De Boog
... voor eenheid in geloof en leven

ZOEK   EEN BOEK  
 
e-mailadres: 
Klant:   
Registreer Klantnummer vergeten?
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escriva
Spreken met God
Over Jozefmaria Escriva
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie Atrium
Theologie andere boeken
DVD
Navarre bible NT
Navarre bible OT
Gezin
Medische Ethiek

Francisco en Jacinta van Fatima
Over 2 Portugese kinderen aan wie Onze Lieve Vrouw in 1917 in Fatima verscheen. Meer ...

Home >  Ontmoeting met de Heer

Paasoktaaf. Donderdag

5. ONTMOETING MET DE HEER

-De tegenwoordigheid van Jezus Christus in onze tabernakels. -Het bezoek aan het Heilig Sacrament. -De vruchten van deze akte van vroomheid.

5.1 In het evangelie van de Mis van vandaag1 lezen we hoe Jezus, nadat Hij aan Maria Magdalena, aan de andere vrouwen, aan Petrus en aan de Emmaüsgangers verschenen was, ook aan de elf verschijnt: En Hij sprak tot hen: Waarom zijt ge ontsteld en waarom komt er twijfel op in uw hart? Kijkt naar mijn handen en voeten: Ik ben het zelf. Betast Mij en kijkt: een geest heeft geen vlees en beenderen, zoals ge ziet dat Ik heb. Dan toonde Hij hun zijn handen en zijn voeten, en at met hen. De apostelen zullen voor altijd overtuigd zijn, dat hun geloof in de Verrezene niet het gevolg is van simpele goedgelovigheid, van enthousiasme of van verbeelding, maar van feiten die zij herhaaldelijk zelf konden bevestigen. Jezus past zich bij zijn verschijningen met een wonderlijke minzaamheid aan de geestesgesteldheid en de uiteenlopende omstandigheden aan van hen, aan wie Hij zich openbaart. Hij gaat niet met hen allemaal op dezelfde manier om; maar langs verschillende wegen brengt Hij hen tot de zekerheid van zijn verrijzenis en van het feit, dat Hij de hoeksteen is van ons geloof. Onze Heer wenst alle mogelijke garantie te geven aan hen, die de nieuwe opkomende Kerk vormen, zodat ons geloof door de eeuwen heen op vaste, betrouwbare fundamenten berust: De Heer is waarlijk verrezen. Jezus leeft.

Vrede zij u, zei Jezus, toen Hij zich aan zijn leerlingen, die van angst waren vervuld, vertoonde. Onmiddellijk zagen zij zijn wonden en waren zij van vreugde en van verbazing vervuld. Deze wonden moeten ook onze toevlucht zijn. Hier zullen wij altijd rust vinden voor de ziel en de nodige kracht om Hem alle dagen van ons leven te volgen. «Als de duiven uit het Hooglied (Vgl. Hl 2,14) die bij de storm onderdak vinden in de rotsspleten, zullen wij onze toevlucht tot Hem nemen. Zijn wonden zullen onze schuilplaats zijn, daar zullen wij de intimiteit van Christus vinden. Wij zullen ervaren dat zijn wijze van spreken vredig is en zijn gelaat schoon. 'Zij immers die weten dat zijn stem aangenaam en beminnelijk is, zij hebben de genade van het evangelie ontvangen, waardoor zij zeggen: Gij hebt woorden van eeuwig leven.' (H. Gregorius van Nyssa, In Canticum Canticorum homiliae, 5)»2

Jezus is ons zeer dicht nabij. In katholieke landen zijn er zoveel tabernakels, dat we nauwelijks ooit meer dan een paar kilometer ver van Hem weg zijn. Het is niet zo moeilijk de muren of op zijn minst de torenspits van een kerk te zien, of we nu in het centrum van een drukke stad zijn of via de weg of per trein reizen. Ons geloof en onze liefde doen ons uitroepen: Christus is daar! Het is de Heer!3 We kunnen dit zeggen, omdat onze Heer daar werkelijk en wezenlijk aanwezig is: Hij is dezelfde die aan de leerlingen verscheen en die altijd in iedereen zo'n interesse heeft getoond.

