Zevenentwintigste week. Zaterdag
54. Gebeden tot de moeder van Jezus
-De heilige Maagd brengt ons altijd naar haar Zoon. -De
rozenkrans, het geliefde gebed van de heilige Maagd. -De vruchten van de
devotie tot Maria.
54.1 Jezus
sprak eens tot een mensenmenigte, toen een vrouw uitriep: Gelukkig de schoot die U gedragen heeft en de borsten die U
hebben gevoed.1 Jezus herinnerde
zich de liefdevolle aandacht van zijn Moeder heel goed. «Deze prijzende woorden
voor Jezus en Maria komen voort uit het
eenvoudige geloof van een onbekende vrouw. Ontroerd tot het diepst van
haar hart door het onderricht en de zachtmoedigheid
van Jezus, kon zij haar bewondering niet langer voor zich houden. In
haar woorden herkennen wij een zuiver voorbeeld van de eenvoudige vroomheid die
door de eeuwen heen altijd geleefd heeft onder de christenen.»2 Op die dag begon de vervulling van de woorden van
het Magnificat: Van nu af zullen
alle geslachten mij zalig prijzen. Deze onbekende vrouw was een
litanie van lof en eer begonnen die zal voortduren tot het einde der tijden.
Jezus aanvaardde deze prijzende woorden en verleende ze een
nog diepere betekenis: Veeleer
gelukkig die naar het woord van God luisteren en het onderhouden!
Ongetwijfeld is Maria heilig, omdat zij Gods Zoon in haar schoot gedragen heeft
en Hem heeft opgevoed tot volwassenheid.
Maar zij is veel meer heilig door de volmaaktheid waarmee zij Gods woord
heeft vervuld. «In het verloop van zijn prediking nam zij de woorden op waarmee
de Zoon, om de verhevenheid van het rijk boven alle banden van vlees en bloed
te doen uitkomen, degenen zalig noemde die het woord van God aanhoren en
onderhouden, zoals zijzelf dat met getrouwheid deed (Lc 2,19; 51).»3
De lezing van het
evangelie4 van vandaag geeft ons een
uitstekend gebed om de Zoon van God te verheerlijken door zijn Moeder te
vereren. Jezus stelt het op prijs als Maria geëerd wordt. Daarom bidden wij de
rozenkrans met zoveel eerbied. Met de woorden van paus Johannes Paulus ii: «Zoals de vrouw in
het evangelie haar bewondering en zegening uitriep over Jezus en zijn Moeder,
zo verenigt u ook gewoonlijk Jezus en Maria in uw devotie en liefde. U
begrijpt, dat de heilige Maagd ons naar haar goddelijke Zoon brengt, en dat Hij
altijd naar de verzoeken van zijn Moeder luistert.»5
De toevlucht tot de Moeder is de kortste weg naar Jezus, en door Hem naar de
Heilige Drieëenheid. Wanneer wij Maria eren, handelen wij als trouwe kinderen.
Wij volgen Christus na en hierin worden wij zoals Hij. «Maria is het hart van
de heilsgeschiedenis binnengetreden en zij verenigt en weerspiegelt als het
ware de hoogste geloofsgeheimen. Wanneer zij dus het voorwerp van verkondiging
en verering is, roept zij de gelovigen op naar haar Zoon en zijn offer en naar
de liefde tot de Vader.»6 Met haar gaan wij de
veilige weg.
54.2 Laten
wij onze stemmen voegen bij het grote koor van allen die door de eeuwen heen
Maria geprezen hebben. Wij kunnen ook leren hoe wij door Maria naar Jezus
moeten gaan. In deze maand kunnen wij de gewoonte van de Kerk volgen door ons
meer in te spannen bij het bidden van de rozenkrans. De paus heeft ons sterk
aangemoedigd: «Ik wil u speciaal de rozenkrans aanbevelen, het is een bron van
diep-christelijk leven. Probeer deze iedere dag te bidden, alleen of met uw
gezin: herhaal met groot geloof deze basisgebeden van de christenen: het Onze
Vader, het Wees-gegroet en het Eer aan de Vader. Overweeg deze gebeurtenissen
uit het leven van Jezus en Maria, waaraan de blijde, de droevige en de
glorievolle geheimen ons herinneren. Op deze wijze zult u bij de blijde geheimen
leren aan Jezus te denken die arm en nederig werd, een kind, omwille van ons,
om ons te dienen, u zult u aangespoord voelen om uw naaste in zijn noden te
helpen. In de droevige geheimen zult u inzien, dat het aanvaarden van het
lijden van dit leven met zachtmoedigheid en liefde, zoals Christus deed in zijn
lijden, leidt tot geluk en blijdschap, die uitgedrukt worden in de glorievolle
geheimen van Christus en Maria in de hoop op eeuwig leven.»7
De rozenkrans is het geliefde gebed van Onze Lieve Vrouw.8 Het bereikt altijd haar moederhart. Hierdoor
verkrijgt zij ontelbare genadegaven en weldaden voor ons. Deze devotie wordt
vergeleken met een ladder die sport voor sport steeds hoger gaat. «Daardoor
komen wij steeds dichter bij Onze Lieve Vrouw, dat wil zeggen bij Christus. Dit
is een van de bijzondere kenmerken van de rozenkrans, de mooiste en
belangrijkste van allen. Deze devotie tot Maria brengt ons tot Christus.
