Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Achtentwintigste week. Zaterdag

63. De zonde tegen de Heilige Geest

-Openstaan voor goddelijke barmhartigheid. -Het verlies van het zondebesef. -Verenigd met Christus kunnen wij de gruwel van de zonde begrijpen. Onderscheidingsvermogen en fijngevoeligheid van het geweten.

63.1 Het deel uit het evangelie van de heilige Lucas dat vandaag gelezen wordt, brengt een aantal krachtige uitspraken van de Heer onder onze aandacht: Aan ieder die zich zal kanten tegen de Mensenzoon zal het vergeven worden; maar hem die de Heilige Geest heeft gelasterd, zal het niet vergeven worden.1 Ook de heilige Marcus schrijft, dat de Heer zegt, dat deze godslastering nooit vergeven zal worden en dat iemand die op deze wijze zondigt, is bezwaard met een eeuwig blijvende zonde.2

De heilige Matteüs haalt op zijn beurt deze plechtige woorden van Christus aan in een samenhang die een beter begrip van het belang ervan mogelijk maken.3 Hij verhaalt hoe de mensen versteld stonden door de wonderen van Christus, zozeer dat zij zich afvroegen: Is Hij misschien de zoon van David?4 Toch konden de Farizeeën zich niet gewonnen geven aan het bewijs van de vele wonderen die Hij voor hun eigen ogen verrichtte. Hun enige verklaring was om de verbazingwekkende tekenen die Hij verrichtte, en zijn goddelijke werken toe te schrijven aan de macht van de duivel. Door de hardheid van hun hart konden zij de duidelijke tekenen niet aanvaarden. Slechts door Beëlzebub, de vorst van de duivels, zeiden zij, werpt Hij duivels uit. Hier vinden wij precies de onvergeeflijke aard van de godslastering tegen de Heilige Geest. Zij sluiten de bron van vergiffenis uit.5 Alle zonden kunnen vergeven worden, ongeacht de zwaarte ervan. Dit komt doordat Gods goedheid grenzeloos is. Wat nodig is voor vergiffenis, is natuurlijk dat de zondaar zijn zonde als zonde erkent en gelooft in Gods barmhartigheid. De hardheid van het hart van de Farizeeën verhinderde ongetwijfeld de krachtige werking van de goddelijke genade.

Jezus bestempelt deze houding als 'zonde tegen de Heilige Geest'. Deze is onvergeeflijk, niet vanwege zijn zwaarte en kwaadaardigheid, maar omdat de wil gesloten is voor God. Ieder die zo zondigt, plaatst zichzelf opzettelijk buiten het bereik van de goddelijke barmhartigheid.

Paus Johannes Paulus ii waarschuwt voor de ernst van deze houding ten opzichte van de genade. «De zonde tegen de Heilige Geest is dus de zonde die begaan wordt door iemand die zegt het 'recht' te hebben om in het kwade te volharden, en die op deze wijze de verlossing afwijst. Men sluit zichzelf op in zonde, daarmee zijn bekering onmogelijk makend, en als gevolg hiervan wijst men ook de vergeving van de zonden af, die men niet essentieel of belangrijk vindt voor zijn leven.»6

Laten wij vandaag de Heer vragen om radicale oprechtheid en echte nederigheid, zodat wij deze tekorten en zonden onder ogen kunnen zien. Wij bidden, dat wij niet gewend mogen raken aan ons falen, ook niet op het gebied van de dagelijkse zonde. Wij kunnen meteen naar Jezus gaan voor vergeving en voor de levengevende werking van de Heilige Geest. Wij kunnen Onze Lieve Vrouw vragen om de 'heilige vreze des Heren', zodat wij nooit ons zondegevoel verliezen en het noodzakelijke bewustzijn van onze zwakheden. «Als onze blik troebel is, als onze ogen hun helderheid verliezen, moeten wij naar het licht gaan. En Christus heeft ons gezegd, dat Hij het Licht van de wereld is en dat Hij gekomen is om de zieken te genezen. -Moge het daarom niet zo zijn, dat je ziektes, je valpartijen -zo de Heer je die laat overkomen-, je van Christus verwijderen: ze moeten je naar Hem toebrengen.»7

