18 oktober. Feest
34. HEILIGE LUCAS, EVANGELIST
De evangelist Lucas werd in Antiochië uit een heidense
familie geboren. Volgens vele aanwijzingen was hij arts. Hij bekeerde zich rond
het jaar 40 tot het geloof, vergezelde sint Paulus op diens tweede apostolische
reis en stond hem in het laatste gedeelte van het leven van de apostel ter
zijde. Als schrijver van het derde evangelie en van de Handelingen van de
Apostelen is hij de evangelist, die ons de meeste gegevens heeft verstrekt over
de jeugdjaren van Jezus en enkele van de meest ontroerende parabels van de
goddelijke barmhartigheid heeft opgenomen.
-Het evangelie van Lucas. De volmaaktheid van ons werk.
-Hetgeen de evangelist ons overlevert. De 'schilder' van de Maagd Maria. -Het
heilig evangelie met godsvrucht lezen.
34.1 Zie de
vreugdebode die nadert, die vrede komt melden, het goede nieuws brengt en het
heil aankondigt.1
Wij moeten vandaag sint Lucas danken, dat hij voor ons een bode is die vrede komt melden, die het goede nieuws brengt,
want hij was een trouw werktuig in handen van de Heilige Geest. Hij heeft ons
een kostbaar evangelie overgeleverd evenals de geschiedenis van de oudste
christenheid in de Handelingen van de Apostelen, gedreven door de genade van de
goddelijke ingeving, maar tegelijkertijd met de menselijke inspanning van een
goed verzorgd werk, want Gods hulp verdringt het menselijke niet. Hij zelf
geeft aan, dat hij zijn werk heeft samengesteld na van meet
af aan alles nauwkeurig te hebben onderzocht, en dat hij een ordelijk verslag heeft geschreven2, niet zo maar, lukraak. Dit doet veronderstellen,
dat hij zorgvuldig heeft gezocht naar bronnen uit de eerste hand,
hoogstwaarschijnlijk de Maagd, de apostelen, met inbegrip van degenen die nog
in leven waren en hoofdrolspelers waren geweest bij de wonderen, gebeurtenissen
en verhalen... Hij wijst ons uitdrukkelijk erop, dat hij deze berichten heeft
opgenomen aan de hand van gegevens, welke ons werden
overgeleverd door mensen die van het begin af ooggetuigen waren.3 Zelfs zijn literaire stijl, zoals de heilige Hiëronymus
vaststelt4, duidt op de betrouwbaarheid van de
bronnen waaruit hij put. Dank zij deze inzet en het beantwoorden van de genade
die hij van de Heilige Geest ontving, kunnen wij thans, vol verwondering, de
verhalen over Jezus' jeugdjaren lezen, enkele schitterende parabels, die alleen
hij opneemt, zoals die van de verloren zoon, van de barmhartige Samaritaan, van
de ontrouwe rentmeester, van de arme Lazarus en de rijke vrek... Eveneens eigen
aan sint Lucas is het verhaal van de twee Emmaüsgangers, zeer verfijnd en tot
in details uitgewerkt.
Geen enkele andere evangelist behalve Lucas heeft ons zo duidelijk
Gods barmhartigheid ten opzichte van de armsten getoond. Hij brengt Jezus'
liefde voor de zondaars helder naar voren; Jezus verklaarde immers dat Hij was
gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was.5 Hij verhaalt van de vergeving van de zondige vrouw6, zijn intrek in het huis van een zondaar als Zacheüs7, de blik van Jezus die Petrus' hart omvormt na zijn
verloocheningen8, de belofte van het Koninkrijk
aan de goede moordenaar9, het gebed voor degenen
die Hem op Calvarië kruisigen en beschimpen10...
De vrouwen en Jezus' ijver om hen hun waardigheid, toentertijd weinig geacht,
terug te geven, nemen een heel voorname plaats in zijn evangelie in: de weduwe
van Naïn11, de berouwvolle zondares12, de vrouwen uit Galilea die uit eigen middelen voor
Jezus zorgen en ook tot zijn gevolg behoren13,
de bezoeken van Jezus aan het huis van de twee zusters in Bethanië14, de genezing van een kromgebogen vrouw15, de vrouwen van Jeruzalem die Jezus op zijn
kruisweg hun medeleven betuigen16..., het zijn allemaal
personen die alleen door deze evangelist worden vermeld en reliëf krijgen.
