Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Eerste week. Zaterdag

11. GEROEPEN TOT HEILIGHEID

-God roept iedereen tot heiligheid. -«Het eigen werk heiligen; zich heiligen door het werk; anderen heiligen met het eigen werk.» Als we de maatschappij willen veranderen, hebben we mensen nodig die heilig zijn. -Heiligheid en gewoon apostolaat, middenin de wereld. Voorbeeld van de eerste christenen.

11.1 Weest dus volmaakt, zoals uw Vader in de hemel volmaakt is1, lezen we in het evangelie van vandaag.

In deze veertig dagen van voorbereiding op het paasfeest houdt de Kerk ons opnieuw op verschillende manieren voor, dat God van ons meer verwacht - Hij verwacht dat we in alle ernst besluiten onzerzijds te strijden voor de heiligheid.

Weest volmaakt... De Heer spreekt niet alleen tot de apostelen, maar tot allen die werkelijk zijn leerlingen willen zijn. Niet voor niets wordt ons gezegd dat toen Jezus deze toespraak geëindigd had, het volk buiten zichzelf van verbazing was over zijn leer.2 Deze volksmenigten bestonden uit moeders, vissers, handwerkslieden, rechtsgeleerden, jonge mensen... Zij begrepen Hem allemaal en waren buiten zichzelf van verbazing, want de Heer spreekt tot ieder van hen afzonderlijk. De Heer legt een zware claim op ieder van hen, in overeenstemming met ieders eigen omstandigheden. De Meester roept allen tot heiligheid, ongeacht leeftijd, beroep, ras of maatschap­pelijke positie. Er zijn geen volgelingen van Christus die geen christelijke roeping hebben, een persoonlijke roeping tot heiligheid. In Hem heeft Hij ons uitverkoren vóór de grondlegging van de wereld om heilig en vlekkeloos te zijn voor zijn aangezicht3, zoals de heilige Paulus opnieuw aan de eerste christenen van Efeze moest voorhouden. Als we dit doel willen bereiken zullen we ons ons hele leven hier op aarde moeten inspannen. Laat de vrome volharden in zijn deugd, laat de heilige nog heiliger worden.4 

Deze leer over de universele roeping tot heiligheid was, vanaf 1928, een van de centrale punten in de prediking van de heilige Jozefmaria Escrivá, die ons in onze eigen tijd er op alle mogelijke manieren aan herinnerde dat -door het doopsel- de christen geroepen is tot de volheid van het christelijk leven: de heiligheid.

Het Tweede Vaticaans Concilie heeft deze aloude evangelische leer opnieuw geformuleerd voor de hele Kerk: een christen is geroepen tot heiligheid, gewoon op de plaats die hij bekleedt in de maatschappij. «Alle gelovigen van iedere staat en stand, elk volgens zijn eigen weg, worden door de Heer geroepen volmaakt en heilig te zijn, zoals de Vader zelf volmaakt is.»5 Alle gelovigen, dat betekent iedere gelovige, zonder uitzondering.

God roept alle christenen Hem te vinden waar ze ook zijn, als zij hun bezigheden verrichten middenin de wereld. Hij roept hen hun taak met menselijke volmaaktheid uit te voeren en tegelijkertijd met een bovennatuurlijke visie. Zij zijn geroepen dat aan God te offeren, in liefde te leven met de mensen om zich heen, zich te versterven. Geroepen in Gods aanwezigheid te leven.

Als we nu in ons gebed spreken met God, kunnen we ons afvragen of we Hem vaak genoeg bedanken omdat Hij ons roept Hem van nabij te volgen. We kunnen ons afvragen, of we beantwoorden aan de genaden die we gekregen hebben bij onze strijd om alle deugden op een oprechte en stipte manier te verwerven. Zijn we op onze hoede voor alle gemakzucht, die de dood is voor elk verlangen naar heiligheid en de ziel, gehuld in middelmatigheid, in een staat van lauwheid achterlaat? Het is niet voldoende alleen maar goed te willen zijn. We moeten een welbesloten poging doen heilig te worden.

