21 augustus. Gedachtenis
17. HEILIGE PIUS X
Giuseppe Sarto werd geboren in het plaatsje Riese in
Noord-Italië op 2 juni 1835. Als klein kind leerde hij de armoede kennen van
een eenvoudig gezin van tien kinderen; zijn vader was de postbode van het dorp.
Hij onderscheidde zich door voortdurende dienstbaarheid aan de Kerk en aan de
gelovigen, als pastoor, patriarch-aartsbisschop van Venetië en paus van Rome.
Hij legde een heilige ijver aan de dag in de verdediging van de zuiverheid van
de leer, hij zorgde voor de herwaardering en waardigheid van de liturgie en
verbreidde de praktijk van de veelvuldige communie. Als wapenspreuk van zijn
pausschap koos hij: 'Instaurare omnia in Christo' (Alles hernieuwen in Christus).
Hij stierf op 20 augustus 1914.
-De noodzaak de leer bekend te maken. Alle middelen benutten
die binnen ons bereik liggen. -Gemoedsrust en goed humeur tegenover moeilijkheden.
-Liefde voor Kerk en paus.
17.1 De Heer
sloot met zijn dienaar een verbond van vrede. Hij stelde hem aan het hoofd van
zijn volk en verleende hem de waardigheid van priester voor eeuwig.1
De jaren van het pontificaat van de heilige Pius x waren uitermate moeilijk vanwege de
interne wijzigingen in vele staten, welke een ernstige weerslag hadden op de
christengelovigen. Niettemin was de echte wervelwind die de Kerk in die tijd zo
sterk teisterde, van ideologisch en leerstellig karakter: de pogingen om het
geloof te verzoenen met een filosofie die in haar eigen beginselen ver van het
geloof vandaan stond, liepen uit op talrijke dwalingen, die wijd verbreid
raakten. Deze ideologieën vielen de fundamenten zelf van de katholieke leer aan
en leidden rechtstreeks tot een ontkenning daarvan.2
De heilige Pius
x heeft de wapenspreuk van zijn pontificaat -alles in Christus
hernieuwen3- tot werkelijkheid gemaakt, door
zijn diepe bezorgdheid om dit kwaad dat op duizend en één manieren op het
gelovige volk afkwam, de pas af te snijden.4 Herhaaldelijk
benadrukte hij de schade die de onwetendheid van het geloof teweegbrengt: . Hij
drong steeds weer aan op de noodzaak de katechismus te onderrichten. Uit deze
bezorgdheid voor de christelijke vorming ontstond de zogenoemde 'Katechismus
van de heilige Pius x', die
de Kerk zoveel goed heeft gedaan. Deze ijver om de leer te onderwijzen aan een
wereld die daarnaar hongerde en er behoefte aan had, komt tot uiting in heel
zijn leerambt. Ook hijzelf wilde, als paus, de traditionele katechesemiddelen
niet in de steek laten. Tot 1911 gaf hij steeds katechismusles in de 'Cortile
van sint Damasus' en in die van de 'Pigna' in het Vaticaan. Iedere zondag
nodigde hij ook de gelovigen van een parochie in Rome uit, vierde met hen de
heilige mis en legde hun het evangelie uit.
