Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Dertiende week door het jaar. Dinsdag

50. Gods zwijgen

-God luistert altijd naar hen die zich tot Hem wenden om hulp. -Vertrouwen in God. -Als God lijkt te zwijgen.

50.1 In de evangeliën zien we Jezus zich gedragen op een manier die zowel natuurlijk als eenvoudig is. Hij vraagt geen luidruchtige toejuichingen aan hen die Hem volgen. Hij doet wonderen zonder ophef of vertoon, ruchtbaarheid vermijdend in zoverre Hij daartoe in de mogelijkheid verkeert. Hij draagt de mensen die Hij heeft genezen op, de genade die zij hebben ontvangen niet aan iedereen rond te vertellen. Hij leert dat het Koninkrijk van God niet met dramatisch vertoon gepaard gaat. Door de parabels van het mosterdzaadje en de gist verborgen in het deeg maakt Hij iedereen de mysterieuze kracht duidelijk van zijn woorden. Wij zien Hem ook zwijgend luisteren naar de verzoeken om hulp waaraan Hij later voldoet. Het zwijgen van Jezus gedurende zijn proces voor Herodes en opnieuw voor Pilatus is vervuld van een verheven grootsheid. Wij zien Hem tegenover een razende, opgewonden menigte staan die er valse getuigen bij halen om te trachten Hem te betrappen bij zijn toespraak. Wij vinden Gods zwijgen bijzonder indrukwekkend als Hij te midden van het tumult van de kokende menigte staat die door menselijke passie tot woede is opgehitst. Het zwijgen van Jezus is noch onverschilligheid noch een houding van afkeuring ten opzichte van sommige arme schepsels die Hem beledigen; Hij is vol van barmhartigheid en vergeving. Jezus Christus hoopt altijd op onze bekering. God weet hoe te wachten. Hij heeft meer geduld dan wij.

Zijn zwijgen op het Kruis is niet eenvoudigweg een vasthouden aan zijn wegebbende kracht, om zijn woede beter te beheersen en een beslissende veroordeling te uiten. Het is de altijd vergevende God die daar hangt. Hij legt de barmhartige bedding van een nieuw en blijvend tijdperk van genade wijd open. God luistert altijd naar hen die de beslissing nemen Hem te volgen, ook al kan het soms schijnen dat Hij blijft zwijgen, en dat Hij niet naar ons wil luisteren. Hij blijft altijd aandachtig en bezorgd voor de zwakheden van zijn schepselen, maar het is zo dat Hij hen kan vergeven en hen helpt hogerop te gaan. Indien Hij nu en dan blijft zwijgen, is het opdat ons geloof, onze hoop en onze liefde meer volwassen zullen worden.

Wij kunnen, in het tafereel beschreven in het evangelie van de mis van vandaag1, Jezus aanschouwen, afgemat na een dag van intens hard werken met preken. Hij ging in een boot om met zijn volgelingen over te steken naar de andere zijde van het meer. Toen zij enige tijd op het water waren, stak er een zware storm op, met zo'n geweld dat de hoger wordende golven de boot dreigden te doen zinken. Ondertussen was de Heer, volkomen uitgeput, in slaap gevallen. Hij was zo vermoeid dat zelfs het slaan van de golven tegen de zijkanten van de boot Hem niet wakker maakte. Op het ogenblik van zo'n groot gevaar schijnt het bijna alsof Jezus er niet is. Het is de enige plaats in het evangelie waar we Hem in slaap zien.

De apostelen, van wie enkelen ervaren vissers waren, beseften direct dat hun beste krachten niet in staat zouden zijn de kop van de boot in de wind te houden, en ze waren zich er akelig van bewust dat hun leven in gevaar was. Dus gingen zij naar Jezus en maakten Hem wakker, roepende: Heer, red ons, wij vergaan!