11.2 Weest dus volmaakt, zoals uw Vader in de hemel volmaakt is. Wij kunnen en moeten heilig worden, met een steeds toenemende liefde tot God en omwille van God tot andere mensen; door middel van de alledaagse dingen die we keer op keer doen, met schijnbare eentonigheid. «Het is om God te beminnen en te dienen niet nodig bijzondere dingen te doen. Tot alle mensen, zonder uitzondering, richt Christus zijn oproep om volmaakt te zijn, zoals zijn hemelse Vader volmaakt is. Heilig worden betekent voor veruit de meeste mensen hun eigen werk te heiligen, zichzelf en de anderen door het werk te heiligen, en daardoor elke dag God op hun levensweg te ontmoeten.»6 

Wie zijn werk, elke eerbare taak, wil omzetten in heiligheid, moet zijn werk nederig en goed doen. Je kunt God niet iets aanbieden dat onvolkomen is, dan schept Jahwe geen behagen in u.7 Werk dat goed gedaan wordt, veronderstelt dat er zorg geweest is voor de kleine verplichtingen die ieder vak of beroep met zich meebrengen. We moeten strikt in overeenstemming met de deugd van rechtvaardigheid tegenover andere mensen staan en tegenover de maatschappij als geheel. We moeten het onmiddellijk goedmaken als we iemand met wie of voor wie we werken gekwetst hebben. We moeten zonder ophouden trachten onze manier van werken te verbeteren. Dit is van evenveel belang voor de zakenman als voor de student. Het geldt ook voor de arts en voor de moeder die thuis haar gewone huishoudelijk werk doet.

Heiligheid zal ons ertoe brengen van ons werk een gelegenheid en een plaats te maken om met God te spreken. Als we dit willen doen, moeten we het, voor we beginnen, aan God opdragen en dit offer telkens hernieuwen door alle ermee gepaard gaande omstandigheden goed te gebruiken. Bij het doen van ons werk zullen we veel gunstige momenten ontdekken om kleine verstervingen op te dragen die ons innerlijk leven zullen verrijken; en momenten om het werk zelf dat we doen op te dragen. Het zal ons ook gelegenheden verschaffen de natuurlijke en de bovennatuurlijke deugden te beoefenen.

Ons werk kan zijn en zou moeten zijn het middel om andere mensen naar Christus te brengen. Sommige beroepen hebben rechtstreekse invloed op het maatschappelijk leven, onderwijs geven, werkzaam zijn bij media of overheid... Er is geen baan die niets te maken heeft met de leer van Jezus Christus. Voor zeer technische problemen in een bedrijf en voor de wijze waarop een moeder het huishouden voert, zal er een scala van oplossingen zijn. De oplossingen die een christen kiest, zullen soms volstrekt verschillend zijn van die van een heiden. Een mens zonder geloof heeft altijd een onvolledige kijk op de wereld. De christelijke gedragslijn zal soms in botsing komen met de heersende tendensen, of zal niet in overeenstemming zijn met de aanvaarde praktijken van collega's binnen hetzelfde beroep. Deze omstandigheden zijn uitermate geschikt Christus uit te dragen, door een deugdelijk voorbeeld van christelijk leven te geven. Hoe meer de wereld verklaart God niet nodig te hebben, hoe wanhopiger zij God zoekt. Als wij, als christenen, strijden om Christus in alle ernst na te volgen, dragen we Hem uit, maken we Hem bekend.

«Een geheim. -Een publiek geheim: deze wereldcrises zijn even zovele vragen naar heiligen. God wenst een handvol van 'Zijn' mensen in iedere menselijke activiteit. -En dan... 'pax Christi in regno Christi', de vrede van Christus in het rijk van Christus.»8 

Het werk heiligen. Heilig worden door het werk. Anderen heiligen met het werk.