Wij moeten sint Lucas vandaag voor vele dingen dankzeggen. «U
bent de enige -schreef de latere paus Johannes Paulus i in een fictieve brief aan de
evangelist- die ons een verslag biedt van de geboorte en kindertijd van
Christus, een lezing die we nog altijd met hernieuwde ontroering beluisteren
met Kerstmis. Vooral één zin in uw verhaal trekt mijn aandacht: Zij wikkelde Hem in doeken en legde Hem neer in een kribbe.
Deze zin is de oorsprong geworden van alle kerststalletjes ter wereld en van
duizenden kostbare schilderijen.»17 Door zijn
evangelie kunnen we zo vaak de Heilige Familie vergezellen in Betlehem en in
het dagelijkse leven onder hun stadgenoten van Nazaret.
Ook wij staan vandaag stil om de menselijke volmaaktheid te
overwegen, waarmee wij ons werk moeten vervullen, ook al schijnt het ons van
weinig bovennatuurlijke betekenis. Goed verrichte werken zijn blijvend en we
kunnen ze gemakkelijk aan God aanbieden, die ze als een gave zal ontvangen.
Werk dat zonder veel inspanning wordt geleverd, zonder belangstelling, zonder
voor het kleine te zorgen, verdient het niet menselijk te zijn en het zal geen
blijvende waarde hebben noch voor God noch voor de mensen. Laten we vandaag
onderzoeken hoe wij hetgeen we onder handen hebben, wat we dagelijks aan God
moeten aanbieden, ten uitvoer brengen.
34.2 In het evangelie van sint
Lucas treffen wij de kernleer van de Heer aan over de nederigheid, oprechtheid,
armoede, boetedoening, het dagelijks aanvaarden van het kruis, de noodzaak tot
dankbaar zijn... De grote liefde die wij tot Onze Lieve Vrouw koesteren beweegt
ons vandaag ertoe dank te brengen aan deze heilige evangelist die de grootheid
en schoonheid van haar ziel op buitengewoon fijngevoelige wijze tot uitdrukking
heeft weten te brengen. Daarom heeft men hem al heel vroeg de titel 'schilder'
van de Maagd gegeven18, en vandaar dat later het
auteurschap van enkele beeldhouwwerken en schilderijen van Onze Lieve Vrouw aan
hem werden toegeschreven. Hoe dan ook, het evangelie van Lucas is fundamenteel
voor de kennis van en de devotie tot de Maagd, en het is de inspiratiebron
geweest van een groot deel van de christelijke kunst. Geen enkele persoon uit
de geschiedenis van het evangelie -uitgezonderd natuurlijk Jezus- wordt met
zoveel liefde en bewondering beschreven als de heilige Maria. Het leert ons,
onder ingeving van de Heilige Geest, de gaven en het getrouwe antwoord daarop
van de allerheiligste Maagd: zij is vol van genade, de Heer is met haar; zij
werd zwanger door toedoen van de Heilige Geest en zij werd de Moeder van Jezus
zonder haar maagdelijkheid te verliezen; innig verenigd met het heilsmysterie
van het kruis, zal zij door alle geslachten worden gezegend, want de Almachtige
heeft grote wonderdaden in haar gedaan. Terecht loofde een vrouw uit het volk
vol geestdrift en op zeer expressieve wijze de Moeder van Jezus.19 Op gelijke wijze leert de heilige Lucas ons hoe
getrouw de Maagd geantwoord heeft: zij ontvangt in nederigheid de boodschap van
de engel betreffende haar waardigheid van Moeder van God; zij aanvaardt in alle
overgave Gods plannen; zij haast zich om de anderen te gaan helpen... Tot tweemaal
toe toont hij ons Onze Lieve Vrouw die al deze woorden in
haar hart bewaarde en ze bij zichzelf overwoog...20 Deze kennis kon alleen de Maagd overdragen op
momenten waarin zij haar innerlijk openlegde.
Laten wij sint Lucas bidden om aan de anderen de devotie tot
de Maagd bekend te maken, de bijna oneindige rijkdom van haar hart, zoals hij
dat heeft gedaan. Laten we met name in deze oktobermaand de devotie verbreiden
tot de heilige rozenkrans, die voor ons zoveel genade van de hemel verkrijgt.
