Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Vijfde week. Dinsdag

31. MIJN VREDE GEEF IK U

-De Heer geeft zijn vrede aan zijn leerlingen. -De ware vrede, een vrucht van de Heilige Geest. -Zaaiers van vrede en vreugde.

31.1 Het evangelie van de Mis van vandaag vermeldt één van de beloften van onze Heer, die Hij zijn apostelen bij het laatste avondmaal gegeven heeft. Een belofte die pas na de wederopstanding werkelijkheid werd: Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u.1 Later, tijdens hetzelfde maal, herhaalde Hij: Dit heb Ik u gezegd, opdat gij vrede zoudt bezitten in Mij. Weliswaar leeft gij in de wereld in verdrukking, maar hebt goede moed: Ik heb de wereld overwonnen.2 Nu, na de wederopstanding, staat onze Heer te midden van de apostelen en zegt hun: Pax vobis. Vrede zij u.3 Onze Heer zal deze woorden gesproken hebben met zijn gloedvolle stem, die de apostelen zo goed kenden. Zijn vriendelijke groet verdreef de angst en de schaamte, die de apostelen nog voelden na hun laffe gedrag tijdens zijn lijden. De groet van de Heer in al haar hartelijkheid herstelt die persoonlijke sfeer, waarin Hij zijn vrede met hen deelt.

Iemand vrede toewensen was de manier waarop de Joden elkaar gewoonlijk begroetten. De apostelen zetten deze gewoonte voort, zoals wij kunnen lezen in hun brieven4; ook de vroege christenen deden dit, zoals blijkt uit veel inscripties uit die tijd. De Kerk gebruikt dezelfde groet bij sommige gelegenheden in de liturgie; vóór de communie bijvoorbeeld, wenst de priester het volk vrede toe, want juist vrede is een vereiste om op waardige wijze aan het heilig Offer deel te nemen.5 Pax Domini, de vrede van de Heer.

Door de eeuwen heen legden de christenen een diepere betekenis in de woorden waarmee ze elkaar begroetten. Zij doordrongen het leven van de mensen in positieve zin van generatie op generatie. Ze vormden een uiterlijk teken van een maatschappij met een christelijk hart.

De wereld van vandaag lijkt de bovennatuurlijke zin van de christelijke groet te hebben verloren. Maar het zou een grote steun zijn voor ons innerlijk leven om te proberen ons welkom en afscheid weer een christelijke ondertoon te geven; het zou weer een gevoel van Gods aanwezigheid aan ons leven toevoegen.

Als we bijvoorbeeld de gewoonte ontwikkelen om de beschermengel van de mensen die wij tegenkomen te begroeten, zal het voor ons gemakkelijker worden om onze omgang met hen op een hoger niveau te brengen. Dit zou een gevolg zijn van de aanwezigheid van God die verblijft in onze ziel. Laat ons ernaar streven om de bovennatuurlijke visie in de gewone alledaagse dingen niet te verliezen: Vrede zij u, zei de Heer tot hen. De heilige Gregorius van Nazianze zegt het zo: We zouden ons moeten schamen als we de vredesgroet, die de Heer ons naliet toen Hij afscheid van deze wereld nam, niet zouden gebruiken.6 Maar hoe onze gebruikelijke manier van groeten ook is, het kan altijd een gelegenheid zijn om onze verwantschap met anderen te benadrukken, om voor hen te bidden en om vreugde en blijdschap te brengen, zoals onze Heer deed bij zijn leerlingen.

«Zie, zodra de klank van uw groet mijn oor bereikte, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot (Lc 1,44)... Elisabeths vreugde herinnert ons eraan, welk een schat een groet is als hij komt uit een van God vervuld hart. Hoe vaak kan de schaduw van de eenzaamheid die een ziel overspoelt, niet verdreven worden door het licht en de warmte van een glimlach of door een vriendelijk woord.»7

