Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Tweede week. Maandag

13. HET GEWETEN: HET LICHT VAN DE ZIEL

-Het geweten werpt licht op elk detail van iemands leven. -Een goed gevormd geweten. Leer en leven. Voorbeeld. -Een licht zijn voor anderen. Verantwoordelijkheid.

13.1 Het is heden! hoort naar zijn stem: verhardt niet uw hart.1 Dit is wat de liturgie ons elke dag van deze periode voorhoudt. En elke dag spreekt God, op heel verschillende manieren, tot het hart van ieder van ons.

«Ons gebed heeft gedurende deze vastentijd tot doel de gewetens wakker te schudden door deze gevoelig te maken voor de stem van God. Verhardt niet uw hart, zegt de psalmist. Eigenlijk is de afstomping van de gewetens, de ongevoeligheid ervan voor goed en kwaad, het afwijken van het geweten een bedreiging voor de mens. Indirect is het een bedreiging voor de maatschappij, want volgens de laatste onderzoekingen is het morele peil van een samenleving afhankelijk van het menselijk geweten.»2 Het geweten is het licht voor de ziel, voor het diepste in het wezen van de mens. Als dit licht wordt uitgedaan, is de mens in de duisternis geworpen en kan hij de laaghartigste misdrijven tegen zichzelf en tegen anderen begaan.

De lamp van uw lichaam is uw oog3, zegt de Heer. Het geweten is de lamp van de ziel en als het goed gevormd is, verlicht het de weg, de weg die naar God leidt en de mens kan door dit licht verder trekken. Hij kan natuurlijk verzwakken en vallen, maar hij kan weer opstaan en altijd verder gaan. Wie echter deze innerlijke gevoeligheid laat 'verslappen' of 'afsterven' met betrekking tot de zaken van God, is zijn bakens kwijt en is verloren. Er is bijna geen groter ongeluk voor de ziel denkbaar in dit leven: Wee hen die het kwade goed noemen en het goede kwaad, die van het duister licht maken en van het licht duisternis4, verkondigt de profeet Jesaja.

Jezus vergelijkt de functie van het geweten met die van het oog. Wanneer uw oog helder is, is heel uw lichaam verlicht. Is het echter slecht, dan is ook uw lichaam duister. Zie dus toe, of het licht in u geen duisternis is.5 Als het oog helder is, worden de dingen gezien zoals ze zijn, zonder misvormingen. Een ziek oog ziet niet, of misvormt de werkelijkheid; het bedriegt de mens aan wie het toebehoort; die kan gaan denken dat gebeurtenissen en mensen in feite zijn zoals het zieke gezichtsvermogen ze ziet. Als iemand zich in het gewone leven vergist omdat hij een paar feiten verkeerd geïnterpreteerd heeft, kan dat leiden tot problemen en moeilijkheden die, bij tijd en wijle, niet van belang zijn. Als het echter over zaken gaat die de eeuwigheid betreffen, zijn de gevolgen ervan grenzeloos.

Het geweten kan misvormd worden doordat we vergeten hebben de middelen te gebruiken om het geloof te kennen, of doordat de wil beheerst is door trots, zinnelijkheid, luiheid... Als de Heer klaagt dat de Joden zijn boodschap niet aannemen, wijst Hij nadrukkelijk op de weloverwogen aard van hun beslissing -zij wilden niet geloven6- en op geen enkele wijze aanvaardt Hij dat de oorzaak ligt in een moeilijkheid buiten hun wil. Het is een gevolg van hun vrij gekozen weigering. Waarom verstaat ge mijn taal niet? Omdat gij niet in staat zijt mijn woord te aanhoren.7 Hartstochten en een gebrek aan oprechtheid tegenover zichzelf kunnen uiteindelijk het verstand dwingen te denken op een wijze die gemakkelijk aangepast is aan iemands manier van leven, of in overeenstemming met gebreken en slechte gewoonten die men niet op wil geven. In zo'n geval is er geen goede wil; het hart is verhard, het geweten begint te verslappen, want het wijst niet meer in de juiste richting, niet meer in de richting van God. Het is net een kapot kompas dat niet alleen de eigenaar ervan desoriënteert, maar ook anderen schade kan berokkenen. «De mens wiens hart verhard is en wiens geweten ontaard is, is -ook al is hij in het volle bezit van zijn kracht en lichame­lijke capaciteiten- geestelijk ziek en alles moet gedaan worden om de gezondheid van zijn ziel te herstellen.»8 

De Veertigdagentijd is een goede tijd om de Heer te vragen ons te helpen ons geweten werkelijk goed te vormen en te helpen bij onszelf na te gaan of we wel volstrekt eerlijk zijn tegenover onszelf, tegenover God, en tegenover hen die in zijn naam de opdracht hebben ons raad te geven.

