Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Elfde week door het jaar. Dinsdag

32. Heiligheid in de wereld

-De universele roeping tot heiligheid. -Heilig worden, waar we ons ook bevinden. -Alle omstandigheden zijn goed om ons te helpen in heiligheid te groeien en een vruchtbaar apostolaat uit te oefenen.

32.1 De hele Heilige Schrift is één oproep tot heiligheid, tot de volheid van de liefde, maar Jezus zegt ons wel zeer uitdrukkelijk in het evangelie van de heilige mis van vandaag: Weest dus volmaakt, zoals uw Vader in de hemel volmaakt is.1 En Christus richt deze woorden niet slechts tot de apostelen of tot een kleine groep van zijn volgelingen, maar tot iedereen. Matteüs merkt op, aan het einde van de bergrede, dat het volk buiten zichzelf was van verbazing over zijn leer.2 Jezus vraagt de heiligheid niet aan een kleine, exclusieve groep van leerlingen die Hem overal vergezellen, maar aan allen die tot Hem naderen; de menigten, waaronder zich huismoeders bevonden, arbeiders en handwerkslieden die, terugkomend van hun werk, halt hielden om naar Hem te luisteren; kinderen, tollenaars, bedelaars en zieken... De Heer roept de mensen op om Hem te volgen, zonder onderscheid naar status, ras of rang.

Christus zegt tot ons, tot ieder van ons afzonderlijk, tot onze buren, collega's en vrienden van kantoor of van onze faculteit, en tot hen die op dit ogenblik op straat lopen: Wees volmaakt. Hij verstrekt ons tevens de passende genaden die de volmaaktheid mogelijk maken. En dit is niet zozeer een raadgeving van de Meester, maar een veeleisend gebod. «Allen in de Kerk, of zij nu zelf tot de hiërarchie behoren of onder haar leiding staan, zijn tot heiligheid geroepen, volgens het woord van de apostel: God wil dat gij u heiligt (1 Tes 4,3).»3 «Alle christenen, tot welke stand of staat zij ook behoren, zijn geroepen tot de volheid van het christelijk leven en de volmaaktheid van de liefde.»4 In de leer van Christus treft men nooit een uitnodiging tot middelmatigheid aan, maar een duidelijke oproep tot heldhaftigheid, tot liefde en tot vreugdevolle offerbereidheid.

Liefde ligt binnen het bereik van het kind, van de zieke die voor een lange periode gebonden is aan een ziekenhuisbed, van de zakenman of de arts die nauwelijks een minuut vrij hebben. De heiligheid is een kwestie van liefde en van de inspanning die we leveren om tot de Meester te komen, met de hulp van de genade. Het gaat erom een nieuwe betekenis aan ons leven te geven, met al zijn vreugden en met al zijn pijnen. Heiligheid vereist een strijd tegen conformisme, tegen lauwheid, tegen de mentaliteit van het zich gemakkelijk maken in deze wereld. Het vraagt om heldhaftigheid -niet in uitzonderlijke situaties die we waarschijnlijk niet tegenkomen, maar in voortdurende trouw aan onze plichten van elke dag.

De liturgie van vandaag citeert de heilige Cyprianus, die de christenen van de derde eeuw aldus aanspoorde: «Geliefde broeders, we moeten weten en steeds eraan denken, dat wij ons, omdat we God onze Vader noemen, als zijn kinderen moeten gedragen, zodat Hij behagen in ons zal scheppen... Laten we ons gedragen zoals betaamt aan degenen die tempel van God zijn... Hij heeft gezegd: Weest heilig, omdat Ik heilig ben. Zo bidden en smeken wij Hem, dat wij die geheiligd zijn in de doop, mogen volharden in die eerste heiliging, en laten wij dit elke dag vragen».5 Vandaag smeken we God: Heer, geef ons een sterk verlangen naar heiligheid, dat we voorbeeldig mogen zijn in onze werkzaamheden, en U elke dag meer en meer liefhebben. Help ons uw leer overal te verbreiden...

32.2 De Heer is niet tevreden met een lauw innerlijk leven en een halve overgave. Elke rank die vrucht draagt, zuivert Hij, opdat zij meer vrucht mag dragen.6 Daarom zuivert de Meester de zijnen, door hen beproevingen en tegenslagen te laten ondergaan. «Als de goudsmid het goud herhaaldelijk met een hamer slaat, dan is dit om de onzuiverheden eruit te halen; als dit kostbare metaal wordt geschuurd, steeds weer opnieuw, dan gebeurt dit opdat het nog meer gaat blinken. De warme oven beproeft de potten van de pottenbakker; de mens wordt getest in tegenspoed.»7 Al het lijden -geestelijk en lichamelijk- dat God toelaat dient om de ziel te reinigen, zodat ze meer vrucht mag dragen. Zo moeten we het lijden altijd zien, nl. als een genade van de hemel.

Elke tijd is een goede tijd om binnen te dringen in de diepten van de heiligheid; alle omstandigheden zijn geschikt om God meer te beminnen. Ons innerlijk leven voedt zich -voortdurend geholpen door de heilige Geest- met de stof van de omstandigheden waarin ons leven zich beweegt, zoals de planten. Planten kiezen de grond waarin ze groeien niet uit; de zaaier laat het zaad op de aarde vallen, waar het gedijt door de nuttige elementen in de grond, met behulp van regenwater, te veranderen in de substantie van het wassende graan. En zo rijpt wat gezaaid is, groeit het op en wordt het een sterk gewas.

