De Boog
... voor eenheid in geloof en leven

ZOEK   EEN BOEK  
 
e-mailadres: 
Klant:   
Registreer Klantnummer vergeten?
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escriva
Spreken met God
Over Jozefmaria Escriva
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie Atrium
Theologie andere boeken
DVD
Navarre bible NT
Navarre bible OT
Gezin
Medische Ethiek

Francisco en Jacinta van Fatima
Over 2 Portugese kinderen aan wie Onze Lieve Vrouw in 1917 in Fatima verscheen. Meer ...

Home >  Kruisverheffing

14 september. Feest

24. KRUISVERHEFFING

De verering van het heilig kruis, waaraan Christus zijn leven voor ons heeft gegeven, gaat terug tot het allereerste begin van het christendom. In de liturgie vinden we er reeds in de vierde eeuw getuigenissen van. De Kerk gedenkt vandaag, dat het kruis van de Heer werd teruggevonden door toedoen van keizer Heraclius bij diens overwinning op de Perzen. In de teksten van de heilige mis en van het getijdengebed bezingt de Kerk geestdriftig het heilig kruis, want dat was het werktuig van onze verlossing; zoals de boom, in de schaduw waarvan onze eerste ouders aan ongehoorzaamheid zondigden, oorzaak van verderf is geweest, zo is de boom van het kruis het begin van onze redding voor eeuwig.

-Oorsprong van het feest. -De Heer zegent met het kruis degenen die Hij het meest liefheeft. -De vruchten van het kruis.

24.1 Door het lijden van de Heer is het kruis geen schavot van smaad en schande, maar een troon van glorie. Stralend van licht verheft zich het heilbrengend kruis, waardoor de wereld werd gered. Het kruis overwint, het kruis regeert, het kruis bant alle kwaad. Alleluia.1

Het feest dat wij vandaag vieren vindt zijn oorsprong in het Jeruzalem van de eerste eeuwen van het christendom. Volgens een oud getuigenis2 begon men dit feest te vieren op de verjaardag van de dag, waarop het kruis van de Heer werd gevonden. De viering verspreidde zich zeer snel over het Oosten en korte tijd later over heel de christenheid. In Rome werd met grote plechtigheid de processie gevierd, die vóór de heilige mis ter verering van het kruis3 van de Santa Maria Maggiore naar de Sint-Jan van Lateranen trok.

In het begin van de zevende eeuw plunderden de Perzen Jeruzalem: zij verwoestten vele basilieken en maakten zich meester van de gewijde relikwieën van het heilig kruis, die enkele jaren later zouden worden terugveroverd door keizer Heraclius. Een godvruchtige traditie verhaalt dat de keizer, bekleed met de eretekenen van zijn keizerlijke waardigheid, de heilige kruisbalk persoonlijk naar zijn oorspronkelijke plaats op Calvarië wilde dragen, maar dat de last daarvan steeds ondraaglijker werd. Zacharias, de bisschop van Jeruzalem, deed hem inzien dat hij om het heilig kruis op zijn rug te kunnen dragen, zijn keizerlijke waardigheidstekenen moest afleggen en de armoede en nederigheid van Christus moest navolgen; Hij had immers het kruis op zich genomen, ontdaan van alles. Heraclius trok daarop eenvoudige pelgrimskleren aan en barrevoets kon hij het heilig kruis tot op de top van Golgota dragen.4

Mogelijkerwijs hebben wij van kindsbeen af geleerd het kruisteken te maken als uiterlijk teken van onze geloofsbelijdenis. In de liturgie maakt de Kerk gebruik van het kruisteken op het altaar, in de eredienst, in gewijde gebouwen. Het is de boom van de allerkostbaarste vruchten, een machtig wapen dat alle kwaad verdrijft en de vijanden van ons heil schrik aanjaagt. Het kruis -zo leert een kerkvader- «is het schild en de trofee tegen de duivel. Het is een zegel, opdat de engel des bederfs ons niet bereikt, zoals de Schrift zegt (vgl. Ex 9,12). Het is het werktuig om hen die terneerliggen op te tillen, de steun voor hen die zich staande houden, de stok voor de zwakken, de gids voor hen die verdwalen, het doel van hen die voortgaan, het heil van ziel en lichaam, dat alle kwaad verjaagt, dat alle goeds ontvangt, de dood van de zonde, de plant van de verrijzenis, de boom van het eeuwige leven.»5 De Heer heeft het kruis gesteld tot teken van ons heil; dat kruis waaraan Hij eens de dood gestorven is, werd onze levensboom. Daar op het kruis werden de machten van het kwaad gebonden, werd onze dood gedood.6

