Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

17 december

22. KERSTMIS NAAST SINT JOZEF

-De taak van Jozef. -De omgang van Jozef met Jezus. -Onze toe­vlucht nemen tot Jozef, opdat hij ons leert naast Maria en Jezus te leven.

22.1 Jakob nu was de vader van Jozef, de man van Maria, en uit haar werd geboren Jezus die Christus genoemd wordt.1 

Het evangelie uit de Mis van vandaag geeft ons de geslachtslijst van Jezus van de kant van Jozef. Onder de Joden speelde de stamboom, net als bij andere volken die van oorsprong nomaden waren, een uiterst belangrijke rol. Iemand werd geassocieerd met de clan of de stam waartoe hij behoorde en werd als zodanig gekend, eerder dan met de plaats waar hij woonde.2 Bij het Hebreeuwse volk kwam daar de omstandigheid bij, dat men door de banden van het bloed tot het uitverkoren volk behoorde. Bij de Hebreeën verliep de afstamming langs de mannelijke lijn. Jozef, als echtgenoot van Maria, was de wettelijke vader van Jezus en op hem rustten de taken van een echte vader. Jozef was, net als Maria, uit het huis en geslacht van David3, waaruit de Messias geboren zou worden, volgens de beloften van God: Ik zal de nazaat die gij verwekt hoog verheffen en zijn koninklijke macht in stand houden. Hij zal een huis bouwen ter ere van mijn naam en Ik zal zijn koninklijke troon voor altijd in stand houden.4 Zo werd Jezus die via Maria afstammeling was van David, door middel van Jozef gerekend tot het koninklijk geslacht, want «Hij die ter wereld kwam moest volgens de gebruiken der wereld geregistreerd worden.»5 Jozef was ook volgens het godde­lijk bevel belast met de naamgeving van het Mensgeworden Woord: Gij zult Hem de naam Jezus geven.6 

God had beschikt dat zijn Zoon geboren zou worden uit de heilige Maagd, in een gezin als zoveel andere, en dat Hij als mens daar zou opgroeien. Het leven van Jezus moest gelijk zijn aan dat van andere mensen: Hij zou weerloos geboren worden en behoefte hebben aan een vader die Hem zou beschermen en onderrichten in wat alle vaders aan hun kinderen leren.

In het vervullen van zijn zending als beschermer van Maria en vader van Jezus zouden de volle essentie en opperste betekenis van het leven van Jozef liggen. Hij was ter wereld gekomen om de vader van Jezus en de zeer kuise echtgenoot van Maria te worden, zoals elke mens ter we­reld komt met een bijzondere opdracht van God waarin de hele betekenis van zijn leven geworteld is. Toen de engel hem het mysterie van de maagdelijke ontvangenis van Jezus geopenbaard had, aanvaardde hij zijn zending ten volle en hij zou deze trouw blijven tot aan zijn dood. Zijn missie in het leven bestond in het hoofd zijn van de heilige Familie. Alle roem en geluk van Jozef bestonden erin dat hij had weten te begrijpen wat God van hem verlangde en dat trouw aangepakt te hebben tot aan het einde. In ons gebed beschouwen we hem vandaag naast Maria, die zwanger is en binnenkort haar Eniggeboren Zoon het licht zal doen zien. En laten we het voornemen maken Kerstmis te beleven dicht bij Jozef: een zo onopvallende en tegelijk bevoorrechte plaats: «Wat is Jozef goed! -Hij behandelt mij als een vader. -Hij vergeeft het mij zelfs, dat ik het Kind uren achtereen in mijn armen neem en zoete, liefdevolle woorden tegen Hem zeg...»7

22.2 «De heilige Jozef -lezen we in een preek van de heilige Augustinus- verdient niet alleen de naam van vader, maar hij verdient deze meer dan enig ander.»8 En daar voegt de heilige kerkleraar aan toe: «Hoe was hij als vader? Zijn vaderschap ging even diep als zijn vaderschap kuis was. Sommigen dachten dat hij de vader van Jezus Christus was op dezelfde wijze als anderen vader zijn, dat hij Hem naar het vlees verwekt had... Daarom zegt de heilige Lucas: zij dachten dat Hij de vader van Jezus was. Waarom dachten ze dat allen? Omdat het menselijk denken en oordelen zich richt naar wat gewoonlijk onder mensen voorvalt. En de Heer was niet geboren uit het zaad van Jozef; maar door de toewijding en liefde van de heilige Jozef werd hem uit de maagd Maria een kind geboren, die Zoon van God was.»9 