Met des te meer redenen zullen wij groeien en sterk worden, omdat het God onze Vader is die het terrein uitgekozen heeft en ons de noodzakelijke genaden geeft om vrucht te dragen. Het stukje grond op aarde waar God ons geplant heeft, is de concrete familie waarvan we deel uitmaken, die en geen andere. We groeien op tussen hen die onze eerste, onmiddellijke omgeving vormen, met al hun deugden, gebreken en persoonlijke eigenaardigheden. De rijke aarde waarin we wortelen, is ons werk, waarvan we moeten houden om ons erin te kunnen heiligen; onze collega's, onze studiegenoten, onze buren...

De aarde, waar we vruchten van heiligheid moeten voortbrengen, is ons land, onze regio, onze stad, het heersende sociale of politieke systeem, onze eigen manier van zijn, en geen andere. Daar, in die omgeving, midden in de wereld, is het waar de Heer zegt dat we alle christelijke deugden moeten en kunnen beleven, zonder ze minder veeleisend te maken. God roept mensen tot heiligheid in alle omstandigheden: in oorlog en vrede, bij ziekte en gezondheid, als we denken dat we gezegevierd hebben en als we onverwachte mislukkingen tegenkomen, als we een overvloed aan tijd hebben of als de tijd juist schaars is, zodat we nauwelijks lijken te kunnen uitvoeren wat we minimaal moeten doen. De Heer wil dat we te allen tijde heilig zijn. Zij die niet vertrouwen op de genade en de dingen gewoonlijk vanuit een volledig menselijke oogpunt zien, zeggen voortdurend: dit, nu, is niet het goede moment voor heiligheid... later... misschien...

Laten we niet denken dat wij op een andere plaats, in een andere situatie wel klaar zouden zijn om Christus meer van nabij te volgen en een vruchtbaarder apostolaat uit te oefenen. Laten we deze dromen terzijde schuiven. De vruchten van heiligheid die de Heer verwacht, zijn die welke de omgeving voortbrengt waar we ons bevinden, hier en nu: vermoeidheid, ziekte, gezin, beroep, collega's, medestudenten... «Geef je dus niet over aan vals idealisme, aan dromen en en fantasieën, aan wat ik pleeg te noemen 'ach-was-ik-maar-mystiek: Was ik maar ongetrouwd gebleven, had ik maar een ander beroep gekozen, was ik maar gezonder, was ik nog maar jong, was ik toch maar ouder...! Houd je liever aan de heel materiële en directe realiteit, want daar is de Heer.»8 Dát is de omgeving waarin onze liefde tot God moet groeien en zich ontplooien, door juist deze gelegenheden die we dichtbij vinden te benutten... Laten we deze niet voorbij gaan, want juist daar wacht Jezus op ons.

32.3 Als we het leven op louter menselijke wijze beschouwen, lijkt het dan niet alsof er een aantal momenten of situaties bestaan, die beslist minder gunstig zijn om in heiligheid te groeien of om een vruchtbaar apostolaat te verwezenlijken? Denk maar eens aan vakanties, examens, periodes van zeer grote werkdruk, oververmoeidheid, ontmoediging... of wat te denken van een harde omgeving, netelige beroepsbeslissingen die genomen moeten worden in een heidens geworden atmosfeer, lastercampagnes... ? Niettemin zijn dit gewone momenten in elk normaal leven: bescheiden successen en af en toe moeilijkheden, momenten waarop we ons prima voelen en tijden van nogal slechte gezondheid, vreugde en verdriet en zorgen; jaren van welvaart en misschien ook tijden van economische nood... De Heer verwacht van ons dat we al deze omstandigheden veranderen in gelegenheden tot heiliging en apostolaat.

Op dit soort momenten zullen we meer aandacht en zorg besteden aan het persoonlijke dagelijkse gebed -we kunnen altijd tijd vinden: liefde is vindingrijk in het vinden van tijd als het nodig is- aan onze omgang met Jezus in het heilig sacrament, aan onze omgang met onze lieve Vrouw..., want dit zijn juist de omstandigheden waarin we meer hulp nodig hebben. Deze hulp die we nodig hebben, zullen wij verkrijgen in het gebed en in de sacramenten. Op zulke momenten worden deugden versterkt en rijpt het hele innerlijke leven.

Evenmin moeten we op bijzonder gunstige omstandigheden wachten om voort te gaan met ons apostolaat. Elke dag, elk moment is goed. Als de eerste christenen gewacht hadden op gunstigere gelegenheden, dan zouden zij maar weinigen tot het geloof bekeerd hebben. Deze taak zal altijd moed en een geest van offerbereidheid vereisen.

De boer die het zware werk verricht, moet het eerst van de vruchten genieten9. Inspanning en beoefening van de menselijke deugden zijn noodzakelijk. In het bijzonder het apostolaat vraagt volharding. De apostel Jakobus zegt: Hebt geduld tot de komst van de Heer. De boer die uitziet naar de heerlijke vrucht van zijn land, kan alleen maar geduldig wachten, totdat de winter- en voorjaarsregens gevallen zijn. Ook gij moet geduldig zijn en moedig.10 En met standvastigheid moet de edelmoedigheid gepaard gaan, om met kwistige hand in het rond te zaaien, ook als we zelf de resultaten niet zien.

Laten we de heilige Maagd vragen om een doeltreffend verlangen naar heiligheid in de omstandigheden waarin we ons nu bevinden. Laten we niet wachten op dat betere moment; dat is er niet. Dit is het gunstigste moment, om God te beminnen met heel ons hart, met heel ons wezen...

-1. Mt 5,48. -2. Mt 7,28. -3. Vaticanum ii, Dogm. const. Lumen gentium, 39. -4. Ibidem, 40. -5. Getijdenboek, Dinsdag van de elfde week, tweede lezing. -6. Joh 15,2. -7. H. Petrus Damianus, Brieven, 8,6. -8. Gesprekken met Mgr. Escrivá, 116. -9. 2 Tim 2,6. -10. Jak 5,7-8.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 07 feb 2012