Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Vierde week. Maandag

28. Onthechting en christelijk leven

-Jezus' aanwezigheid in ons leven betekent soms, dat we iets tijdelijk kwijtraken. Jezus is van grotere waarde. -Alles moet een middel zijn om ons dichter bij Christus te brengen. -Onthechting. Enige details.

28.1 De heilige Marcus zegt ons in het evangelie van de heilige mis van vandaag,1 dat Jezus in de streek van de Gerasenen kwam, een land van heidenen, aan de overzijde van het meer van Genesaret. Nauwelijks was Hij uit de boot gestapt, of daar kwam een man die bezeten was van de duivel Hem tegemoet, wierp zich voor Hem ter aarde en schreeuwde: Wat hebt Gij met mij te maken, Jezus, Zoon van God, de Allerhoogste? Ik bezweer U bij God, kwel mij niet! Want Jezus had hem gezegd: Onreine geest, ga weg uit die man. Daarop vroeg Jezus hem naar zijn naam en hij antwoordde: Mijn naam is Legioen, want wij zijn met velen. En hij smeekte Jezus met aandrang, dat Hij hen niet uit de streek zou wegjagen. Nabij de plaats waar zij zich bevonden, was men een grote kudde zwijnen aan het hoeden.

De verschijning van de Messias brengt de nederlaag van het koninkrijk van de satan met zich mee; daarom verzet de duivel zich zo uitdrukkelijk, zoals talrijke passages uit het evangelie laten zien. Zoals bij zijn andere wonderen, benadrukt Jezus zijn verlossingsmacht telkens wanneer Hij de duivels uitdrijft. De Heer verschijnt altijd in het leven van de mensen als bevrijder van het kwaad dat hen onderdrukt: Hij ging weldoende rond en genas allen die onder de dwingelandij van de duivel stonden,2 zal de heilige Petrus zeggen in zijn rede tot Cornelius en diens familie, waarin hij deze en vele andere duiveluitdrijvingen van Jezus samenvat.

Bij deze gelegenheid spreken de duivels bij monde van deze man: zij beklagen zich erover, dat Jezus gekomen is om hun koninkrijk op aarde te vernietigen. Ze vragen Hem, hen op die plaats te laten blijven. Daarom willen ze in de zwijnen gestuurd worden. Dat was misschien ook een manier om zich op deze mensen te wreken en hen schade toe te brengen, hen tegen Jezus op te zetten. Toch stemt de Heer in met het verzoek van de duivels. Toen stortte de hele troep zich van de steile oever in het meer en verdronk in het water. De zwijnenhoeders namen de vlucht en vertelden het in de stad en op het land. Daarop kwamen de mensen kijken wat er gebeurd was.

De heilige Marcus merkt uitdrukkelijk op, dat ongeveer tweeduizend zwijnen verdronken. Het moet een groot verlies voor die heidenen geweest zijn. Misschien was het wel de losprijs die van deze mensen gevraagd werd voor de bevrijding van een van hen uit de macht van de duivel: Ze verloren een aantal zwijnen, maar ze kregen een mens terug. En deze bezetene, «deze opstandige en in zichzelf verscheurde man, die afschuwelijk overheerst werd door een menigte van onreine geesten, lijkt hij misschien niet enigszins op een veelvoorkomend mensentype uit onze tijd? In elk geval is de hoge prijs die voor de bevrijding van die man betaald moest worden -de vernietiging van de kudde van tweeduizend zwijnen die in het meer van Galilea verdronken- wellicht een aanduiding van de hoge prijs die betaald moet worden om de hedendaagse heidense mens te verlossen. Een aanzienlijke prijs, ook in rijkdommen die verloren gaan; een losprijs die overeenkomt met de armoede van degene die hem edelmoedig tracht te verlossen. De echte armoede van christenen is misschien de waarde die God heeft vastgesteld voor de verlossing van de mens van onze tijd. En het is de moeite waard die prijs te betalen [...]; één mens is veel meer waard dan tweeduizend zwijnen,»3 hij is meer waard dan heel de geschapen wereld met al zijn rijkdommen en wonderen.

