Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

24 augustus. Feest

19. HEILIGE BARTOLOMEÜS, APOSTEL

Bartolomeüs -of Natanaël, zoals het heilige Evangelie hem soms noemt- was een van de Twaalf. Hij was afkomstig uit Kana in Galilea en vriend van de apostel Filippus, die hem bij Jezus bracht in de streek van de Jordaan. Jezus prees hem hoog met deze woorden: 'Dit is waarlijk een Israëliet in wie geen bedrog is'. Volgens de traditie predikte hij het geloof in Arabië en Armenië, waar hij als martelaar is gestorven.

-De ontmoeting met Jezus. -De lofprijzing door de Heer. De deugd van oprechtheid. -Oprechtheid jegens God, in de geestelijke leiding, in het samenleven met de anderen. De deugd van eenvoud.

19.1 De apostel Bartolomeüs wordt door de traditie vereenzelvigd met Natanaël, de vriend van Filippus. Hij werd door deze, vol blijdschap, op de hoogte gebracht van diens ontmoeting met Jezus, en wel met de volgende woorden: Degene over wie Mozes in de Wet geschreven heeft en ook de profeten, Hem hebben wij gevonden: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.1 Zoals iedere goede Israëliet wist Natanaël, dat de Messias uit Betlehem, uit de stam van David2 moest komen. Zo had immers de profeet Micha aangekondigd: En gij, Betlehem, landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman te voorschijn treden, die herder zal zijn over mijn volk Israël.3 Daarom wellicht antwoordt hij op een enigszins minachtende toon: Uit Nazaret, kan daar iets goeds vandaan komen? En Filippus, zonder al te veel vertrouwen in zijn eigen verklaringen, nodigde hem uit persoonlijk tot de Meester te naderen: Kom dan kijken, zegt hij hem. Filippus wist zeer wel, net zoals wij, dat Christus niemand bedriegt. Jezus zelf «riep Natanaël via Filippus, zoals Hij Petrus riep door tussenkomst van diens broer Andreas. Zó werkt de goddelijke Voorzienigheid: zij roept ons en leidt ons door middel van anderen. God wil niet alléén werken; zijn wijsheid en goedheid verlangen, dat ook wij deel hebben aan de schepping en orde der dingen.»4 Hoe vaak zullen ook wij geen werktuigen zijn opdat onze vrienden en verwanten de oproep van de Heer ontvangen! Tot hoevelen hebben wij niet, zoals Filippus, gezegd: Kom dan kijken!

Natanaël, een oprecht man, vergezelde Filippus tot bij Jezus... en hij stond verbluft. De Meester won zijn trouw voor altijd. Toen Hij hem samen met Filippus zag aankomen, zei Hij hem: Dat is waarlijk een Israëliet in wie geen bedrog is! Wat een geweldige lofprijzing! Natanaël stond verbaasd en vroeg: Hoe kent Gij mij? En de Heer antwoordt hem met woorden die voor ons mysterieus klinken, maar voor hem heel duidelijk en helder zullen zijn geweest: Voordat Filippus u riep, zag Ik u onder de vijgeboom zitten.

Toen hij Jezus hoorde, begreep Natanaël dat helder. De woorden van de Heer herinnerden hem aan een innerlijk gebeuren, wellicht de beslissing over een vast voornemen, en deden hem een gevoelvolle en uitdrukkelijke geloofsbelijdenis in Jezus als Messias en als Zoon van God uitspreken: Rabbi, Gij zijt de Zoon Gods, Gij zijt de Koning van Israël. En de Heer zegt tot hem en belooft hem: Omdat Ik u zei dat Ik u onder de vijgeboom zag, gelooft ge? Gij zult grotere dingen zien dan deze. En Jezus riep met een zekere plechtstatigheid een tekst van de profeet Daniël5 op, om de woorden die de nieuwe leerling zojuist had uitgesproken te bevestigen en ze méér diepgang te geven: Voorwaar, voorwaar Ik zeg u: gij zult de hemel open zien en de engelen Gods zien opstijgen en neerdalen in dienst van de Mensenzoon.