31.2 Uit de mond van onze Heer krijgt die gewone Joodse groet haar diepste betekenis, omdat juist vrede de Messiaanse gave bij uitstek is.8 Als de Heer van iemand afscheid nam die iets goeds had verricht, zei Hij meestal: Ga in vrede.9 Hij vertrouwt de boodschap van vrede toe aan zijn leerlingen. Laat in welk huis gij ook binnengaat uw eerste woord zijn: Vrede aan dit huis!10 Anderen vrede toe te wensen en ze in onze eigen omgeving te laten toenemen, is een groot menselijk goed, en wanneer het ingegeven wordt door christelijke liefde, is het ook een groot bovennatuurlijk goed. Een ziel met vrede is een duidelijk teken dat God ons nabij is; bovendien is het één van de vruchten van de Heilige Geest.11 De apostel Paulus spoort de eerste christenen aan om in vrede en blijdschap te leven: weest eensgezind, bewaart de vrede, en de God van liefde en vrede zal met u zijn.12

Ware vrede is het gevolg van heiligheid, het resultaat van de strijd om onze liefde niet te laten uitdoven door onze ongeordende neigingen en door onze zonden. Als wij God liefhebben, dan is onze ziel te vergelijken met een goede boom, te kennen aan zijn vruchten. Onze daden onthullen de aanwezigheid van de Trooster en, in zoverre zij geestelijke vreugde veroorzaken, worden ze vruchten van de Heilige Geest genoemd.13 Eén van deze vruchten is de vrede van God, die alle begrip te boven gaat14, de ware vrede die Christus zijn apostelen, en alle christenen uit welke tijd dan ook, heeft toegewenst. «Wanneer God bij je komt, zul je de waarheid bemerken van de groet: Vrede laat Ik u na, mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u (Joh. 14,27). En dit zelfs te midden van tegenspoed.»15

De heilige Augustinus beschrijft ware vrede als «rust in de orde»16, orde tussen God en onszelf, orde in ons, en orde in onze verhoudingen met anderen. Als we leven naar deze drievoudige orde, dan leven we in vrede en zullen wij deze vrede overbrengen aan anderen. Orde naar God toe betekent, dat wij vastbesloten zijn om elke zonde uit ons leven te verbannen, en alles te richten op Christus. Orde naar anderen toe betekent op de eerste plaats, dat we zeer zorgvuldig de gerechtigheid moeten beleven (rechtvaardig zijn in onze woorden, in onze oordelen en in onze daden), want vrede is het resultaat van de gerechtigheid.17 En dan is er, boven de gerechtigheid, ook de barmhartigheid. Bij vele gelegenheden beweegt de barmhartigheid ons tot hulp, tot troost, tot het ondersteunen van degenen die dat behoeven. «Waar gerechtigheid wordt bemind, waar de waardigheid voor de menselijke persoon wordt geëerbiedigd, waar men niet let op eigen grillen of belang, maar eerder God en de naaste wil dienen, daar zult u vrede vinden.»18

Onze Heer heeft ons de taak toevertrouwd om vrede te brengen aan de wereld, te beginnen met de vrede in onze eigen ziel, en vervolgens in ons gezin en op de plaats waar wij werken. Wij moeten ons inspannen om een einde te maken aan vijandschap en conflicten, om een sfeer te scheppen van samenwerking en wederzijds begrip. Vrede in een gezin of in wat voor gemeenschap dan ook, is niet eenvoudigweg de afwezigheid van bekvechten of ruzie: dat zou ook een teken kunnen zijn van wederzijdse onverschilligheid. Vrede bestaat in saamhorigheid die doet meewerken aan gemeenschappelijke projecten en belangen; ware vrede betekent betrokkenheid met anderen, belangstelling tonen voor hun plannen en projecten, voor hun vreugde en verdriet. Onze Heer wil, dat in ons hart een edel verlangen naar vrede en harmonie in onze wereld groeit. Een wereld die geen vrede meer kent, juist omdat de mensen God soms niet in hun hart toelaten. God wil dat wij, christenen, vrede en vreugde brengen waar wij ook gaan.

31.3 Christus is onze vrede.19 Al twintig eeuwen zegt Hij ons: Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Hij wil dat ieder van ons dit aan de hele wereld verkondigt, door middel van onze levenswijze, aan het misschien kleine wereldje waarin wij dagelijks leven.