Jezus trachtte hen gerust te stellen: Hij vroeg hun: Waarom zijt gij bang, kleingelovigen? Het is alsof Hij gezegd had: Beseffen jullie niet dat Ik bij jullie ben, en dat dit jullie een onwankelbare vastberadenheid moet geven, zelfs als jullie omringd zijn met moeilijkheden? Dan stond Hij op, richtte zich met een dwingend woord tot de winden en de zee, en het water werd volmaakt stil. De leerlingen waren overmand door verbazing, door vrede en door vreugde. Zij konden opnieuw voor zichzelf zien dat wandelen met Christus veilig wandelen is, ook al blijft Hij zwijgen en schijnt Hij er in het geheel niet te zijn. En zij zeiden: Wat voor iemand is dat toch, dat zelfs de winden en de zee Hem gehoorzamen? Het was hun Heer en hun God. Naderhand, toen de Heilige Geest op de dag van Pinksteren in hun zielen neerdaalde, beseften zij dat zij vaak zouden moeten leven te midden van turbulente tijden en dat Jezus altijd in Zijn boot zou zijn -de boot van Petrus, de Kerk. Nu en dan zou Hij schijnbaar slapen en zwijgen, en zo ogenschijnlijk afwezig zijn, maar altijd zou Hij zo aandachtig voor hen zijn als ooit tevoren, en tegelijkertijd net zo machtig. Hij zou ze nooit aan hun lot overlaten. Zij begrepen het goed, want spoedig daarna, bij het begin van hun apostolische opdracht, zagen zij zich van alle kanten door vervolgingen overvallen, en voelden ze de bitterheid verkeerd begrepen te worden door de heidense maatschappij in wier midden zij hun activiteit uitoefenden. Niettemin, de Meester gaf hun kracht, hield hun het hoofd boven water, en bemoedigde hen om nog meer apostolische ondernemingen te beginnen. Hij doet hetzelfde nu voor ons, zoals Hij toen deed voor Zijn eerste volgelingen.

50.2 De Heer slapend terwijl zijn leerlingen, uit alle macht vechtend, zich door de storm bijna overweldigd voelden, is dikwijls vergeleken geweest met het zwijgen van God bij ons ploeteren. Het zal er herhaaldelijk naar uitzien alsof God geen acht slaat op, en inderdaad niet bezorgd is over de moeilijkheden die mensen en Kerk zelf bedreigen. Als de orkaan woedt en we ons bewust worden in gevaarlijke toestanden te verkeren; wanneer al onze pogingen niets schijnen uit te halen, moeten we het voorbeeld van de apostelen volgen, ons naar Jezus keren en al onze hoop op Hem stellen: Red ons, Heer, wij vergaan. Dan ervaren we de werkzaamheid van zijn onuitputtelijke kracht en zullen we met vertrouwen en kalmte worden vervuld.

Waarom zijt gij bang, kleingelovigen? zegt Hij tot zijn volgelingen, als Hij hen door vrees ziet overweldigd, overtuigd dat zij zinken. Waarom zijn jullie bevreesd als Ik bij jullie ben? Hij is de zekerheid van alle zekerheden. Het is voor ons voldoende met Hem in Zijn boot te zijn, waar Hij ons kan zien, om al de angsten die we hebben en de moeilijkheden die we kunnen tegenkomen, te overwinnen; wanneer we overstelpt worden met povere resultaten en met zorg, met beproevingen, met bekoringen en met een gevoel van niet begrepen te worden.

Een gebrek aan vertrouwvolle zekerheid komt slechts tevoorschijn als ons geloof zwak is. Juist op die ogenblikken vergeten we misschien dat, hoe groter de moeilijkheid is des te krachtiger de hulp van God zal zijn. Dit zal altijd het geval zijn als we ernaar streven ten volle onze roeping als christen te beleven, wat de situatie ook zijn mag: in ons gezinsleven, in ons dagelijks werk, in het doen van ons apostolaat.

Jezus wil ons vervuld zien met zijn vrede en rust, te allen tijde en onder alle omstandigheden. Weest niet bang, Ik ben het, zegt Hij tegen zijn volgelingen die doodsbang zijn voor de hoge golven. Bij een andere gelegenheid zegt Hij: Tot U, die Mijn vrienden zijt, zeg Ik: Vreest niet.2 Vanaf het moment van zijn komst in de wereld toonde Hij hoe zijn tegenwoordigheid onder de mensen er uit zou zien. De boodschap van de Menswording begint juist met deze woorden: Vrees niet, Maria.3 En de engel van de Heer moest tegen Jozef zeggen: Jozef, zoon van David, wees niet bevreesd.4 Tegen de herders zal de engel nogmaals zeggen: Vreest niet.5 Wij moeten voor niets bang zijn. Zelfs de 'heilige vrees' voor God is een vorm van liefde; het is vroomheid en niets anders als de vrees Hem te verliezen.