63.2 Jezus openbaarde aan de mensheid de Heilige Geest als een Persoon, onderscheiden van de Vader en de Zoon. De Heilige Geest is de Liefde die bestaat tussen de Personen van de Heilige Drieëenheid. Hij is de bron en het model voor alle geschapen liefde.8

De Heilige Geest is aanwezig in alle daden van Jezus. Gedurende het Laatste Avondmaal sprak Jezus met de grootste duidelijkheid over de Geest. Hij openbaarde deze Persoon als onderscheiden van de Vader en de Zoon. De Heilige Geest is zeer betrokken bij de Verlossing. Jezus verwijst naar de Heilige Geest als de Paracleet of Trooster, als naar iemand die handelt als raadgever en voorspreker. De wereld van de Grieken verstond het woord Paracleet in de betekenis van een pleitbezorger die ten gunste van iemand sprak in een juridisch proces. De Heilige Geest heeft ook een speciale werking met betrekking tot het oefenen van het geweten naast de kracht van de kwijtschelding bij de sacramentele schuldbelijdenis. Door de absolutie is de zondaar voor altijd vrijgesproken van zijn zonden en vervuld van nieuw leven.

De paus heeft over de hedendaagse mensen geschreven die zich tegen de werking van de Paracleet verzetten. «De werking van de Geest van waarheid, die werkt met betrekking tot de heilzame overtuiging betreffende de zonde, treft in een persoon die zich in deze toestand bevindt een inwendige weerstand aan, als het ware een ondoordringbaar geweten, een toestand van de geest die beschreven kan worden als gefixeerd, veroorzaakt door de vrije keuze. Dit is wat de Heilige Schrift gewoonlijk de verstoktheid van het hart noemt (Vgl. Ps 81,13; Jr 7,24; Mc 3,5). In onze tijd wordt deze houding van geest en hart misschien weerspiegeld in het verlies van zondebesef.»9

Het tegenovergestelde van de verstoktheid van hart is de fijngevoeligheid van het geweten. Deze verfijnde waarneming treedt in werking wanneer de mens alle zonde verafschuwt, dagelijkse zonden inbegrepen. De mens probeert gedurende de dag de influisteringen van de Heilige Geest te volgen. De heilige Augustinus leert ons: «Wanneer het reukorgaan in iemands ziel gezond is, kunnen wij onmiddellijk de stank van onze zonden ruiken.»10 Hebben wij een dergelijke gevoeligheid voor de overtredingen die wij tegen God begaan? Reageren wij meteen tegen onze tekortkomingen en zonden?

63.3 Tegenwoordig hebben veel mensen hun zondebesef verloren of staan op het punt het te verliezen. Als gevolg hiervan verliezen zij hun Godsbesef. Tegennatuurlijk gedrag dat tegengesteld is aan de goddelijke wetten, wordt nu behandeld als de natuurlijke gang van zaken in films, op de televisie en in de pers... Zo nu en dan betreuren mensen de droevige gevolgen van dit gedrag wanneer dit individuen en de samenleving aantast, maar dan zonder naar de Schepper te verwijzen. Bij andere gelegenheden worden zulke 'leefwijzen' uitgebreid tentoongespreid om publieke nieuwsgierigheid aan te trekken, maar zonder enige poging dit onderwerp te behandelen vanuit een moreel standpunt. Echtelijke ontrouw, schandalen, aantasting van de goede naam, echtscheiding, leugens, bedrog... Er is geen tekort aan dit soort zaken, inclusief zogenaamde christenen, die genieten van deze ruchtbaarheid gevende toestanden; zij onderzoeken ze zorgvuldig, interviewen de hoofdfiguren en volgen gretig hun avonturen... Het lijkt erop, dat mensen alles willen doen behalve deze daden bij hun naam noemen. In ieder geval is hier de belangrijkste factor totaal vergeten: wat het betekent voor God, voor Hem die een echte betekenis geeft aan iedere mens. Sommige mensen kiezen ervoor om te oordelen volgens beginselen die geen ruimte overlaten voor God, alsof Hij nooit heeft bestaan of geen enkele rol speelt in ons leven. Ons leefklimaat is op dit ogenblik volkomen heidens geworden. Het heeft veel overeenkomst met de wereld van de eerste christenen, die zij omgevormd hebben, zoals wij onze wereld moeten omvormen.