19.2 In de woorden waarmee Jezus Natanaël prees, ontdekt men de aantrekkingskracht die een oprecht mens in het hart van Christus uitoefent. De Meester zegt van de nieuwe leerling, dat in hem geen bedrog is: hij is een man zonder valsheid. Hij heeft niet «als het ware twee harten en twee plooien in het hart, één voor de waarheid en een ander voor de leugen.»6 Ditzelfde zal men van ieder van ons moeten kunnen zeggen, opdat we integere mannen en vrouwen zijn, die het geloof dat we belijden als één geheel trachten te beleven. De leugenaar, degene die dubbelhartig is, die altijd met weinig duidelijkheid optreedt, klinkt altijd als een kapotte bel: «In het woordenboek las je de synoniemen voor onoprecht: 'niet recht op de man af', 'achterbaks', 'geveinsd', 'sluw', 'listig'... -Je deed het boek dicht en vroeg de Heer dat die omschrijvingen nooit op jou zouden hoeven te slaan, en je nam je eens temeer voor om vooruit te gaan in die bovennatuurlijke èn menselijke deugd van oprechtheid.»7

Deze deugd is fundamenteel om Christus te volgen, want Hij is de goddelijke Waarheid8 en verafschuwt elk bedrog. Zelfs zijn vijanden moeten Christus' liefde voor de waarheid erkennen: Meester -zo zullen ze een keer tot Hem zeggen- wij weten dat Gij oprecht zijt en de weg van God in oprechtheid leert; en Gij stoort u aan niemand, want Gij ziet de mensen niet naar de ogen.9 En Hij leert ons, dat de uitingen van de eigen ideeën of gedachten naar waarheid zullen geschieden: Maar uw ja moet ja zijn en uw neen, neen; en wat daar nog bij komt, is uit den boze.10 De duivel, daarentegen, is de vader van de leugen11, want hij probeert de mensen altijd tot het grootste bedrog te brengen, namelijk de zonde. Jezus zelf, die zich altijd vol begrip en medelijden toont tegenover menselijke zwakheden, veroordeelt in uiterst harde bewoordingen de huichelachtigheid van de farizeeën. Daarom kunnen we ons ook de vreugde voorstellen die de ontmoeting met Natanaël bij Hem teweegbracht.

De waarheid schenkt ons de waarachtige vrijheid. Deze zin uit het evangelie legt een nauw verband tussen de waarheid en de vrijheid.12 «Jezus Christus gaat de mens van ieder tijdperk, ook het onze, tegemoet met dezelfde woorden: Gij zult de waarheid kennen en de waarheid zal u vrijmaken (Joh 8,32). Deze woorden houden tegelijk een fundamentele eis en een waarschuwing in: de eis van oprechtheid tegenover de waarheid als voorwaarde voor een authentieke vrijheid.»13 Deze innerlijke vrijheid die ons in staat stelt ons altijd te bewegen met de soepelheid en de vreugde die eigen zijn aan de kinderen van God. Laten wij nooit bevreesd zijn voor de waarheid, ook al lijkt het soms, alsof eerlijk zijn voor ons een kwaad met zich meebrengt, dat door een leugen voorkómen zou kunnen worden. Uit de waarheid kan alleen maar goed ontstaan. Het loont nooit om te liegen: noch om een groot financieel voordeel te behalen dat alleen maar van een kleine leugen zou afhangen, noch om ons een straf of moeilijk moment te besparen.

19.3 Wij moeten eerlijk en oprecht zijn in het dagelijkse leven, in onze betrekkingen met de anderen: zonder deze deugd wordt de samenleving moeilijk of onmogelijk.14 «Buiten de waarheid verdonkert uiteindelijk het menselijk bestaan en verduistert het bijna ongemerkt in de dwaling en kan het uiteindelijk zover komen, dat het zichzelf en het leven vervalst door het kwaad te verkiezen boven het goede.»15 Met name in de omgang met God dienen wij eerlijk en oprecht te zijn, om ons  tot Hem te richten, zonder ons te willen verbergen, met de vreugde en het vertrouwen waarmee een goede zoon zich gedraagt tegenover zijn beste ouders. Deze deugd is buitengewoon noodzakelijk bij de geestelijke leiding: we moeten leren het binnenste van onze ziel open te leggen voor degenen die ons, in naam van de Heer, helpen om onze schreden naar de hemel te richten. In de biecht is oprechtheid zo voornaam, dat als de mens zijn schuld niet erkent, hij geen genade kan ontvangen: het is dus niet alleen een houding tegenover een persoon, de biechtvader, maar tegenover God zelf. De tegenovergestelde houding -verbergen, bedrog, verzwijgen- zou net zo onvruchtbaar zijn inzake de vruchten die we wensen te verkrijgen, als die van degene «die op bezoek gaat bij de dokter om zich te laten genezen, die dan het verstand en het besef waarvoor hij gekomen is verliest en de dokter zijn gezonde ledematen laat zien en de ziekte verbergt. God -zo vervolgt Augustinus- is degene die de wonden moet verbinden, niet jij; want als jij uit schaamte die wonden met verband wilt verbergen, dan zal de dokter je niet kunnen genezen. Je zult moeten toestaan, dat de dokter je geneest en de wonden verbindt, want hij bedekt ze met geneesmiddelen. Terwijl met de verbandmiddelen van de dokter de wonden genezen, worden ze met het verband van de zieke verborgen. En voor wie wil je ze eigenlijk verbergen? Voor Hem die alles weet?»16 Als wij oprecht zijn, zullen juist onze zonden aanleiding zijn om ons nog inniger met God te verenigen.