34.3 Laten we de gedachtenis van
sint Lucas eren door de aantrekkelijke en bemoedigende persoon van de Heiland
die hij ons voorhoudt te beschouwen. En laten we, wanneer we de Handelingen van
de Apostelen -'het evangelie van de Heilige Geest', zoals men die genoemd
heeft- lezen en overwegen, hem bidden om de vreugde en de apostolische geest
van onze eerste broeders in het geloof, die zich daarin weerspiegelt.
Volgens een oude christelijke gewoonte, opende men, wanneer
iemand in moeilijkheden of in twijfel verkeerde, op goed geluk het evangelie en
las men het eerste vers dat men aantrof. Vaak vond men niet het geëigende
antwoord, maar wel vond men altijd vrede en gemoedsrust; men was in contact met
Jezus getreden. Er ging van Hem een kracht uit die allen
genas21, merkt de evangelist een keer op.
En deze kracht blijft van Jezus uitgaan, telkens wanneer we in contact met Hem
treden. Het werk van sint Lucas, door God ingegeven, leert ons deze directe
verbinding met de Heer te onderhouden, het moedigt ons aan veelvuldig onze
toevlucht te zoeken tot zijn barmhartigheid, om met Hem om te gaan als met de
trouwe Vriend die zijn leven voor ons heeft gegeven. Tegelijkertijd stelt het
ons in staat ten volle in het mysterie van Jezus te treden, met name vandaag de
dag, nu zovele en zo verwarrende ideeën de ronde doen over het meest
bovennatuurlijke thema voor de mensheid sinds twintig eeuwen: Jezus Christus,
Gods Zoon, hoeksteen, fundament van ieder mens. Geen enkele lectuur kan ons zo
dicht bij God brengen als die welke juist onder goddelijke ingeving is
geschreven. Daarom moeten wij in het heilig evangelie de
kennis van Jezus Christus, die alles te boven gaat22 leren, zoals sint Paulus tot de christenen van
Filippi sprak, «want de heilige Schrift niet kennen betekent Christus niet
kennen.»23
Het evangelie moet het eerste boek van de christen zijn, want
wij kunnen niet zonder de kennis van Christus; we moeten het bekijken en
overwegen totdat we al zijn karaktertrekken van buiten kennen. «Als je het
heilig evangelie opent, bedenk dan, dat je wat daar verteld wordt -werken en
woorden van Christus- niet alleen moet weten, maar dat je het ook moet beleven.
Alles, elk punt dat verteld wordt, is detail voor detail opgenomen, opdat je
het vlees doet worden in de concrete omstandigheden van je bestaan. -De Heer
heeft ons, katholieken, geroepen om Hem van nabij te volgen, en in dit heilig
boek vind je het leven van Jezus; maar je moet er bovendien je eigen leven
vinden. Ook jij moet leren om, zoals de apostel, vol van liefde te vragen: 'Heer,
wat wilt Gij dat ik doe?...' De wil van God!, hoor je dan op besliste toon in je
ziel. -Welnu, neem dan dagelijks het evangelie ter hand, lees het en beleef het
als concrete norm. -Zo hebben ook de heiligen gedaan.»24
De heilige Lucas, die zo vaak de feiten die hij verhaalt, overwogen
zal hebben, zal ons leren het heilig evangelie te beminnen, zoals de eerste
christenen dat deden. Daarin zullen wij «de spijs voor de ziel, de zuivere en
bestendige bron van het geestelijk leven»25
vinden.
-1. Introïtus. Jes 52,7. -2.
Vgl. Lc 1,3. -3. Lc 1,2.
-4. Vgl. H. Hiëronymus, Brief
20,4. -5. Lc 19,10. -6. Lc
7,36-50. -7. Lc 19,1-10. -8. Lc
22,61. -9. Lc 23,42 vv. -10. Lc
23,34. -11. Lc 7,11-17. -12. Lc
7,36-50. -13. Lc 8,1-3. -14. Lc
10,38-42. -15. Lc 13,10-17. -16. Lc 23,27-32. -17. Kard. A. Luciani, Brieven aan beroemde mensen, Haarlem 1978. -18. Eusebius van Cesarea, Historia
Ecclesiastica, 2,43. -19. Vgl. The
Navarre Bible, St. Luke, Introd. -20. Lc
2,19;51. -21. Vgl. Mc 6,56. -22. Fil 3,8. -23. H. Hiëronymus,
Commentaar op de Profeet Jesaja, prol. PL 24,17.
-24. H. Jozefmaria Escrivá, De Smidse, 754. -25. Vaticanum ii, Dogm.
const. Dei Verbum, 21.