Het kruis dient zich in ons leven op heel onderscheiden wijzen aan: ziekte, armoede, vermoeidheid, smart, verachting, eenzaamheid... Vandaag mogen wij in ons hart nagaan hoe onze gebruikelijke houding is tegenover dat kruis dat zich soms moeilijk en hard toont, maar dat, als we het met liefde dragen, een bron van loutering en leven en ook van vreugde wordt. Beklagen wij ons dikwijls over tegenspoed? Danken wij de Heer ook voor mislukking, pijn en tegenslag? Brengen deze werkelijkheden ons dichter tot God of verwijderen ze ons van Hem?

24.2 De eerste lezing van de heilige mis7 vertelt ons hoe de Heer het uitverkoren volk strafte, omdat het tegen Mozes en Jahwe morde, toen het de moeilijkheden van de woestijn ondervond: Hij zond slangen die een grote vernietiging aanrichtten onder de Israëlieten. Toen zij berouw kregen, sprak de Heer tot Mozes: Maak zo'n giftige slang in brons en zet die op een paal. Iedereen die gebeten is en ernaar opziet, zal in leven blijven. Mozes maakte een bronzen slang en zette die op een paal. Ieder die door een slang gebeten was en zijn ogen op de bronzen slang richtte, bleef in leven. De bronzen slang was het teken van Christus aan het kruis, in wie degenen die naar Hem opzien het heil verkrijgen. Zó verklaart Jezus het ook in zijn gesprek met Nicodemus, zoals in het evangelie staat: Deze Mensenzoon moet omhoog geheven worden, zoals Mozes eens de slang omhoog hief in de woestijn, opdat een ieder die gelooft in Hem eeuwig leven zal hebben.8 Sindsdien loopt de weg naar heiligheid via het kruis en krijgt betekenis wat ons zo zinloos lijkt, zoals ziekte, pijn, armoede, mislukking..., vrijwillige versterving. Meer nog, God zegent met het kruis, wanneer Hij grote weldaden wil verlenen aan een van zijn kinderen, die Hij dan met buitengewone voorliefde behandelt.

Vele mensen proberen als in een wilde vlucht aan het kruis van Christus te ontkomen en verwijderen zich zo van de ware vreugde, van de bovennatuurlijke doeltreffendheid die het hart vervult, van de heiligheid zelf; zij vluchten voor Christus. Laten wij het kruis zonder opstandigheid, zonder klagen, met liefde opnemen. «Heb je te kampen met grote tegenspoed? - Heb je grote moeilijkheden? Zeg dan langzaam, woord voor woord, bijna proevend, dit krachtige en mannelijke gebed: 'Moge de zeer rechtvaardige en beminnelijke wil van God gedaan, vervuld, geprezen en eeuwig verheerlijkt worden boven alle dingen. -Amen. -Amen.' -Ik verzeker je, dat je de vrede zult vinden.»9

24.3 Zalig kruis, edelste van alle bomen; geen enkele kan zich met u vergelijken in loof, in bloemen, in vruchten.10

De liefde voor het kruis brengt overvloedige vruchten voor de ziel voort. In de eerste plaats doet zij ons aanstonds Jezus ontdekken, die ons tegemoet komt en het zwaarste deel van de tegenspoed op zich neemt en op zijn schouders legt. Ons lijden, verenigd met dat van de Meester, is geen kwaad meer dat droevig stemt en verwoestingen aanricht, maar wordt tot een middel van vereniging met God. «Als je lijdt, dompel je smart dan onder in de zijne: draag je mis op. Maar als de wereld dat niet begrijpt, raak dan niet van je stuk. Het is voldoende, dat Jezus, Maria, de heiligen je begrijpen. Leef met hen en laat je bloed vloeien voor het welzijn van de mensheid: zoals Hij!»11