Toch weegt voor de eigenaars van de kudde, de tijdelijke schade meer dan de bevrijding van de bezetene. Bij de ruil van een mens tegen enige zwijnen kiezen ze voor de laatste, voor de zwijnen. Toen zij zagen wat er gebeurd was, begonnen ze bij Hem aan te dringen hun streek te verlaten. Hetgeen de Heer aanstonds deed.

De aanwezigheid van Jezus in ons leven kan soms betekenen, dat we een goede zakelijke transactie mislopen, omdat deze misschien niet helemaal zuiver was, of omdat we niet kunnen concurreren met dezelfde ongeoorloofde middelen als onze collega's..., of eenvoudigweg, omdat Hij wil dat we zijn hart winnen door onze armoede. En de Heer zal ons altijd vragen, als we dichtbij Hem willen blijven, om een daadkrachtige onthechting van materiële dingen, om een echte christelijke armoede, die duidelijk voorrang geeft aan het geestelijke boven het materiële, en aan ons einddoel -de zaligheid, van onszelf en van anderen- boven de tijdelijke doelen van het menselijk welzijn.

28.2 Ze verzochten Jezus hun streek te verlaten. Laten wij nooit de vreselijke dwaling begaan tot Jezus te zeggen dat Hij uit ons leven moet weggaan, omdat wij, door ons christenen te tonen, misschien een ambt of een betrekking verliezen, of op enigerlei wijze materiële schade moeten lijden. We dienen integendeel vaak tot de Heer te zeggen, met de woorden die de priester in de heilige mis vlak voor de communie in stilte uitspreekt: fac me tuis semper inhaerere mandatis, et a te numquam separari permittas: Geef dat ik nooit de weg van uw geboden verlaat, nooit word gescheiden van uw liefde. Het is veel beter bij Christus te zijn en niets te hebben, dan alle schatten van de wereld te bezitten en zonder Hem te zijn. «De Kerk weet waarachtig, dat alleen God, die zij dient, een antwoord kan geven op de diepste verlangens van het menselijk hart, dat door aardse spijs nooit kan worden verzadigd.»4

Alle aardse goederen zijn middelen om ons dichter bij God te brengen. Als ze niet daarvoor dienen, dienen ze nergens meer voor. Jezus is meer waard dan welke zakelijke transactie ook, meer dan het leven zelf. «Als je Jezus verdrijft en Hem verliest, waar ga je dan naar toe? Wie zul je dan als vriend zoeken? Zonder vriend kun je niet gelukkig leven; als Jezus niet je bijzondere vriend is, zul je bedroefd en troosteloos zijn.»5 Je zult veel in dit leven verliezen, en alles in het leven hierna.

De eerste christenen, en door de eeuwen heen vele mannen en vrouwen, hebben het martelaarschap verkozen boven het verliezen van Christus. «Tijdens de vervolgingen in de eerste eeuwen waren dood, deportatie en verbanning de gebruikelijke straffen.

»Vandaag de dag komen naast gevangenis, concentratiekampen, dwangarbeid, verdrijving uit het vaderland, nog andere straffen voor die minder opvallend, maar geraffineerder zijn: het is niet meer zozeer een dood 'met bloedvergieten', maar een soort 'burgerlijke' dood; niet alleen de afzondering in een gevangenis of strafkamp, maar de permanente beperking van de persoonlijke vrijheid, of maatschappelijke discriminatie [...]»6 Zijn wij in staat om, indien nodig, onze eer of rijkdom op te offeren, om in ruil daarvoor bij God te blijven?

Jezus volgen is niet met alles verenigbaar. We moeten een keuze maken, en alles opgeven dat een hindernis vormt om bij Hem te zijn. Daarom moet in ons hart een duidelijke gesteldheid ingeworteld zijn van afkeer van de zonde, en moeten we de Heer en zijn Moeder bidden, alles van ons weg te nemen dat ons van Hem scheidt: «Moeder, bevrijdt ons, uw kinderen -ieder van ons- van elke smet, van alles wat ons van God scheidt, zelfs als we zouden moeten lijden, zelfs als het ons leven zou kosten.»7 Welke zin zou het hebben als we de hele wereld winnen, maar Jezus verliezen?