De liefde van sint Jozef tot de heilige Maagd was zeer groot. «Zijn liefde voor Maria moet heel groot geweest zijn. Hij moet veel en met grote edelmoedigheid van haar gehouden hebben, als hij op de hoogte was van haar wens haar toewijding aan God te handhaven en er toch in toestemde zich met haar te verloven. Zo gaf hij de voorkeur aan afzien van nakomelingschap boven gescheiden leven van degene die hij zozeer liefhad.»10 Het was een zuivere, fijngevoelige, diepe, respectvolle liefde, zonder smet van egoïsme. God zelf had hun huwelijksband definitief bezegeld met een nieuwe band die nog sterker was. Dat was hun gezamenlijke bestemming op aarde: zorgen voor de Messias. Maria en Jozef hadden al trouwbeloften uitgewisseld, daarom kon de engel zeggen: Jozef, wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen.

Hoe zou Jozef met Jezus zijn omgegaan? «Jozef hield van Jezus zoals een vader van zijn kind houdt. In zijn omgang met Hem gaf hij steeds het beste wat hij had. Jozef zorgde voor dat Kind, zoals hem was opgedragen, en maakte van Jezus een timmerman: Hij droeg Hem zijn beroep over. Vandaar dat de buren in Nazareth, als zij over Jezus spraken, Hem zonder onderscheid faber en fabri filius, timmerman en zoon van de timmerman, noemden (Mc 6,3; Mt 13,55). Jezus werkte in de werkplaats van Jozef zij aan zij met hem. Hoe was Jozef, hoe werkte in hem de genade, om in staat te zijn zijn taak goed ten einde te brengen: het in het menselijke vooruithelpen van de Zoon van God?

»Jezus moet immers op Jozef geleken hebben, in zijn manier van werken, in karaktertrekken, in wijze van spreken. In de werkelijkheidszin van Jezus, in zijn opmerkingsgave, in de wijze waarop Hij aan tafel gaat zitten en het brood breekt, in zijn voorkeur om de leer op concrete manier te benadrukken en daarbij voorbeelden uit het gewone leven hanteert, wordt weerspiegeld hoe de kindertijd en jeugd van Jezus geweest zijn, en dus ook zijn omgang met Jozef.»11 

Aan de hand van Jozef kunnen we binnentreden in de kerstgebeurtenissen die nu op handen zijn. Hij vraagt ons alleen Maria en zijn Zoon met eenvoud en nederigheid te beschouwen. Hoogmoedigen hebben geen toegang tot die kleine grot in Bethlehem.

22.3 «Vermoeidheid -zei Johannes Paulus ii in de Nacht­mis- vult de harten van de mensen die zijn gaan slapen, dezelfde als die de herders uit de omgeving, in de dalen rond Bethlehem, had doen inslapen. Wat in de stal, in de rotsgrot gebeurt, heeft een dimensie van diepe intimiteit: het is iets dat zich afspeelt tussen Maria en haar Zoon die geboren gaat worden. Verder deelt niemand in deze intimiteit. Ook Jozef, de timmerman uit Nazareth, niet; hij is alleen de stille getuige. Zij alleen is zich volledig bewust van haar moederschap. Zij alleen zag het vertrokken gezichtje bij het eerste gehuil van de Pasgeborene. De geboorte van Christus is vooral haar geheim, haar grote dag. Het is haar Moederdag.»12 

Zij alleen is werkelijk doorgedrongen in het Mysterie van Kerstmis, de Geboorte van haar Zoon, de Verlossing. Tussen Maria en Jezus bestaat een volstrekt unieke en uitzonderlijke band die met niemand gedeeld wordt. Zelfs Jozef heeft er geen deel aan, hij is -in de woorden van de paus- alleen een 'stille getuige'. Jozef beschouwde met bewonderende, warme, eerbiedige blik het Kind en de Moeder. Na Maria was hij de eerste die de Mensgeworden Zoon van God mocht aanschouwen. Niemand buiten hen heeft ooit het geluk ervaren de Messias, die zich in niets onderscheidde van welk ander kind dan ook, in zijn armen te hebben.

