Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Zeventiende zondag door het jaar (C)

21. Leren vragen

-Bidden als kinderen van God. -Geestelijke en materiële zaken vragen in zoverre zij ons dichter bij God brengen. -Het gebed van Abraham.

21.1 Jezus had de gewoonte vroeg in de morgen te bidden op rustige plaatsen.1 Zijn volgelingen troffen de Heer vaak diep verzonken aan in gesprek met zijn hemelse Vader. Op een keer was hij ergens aan het bidden. Toen Hij ophield, zei een van zijn leerlingen tot Hem: Heer, leer ons bidden...2 Wij moeten hetzelfde vragen: Jezus, leer mij hoe met U om te gaan, zeg me waar ik U om moet vragen... Wij moeten dit doen omdat wij ons geregeld tegenover God bevinden zonder te weten wat we tegen Hem moeten zeggen of hoe we tegen Hem moeten spreken.

De Heer beantwoordde het verzoek van zijn leerling met het volmaakte gebed, het Onze Vader. Hij sprak elk woord met zorg uit. Hij leerde hun heel hun vertrouwen te leggen in gebed aan hun Vader. Stel, iemand van u heeft een vriend. Midden in de nacht gaat hij naar hem toe en zegt: Vriend, leen mij drie broden, want een vriend van mij is van een reis bij mij aangekomen en ik heb niets om hem voor te zetten... Ik zeg u, als hij al niet opstaat en het hem geeft omdat hij zijn vriend is, zal hij toch opstaan en hem geven al wat hij nodig heeft, om zijn onbescheiden aandringen. Wanneer ook wij met God spreken vragen wij Hem zeer waarschijnlijk om iets. Dat is zo omdat wij kinderen van God zijn, kinderen in nood. Van zijn kant wil God zich totaal aan ons geven. Is er soms onder u een vader die aan zijn zoon een steen zal geven als deze hem om brood vraagt? Of als hij om vis vraagt, zal hij hem toch in plaats van vis geen slang geven?

De Heer belooft plechtig op onze verzoeken in te gaan. Vraagt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal worden opengedaan. Jezus kan niet nog duidelijker zijn. Wij misleiden eenvoudig onszelf als we, eenmaal gewend aan onze fouten en mislukkingen, denken dat we God niet nodig hebben. Die hongeren overlaadt Hij met gaven, en rijken zendt Hij heen met lege handen.3 Wij moeten naar het tabernakel gaan precies zó als de zieken en de lijdenden in het Nieuwe Testament altijd naar Jezus gingen. Met de woorden van Johannes Paulus ii: «Wat betekent gebed? Gebed betekent het besef van eigen ontoereikendheid ten aanzien van zoveel verschillende noden die men in het leven tegenkomt. Bijvoorbeeld, de behoefte aan brood waarnaar Christus verwijst in het voorbeeld van de man die zijn vriend wekt in het midden van de nacht en hem om brood vraagt. En zo zijn er nog talloze behoeften. De behoefte om brood is, in zekere zin, een symbool voor alle materiële behoeften, de behoeften die deel uitmaken van ons bestaan, omdat we nu eenmaal een lichaam hebben. Maar de reikwijdte van deze noden is ruimer.»4

Nederigheid is een noodzakelijke voorwaarde voor een vertrouwelijk gesprek met God. Wij moeten ons bewust zijn van onze beperkingen om te kunnen beseffen hoezeer wij van onze Vader afhankelijk zijn. Opnieuw zegt de Paus: «Bidden betekent: 'het Onze Vader leren'. Als wij de inhoud van het onze Vader leren in de volle betekenis van het woord, in zijn volle dimensie, hebben we alles geleerd... Te leren wie Onze Vader is, betekent leren wat absoluut vertrouwen is. Het Onze Vader leren betekent de zekerheid krijgen dat Hij absoluut niets kan weigeren. Dit wordt allemaal in het evangelie van vandaag gezegd. Hij wijst je zelfs niet af als alles, materieel en psychologisch, je lijkt af te wijzen. Hij wijst je nooit af.»5 Hij zal ons nooit in de steek laten. In ons gesprek met God moeten wij ons goddelijk kindschap en onze menselijke beperkingen in gedachten houden.

21.2 Vraagt en u zal gegeven worden, zoekt en gij zult vinden, klopt en er zal worden opengedaan.

In ons gebed tot God zijn de eerste dingen die wij Hem moeten vragen geestelijke zaken -de genade om Hem elke dag meer te beminnen, een oprecht verlangen te hebben naar heiligheid. Wij moeten God ook om materiële zaken vragen in zoverre als zij dienen om ons dichter bij Hem te brengen. Die zaken kunnen goede gezondheid zijn, economisch welzijn, het krijgen van een baan...

De heilige Augustinus raadt ons aan: «Bidt voor tijdelijke zaken in afzondering, en weest dan gerust, in de wetenschap dat die tot ons komen van Hem die weet wat het beste voor ons is. Vroeg je en kreeg je niet wat je wilde? Vertrouw op je Vader. Als het goed voor je geweest was, zou je het hebben gekregen. Voor God ben je net zoals een klein kind voor jou is. De hele dag huilt het kind tranen met tuiten opdat je het een mes zal geven om mee te spelen. Verstandig genoeg wijs je zijn verzoek af en schenk je geen aandacht aan zijn gejammer. Als het kind op een paard wil rijden, laat je dat niet toe. Het kind weet niet hoe het moet paardrijden, en als gevolg kan het kind gewond raken of zelfs gedood worden. Je ontzegt hem kleine dingen om hem zo meer voor het geheel te bewaren. Je wil dat het kind veilig opgroeit en spullen heeft die niet gevaarlijk voor hem zijn.»6 Zo handelt de Heer met ons. Vaak zijn we als dat kind dat niet beseft waar het om vraagt.