11.3 De eerste christenen overwonnen veel hindernissen door hun vastberadenheid en hun liefde voor Christus. Zij hebben ons zo de weg gewezen. Hun trouw aan Gods leer was sterker dan de materialistische en vaak vijandige sfeer waarin zij moesten leven. Zij bevonden zich in het hart van de samenleving en zij probeerden niet zich af te zonderen om mogelijke besmetting te vermijden of hun bestaan veilig te stellen. Zij waren er volledig van overtuigd, dat zij Gods gist waren en hun stille, maar succesrijke actie veranderde uiteindelijk die hele vormloze massa. «Zij wisten vooral op welke wijze zij sereen aanwezig konden zijn in de wereld en begrepen, waarom zij de waarden ervan niet moesten versmaden, de aardse werkelijkheden niet moesten minachten. 'Al in onze dagen vullen wij de wereld', zegt Tertullianus. En de christelijke aanwezigheid die zich tot alle sociale milieus uitstrekte en werkelijk belang hechtte aan alle waardevolle en eerzame zaken in die milieus, is erin geslaagd al die milieus en zaken te doordrenken met een nieuwe geest.»9 

Met Gods hulp zal de christen vurig trachten elk alledaags ding te veranderen in iets edels en waardevols. Hij zal trachten alles wat hij aanraakt te veranderen, niet in goud zoals de legendarische koning Midas deed, maar in genade en glorie. De Kerk herinnert ons aan het belang middenin de wereld aanwezig te zijn, om alle menselijke werkelijkheden op God te betrekken. Dit zal alleen lukken, als we door gebed en het ontvangen van de sacramenten met Christus verenigd blijven. Zoals de tak met de wijnstok verbonden is, zo moeten wij met Hem verbonden zijn, elke dag.10 

«Herauten van het evangelie hebben we nodig, deskundigen op het gebied van menselijkheid, die de diepte van het hart van de mens van vandaag kennen, die zijn vreugden en verwachtingen delen, zijn zorgen en verdriet, en die tegelijk contemplatieve mensen met liefde tot God zijn. Hiervoor zijn nieuwe heiligen nodig. We moeten smeken de geest van heiligheid in de Kerk te doen toenemen en ons heiligen te zenden om het evangelie te verkondigen in de wereld van vandaag.»11 Deze zelfde gedachte werd ook tot uitdrukking gebracht in de buitengewone bisschoppensynode van 1985 toen een overzicht werd gegeven van de situatie in de Kerk: «Wij moeten in de huidige tijd God ernstig en vurig smeken om heiligen.»12 

De christen moet 'een andere Christus' worden. Dat is de grote sterkte van het getuigenis van de christenheid. Als een korte samenvatting van Jezus' leven werd gezegd, dat Hij weldoende rondging.13 Het zou toch mogelijk moeten zijn dat van ieder van ons hetzelfde gezegd wordt als we Hem echt proberen na te volgen. «De Heer Jezus, de goddelijke leraar en het Toonbeeld van alle volmaaktheid, heeft aan al zijn leerlingen zonder uitzondering, van iedere staat of stand, de heiligheid van leven, waarvan Hijzelf de maker en het einddoel is, voorgehouden: Weest dus volmaakt, zoals uw Vader in de hemel volmaakt is. (Mt 5,48)... Het is dus voor iedereen duidelijk, dat alle gelovigen van iedere staat of stand geroepen zijn tot de volheid van het christelijk leven en tot de volmaaktheid van de liefde, en door deze heiligheid wordt ook de burgerlijke maatschappij meer menselijk in haar manier van leven.»14

-1. Mt 5,48. -2. Mt 7,28. -3. Ef 1,4. -4. Apok 22,11. -5. Vaticanum ii, Dogm. Const. Lumen Gentium, 11. -6. Gesprekken met Mgr. Escrivá, 55. -7. Vgl. Lev 22,20. -8. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 301. -9. J. Orlandis, La vocación cristiana del hombre de hoy, Rialp, Madrid 1973, bl. 48. -10. Vgl. Joh 15,1-7. -11. Johannes Paulus ii, Toespraak, 11 oktober 1985. -12. Buitengewone Bisschoppensynode 1985, Slotverklaring, II, A, 4. -13. Hnd 10,38. -14. Vaticanum ii, Dogm. const. Lumen Gentium, 40.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 07 feb 2012