De Boog tekst
home best verkocht alle titels aanbiedingen cadeau bestellijst help contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God
Meditaties Uit de serie Spreken met God

24 december

29. IN AFWACHTING VAN JEZUS

-Maria. Ingetogenheid. Geest van gebed. -Ons gebed. Met Jezus leren omgaan. Noodzaak van het gebed. -Nederigheid. Schietgebeden. De heilige Jozef, meester van het innerlijk leven.

29.1 Dank zij de milde erbarming van onze God keek Hij op ons neer als de opgaande zon aan de hemel, en verscheen Hij aan hen die in het duister en de schaduw van de dood zijn neergezeten, om onze voeten te richten op de weg van de vrede.1 Jezus is de zon die ons bestaan verlicht. Alles wat voor ons van belang is, moet als wij willen dat het zin heeft, op Hem betrokken zijn.

Op een bijzondere en buitengewone wijze staat Jezus centraal in het leven van de maagd Maria. Dat geldt met name voor de vooravond van de geboorte van haar Zoon. Wij kunnen ons nauwelijks een voorstelling maken van de ingetogenheid van haar ziel. Zo was zij altijd. Wij moeten leren ook zo te zijn, wij die zo verstrooid en afgeleid zijn door zaken die niet van belang zijn. Slechts één zaak is werkelijk van belang in ons leven: Jezus; voor de rest alleen datgene, wat op Hem betrokken is.

Maria bewaarde dit alles in haar hart en overwoog het bij zichzelf 2; zijn moeder bewaarde alles wat er gebeurd was in haar hart.3 Twee maal verwijst de evangelist naar deze houding van de maagd Maria tegenover wat haar overko­men was. Maria bewaart en overweegt het. Zij kent die innerlijke ingetogenheid waarin het mogelijk is de voorval­len in haar leven, of deze nu groot of klein zijn, op waarde te schatten en te behouden. In haar intimiteit, die verrijkt is doordat zij vol van genade is, heerst die oorspronkelijke harmonie waarin de mens geschapen werd. Er is geen betere plaats om dit uitzonderlijk optreden van God in de wereld, waarvan zij getuige is, te bewaren en te overwegen.

Na de erfzonde heeft de ziel de macht over de zinnen en het van nature gericht zijn op de zaken van God verloren. Dat was niet zo bij Maria, bij ons wel. Zij is voor de erfsmet bewaard gebleven, daardoor is alles in haar harmonie, zoals in het begin. Meer nog, haar schoonheid was verrijkt door de wel heel bijzondere en uitzonderlijke aanwezigheid van de Allerheiligste Drieëenheid in haar ziel.

Maria is altijd in gebed, omdat alles wat zij doet op haar Zoon betrokken is: als zij met Jezus praat, bidt zij. Dat is bidden, 'spreken met God'. Zij bidt elke keer als zij naar Hem kijkt, ook dat is bidden, met geloof kijken naar Jezus, werkelijk aanwezig in het tabernakel. Zij bidt als zij aan Hem denkt. Haar leven was bepaald door Jezus, haar zinnen waren steeds op Hem gericht. Haar inwendige ingetogenheid was constant. Haar gebed versmolt met haar leven zelf, met het werk, met de aandacht voor de anderen. Haar innerlijke stilte was rijkdom, volheid en beschouwing. Laten we haar vandaag vragen ons die inner­lijke ingetogenheid te geven die vereist is om God ook in ons leven van meer nabij te zien en met Hem om te gaan.

29.2 Heden nog zult gij weten dat de Heer ons komt redden, en morgen zult gij zijn heerlijkheid zien.4 

De heilige Maagd moedigt ons op deze vooravond van de Geboorte van haar Zoon aan ons gebed, onze omgang met de Heer, nooit te verwaarlozen. Zonder gebed zijn wij verloren. Met gebed zijn wij sterk en zullen wij onze taken ten uitvoer weten te brengen.