God wil altijd het beste voor ons. Daarom wordt het geluk van de mens altijd gevonden in zijn volledige vereenzelviging met de Goddelijke Wil. Zelfs als wat God wil, soms niet zo aantrekkelijk lijkt vanuit menselijk standpunt, leidt het noodzakelijk naar wat het beste voor ons is. Paus Johannes Paulus ii vertelde eens hoe hij onder de indruk was van de opgewektheid van een man die hij in een ziekenhuis ontmoette tijdens de opstand van Warschau. «Deze man slaagde erin om een heel andere reden gelukkig te zijn en zich te beschouwen als door God verhoord, want zijn fysieke toestand, vanuit medisch standpunt gezien, was geen reden om zich zo gelukkig te voelen. Toch was hij verhoord in een heel ander aspect van zijn menselijkheid.»7 Dit aspect was de vereenzelviging van zijn menselijke wil met de Goddelijke Wil. We moeten de Wil van God willen: Uw Wil geschiede op aarde zoals in de hemel. Dit is de beste weg om te volgen. Het is de weg door de Heer voor ons bereid. «Zeg Hem: Heer, ik zal niets anders willen, dan wat Gij wilt. Geef mij zelfs dat waarom ik U de laatste dagen vroeg, niet, als het me maar een millimeter zou verwijderen van uw Wil.»8 Als Gij die dingen niet wilt, waarom zou ik? Uw Wil geschiede.

21.3 De eerste lezing van de mis geeft een ontroerend voorbeeld -het gebed van Abraham, de vriend van God, voor die steden die God hadden beledigd. Wilt Ge werkelijk met de boosdoeners ook de rechtvaardigen verdelgen? Misschien zijn er vijftig rechtvaardigen in de stad [...] Zult Gij de stad geen vergiffenis schenken omwille van die vijftig rechtvaardigen die er wonen? Abraham probeert de steden te redden van vernietiging door het zijn geliefde God moeilijk te maken. Zijn pleidooi aan God steunt daarop, dat zelfs een klein aantal heilige mensen een grote schat vertegenwoordigen.

De Heer heeft zulke vreugde in degenen die Hem liefhebben dat Hij bereid is duizenden zondaars te vergeven omwille van een handvol rechtschapen mensen. God is bereid zonden en ongerechtigheden van hele steden te vergeten omwille van de liefde en de aanbidding van tien mensen. Dit is een onmiskenbare lering voor allen die de Heer van dichtbij proberen te volgen. We komen wel eens in de verleiding te twijfelen aan het nut van onze strijd, bij het zien van zoveel mensen die leven terwijl zij zich aan God noch gebod storen. Eens zal de Heer ons de grote doeltreffendheid van onze nederige gebeden laten zien, van de offers die een moeder bracht voor haar gezin, van het lijden opgedragen door een zieke voor de Kerk, van de verdienste van een uur studeren of werken, omgezet in gebed...

Jahwe was bereid Sodom en Gomorra te redden omwille van tien rechtschapen mensen. Volgens goddelijke logica kunnen de goede werken van een paar mensen zwaarder wegen dan de zonden van duizenden. Als wij strijden om trouw te zijn aan de Heer, zullen wij vast en zeker de vreugde ervaren dat wij Hem behagen. Want God luistert met aandacht naar onze gebeden. We behoren elke dag te bidden voor onze maatschappij, een maatschappij die zich verder en verder schijnt te verwijderen van zijn Schepper. Zoals paus Johannes Paulus ii in dit verband heeft opgemerkt: «ik denk dat Abraham's gebed en de inhoud toepasselijk zijn voor de tijd waarin wij leven. Dit gebed is nodig, om met God te onderhandelen over iedere rechtschapen mens, en om de wereld van ongerechtigheid te bevrijden.»9

Wij beëindigen ons gebed van vandaag met het voornemen dat wij moeten leren bidden als kinderen van de Vader. Wij moeten geregeld naar de Heer gaan. Zoals zoveel zieken in de evangeliën moeten we naar Jezus gaan om te worden genezen. De heilige Maagd, die onze Moeder is, zal ons leren gedurfd te zijn in onze smeekgebeden. Wij vragen haar ons te helpen een doeltreffend apostolaat uit te oefenen, daar waar wij wonen en werken.

-1. Vgl. Mt 14,23; Mc 1,35; Lc 5,16; 9,18. -2. Lc 11,1-13. -3. Lc 1,53. -4. Johannes Paulus ii, Homilie, 27 juli 1980. -5. Ibidem. -6. H. Augustinus, Sermo 80, 2,7-8. -7. Johannes Paulus ii, o.c. -8. H. Jozefmaria Escrivá, De Smidse, 512. -9. Johannes Paulus ii, o.c.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 05 feb 2012