Volledig vertrouwen in God, het gebruik van elk middel nodig in iedere situatie, geeft een onvergelijkbare geestkracht en een bijzonder soort kalmte aan de christen, wat hem ook moge overkomen en welke tegenspoed hij ook onder ogen moet zien. De veelvuldige overweging van ons goddelijk kindschap, elke dag, brengt ons ertoe met God te spreken, niet alsof wij met iemand die ver weg is zouden spreken, die net zo onverschillig als ver weg is, die koel is en geen aandacht heeft voor ons, maar in het bewustzijn dat we met een Vader aan het spreken zijn, die geïnteresseerd is in elke stap door zijn kinderen gedaan. Wij zullen ertoe komen Hem te zien als de Vriend die ons nooit teleurstelt, die altijd bereid is te helpen en, zo nodig, te vergeven. Dichtbij Hem zullen wij leren begrijpen dat elke tegenslag en alle moeilijkheden ons mensen voordelen brengen als we weten hoe ze met geloof te aanvaarden, als we Hem niet de rug toekeren. «Gelukkige tegenspoed van deze wereld! Armoede, tranen, haat, onrecht, schande. Alles zul je vermogen in Hem, die je kracht zal geven.»6 En de heilige Theresia heeft, met de welbeproefde ervaring van de heilige, voor ons geschreven: «Als je op Hem vertrouwt en een bemoedigend hart bezit -want Zijn Majesteit houdt zeer van mensen met zulk een instelling- wees dan niet bevreesd, dat het je aan iets zal ontbreken.»7 De Heer zorgt voor wie Hem toebehoren, zelfs wanneer Hij schijnt te slapen.

50.3 Sommigen die Christus schijnen te volgen zolang alles gebeurt op de manier die zij wensen, wenden zich van Hem af juist wanneer zij de grootste behoefte aan Hem hebben: wanneer hun kind, hun man, hun vrouw, hun broer, hun zus ziek wordt; in tijden van financiële spanning; wanneer zij getroffen worden door laster of smaad en sommigen van hun vrienden hun de rug toekeren, of als zij in hun eigen inwendig leven die aangename gevoelens missen die op andere momenten gemaakt hebben dat overgave en apostolaat relatief gemakkelijk schenen. Misschien moet het verdwijnen van zulke gevoelens plaats maken voor droogte en droefheid als een zeer bijzondere genade van God, een genade die hun intenties en harten zuivert. Het kan dan gebeuren dat ze denken dat God niet langer naar hen luistert, of dat Hij blijft zwijgen, alsof Hij onverschillig was met betrekking tot hun hachelijke toestand of ten opzichte van hun zorgen. Het is juist dán dat we tegen Jezus moeten zeggen, en zelfs met meer nadruk: Heer, red ons, we vergaan! Hij laat nooit na te reageren. Hij heeft altijd aandacht voor ons. Misschien wacht Hij op ons; dat wij met meer nadruk en oprechtheid van bedoeling bidden, en dat wij ons nog vollediger overgeven aan zijn sterke armen.

Bij elke tegenslag, in tijden van moeilijkheden en bekoring, moeten we ons onmiddellijk tot Jezus wenden. «Zoek zijn aangezicht, dat altijd werkelijk en lijfelijk tegenwoordig is in zijn Kerk. Doe ten minste zoals de leerlingen gedaan hebben. Zij hadden maar weinig geloof, ze waren bevreesd, ze hadden geen groot vertrouwen en vrede, maar zij weken althans niet van Christus [...]. Wijk niet van Hem af, maar kom, als je in moeilijkheden zit, naar Hem toe, elke dag, en vraag Hem ernstig en volhardend om die gunsten die Hij alleen kan schenken. En zoals Hij bij die gelegenheid waarover het evangelie spreekt, de leerlingen weliswaar berispte maar toch deed wat zij Hem vroegen, zo moet je vertrouwen op zijn grote genade. Ook al moet Hij heel wat onstandvastigheid in ons vaststellen, die er eigenlijk niet zou moeten zijn, toch zal Hij de stormen en de zee berispen en zeggen: Zwijg stil, en het zal heel stil worden.»8 Onze ziel zal tot rust komen, zelfs te midden van rampspoed.

Met de nieuwe vrede die de Heer aan onze harten schenkt zullen we met vertrouwen op weg gaan om opnieuw te strijden in uitwendige en inwendige veldslagen voor vrede. We zullen met vreugde die ergernissen, die in werkelijkheid dienen om ons te zuiveren, aanvaarden; en we zullen meer één met Hem zijn. In zulke omstandigheden moeten wij ook niet vergeten dat God een engel naast ons heeft geplaatst om op ons te passen, om ons te helpen en om onze gebeden des te gemakkelijker in zijn tegenwoordigheid ten uitvoer te brengen. «Wanneer u iets nodig hebt of met moeilijkheden te kampen krijgt, roep dan uw engelbewaarder aan en vraag hem de zaak met Jezus uit te zoeken of de bijzondere dienst die u verlangt, te vervullen.»9

-1. Mt 8,23-27. -2. Lc 12,4. -3 Lc 1,30. -4. Mt 1,20. -5. Lc 2,10. -6 H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 717. -7. H. Theresia van Ávila, De Kloosterstichtingen, 27,12. -8. Kard. J.H. Newman, Preek op de vierde zondag na Driekoningen, 30 januari 1848. -9. H. Jozefmaria Escrivá, De Smidse, 931.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 05 feb 2012