Christus is het doel van deze lange en herhaalde aanroeping tot Maria. Wij
spreken tot Maria om Christus zelf te bereiken.»9
Wat een vrede geeft de
langzame herhaling van het Wees-gegroet-Maria ons! Wij
kunnen misschien even ophouden om ieder deel goed in ons op te nemen: Wees gegroet Maria... Deze
begroeting die wij zo dikwijls met kinderlijke liefde gebeden hebben: Heilige Maria, moeder van God!... bid voor
ons... nu! Zij kijkt met moederliefde op ons neer. «Vroomheid wordt
-net als de liefde- het nooit moe dezelfde woorden steeds opnieuw te herhalen,
omdat het vuur van de liefde hun inhoud altijd nieuw maakt.»10
54.3 Een
echte devotie tot de Maagd Maria is nooit «een onvruchtbaar en voorbijgaande
gevoelsopwelling, of enige ijdele lichtgelovigheid»11,
iets voor kinderen of voor weinig ontwikkelde mensen. Het Tweede Vaticaanse
Concilie leert ons juist dat echte devotie «voortkomt uit waarachtig geloof,
dat ons tot de erkenning brengt van de waardigheid van de Moeder van God en dat
ons opwekt tot kinderlijke liefde voor onze Moeder en tot navolging van haar
deugden.»12 Onze liefde tot de heilige Maagd
inspireert ons haar na te volgen in het getrouw volbrengen van onze dagelijkse
plichten. Zij zal ons ertoe bewegen alle zonden af te wijzen, met inbegrip van
dagelijkse zonden. Zij zal ons helpen te strijden tegen onze fouten. Het
overdenken van Maria's volgzaam zijn aan de Heilige Geest brengt ons ertoe Gods
wil te doen ongeacht de moeite die het kost. Door deze liefde zullen wij
zwakheid overwinnen en ook de verleiding tot trots en zinnelijkheid. Telkens
wanneer wij een pelgrimstocht maken of een bezoek brengen aan een
Mariaheiligdom, bouwen wij een grote reserve van hoop op. Zij is Spes nostra, onze hoop!
Als wij de rozenkrans met aandacht bidden, zullen wij de kracht vinden om te
streven naar heiligheid. «Het is niet zozeer het herhalen van de formules, maar
eerder een spreken als levende personen met een andere levende persoon. Ook al
ziet u deze persoon niet met de ogen van het lichaam, toch bent u in staat haar
met de ogen van het geloof te zien. Feitelijk leiden Onze Lieve Vrouw en haar
Zoon Jezus in de hemel een leven dat meer 'levend' is dan ons sterfelijk leven
hier op aarde.
»De rozenkrans is een vertrouwelijk gesprek met Maria, een
manier van spreken tot haar met vertrouwen en overgave. Hierbij vertrouwen wij
haar onze zorgen toe, vertellen haar wat onze hoop is en openen ons hart. Het
is een manier om haar te vertellen, dat wij openstaan voor alles wat zij in
naam van haar Zoon van ons vraagt. Het is een manier om haar trouw te zijn in
alle omstandigheden, zelfs als die heel pijnlijk en moeilijk zijn. Het
verzekert ons van haar bescherming en het verzekert ons altijd, als wij het
haar vragen, van haar bemiddeling bij het verkrijgen van alle voor onze
zaligheid noodzakelijke genade van haar Zoon.»13
Laten wij ons op deze zaterdag, Maria's dag van de week,
besluiten haar een 'krans van rozen' aan te bieden met grote genegenheid. Hier
komt de naam 'rozenkrans' vandaan. Laten wij dus geen rozen aanbieden die
verwelkt zijn of door slordigheid bezoedeld zijn geworden. «De heilige
rozenkrans: de vreugden, de droefenissen, de glorie uit het leven van de Maagd
Maria weven een krans van loftuitingen, die ononderbroken herhaald worden door
de engelen en de heiligen in de hemel..., en door hen die hier op aarde van onze
Moeder houden. Beoefen dagelijks deze heilige devotie en verbreid deze.»14
Door deze devotie zal Maria ons met hoop versterken telkens
wanneer wij onze zwakte ervaren. «Onbevlekte Maagd, ik weet heel goed dat ik
een arme stakker ben die niet veel anders doet dan iedere dag het aantal van
zijn zonden groter maken... Onlangs heb je me gezegd dat je zo met onze Moeder
sprak. En met klem raadde ik je aan de rozenkrans te bidden: gezegende
eentonigheid van de weesgegroeten, die je reinigt van de eentonigheid van je
zonden!»15
-1. Lc
11,27-28. -2. Johannes Paulus ii, Toespraak, 5 april 1987.
-3. Vaticanum ii, Dogm. const. Lumen gentium, 58. -4. Lc 11,27-28. -5. Johannes Paulus ii, o.c. -6. Vaticanum ii, o.c., 65. -7. Johannes Paulus ii, o.c. -8. Paulus vi, Enc. Mense maio, 29 april
1965. -9. idem, Toespraak, 10 mei 1964.
-10. Pius xi, Enc. Ingravescentibus malis, 29
september 1937. -11. Vaticanum ii, o.c., 67. -12. Ibidem. -13. Johannes Paulus ii, Toespraak, 25 april 1987.
-14. H. Jozefmaria Escrivá, De Smidse, 621. -15. Idem, De Voor, 475.
|