13.2 Het licht dat in ons is, schijnt niet vanuit onszelf, vanuit onze subjectiviteit, maar door Jezus Christus.Ik ben het licht van de Wereld -heeft Hij ons gezegd- wie Mij volgt dwaalt niet rond in duisternis.9 Zijn licht verheldert ons geweten, maar nog meer, het kan van ons een licht maken dat het leven van anderen verlicht: Gij zijt het licht der wereld.10 De Heer zet ons, christenen, zo in de wereld dat we, met het licht van Christus, anderen de weg kunnen wijzen. We doen dat met woorden, maar vooral met ons gedrag, onze houding tegenover de verplichtingen van het werk, het gezin, de maatschappij. We zullen daarom zeer goed de grenzen moeten leren kennen die niet overschreden kunnen worden als we onze eigen goede naam en de moraal van Christus respecteren. We moeten ons bewust worden van het goede wat we kunnen doen en wat we doen; duidelijk voor ogen hebben dat iemand die eerlijk zijn beroep uitoefent en een goed christen wil zijn, zichzelf niet mag toestaan het goede niet te doen of anderen te verhinderen het goede te doen. Als we een vergissing hebben begaan, zouden we moeten weten hoe noodzakelijk het is het weer goed te maken, excuses aan te bieden en de schade te verhelpen. Een moeder van een gezin die het voeren van de huishouding als haar taak tot heiliging heeft, zou zich in haar gebed moeten afvragen of ze wel voorbeeldig was in het vervullen van haar verplichtingen tegenover God, of ze sober leefde, of ze de baas was over de minste neiging tot humeurigheid, of ze de vereiste tijd besteedde aan haar kinderen en haar huis... De zakenman zou frequent moeten overwegen of hij alle noodzakelijke middelen gebruikt om de sociale leer van de Kerk te kennen, of hij moeite doet die leer bij zijn zaken toe te passen, of hij rechtvaardige lonen betaalt...

Het christenleven wordt verrijkt als de leer van Christus die Hij ons via de Kerk doet toekomen, in de gewone dagelijkse praktijk wordt toegepast. De leer oefent dan al haar inherente kracht uit. Leer en leven zijn realiteiten voor een welgevormd geweten. Als door een meer of minder schuldige nalatigheid de leer niet gekend wordt, of als deze wel gekend maar niet toegepast wordt, wordt het christelijk leven onmogelijk, dan kan er geen sprake zijn van een werkelijke vooruitgang op de weg naar heiligheid.

Wij moeten allemaal ons geweten vormen tot een echt en fijngevoelig geweten, dat in alles, de hele dag, luistert naar de stem van God. Leer (voor zover het de kennis van de moraal en de sociale leer betreft) en leven (het pogen de christelijke deugden te beoefenen) zijn twee wezenlijke vereisten om ons geweten in de goede richting te ontwikkelen.

Een enkele keer, als we geconfronteerd worden met de 'grijze' gebieden van wat in ons vak of beroep niet gewoon is, moeten we de situatie beschouwen in aanwezigheid van God: als het nodig is, zullen we het advies moeten vragen van mensen die de zaak voor ons geweten kunnen verhelderen. Daarna moeten de beslissingen waar we zelf verantwoordelijk voor zijn, worden uitgevoerd.

We leren eerlijk te zijn tegenover onszelf in het algemene en bijzondere gewetensonderzoek, door onze vergissingen, zwakheden en fouten te noemen, zonder ze te verdoezelen met valse rechtvaardigingen en zonder ze te negeren als niet ter zake doend. Een geweten dat zijn fouten niet als zodanig herkent, levert de mens uit aan de genade van zijn eigen willekeur.