Het leven van de eerste christenen hielp velen om de zin van hun bestaan te ontdekken. Zij brachten hun gezinnen en de maatschappij waarin ze leefden vrede. In vele inscripties uit die tijd vinden we begroetingen waarmee men anderen vrede toewenste. Deze vrede -die van God komt- zal op aarde worden gevonden zolang er mannen en vrouwen van goede wil zijn.20 Een belangrijk deel van ons apostolaat zal erin bestaan om rust en vreugde te brengen aan de mensen rondom ons; hoe meer onrust en droefenis we tegenkomen, des te noodzakelijker zal dat apostolaat zijn. «Het is de plicht van iedere christen om in alle milieus van de wereld vrede en geluk te brengen door een kruistocht van vastberadenheid en blijdschap die zelfs verlepte en verdorven harten kan raken en tot Hem kan brengen.»21

Hoewel de christenen in dit leven, evenals anderen, te lijden hebben van beproevingen en verdriet, zou ieder van hen in onze herinnering moeten voortleven als een man of vrouw die een voorbeeld gaf van opgewekte zelfopoffering, een rustige, beminnelijke persoon, omdat hij of zij leefde als kind van God. Ons besluit na de meditatie van vandaag zou als volgt kunnen zijn: «Laat niemand droefheid of verdriet van je gezicht kunnen aflezen als je in de wereld om je heen de zoete geur van je offervaardigheid verspreidt: kinderen van God moeten altijd zaaiers van vrede en blijdschap zijn.»22 Dit wordt alleen mogelijk als we ons bewust worden van ons goddelijk kindschap.

Zich herinneren dat we kinderen van God zijn, zal ons die vaste vrede geven, die niet verstoord wordt door de schommelingen van ons gevoelsleven, noch door de dagelijkse gebeurtenissen: het geeft ons de rust en stabiliteit die we zo nodig hebben. Om er zeker van te zijn dat we iedereen open en vriendelijk tegemoet treden, moeten we elke vijandschap of antipathie uit ons bannen, anders zou dit erop wijzen dat we niet erg bovennatuurlijk met anderen omgaan. Tegen elke ruwheid of scherpe kanten in ons karakter, waar anderen zich aan zouden kunnen storen en waaruit blijkt dat onze versterving niet voldoende is, moeten we strijden. We moeten vechten tegen egoïsme, tegen weekheid en gemakzucht. Dit zijn ernstige hinderpalen voor vriendschap en apostolaat.

Het oprechte verlangen naar vrede dat de Heer in onze harten heeft gelegd, moet ons aansporen om alles te vermijden wat tweedracht of conflicten zou kunnen veroorzaken, bijvoorbeeld kritisch zijn ten opzichte van anderen of een negatieve houding tegenover hen aannemen, achter mensen hun rug om praten, of over hen klagen.

Laten wij onze toevlucht nemen tot Maria, onze Moeder, zodat het ons nooit aan vreugde en rust zal ontbreken. «De heilige Maria is -zo roept de Kerk haar aan- Koningin van de vrede. Daarom moet je niet ophouden haar onder die titel aan te roepen als je ziel onrustig is, als je verontrust wordt door familie- of beroepsomstandigheden, of door de toestand in de maatschappij of onder de volkeren: Regina pacis, ora pro nobis!, Koningin van de vrede, bid voor ons! Heb je dat wel eens geprobeerd, op zijn minst als je je gemoedsrust kwijt bent geraakt? Je zult verrast zijn door het onmiddellijke effect.» 23

-1. Joh 14,27. -2. Joh 16,33. -3. Joh 20,19. -21. -4. Vgl. 1 Pe 1,3; Rom 1,7. -5. Vgl. Mt 5,23. -6. H. Gregorius van Nazianze, Catena aurea, VI. -7. Johannes Paulus ii, Homilie, 11 november 1981. -8. Vgl. Jes 9,7; Mi 5,5. -9. Vgl. Lc 7,50; 8,48. -10. Lc 10,5. -11. Gal 5,22. -12. 2 Kor 13,11. -13. Vgl. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae, I-II, q70, a1. -14. Fil 4,7. -15. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 258. -16. H. Augustinus, De civitate Dei, 19,13,1. -17. Jes 32,17. -18. A. del Portillo, Homilie, 30 maart 1985. -19. Vgl. Ef 2,14. -20. Vgl. Lc 2,14. -21. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 92. -22. Ibidem, 59. -23. Ibidem 874.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 07 feb 2012