie, 3 oktober 1979. -6. Vgl. Idem, Toespraak, 15 juni 1982, 7. -7. Gen 2,15. -8. Johannes Paulus ii, Toespraak, 24 november 1979. -9. Johannes xxiii, Enc. Mater et Magistra, 15 mei 1961, 83. -10. Ibidem, 246. -11. Johannes Paulus ii, Enc. Laborem exercens, 15. -12. Vgl. Paulus vi, Enc. Populorum progressio, 24 maart 1967. 59. -13. Johannes Paulus ii, Toespraak, 7 november 1982. -14. Vaticanum ii, Past. const. Gaudium et spes, 64. -15. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 52. -16. Idem, De Smidse, 1012.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012