Het kruis van iedere dag is een goede gelegenheid tot loutering, onthechting en vermeerdering van de heerlijkheid.12 De heilige Paulus leerde de christenen veelvuldig, dat rampspoed altijd van korte duur en draaglijk is en dat het loon voor dit omwille van Christus gedragen lijden onmetelijk en eeuwig is. Daarom verheugde de apostel zich in zijn tegenspoed, hij roemde erop en achtte zich gelukkig om deze te kunnen verenigen met het lijden van Christus Jezus en zo zijn lijden aan te vullen tot heil van de Kerk en de zielen.13 De enige ware smart is, dat we ons van Christus verwijderen. Elk ander lijden is van voorbijgaande aard en wordt tot vreugde en vrede: «Is het niet waar, dat zodra je ophoudt bang te zijn voor het kruis, voor wat de mensen een kruis noemen, zodra je je ertoe aanzet de goddelijke wil te aanvaarden, dat je dan gelukkig bent, en dat alle zorgen, alle zowel lichamelijke als geestelijke smarten voorbijgaan?

»Het kruis van Jezus is waarlijk zacht en beminnenswaardig. De tegenslagen tellen daarbij niet meer mee, alleen de vreugde, zich met Hem medeverlosser te weten.»14

De omgang en vriendschap met de Meester leren ons van de andere kant om de problemen die zich voordoen te zien en te dragen met een jeugdige, vastberaden instelling, wars van droefheid en klagen. We zullen ze, net zoals de heiligen hebben gedaan, als een stimulans zien, een hindernis waar men overheen moet springen in de loopbaan die ons leven is. Deze blijde en optimistische geest, ook in moeilijke ogenblikken, is geen vrucht van temperament of leeftijd: hij komt voort uit een diep innerlijk leven, uit een altijd aanwezig bewustzijn, dat wij kinderen van God zijn. Deze kalme, optimistische gesteldheid zal in alle omstandigheden een goede sfeer om ons heen scheppen -in het gezin, op het werk, onder vrienden...- en zal een krachtig middel zijn om anderen tot de Heer te brengen.

Wij besluiten ons gebed bij Onze Lieve Vrouw: «Cor Mariae perdolentis, miserere nobis!, Hart vol smarten van Maria, ontferm u over ons - roep het Hart van de heilige Maagd aan, met de vaste wil om je met haar lijden te verenigen, als eerherstel voor je zonden en voor die van de mensen van alle tijden.

»En vraag haar voor iedere ziel, dat haar lijden onze afkeer van de zonde mag versterken en dat we van de lichamelijke en geestelijke tegenslagen van iedere dag kunnen houden als een manier om boete te doen.»15

-1. Getijdenboek. Antifoon van het Ochtendgebed. -2. Vgl. Egeria, Itinerario, ed. voorbereid door A. Arce, BAC, Madrid 1980, bl. 318-319. -3. Vgl. A.G. Martimort, La Iglesia en oración, Herder, 3e ed., Barcelona 1987, bl. 989-990. -4. Vgl. P. Croisset, Año cristiano, Madrid 1846, vol. 7, bl. 120-121. -5. H. Johannes van Damascus, De fide orthodoxa, IV,11. -6. Prefatie van de mis. -7. Num 21,4-9. -8. Joh 3,14-15. -9. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 691. -10. Hymne Crux fidelis. -11. Ch. Lubich, Meditaciones, Ciudad Nueva, Madrid 1989, bl. 32. -12. Vgl. A. Tanquerey, La divinización del sufrimiento, Rialp, Madrid 1955, bl. 18. -13. Vgl. Rom 7,18; Gal 2,19-20;6-14;enz. -14. H. Jozefmaria Escrivá, De Kruisweg, II. -15. Idem, De Voor, 258.





Nieuwsbrief & e-Book

naam:
e-mail adres:
Meer info ...

Betaal Informatie

iDeal

Klanten service

Bestellen
Per e-mail
Tel. (035) 694 63 50

Adres

Bezoek- en verkoopadres:
Stichting Leesgoed, Keizersgracht 218-B, Amsterdam
Dinsdag t/m donderdag van 10:30 tot 13:15 uur.
Zondag van 12:15 tot 13:15 uur