Tweede week.
Woensdag
11. DE WEG VAN DE ZACHTMOEDIGHEID
-Jezus,
het toonbeeld van zachtmoedigheid dat wij moeten navolgen. -Zachtmoedigheid
steunt op een grote geestkracht. -Vruchten van zachtmoedigheid. Zachtmoedigheid
is noodzakelijk voor de samenleving en voor het apostolaat.
11.1 De tekst
van de profeet Jesaja in de eerste lezing van de mis1, en ook de psalm van de tussenzang2, nodigen ons uit de grootheid van God te overwegen en deze te
relateren aan onze zwakheid die we
kennen door het ervaren van herhaalde zondeval. En de teksten zeggen dat
de Heer barmhartig is en welgezind, lankmoedig en rijk aan ontferming3, en aan wie zijn
hoop stelt op Hem geeft Hij nieuwe kracht, zij slaan hun vleugels uit als
adelaars, zij lopen maar worden niet moe, zij rennen maar raken niet uitgeput.4
De
Messias brengt de mensheid een juk en een last, maar dat juk is draaglijk omdat
het vrij maakt en de last is licht, omdat Hij het zwaarste deel ervan draagt.
Nooit zal de Heer ons verpletteren met zijn voorschriften en geboden.
Integendeel, die maken vrijer en vergemakkelijken altijd ons bestaan. Komt
allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt, en Ik zal u rust en
verlichting schenken, zegt Jezus ons in het evangelie van de Mis. Neemt
mijn juk op uw schouders en leert van Mij: Ik ben zachtmoedig en nederig van
hart; en gij zult rust vinden voor uw zielen, want mijn juk is zacht en mijn
last is licht.5 Zichzelf
stelt de Heer als voorbeeld van zachtmoedigheid en nederigheid, deugden en
gesteldheden van het hart die altijd samen zullen gaan.
Jezus richt zich tot die
mensen die Hem volgen, afgetobd als schapen zonder herder6, en wint hun
vertrouwen met de zachtmoedigheid van zijn hart, dat altijd open staat en vol begrip is. De liturgie van de advent toont
ons Christus zacht en nederig, opdat we
met eenvoud naar Hem toegaan en ook opdat we ervoor zorgen Hem, als
voorbereiding op zijn komst, na te volgen. Alleen op die wijze zullen we de
gebeurtenissen in Bethlehem kunnen begrijpen. Alleen op die manier zullen we
het voor elkaar krijgen dat de mensen naast ons met ons meegaan naar het
Goddelijk Kind.
Voor een zachtmoedig en
nederig hart, zoals het hart van Christus, openen de zielen zich wagenwijd.
Daar, in zijn allerbeminnelijkst Hart, vinden de menigten toevlucht en rust.
Ook nu nog voelen zij zich hevig door Hem aangetrokken en in Hem vinden zij
vrede. De Heer heeft tot ons gesproken, opdat we van Hem zouden leren. De
vruchtbaarheid van elk apostolaat zal altijd in nauwe relatie staan met deze
deugd van zachtmoedigheid.
Als we Jezus van nabij
beschouwen, zien we zijn geduld met de gebreken van zijn leerlingen. Hij
aarzelt niet keer op keer dezelfde lessen te geven en in details te treden om
zijn trage en verstrooide intimi de leer van het heil te doen kennen. Hij wordt
niet ongeduldig om hun onbeholpenheden en hun gebrek aan navolging. «Christus
immers, onze Heer en Meester, was zachtmoedig en nederig van hart; met geduld
heeft Hij zijn leerlingen tot zich getrokken en uitgenodigd.»7
Jezus in zijn
zachtmoedigheid navolgen is de medicijn voor onze boosheid, ons ongeduld, ons
gebrek aan hartelijkheid en begrip. Deze geest van kalmte en ontvankelijkheid
zal in ons ontstaan en groeien in de mate waarin we de aanwezigheid van God
zoeken en het leven van de Heer vaker overwegen. «Ik zou willen dat je gedrag
en je gesprekken zodanig waren, dat allen die je zien of horen spreken, zouden
kunnen zeggen: die leest het leven van Jezus Christus.»8 Met name het beschouwend overwegen
van Jezus zal ons helpen niet aanmatigend te zijn en ons geduld niet te
verliezen bij tegenvallers.