Naast veel andere redenen «moeten wij ook bidden om­dat wij zwak en schuldig zijn. Het is nodig nederig en echt te erkennen dat wij arme schepselen zijn, met verwarde [...], kwetsbare en zwakke ideeën, met een blijvende be­hoefte aan inwendige kracht en vertroosting. Het gebed verschaft krachten voor grote idealen, voor het behouden van geloof, liefde, zuiverheid, edelmoedigheid. Het gebed verschaft de energie te ontsnappen aan onverschilligheid en schuld, als wij ongelukkigerwijs aan verleiding en zwakte hebben toegegeven. Het gebed verschaft het licht om de gebeurtenissen van ons leven en van de geschiede­nis vanuit het perspectief van God en de eeuwigheid te zien en te beoordelen. Daarom moeten jullie nooit ophouden met bidden. Laat er geen dag voorbijgaan zonder dat jullie een beetje gebeden hebben. Het gebed is een plicht, maar het is ook een vreugde omdat het een tweespraak met God is via Jezus Christus.»5 

Wij zouden moeten leren elke keer meer met de Heer om te gaan middels het innerlijk gebed: die ogenblikken die we, zoals nu, gebruiken om in stilte met Hem te spreken over onze zorgen, om Hem dank te zeggen, om Hem hulp te vragen, om bij Hem te zijn... En door het mondgebed, misschien ook de gebeden die we geleerd hebben toen we nog klein waren. Wij zullen in ons leven nooit iemand tegenkomen die met zoveel belangstelling en aandacht luistert als Jezus. Niemand heeft onze woorden ooit zo ernstig genomen als Hij. Hij kijkt naar ons, Hij heeft aandacht voor ons, Hij luistert met uiterste belangstelling naar ons als wij in gebed zijn.

Het gebed is altijd verrijkend. Ook in die dialoog zonder woorden voor het tabernakel: het is genoeg te kijken en te weten gezien te worden. Wat een verschil met het veel ge­hoorde gepraat van mensen die niets zeggen omdat ze niets mee te delen hebben. 'Waar het hart van vol is, loopt de mond van over.' Als het hart leeg is, wat kunnen woorden dan nog betekenen? En als het uit naijver of zingenot gesloten is, wat kan een dialoog dan nog inhouden? Wij komen trouwens altijd met meer licht, meer blijdschap, meer kracht uit het gebed te voorschijn. Kunnen bidden, spreken met en gehoord worden door zijn Schepper, is een van de grootste gaven van de mens. Spreek met Hem en noem Hem: Vriend.

In het gebed moeten we in alle eenvoud spreken met de Heer. «Overdenken en begrijpen wat wij zeggen en met Wie wij spreken, en wie wij wel zijn dat wij het lef hebben met een zo grote Heer te spreken; dat en vergelijkbare zaken: over hoe weinig wij Hem gediend hebben, hoeveel wij Hem verschuldigd waren, dat is inwendig gebed. Denk niet dat het voor u Arabisch is, en laat de naam u geen schrik aanjagen.»6 

Sommigen kunnen denken dat bidden een buitengewoon lastig karwei is, of dat het alleen voor bepaalde men­sen is. In het heilig evangelie kunnen we een grote verscheidenheid aan mensentypen zien die zich met vertrou­wen tot de Heer wenden: Nicodemus, Bartimeüs, kinderen over wie de Heer zich met name verheugt, een moeder, een vader die een ziek kind heeft, een misdadiger, de Wijzen uit het Oosten, Anna, Simeon, de vrienden uit Betanië... Zij allen, en wij nu, spreken met God.

29.3 Vasthoudendheid en de juiste gesteldheden, onder andere geloof en nederigheid, zijn voor het gebed van belang. Wij moeten niet gaan bidden zoals die farizeeër uit de parabel die gericht was tot sommigen die, overtuigd van eigen gerechtigheid, de anderen minachtten.7 De farizeeër stond met opgeheven hoofd en bad bij zichzelf als volgt: God, ik dank U dat ik niet zo ben als de rest van de mensen, rovers [...]. Ik vast twee maal per week... Laten we er in het vervolg rekening mee houden dat die farizeeër naar de tempel gegaan was zonder liefde. Hij is zelf het middelpunt van zijn gedachten en het voorwerp van zijn eigen achting. En, als gevolg daarvan, verheerlijkt hij in plaats van God zichzelf. Hij is in zijn gebed geen minnaar, er steekt geen liefde in. Er is in hem geen nederigheid. Hij heeft God niet nodig.

