Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Woensdag in de Goede Week
Het Lijden van onze Heer

43. DE WEG NAAR cALVARIË

-Jezus heeft het kruis op de rug en gaat door de straten van Jeruzalem. Simon van Cyrene. -Jezus gaat zijn weg naar Calvarië in gezelschap van schurken. Manieren om het kruis te dragen. -De ontmoeting met zijn allerheiligste Moeder.

43.1 Na een nacht van smarten, beledigingen en verachting wordt Jezus, haveloos, in lompen, na de vreselijke marteling van het geselen, weggevoerd om gekruisigd te worden. Daarop liet hij omwille van hen Barabbas vrij, maar Jezus liet hij geselen en gaf Hem over om gekruisigd te worden1, meldt het evangelie van de heilige Matteüs zonder omhaal van woorden.

Het volk doet niet mee met een uitwisseling tegen
Barabbas, een uitwisseling van een onschuldige tegen iemand die schuldig was aan roofmoord. Jezus is veroordeeld tot het ondergaan van een vreselijke kastijding en tot een doodstraf die alleen misdadigers ten deel viel. Het duurt niet lang of allen zien dat Hij veel te afgemat is om het kruis op zijn schouders naar Calvarië te dragen. Een man, Simon van Cyrene, die op weg naar huis is, wordt gedwongen het kruis te dragen.

Waar zijn de leerlingen gebleven? Jezus had hun gesproken over het opnemen van het kruis2, en allen hadden stellig verzekerd bereid te zijn met Hem mee te gaan tot aan de dood.3 Nu komt er echter niet één naar Hem toe die Hem helpt het kruishout naar de executieplaats te dragen. Het moet gedaan worden door een vreemdeling die er met geweld toe gedwongen wordt. Rond de Heer is geen enkel vriendengezicht en niemand wil zich in de zaak mengen. Zelfs degenen die weldaden ontvingen of genezen werden, willen nu onopgemerkt blijven. Zo gaat tot de laatste letter de profetie in vervulling van Jesaja die eeuwen eerder gezegd had: Ik heb geheel alleen de wijnpers getreden en van mijn volk was er niemand om mij te helpen... Ik keek rond, er was geen helper; ik was verbaasd, want niemand ondersteunde mij.4 

Simon krijgt het ene uiteinde van het kruis en legt het op zijn schouders. Het andere, zwaardere uiteinde, het deel van de onbeantwoorde liefde, het kruisdeel van de zonde van elke mens, draagt Christus, alleen.

Er is een uitzondering in de verlatenheid waarin de Heer zich bevindt. Wij kennen haar uit de overlevering onder de naam Veronica. Zij komt naar voren met een doek om het gelaat van Jezus af te wissen. «De doek van Veronica is het symbool van het ontroerende tweegesprek tussen Christus en de berouwvolle ziel. Veronica beantwoordde de liefde van Christus met haar eerherstel, een bijzonder bewonderenswaardig eerherstel, want het werd gebracht door een zwakke vrouw die de woede van Christus' vijanden niet vreesde [...]. Zal het gelaat van Christus net zo op mijn ziel afgedrukt worden als op de doek van Veronica?»5 

De Heer vervolgt zijn weg, een heel klein beetje getroost. De weg is echter bochtig en de grond ongelijk. Zijn krachten nemen steeds meer af. Niemand vindt het vreemd dat Jezus valt. Een, twee, drie keer. Hij valt, en staat met grote moeite weer op. Een paar meter verder struikelt Hij opnieuw. Door zich weer op te richten toont Hij zijn grote liefde voor ons. Als Hij valt drukt Hij zijn grote verlangens uit naar onze wederliefde.

«Het is niet te laat, alles is nog niet verloren... Ook al lijkt het jou zo. Ook al herhalen dit duizenden onheilspellende stemmen. Ook al omringen jou spottende en ongelovige blikken... Je bent op het goede moment aangekomen om het kruis op je te nemen: de Verlossing heeft nog steeds plaats -nu- en Jezus heeft heel veel Simons van Cyrene nodig.»6 

43.2 Wat later tijdens deze tocht naar Calvarië komt Jezus langs een groep vrouwen. Zij wenen om Hem. Hij troost hen en doet een «oproep tot bekering, tot werkelijke spijt, tot berouw, over het waarlijk begane kwaad.