Laten we niet de fout
begaan te denken dat dit 'slechte karakter' van ons, dat bij duidelijk
aanwijsbare gelegenheden en omstandigheden de kop opsteekt, afhankelijk is van
het gedrag van de mensen om ons heen. «De vrede van onze geest is niet
afhankelijk van het goede karakter en de welwillendheid van de anderen. Het
goede karakter en de goedaardigheid van onze naasten zijn op geen enkele wijze
onderworpen aan onze macht en onze willekeur. Dat zou absurd zijn. De rust van
ons hart is afhankelijk van onszelf. Het vermijden van de lachwekkende gevolgen
van de toorn moet een verworvenheid van onszelf zijn en niet ondergeschikt aan
het gedrag van de anderen. Het vermogen ons slechte karakter in te tomen is
niet afhankelijk van de volmaaktheid van anderen, maar van onze eigen
deugdzaamheid.»9 Zachtmoedigheid
moet met name openlijk aangewend worden in die situaties waar het samenleven
uiterst moeizaam zou kunnen worden.
11.2
Zachtmoedigheid heeft niets te maken met weekheid of gebrek aan karakter. Zij
steunt juist op een grote geestkracht. Het slechts beoefenen van deze deugd
betekent het bij
voortduring stellen van krachtige daden. Zoals de armen volgens het evangelie de ware rijken zijn, zo zijn de
zachtmoedigen de echte sterken. «Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen in
deze aardse strijd beschut zijn tegen de duivel en tegen de slagen van
vervolgingen. Zij zijn als glazen kruiken die gevat zijn in stro of hooi en
niet zullen breken onder de slagen. Zachtmoedigheid is als een heel sterk
schild waartegen de scherpe pijlen van de toorn verbrijzelen en breken. De
zachtmoedigen gaan in zacht katoen gekleed dat hen beschermt zonder iemand te kwetsen.»10
Het voorwerp van deze
deugd is de hartstocht van de toorn, in al zijn verschijningsvormen, om deze te
matigen en dusdanig in banen te leiden, dat hij alleen zal ontbranden wanneer
het nodig is en in de mate die aangepast is. Leert van Mij: Ik ben
zachtmoedig en nederig van hart. Tegenover de majesteit van God die
Kerstkind heeft willen worden, krijgt alles in onze wereld weer de juiste
verhoudingen. Wat zou hebben kunnen uitgroeien tot een grote teleurstelling,
wordt tot zijn eigen maat teruggebracht. Het beschouwen van de geboorte van
Jezus helpt ons om ons gebed te verlevendigen, onze liefde te verbreden en de
vrede niet te verliezen. In verbondenheid met Jezus leren wij eerlijk te zijn
bij het, in zijn aanwezigheid, beoordelen van de onderscheiden voorvallen in
het gewone leven, bij andere gelegenheden te zwijgen, te glimlachen, de anderen
goed te behandelen, op het juiste moment te wachten om corrigerend op te
treden. En ook om met alle kracht die nodig is in de bres te springen voor de
waarheid, voor de belangen van God en die van onze broeders. Een heilige toorn
tegen het onrecht is immers niet in tegenspraak met zachtmoedigheid en de
daaraan zo nauw verwante nederigheid. Wat uit lafheid komt, is geen
zachtmoedigheid.
Toorn is terecht en heilig
als hij opkomt voor de rechten van de anderen; en in het bijzonder voor de
soevereiniteit en heiligheid van God. Wij zien Jezus in heilige toorn ontstoken
tegenover de farizeeën en kooplieden in de tempel.11 De Heer trof de tempel aan veranderd in
een rovershol, in een plaats ontdaan van eerbied, gewijd aan andere
zaken die niets te maken hadden met het in aanbidding opzien naar God. De Heer
maakte zich ongenadig boos en toonde dat in woord en daad. De evangelisten
hebben ons weinig taferelen nagelaten met zoveel kracht als deze scène. Deze
heilige toorn tegenover hen die de heilige plaats onteren, gaat gepaard met
zijn groot mededogen met de behoeftigen. Tegelijkertijd kwamen er blinden en
lammen tot Hem en Hij genas hen.12
11.3 Zachtmoedigheid
verzet zich tegen steriele blijken van opvliegendheid, die in de grond blijken
van zwakte zijn (ongeduld, irritatie, boze bui, haat enzovoort), tegen
nutteloze energieverspilling in boosheid die noch in oorsprong -vaak bestond
die uit kleinigheidjes die met een glimlach hadden kunnen worden afgedaan-,
noch in de gevolgen -er wordt immers niets voor de toekomst voorkomen- een
bestaansgrond hebben.