Een groot deel van die dwalingen die de heilige Pius x bestreed, lijkt in onze dagen een bewijs
van burgerrecht gekregen te hebben. En in landen die al bijna twintig eeuwen
geleden gekerstend zijn, vormen degenen die niet eens de meest fundamentele
waarheden van het geloof kennen een enorme menigte. Velen zijn weerloos en
laten zich meeslepen door die dwalingen die door slechts enkelen verspreid
worden, waarbij hun eigen hartstochten zijn betrokken.5
De oproep die de heilige Pius x in
zijn tijd deed uitgaan om de goede leer te bewaren en bekend te maken, is nog
altijd volledig actueel. Bijzonder dringend nodig is, dat wij allen,
christenen, met de middelen die binnen ons bereik liggen, de leer van de Kerk
bekend maken: over de zin van het leven, het einddoel van de mens en zijn
eeuwige bestemming, het huwelijk, de edelmoedigheid in het aantal kinderen, het
recht en de plicht van de ouders om de opvoeding te kiezen die hun kinderen
dienen te ontvangen, de sociale leer van de Kerk, de liefde voor de paus en
zijn onderricht, de boosaardigheid van de misdaad die abortus is... Daarvoor
dienen wij alle middelen aan te wenden die binnen ons bereik liggen:
gezinskatechese, de verspreiding van goede boeken, gesprekken die iedere dag
ontstaan over onderwerpen die geloof of moraal raken... Laten we bovendien niet
vergeten, zoals paus Johannes Paulus
ii ons in herinnering heeft gebracht, dat «het geloof versterkt
wordt door het apostolaat!»6
17.2 De heilige Pius x onderscheidde zich door grote
standvastigheid om het hoofd te bieden aan een omgeving die hem vaak vijandig
gezind was, en tegelijkertijd was hij vervuld van een diepe nederigheid en
eenvoud. In de eerste lezing van de heilige mis staan de volgende woorden van
sint Paulus, die deze heilige paus ook geschreven zou kunnen hebben: Wij hebben met de hulp van onze God de moed gevonden om ondanks
heftige tegenstand zijn boodschap bij u openlijk te verkondigen.7 Net zoals sint Paulus bleef Pius x echter kalm en opgewekt te midden
van de moeilijkheden, omdat zijn leven stevig verankerd lag in het gebed. En
evenmin ontbrak het hem aan goed humeur.
Een soldaat van de Zwitserde Garde herinnert zich hoe hij een
keer 's nachts wacht liep op een binnenplaats, waarop het slaapkamerraam van de
paus uitzag. Met de hellebaard op de schouder liep de soldaat heen en weer.
Zijn stappen weerklonken over de tegels. Op een gegeven moment, die nacht, ging
het raam open en verscheen de gestalte van de paus: «Mijn God, wat doe jij
daar?» De soldaat probeerde zo goed als hij kon zijn taak te verklaren. En de
heilige Pius x beval hem
welwillend aan: «Ga maar rusten, dat is beter. Dan kunnen we allebei, jij en
ik, slapen.»8
De heilige Pius
x had de naam, dat hij in zijn leven wonderen verrichtte. Op een
dag kwamen zijn vroegere parochianen hem in het Vaticaan bezoeken. En met de
eenvoud en het vertrouwen dat zij altijd al jegens hem hadden gehad -en ook met
volledig gebrek aan tact- vroegen ze hem: «Don Beppo (zo noemden ze hem, toen
hij pastoor was), is het echt waar dat U wonderen doet?» En in eenvoud en met
goed humeur antwoordde de paus: «Kijk..., hier in het Vaticaan moet je zo'n beetje
van alles doen.»9 Niettemin begaf een
Braziliaanse bisschop, die van de roem van heiligheid van de paus had vernomen,
zich in de eerste maanden van 1914 naar Rome om van de heilige paus de genezing
van zijn moeder, die aan lepra leed, af te smeken. Op zijn aandringen spoorde
de heilige Pius x hem
aan zich aan Onze Lieve Vrouw en nog een of andere heilige aan te bevelen. Maar
de bisschop hield aan en smeekte hem: «Weest U dan tenminste zo goed de woorden
van onze lieve Heer tegen de melaatse te herhalen: Volo,
mundare! (Ik wil, wees rein.)» En de paus herhaalde glimlachend en inschikkelijk:
«Volo, mundare!» Toen de bisschop in zijn vaderland
terugkwam, was zijn moeder van de melaatsheid genezen.10
17.3 De heilige Pius x beminde en diende de Kerk met
de grootste trouw. Vanaf het begin van zijn pausschap begon hij met een reeks
diepgaande hervormingen. Hij wijdde met name bijzondere aandacht aan de
priesters, van wie hij 'alles' verwachtte. Van hun heiligheid, zo zei hij
dikwijls en in allerlei toonaarden, is in hoge mate de heiligheid van het
christenvolk afhankelijk. Bij de vijftigste verjaardag van zijn priesterwijding
wijdde hij aan de priesters een exhortatie11 die
tot thema had: 'Hoe de priesters dienen te zijn, waaraan de Kerk behoefte
heeft'. Hij vroeg vóór alles heilige priesters, geheel toegewijd aan hun werk
voor de zielen.