Zeer nauw verbonden met oprechtheid is nog een andere deugd, die wij vandaag in de heilige Bartolomeüs kunnen bewonderen: de eenvoud, die een noodzakelijk gevolg is van een hart dat God zoekt. Tegengesteld aan deze deugd zijn gekunsteldheid in woord en daad, het verlangen om de aandacht te trekken, pedanterie, zelfvoldaanheid, grootspraak..., allemaal gebreken die de vereniging met Christus, het Hem van nabij volgen, bemoeilijken, en die -soms onneembare- barrières opwerpen om de anderen te helpen dichter tot Christus te naderen. Een eenvoudige ziel raakt niet nutteloos van binnen verstrikt of verward: zij richt zich rechtstreeks tot God, door alle gebeurtenissen, goede of kwade, heen, die rondom haar plaatshebben. Samen met oprechtheid «zijn natuurlijkheid en eenvoud twee prachtige menselijke deugden die de mens in staat stellen de boodschap van Christus te ontvangen. En, in tegenstelling daarmee, vormt alles wat verward en gecompliceerd is, wat om zichzelf draait en kronkelt, vaak een muur die een beletsel is om de stem van de Heer te horen.»17

Bidden wij vandaag tot de heilige Bartolomeüs, dat hij voor ons van de Heer deze deugden verkrijgt, die Hem zo welgevallig zijn en die zo noodzakelijk zijn voor het gebed, de vriendschap, de harmonieuze samenleving en het apostolaat. Laten we tot Onze Lieve Vrouw bidden, dat wij zonder dubbelhartigheid door het leven mogen gaan, met oprechtheid en eenvoud: «Tota pulchra es Maria, et macula originalis non est in te! -Geheel schoon zijt gij, Maria, niet door de erfzonde bevlekt!, zingt de liturgie uitbundig. In haar is niet de minste zweem van dubbelhartigheid: ik bid onze Moeder dan ook dagelijks, dat wij ons hart zullen kunnen openleggen tegenover onze geestelijke leidsman, opdat het licht van de genade op al ons handelen zal schijnen! -Als wij haar erom bidden, zal Maria voor ons de moed tot oprechtheid verkrijgen, zodat wij dichter bij de Heilige Drieëenheid kunnen komen.»18 De heilige Bartolomeüs zal vandaag onze voornaamste voorspreker bij Onze Lieve Vrouw zijn.

-1. Joh 1,45. -2. Vgl. H. Johannes Chrysostomus, Homilieën over het evangelie van Johannes, 20,1. -3. Mi 5,2. -4. O. Hophan, De apostelen. -5. Dan 7,13. -6. H. Augustinus, Commentaar op het evangelie van de heilige Johannes, 78 7,16. -7. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 337. -8. Vgl. Joh 14,6. -9. Mt 22,16. -10. Mt 5,37. -11. Vgl. Joh 8,44. -12. Vgl. Spaanse Bisschoppenconferentie, Past. instr. La verdad os hará libres, 20-XI-1990, 38. -13. Johannes Paulus ii, Enc. Redemptor hominis, 4-III-1979, 12. -14. Vgl. H. Thomas van Aquino, De Tien Geboden. -15. Spaanse Bisschoppenconferentie, o.c., 37. -16. H. Augustinus, Commentaar op Psalm 31. -17. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 90. -18. Ibidem, 339.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 18 mei 2012