Het gebrek aan deze deugd
is de oorzaak van knallende ruzies tussen echtelieden die knagen aan de echte
liefde. Ze vinden hun oorzaak ook in lichtgeraaktheid met alle ellendige
gevolgen van dien voor de opvoeding van de kinderen. Gebrek aan vrede in het
gebed is een ander gevolg van een tekort aan zachtmoedigheid, omdat er in
plaats van met God te praten, beledigingen herkauwd worden. In een gesprek
verzwakt een woede-uitbarsting de sterkste argumenten. Zelfbeheersing -die deel
uitmaakt van echte zachtmoedigheid- is het wapen van de sterken; zij weerhoudt
ons ervan onnodig snel lik op stuk te geven, woorden te zeggen die pijn doen en
die we later liever nooit gezegd zouden hebben. Zachtmoedigheid weet een
gunstig moment af te wachten en nuanceert de oordelen, waardoor ze in volle
kracht zullen gelden.
Een geregeld gebrek aan
zachtmoedigheid is vrucht van de hoogmoed, en brengt zijn omgeving niets anders
dan eenzaamheid en vruchteloosheid. «Je boze bui, je uitbarstingen, je weinig vriendelijke manieren, je optreden zonder
minzaamheid, je starheid (volstrekt onchristelijk) zijn er de oorzaak van dat je alleen bent. Je maakt de
eenzaamheid door van de egoïst, van de verbitterde, van de eeuwig
ontevredene, van de rancuneuze. Je opwellingen van kwaadheid zijn er ook de
oorzaak van dat je omgeving, bij gebrek aan liefde, onverschillig, rancuneus en
wantrouwig is. Het is nodig, dat je in je leven je goede humeur, je begrip en
je vriendelijkheid doorkneedt met de zachtmoedigheid van de Heer. Wees
gelukkig en maak de mensen om je heen gelukkig en allen die je op je levensweg
ontmoet.»13
De zachtmoedigen zullen
de aarde bezitten. Allereerst zullen zij zichzelf bezitten, want zij zullen
geen slaven zijn van hun slechte humeur en hun ongeduld. Zij zullen God
bezitten, want hun ziel verkeert altijd in de gesteldheid om te bidden, in een
sfeer waarin God voortdurend aanwezig is. Zij zullen hun omgeving bezitten,
want een zachtmoedig hart verwerft vriendschap en genegenheid, die beide
onontbeerlijk zijn in de dagelijkse samenleving en in het apostolaat. Bij onze
tocht door deze wereld moeten we de goede geur van Christus14 achterlaten:
onze glimlach uit gewoonte, een kalme en hemelse rust, een goed humeur en
blijdschap, liefde en begrip.
Laten we onze
offerbereidheid onderzoeken om ons leven voor anderen aangenaam te maken. Zijn
wij in staat ons eigen oordeel te laten varen, zonder voor te wenden altijd
gelijk te hebben? Weten we ons temperament in te tomen en stilzwijgend aan de
oneffenheden van elke samenleving voorbij te gaan? Deze adventstijd biedt een
goede gelegenheid deze houding van het hart te versterken. We zullen daarin
slagen als we een frequente omgang hebben met Jezus, met Maria en met Jozef;
als we er elke dag voor strijden meer begrip te hebben voor de mensen in onze
omgeving; als we er zonder ophouden voor zorgen onze scherpe tong te beheersen;
als we onze toevlucht weten te nemen tot het tabernakel om met de Heer de
kwesties door te nemen die ons het meest bezighouden.
-1. Vgl. Jes
40,25,31. -2. Vgl. Ps 103(102),1-2.8.10. -3. Ps 103(102),8. -4. Jes
40,31. -5. Mt 11,28-30. -6. Mt 9,36. -7. Vaticanum ii, Verklaring Dignitatis humanae, 11.
-8. H. Jozefmaria Escrivá, De
Weg, 2. -9. Johannes Cassianus,
Institutiones, 8. -10. F. de
Osuna, Tercer abecedario espiritual, III,4. -11. Vgl. Joh
2,13-17. -12. Mt 21,14. -13. S.
Canals, Ascética meditada, bl. 72-73. -14. Vgl. 2 Kor
2,15.
|