Tot de dochters van Jeruzalem die bij zijn aanblik wenen, zegt Hij: Weent niet over Mij, maar weent over uzelf en over uw kinderen (Lc 23,28). We mogen niet alleen de oppervlakte van het kwaad van ons verwijderen, we moeten het met wortel en al uitrukken, de oorzaken wegnemen, tot in het diepst van het geweten [...]. Heer, leer mij leven en gaan in waarheid.»7 Als onderdeel van de stoet en om zijn dood nog vernederender te maken, trekken met Jezus ook twee schurken mee. Iemand die net aankwam en de stoet zag, zou drie mannen zien, ieder belast met zijn kruis, op weg naar zijn dood. Slechts één van de drie echter is de Redder van de wereld, één Kruis maar is verlossend.

Ook vandaag kent het kruis verschillende vormen. Er is een kruis dat knarsetandend opgenomen wordt; waar de mens zich met haat, of tenminste met wrevel, tegen keert. Het is een kruis zonder zin, zonder verklaring, zonder nut. Het brengt zelfs verwijdering van God teweeg. Het is het kruis van hen die in deze wereld alleen op zoek zijn naar gemak, naar materieel welzijn, die geen verdriet of onverwachte tegenslagen verdragen, omdat ze de bovennatuurlijke betekenis van het lijden niet willen begrijpen. Het is een kruis dat geen verlossing brengt: het is het kruis van een van die misdadigers.

Op weg naar Calvarië is er ook een tweede kruis dat met gelatenheid gedragen wordt, misschien ook met enige waardigheid. Een kruis dat aanvaard wordt, omdat er geen andere oplossing is. Dat is het kruis van de andere moordenaar, die zich beetje bij beetje rekenschap geeft, dat heel dicht bij hem de figuur van de soevereine Christus is, die zijn laatste ogenblikken hier op aarde totaal zal veranderen: en ook zijn lot in de eeuwigheid. Dat is de man die zich zal bekeren tot de goede moordenaar.

Er is nog een derde manier om het kruis te dragen. Jezus omhelst het verlossende kruis en leert ons daarmee hoe wij het onze op moeten nemen. Met liefde, als medeverlossers van alle zielen met Hem, door eerherstel te brengen voor onze eigen zonden. De Heer heeft aan het leed een diepe betekenis gegeven. Hij had ons op heel veel manieren kunnen verlossen, maar Hij deed het door te lijden, want niemand heeft groter liefde dan hij die zijn leven geeft voor een ander.8 Heilige mensen hebben ontdekt dat leed, lijden, tegenslag niet langer iets negatiefs zijn, als ze niet alleen het kruis zien, maar ook Jezus die voorbij komt om ons te ontmoeten.

«Mijn God, maak dat ik de zonde verafschuw, en dat ik mij met U verenig door het Heilig Kruis te omhelzen, om op mijn beurt uw allerbeminnelijkste Wil te vervullen..., ontbloot van alle aardse gehechtheid, zonder ander oogmerk dan uw glorie..., edelmoedig, zonder ook maar iets voor mijzelf achter te houden, door mij te zamen met U als een volmaakt brandoffer op te dragen.»9 Simon van Cyrene leerde Jezus kennen door het kruis.

De Heer zal hem voor zijn hulp belonen door ook zijn twee zoons het geloof te schenken, Alexander en Rufus.10 Zij zouden spoedig tot die uitzonderlijke christenen van het eerste uur behoren. We kunnen aannemen dat Simon van Cyrene later een trouwe leerling geweest zal zijn, die in achting gestaan zal hebben bij de eerste christengemeente van Jeruzalem. «Alles begon bij een onverwachte ontmoeting met het Kruis. Ik openbaarde Mij aan wie niet naar Mij vroegen, en liet Mij vinden, door wie Mij niet zochten (Jes 65,1). -Soms verschijnt het Kruis zonder dat wij het zoeken: het is dan Christus die naar ons vraagt. En mocht het hart afkeer tonen van dit onverwachte, juist daarom nog somberder Kruis... geef het dan geen vertroostingen. En als het er toch om vraagt, zeg het dan langzaam in een edel medegevoel en vertrouwelijk: hart, hart aan het Kruis, hart aan het Kruis.»11 

De overweging van vandaag biedt een goede gelegenheid om onszelf af te vragen hoe we tegenslagen en leed verdragen. Een goede gelegenheid om te onderzoeken of we dichter bij Christus komen, of we met Hem medeverlossers zijn, of we de tegenslagen gebruiken om onze schulden uit te boeten.