28.3 «Dat er onder de bewoners van die streek heel wat dwazen waren -zo schrijft de heilige Johannes Chrysostomus in een commentaar- blijkt duidelijk uit de ontknoping van heel deze episode. Want terwijl ze bewondering hadden moeten tonen voor zijn macht, en moeten neervallen in aanbidding, stuurden ze Hem een boodschap met het verzoek uit hun streek te vertrekken.»8 Jezus kwam hen bezoeken maar ze bleken niet in staat te begrijpen wie Hij was, ondanks de wonderen die Hij verricht had. Dat was de grootste dwaasheid van die mensen: dat zij Jezus niet herkenden.

De Heer komt dagelijks bij ons voorbij. Als ons hart gehecht is aan materiële zaken, zullen we Hem niet herkennen; en er zijn veel manieren, sommige heel subtiel, om Hem te vragen te verdwijnen uit onze buurt, uit ons leven, want niemand kan twee heren dienen; hij zal de een haten en de ander liefhebben, ofwel de een aanhangen en de ander verachten. Gij kunt niet God dienen èn de mammon.9

Uit eigen ervaring kennen wij het gevaar dat we lopen om ons te veel te richten op aardse goederen. We weten hoe makkelijk dit leidt tot, bijvoorbeeld, een ongeordend verlangen naar nog méér bezittingen, verburgerlijking, gemakzucht, luxe, wispelturigheid, onnodig geld uitgeven enz.; en we zien ook wat er om ons heen gebeurt: «Niet weinig mensen, vooral in economisch hoog ontwikkelde gebieden, schijnen door de economie als het ware te worden overheerst, zodat bijna geheel hun persoonlijk en maatschappelijk leven is doordrongen van een geest die we 'economistisch' kunnen noemen.»10 Ze menen dat het geluk te vinden is in materiële goederen en ze zijn vervuld van verlangens om deze te verwerven.

Wij moeten onthecht zijn aan al ons bezit. Dan zullen we alles op aarde weten te gebruiken zoals God beschikt heeft. Ons hart zal gericht zijn op Hem en op de goederen die nooit verloren gaan. Onthechting maakt van ons leven een smaakvolle weg van soberheid en doeltreffendheid. Een christen moet zich vaak afvragen of hij steeds waakzaam is om niet in gemakzucht te vervallen of in een soort verburgerlijking, die op geen enkele manier strookt bij het leerling van Christus zijn; of hij geen overbodige behoeften tracht te scheppen; of de aardse zaken hem dichter bij God brengen of hem verder van God verwijderen. We kunnen en moeten altijd matig zijn in onze persoonlijke behoeften, overbodige uitgaven beteugelen, niet toegeven aan nukken, de neiging om valse behoeften te creëren overwinnen, edelmoedig zijn in het geven van aalmoezen.

Ook kunnen we vandaag in ons gebed overwegen of we bereid zijn alles ver van ons af te werpen wat ons verhindert dichter tot Christus te komen, net zoals Bartimeüs deed, die blinde man die om aalmoezen bedelde net buiten Jericho.11

De Heer is oneindig méér waard dan alle geschapen goederen. We mogen niet toestaan dat met ons gebeurt als met de Gerasenen: Daarop liep de hele stad uit, Jezus tegemoet; en toen zij Hem zagen, verzochten zij Hem hun streek te verlaten.12 Laten wij daarentegen tot Hem zeggen, met de woorden uit een gebed van de heilige Bonaventura, voor na de Communie: Moge U altijd [...] mijn erfgoed zijn, mijn bezit, mijn schat, waarop altijd mijn hart en ziel onwankelbaar vast gericht zijn. Heer, waarheen zou ik gaan zonder U?

-1. Mc 5,1-20. -2. Hnd 10,38. -3. J. Orlandis, The Christian in the World. -4. Vaticanum ii, Past. const. Gaudium et spes, 41. -5. Thomas à Kempis, De navolging van Christus, II, 8,3. -6. Johannes Paulus ii, Meditatiegebed in Lourdes, 14 augustus 1983.-7. A. del Portillo, Brief, 31 mei 1987, 5. -8. H. Johannes Chrysostomus, Homilieën over Matteüs, 28,3. -9. Mt 6,24. -10. Vaticanum ii, o.c., 63. -11. Vgl. Mc 10,50. -12. Mt 8,34.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012