Wij voelen de zwaarte van onze zonden, wanneer wij ze zien als overtredingen tegenover God. De zonde scheidt ons van God. De zonde maakt onze ziel ongeschikt om naar de Paracleet, de Heilige Geest, te luisteren. Wij zouden zelfs dat punt van ongevoeligheid kunnen bereiken dat door de heilige Augustinus wordt beschreven: «Sommigen hebben bepaalde zonden gedaan, zonden zonder menselijke slachtoffers, waarvan zij zeggen dat dit helemaal geen zonden zijn.»11 Wat een gave is het de zwaarte van onze zonden te weten. Deze kennis brengt ons tot frequente akten van berouw, om ernaar te verlangen dikwijls te biechten en te bidden om vereniging met God. De heilige Johannes van Ávila leerde: «Als je je niet ontmoedigd voelt door je zonden, dan besef je nog steeds niet, wat je hebt gedaan. Zonde bezwaart ons: sicut onus grave gravatae sunt super me (Ps 37,5). Zonde is veel zwaarder dan ik mij kan voorstellen. Wat is zonde dan precies? Het is een schuld, die niet afgelost kan worden, een ondraaglijke last die zwaarder is dan wat dan ook.»12 De heilige herhaalt later: «Als er geen zwaardere last dan deze kan zijn, waarom voelen wij dan niet het gewicht ervan? Dit komt omdat wij geen besef hebben van Gods goedheid.»13 Bij de wonderbare visvangst ontdekte de heilige Petrus de godheid van Christus en zijn eigen kleinheid. Let op zijn antwoord: Bij het zien daarvan viel Simon Petrus Jezus te voet en zei: 'Heer, ga van mij weg, want ik ben een zondig mens.' 14 Hij smeekte de Heer om hem te verlaten om zijn zondigheid. Tegelijkertijd smeekten zijn ogen en zijn hele houding de Heer om voor altijd bij hem te blijven.

Het referentiepunt om de slechtheid van de zonden te meten is de heiligheid van God. De christen kan in zichzelf een gebrek aan liefde waarnemen, wanneer hij zich volledig bewust wordt van de liefde van Christus. Anders zou het gemakkelijk voor hem zijn om zijn zwakte te rechtvaardigen. De heilige Petrus had een diepe liefde voor Christus. Hij wist hoe hij berouw moest hebben over zijn loocheningen. Hij zou het doen door een daad van liefde te stellen: Domine, tu omnia nosti, tu scis quia amo te.15 Misschien hebben wij dit gebed gebruikt om ons eigen berouw uit te drukken. Heer, U weet alles, U weet dat ik U liefheb. Wij willen een beroep doen op de Heer met deze oefening van liefde telkens wanneer wij ontrouw geweest zijn. Berouw geeft kracht aan de ziel. Het schenkt ons ook hoop en een betere gevoeligheid voor God.

Laten wij onze moeder Maria vragen, aan haar die zo volgzaam was aan de wenken van de Heilige Geest, om ons een fijnzinnig en onderscheidend geweten te leren vormen. Laten wij besluiten niet zelfvoldaan te wennen aan het verkeerde dat wij doen. Wij moeten snel reageren op zelfs de allerkleinste dagelijkse zonden, die wij opzettelijk gedaan hebben.

-1. Lc 12,10. -2. Vgl. Mc 3,29. -3. Vgl. Mt 12,32. -4. Mt 12,23. -5. Vgl. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae, II-II, q. 14, a. 3. -6. Johannes Paulus ii, Enc. Dominum et vivificantem, 18 mei 1986. -7. H. Jozefmaria Escrivá, De Smidse, 158. -8. Vgl. Vaticanum ii, Past. const. Gaudium et spes, 24. -9. Johannes Paulus ii, o.c. 47. -10. H. Augustinus, Commentaar op de Psalmen, 37,9. -11. Vgl. idem, Preek 278,7. -12. H. Johannes van Ávila, Preek 25, voor de eenentwintigste zondag na Pinksteren. -13. Ibidem, p. 355. -14. Lc 5,8-9. -15. Joh 21,17.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012