43.3 «De Heer ging zijn weg, de rug gebogen onder de last van het kruis, de ogen gezwollen, blind van tranen en bloed. Hij gaat langzaam en moeizaam voort, nu Hij zo verzwakt is. Met bevende knieën loopt Hij achter zijn twee lotgenoten in de doodstraf. En de Joden lachen, de beulen en de soldaten duwen Hem voort.»12 In het vierde droevige geheim van de rozenkrans richten we onze gedachten op Jezus die zijn kruis draagt naar Calvarië. «Wij zijn bedroefd bij het beleven van het lijden van onze Heer Jezus. -Kijk met hoeveel liefde Hij het kruis omhelst. -Leer dat van Hem. -Jezus draagt zijn kruis voor jou. En jij, draag jij het voor Jezus? Laat het kruis echter niet slepen... Pak het volle gewicht ervan op, omdat jouw kruis, als je het zo oppakt, niet zomaar een kruis is: dan wordt het... het Heilig Kruis [...]. -Jij zult zeker, net als Hij, Maria onderweg ontmoeten.»13 

In de kruisweg overwegen we dat in één van die steegjes Jezus zijn Moeder ontmoet. De stoet stopt een moment. «Maria kijkt naar Jezus met een onmetelijke liefde, en Jezus kijkt naar zijn Moeder; hun ogen ontmoeten elkaar, en ieders hart stort in het andere zijn eigen smart. De ziel van Maria is overstroomd met droefheid, de droefheid van Jezus Christus. Ach! Gij die langs komt: Kijk en zie of er een smart is die gelijk is aan de mijne (Klaagl 1,12). Maar niemand heeft het opgemerkt, niemand let erop: alleen Jezus. [...] In de duistere eenzaamheid van de Passie biedt Onze Lieve Vrouw haar Zoon een balsem aan van tederheid, van eenheid en getrouwheid: een ja jegens de goddelijke Wil.»14  De Heer vervolgt zijn weg en Maria vergezelt Hem op een paar meter afstand naar Calvarië. De voorspelling van Simeon ging in vervulling met volmaakte nauwkeurigheid.

«Welke man zou niet huilen als hij de Moeder van Christus zou zien in zo'n wrede marteling! Haar Zoon is gewond... En wij blijven op een afstand staan, laf, en verzetten ons tegen de Wil van God. Mijn Moeder en Meesteres! Leer mij een ja uit te spreken dat, evenals het uwe, zich volledig vereenzelvigt met de roep van Jezus tot zijn Vader: Non mea voluntas, niet mijn wil... (Lc 22,42), maar die van God.»15 

Als we gekweld worden door smart en droefheid, laten we onze toevlucht nemen tot Maria, Mater dolorosa. Zij zal ons sterk maken. Zij zal ons leren deze smart en deze droefheid in vrede en rust te heiligen.

-1. Mt 27,26. -2. Mt 16,24. -3. Mt 26,35. -4. Jes 63,3 en 5. -5. J. Ablewicz, Gij zult mijn getuigen zijn. -6. H. Jozefmaria Escrivá, De Kruisweg, vijfde statie, 2. -7. Karel Wojtyla, Teken van tegenspraak, De Kruisweg, achtste statie. -8. Joh 15,13. -9. H. Jozefmaria Escrivá, o.c., negende statie. -10. Vgl. Mc 15,21. -11. H. Jozefmaria Escrivá, De Kruisweg, vijfde statie. -12. Luis de la Palma, La pasión del Señor, bl. 168. -13. H. Jozefmaria Escrivá, De Heilige Rozenkrans, vierde droevige geheim. -14. Idem, De Kruisweg, vierde statie. -15. Ibidem, vierde statie, 1.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 18 mei 2012