13.3 Elke reiziger die ernst maakt met het bereiken van zijn bestemming, zal de weg goed moeten weten. Hij is dankbaar voor duidelijke richtingaanwijzers, ook als deze wel eens een smal pad over tamelijk moeilijk terrein aangeven. Hij zal zich wel wachten wegen te nemen die er wel makkelijk begaanbaar en minder steil uitzien, maar nergens naar toe gaan -of naar een afgrond. We zouden een groot verlangen moeten hebben ons geweten goed te vormen, want het is het licht dat ons in staat stelt goed van kwaad te onderscheiden. Het stelt ons in staat vergeving te vragen en de weg terug te vinden naar het juiste pad als we het zicht daarop verloren hadden. De Kerk geeft ons hulpmiddelen, maar zij bespaart ons niets van de moeite die het kost deze hulpmiddelen op verantwoorde wijze te gebruiken.

Wij kunnen in ons gebed vandaag onszelf afvragen: Besteed ik voldoende tijd aan mijn godsdienstige vorming, of heb ik er vrede mee, dat ik de dag laat dichtslibben met de andere dingen die hem vullen? Heb ik een programma om te lezen, besproken met mijn geestelijke leidsman, mijn biechtvader, dat mij zal helpen voortgang te boeken in leerstellige vorming in overeenstemming met mijn leeftijd en achtergrond? Ben ik trouw aan het leergezag van de Kerk, omdat ik weet dat ik daar eerder het licht van de waarheid vind dan in tegenovergestelde opvattingen die ik vaak tegenkom in geloofszaken, sociale leer...? Probeer ik het onderricht van de paus te volgen en draag ik het verder uit? Respecteer ik hem getrouw en volgzaam? Corrigeer ik regelmatig mijn bedoelingen, daarbij al mijn handelen aan God offerend en daarbij rekening houdend met onze neiging applaus, erkenning en lof te zoeken voor wat we doen? Ben ik mij voortdurend bewust dat dit vaak het begin is van de misvorming van het geweten?

We hebben licht en helder zicht nodig, voor onszelf en voor de mensen om ons heen. Daar ligt onze grote verantwoordelijkheid. De christen is door God neergezet als een lamp om, voor anderen, de weg naar God te beschijnen. We zouden ons moeten vormen «met het oog op de grote toevloed van mensen die ons te wachten staat en die ons de duidelijke en dringende vraag zal stellen: 'Goed, wat moet ik doen?'»11 Kinderen, bekenden, collega's, vrienden -zij kijken allemaal naar ons gedrag en het is onze verantwoordelijkheid hen naar God te leiden. En niet op de manier van de blinde die de blinde leidt12, het is niet genoeg tweedehands kennis, puur van horen zeggen, te hebben.

Een vage, oppervlakkige kennis van de weg is niet voldoende om onze vrienden en verwanten naar God te leiden: we moeten de weg zelf al gegaan zijn... Het is essentieel, dat we intiemer omgaan met de Heer, te vechten tegen onze eigen specifieke tekortkomingen... Kortom, het betekent zelf vooruitgaan in innerlijk leven en voorbeeld. «Wie gezonden is om grote dingen te verkondigen -zegt de heilige Gregorius de Grote- is ook gehouden die zelf te onderhouden.»13 Alleen als we zelf iets in praktijk brengen, zullen we succes hebben als we erover praten.

Toen Christus zijn leerlingen wilde onderrichten hoe een geest van dienstvaardigheid te verkrijgen, omgordde Hij zich met een linnen doek en waste hun de voeten.14 Dit moeten we doen: om Christus bekend te maken moeten we voorbeeldig zijn in het nakomen van onze dagelijkse verplichtingen en daarbij de leer van de Heer in praktijk brengen.

-1. Getijdenboek, Ps 95(94),7-8. -2. Johannes Paulus ii, Angelus, 15 maart 1981. -3. Lc 11,34. -4. Jes 5,20-21. -5. Lc 11,34-35. -6. Vgl. Lc 13,34 en Joh 10,38. -7. Joh 8,43. -8. Johannes Paulus ii, Angelus, 15 maart 1981. -9. Joh 8,12. -10. Mt 5,14. -11. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 221. -12. Vgl. Mt 15,14. -13. H. Gregorius de Grote, Regula Pastoralis, 2,3. -14. Vgl. Joh 13,15.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012