Niettemin legde het mysterie Jozef ook enige beperkingen op die hij geen enkel ogenblik veronachtzaamde. Met Maria was het anders, «omdat het mysterie vooral Moeder en Zoon betrof. Jozef nam er naderhand aan deel, toen de intense, mysterieuze relatie tussen Jezus en Maria al bestond. Jozef nam aan het mysterie deel via de kennis die hij door de openbaring van de engel kreeg over de taak die hij had ten opzichte van die twee buitengewone wezens.»13 Later, als de herders komen, is Jozef daar. Hij heeft hun misschien gevraagd of zij binnen wilden komen, zonder bang te zijn, en het Kind te kussen. «Hij zag hen, half verlegen, half nieuwsgierig, bij de ingang van de grot verschijnen en het Kind in doeken gewikkeld en liggend in een kribbe (Lc 2,12) aanschouwen. Hij hoorde hen aan de maagd Maria uitleggen, dat hun een engel verschenen was, die hun de geboorte van de Heiland in Bethlehem had aangekondigd, en dat zij Hem aan een teken hadden herkend; hoe een menigte engelen zich bij de eerste engel gevoegd had en hoe die God verheerlijkt hadden en vrede op aarde beloofden aan de mensen in wie Hij welbehagen heeft... Hij aanschouwde ook het stralend geluk van haar die zijn echtgenote was, de wonderbaarlijke vrouw, die aan hem was toevertrouwd. Hij zag hoe zij naar haar Zoon keek, en genoot daarvan. Hij zag haar geluk, haar buitengewone liefde, al haar gebaren, zo fijnzinnig en betekenisvol.»14 

Als we in deze paar dagen, die ons nog resten voor Kerstmis, met Jozef omgaan, zal hij ons helpen dit onuitsprekelijke mysterie te beschouwen waarvan hij de stille getuige was: Maria die in haar armen de Zoon van God houdt die mens geworden is. Jozef begreep direct dat de reden van zijn bestaan in dit Kind lag, juist inzoverre het kind was, in zoverre het een wezen was dat hulp en bescherming nodig had. En verder in Maria, die Hij op last van God zelf als echtgenote in zijn huis had opgenomen en bescherming geboden. Wat zal Jezus dankbaar geweest zijn voor alle bezorgdheid en attenties waarmee Jozef Maria omringde. Men kan makkelijk begrijpen, dat hij na de allerheiligste Maagd het meest vol van genade was. De Kerk heeft hem altijd de grootste lof gebracht en zich in de moeilijkste tijden op hem verlaten. Sancte Ioseph, ora pro eis, ora pro me, heilige Jozef bid voor hen, bid voor mij, voor hen die wij zo liefhebben, voor mij die uw hulp zo nodig heeft. En om welke nood het ook gaat, de heilige Aartsvader zal, samen met Maria, onze smeekbeden aanhoren. Vragen wij hem vandaag dat hij van ons eenvoudigen van hart maakt om met het Jezuskind om te kunnen gaan.

-1. Mt 1,16. -2. Vgl. The Navarre Bible, aantekeningen bij Matteüs 1,1 en 1,16. -3. Lc 2,4. -4. 2 Sam 7,12-13. -5. H. Ambrosius, Commentaar op het evangelie van St. Lucas, 1,3. -6. Mt 1,21. -7. H. Jozefmaria Escrivá, De Heilige Rozenkrans, derde blijde geheim. -8. H. Augustinus, Sermo 51, 26. -9. Ibidem, 27-30. -10. F. Suárez, Jozef van Nazareth, Oegstgeest 1989, bl. 56. -11. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 55. -12. Johannes Paulus ii, Preek tijdens de Nachtmis van 1978. -13. F. Suárez, Jozef van Nazareth, Oegstgeest 1989, bl. 66. -14. Ibidem, bl. 67-68.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 05 feb 2012