Daarentegen kunnen we veel leren van het gebed van de tollenaar, nederig, aandachtig -met de geest gericht op de persoon met wie we spreken- vol vertrouwen. Van hem kunnen we leren ervoor te zorgen dat het geen monoloog wordt waarin we onszelf complimenten maken, dat we geen situaties overdenken zonder die op God te betrekken, dat we onze verbeelding niet de vrije loop laten enz.

De farizeeër verliet uit gebrek aan nederigheid de tempel zonder gebeden te hebben. Zelfs daarin kwam zijn verborgen hoogmoed naar boven.

De Heer vraagt van ons eenvoud, dat we onze tekortkomingen bekennen. We spreken met Hem over onze zaken en over die van Hem. «Je hebt me geschreven: -Bidden is spreken met God. Maar waarover? -Waarover? Over Hem, over jezelf: je vreugden, je verdriet, je successen en mislukkingen, je edele ambities, je dagelijkse zorgen..., je zwakheden! Je dankbaarheid en je wensen, je Liefde en je eerherstel. Kortom: Hem kennen en jezelf kennen: met Hem omgaan!»8 

«Et in meditatione mea exardescit ignis. En in mijn meditatie wordt er een vuur ontstoken. -Daarom ga je bidden: om een levend vuur te worden, dat warmte en licht geeft. Daarom, wanneer je niet weet hoe je door moet gaan, wanneer je voelt dat je vuur aan het uitgaan is en je er geen geurige houtblokken op kunt werpen, gooi er dàn de takken en bladeren op van korte mondgebeden en schietgebedjes om het vuur aan te houden. -En je zult je tijd goed besteed hebben.»9 

Vooral in het begin, en ook later nog wel, zal het ons helpen als we een boek gebruiken, zoals een kreupele krukken gebruikt, om vooruit te komen in ons gebed. Ook veel heiligen hebben dat gedaan. «Behalve wanneer ik net gecommuniceerd had, durfde ik nooit mijn gebed zonder boek te beginnen. Mijn ziel was zo bang zonder boek te bidden, alsof zij met een heleboel mensen zou moeten strijden. Met dit geneesmiddel dat als een gezel was of als een schild dat de slagen van al die gedachten op moest vangen, ging ik getroost voort.»10 

Als regel moet ons gebed uitmonden in concrete voornemens tot betering. Laten we dan de Heer oprecht vragen: wat wilt Gij van mij ten opzichte van wat ik zojuist overwogen heb? Hoe kan ik mij nu in deze deugd beteren? Wat moet ik mij voor de komende maanden voornemen om uw Wil te volbrengen?

Geen mens op deze wereld wist zo met Jezus om te gaan als zijn Moeder en, na zijn Moeder, de heilige Jozef die vele uren al pratend met Hem, in alle eenvoud en ver­ering met Hem verkerend, doorgebracht moeten hebben. Wie daarom «geen leraar kan vinden om hem in het gebed te onderrichten, neemt deze geweldige heilige als leraar en hij zal zich niet in de weg vergissen.»11 Beschouwen wij bij het beëindigen van ons gebed Jozef vlak naast Maria vol aandacht, haar fijngevoelig helpend waar hij kon. Jezus gaat geboren worden. Hij heeft de grot zo goed mogelijk ingericht en aan kant gebracht. Vragen we hem ons te helpen onze ziel voor te bereiden niet verstrooid en afgeleid te zijn, wanneer we zo dicht bij Jezus zijn.

-1. Evangelie uit de Mis van vandaag, Lc 1,67-79. -2. Lc 2,19. -3. Lc 2,51. -4. Invitatorium van de lezingendienst van 24 december. -5. Johannes Paulus ii, Ontmoeting met jongeren, 14 maart 1979. -6. H. Theresia van Avila, De weg der volmaaktheid, 25,3. -7. Lc 18,9 e.v. -8. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 91. -9. Ibidem, 92. -10. H. Theresia van Avila, Het boek van mijn leven, 4,9. -11. Ibidem, 6,8.



Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
Spreken met God Deel 5
van € 17,95 voor € 15,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Priester zijn
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 50 vragen over Jezus
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps:   xml   html      ©De Boog 2009