Vele van de problemen, noden en omstandigheden van die
vijftien jaar van het pausschap van de heilige Pius
x zijn nu nog altijd actueel. Daarom kan vandaag een goede
gelegenheid zijn om na te gaan hoe het gesteld is met onze liefde -gepaard met
werken- voor de Kerk; of ieder van ons, te midden van zijn tijdelijke
bezigheden, «zich diep bewust ervan is, dat hij een kind van de Kerk is, aan
wie een geheel eigen, onvervangbare en onoverdraagbare taak is toevertrouwd,
die hij ten uitvoer dient te brengen voor het welzijn van allen»12: de goede leer onderrichten en daarbij elke
geëigende gelegenheid benutten of die scheppen; hulp bieden aan anderen om de
weg tot verzoening met God te vinden door middel van de sacramentele biecht;
elke dag bidden en uren van goed afgeleverd werk aanbieden voor de heiligheid
van de priesters; edelmoedig het onderhoud van de Kerk en goede werken steunen;
bijdragen aan de verbreiding van het leergezag van paus en bisschoppen, met
name in zaken die betrekking hebben op sociale rechtvaardigheid, publieke
moraal, onderwijs, gezin... «Wat een vreugde, met heel mijn ziel te kunnen
zeggen: ik houd van mijn Moeder, de heilige Kerk!»13
Een liefde die elke dag weer vertaald wordt in concrete werken.
Laten we ook onderzoeken hoe het gesteld is met onze kinderlijke
liefde voor de paus, die voor alle christenen een «schone hartstocht moet zijn,
omdat wij in hem Christus zien.»14 Laten we bij
de Heer overwegen of wij dagelijks bidden voor de persoon van de paus van Rome,
opdat de Heer hem beware, hem in leven houde en hem
gelukkig make op aarde..., of wij ons bij zijn intenties aansluiten, of
wij daarvoor bidden...
Almachtige, eeuwige God -zo bidden
we Hem met een gebed van de heilige mis- om het katholieke
geloof te verdedigen en alles in Christus te hernieuwen hebt Gij aan de heilige
paus Pius x hemelse wijsheid en apostolische moed geschonken. Geef dat wij zijn
richtlijnen en voorbeeld volgen om het eeuwig loon te ontvangen.
-1. Introïtus. Vgl. Sir 45,30. -2. Vgl. R. García de
Haro, Historia teológica del Modernismo,
EUNSA, Pamplona 1972. -3. H. Pius x, Apost.
brief Bene nostis, 14-II-1905. -4. Vgl. Idem, Decr. Lamentabili,
3-VII-1907; Enc. Pascendi, 8-IX-1907. -5. Vgl. Johannes Paulus ii, Apost. exhort. Christifideles laici, 30-XII-1988, 4. -6. Idem, Enc. Redemptoris missio,
7-XII-1990, 2. -7. 1 Tes 2,2-8. -8. Vgl. J.M. Javierre, Pío X, Juan
Flors, 5e ed., Barcelona 1961, bl. 180. -9. Vgl.
L. Ferrari, Pio X.
Dalle mie memorie, Vicenza 1922, bl. 1528. -10. G. Dal-Gal, Pius X. -11. H. Pius x, Enc. Haerent animo,
4VIII-1908. -12. Johannes Paulus ii, Apost.
exhort. Christifideles laici, cit., 28. -13. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 518. -14. Idem, De liefde tot de Kerk.