Jezus is gebleven in de heilige eucharistie. Dit gedenkwaardige Sacrament houdt werkelijk, echt en wezenlijk zijn Lichaam en Bloed in, te zamen met zijn Ziel en Godheid en, met als gevolg, de gehele Christus. De tegenwoordigheid van Christus in de eucharistie is werkelijk en blijvend, want als eenmaal de Mis voorbij is, blijft onze Heer in elk van de geconsacreerde hosties die niet zijn genuttigd.4 Hij die aanwezig is, is Dezelfde die in Palestina werd geboren, stierf en verrees, degene die zit aan de rechterhand van God de Vader.

Wij ontmoeten Hem in het tabernakel, en Hij ziet ons en kent ons. We kunnen met Hem spreken zoals de apostelen dat deden, en Hem vertellen over dingen waar we enthousiast over zijn en over welke we ons zorgen maken. Daar vinden we altijd echte vrede, een vrede die blijft, niettegenstaande alle smart en welke hinderpaal ook.

5.2 «Eucharistische vroomheid -zei paus Johannes Paulus ii- behoort bovenal gericht te zijn op de viering van het Avondmaal van de Heer, dat het rijkelijk uitstromen van zijn liefde op het Kruis doet voortduren. Maar het kent een logische verlenging... in de verering van Christus van dit goddelijk sacrament, in het bezoek aan het Allerheiligste, in het gebed voor het tabernakel, zowel als in die andere vroomheidsoefeningen, persoonlijke dan wel gezamenlijke, in beslotenheid of in het openbaar, die men al eeuwen heeft beoefend... Jezus wacht op ons in dit Sacrament van liefde. Laat ons niet bekrompen zijn met onze tijd, wanneer het erop aankomt Hem in aanbidding te ontmoeten, in gelovige overweging, en genegen eerherstel te geven voor de ernstige fouten en misdaden van de wereld.»5

Jezus is er, in het dichtstbijzijnde tabernakel. Wellicht maar een paar kilometer ver of zelfs misschien maar een paar meter... Waarom zouden we Hem niet bezoeken, van Hem houden, Hem over onze zaken vertellen, Hem om iets vragen? Wat een gebrek aan inzicht als we dit niet met geloof zouden doen! Hoe gemakkelijk is die eeuwenoude gewoonte te begrijpen van «de dagelijkse bezoeken aan de goddelijke tabernakels.»6 De Meester blijft daar alle eeuwen door op ons wachten7 en wij kunnen met Hem samen zijn zoals Maria, de zus van Lazarus -degene die het betere deel koos8- in dat huis van Betanië.

De H. Jozefmaria Escrivá zegt: «Ik moet u zeggen dat het tabernakel voor mij altijd een plaats is geweest zoals Betanië: een rustige en vreedzame plaats waar Christus is, waar wij Hem kunnen vertellen over onze beslommeringen, ons lijden, onze hoop en onze vreugde, even eenvoudig en natuurlijk als zijn vrienden Martha, Maria en Lazarus daarover spraken. Wanneer ik door de straten van een stad of dorp loop, ben ik dan ook blij als ik, zelfs van ver, het silhouet van een kerk zie. Daar is wéér een tabernakel, wéér een gelegenheid om de ziel te laten uitvliegen, die door een akte van verlangen gaat vertoeven aan de zijde van de Heer in het heilige Sacrament.»9 Jezus wacht op ons bezoek. Het is als het ware een tegenbezoek van zijn bezoek aan ons in de communie, en het is «een bewijs van dankbaarheid, een uitdrukking van liefde, een erkenning van de aanwezigheid van de Heer.»10 Het is een voortzetting van onze dankzegging na de vorige communie en een voorbereiding voor de volgende.

Als we ons voor het tabernakel bevinden, kunnen wij inderdaad in alle waarheid en preciserend zeggen: God is hier! En in de aanwezigheid van dit geloofsmysterie is er geen plaats voor enige andere houding dan die van aanbidding -Adoro te devote... Devoot aanbid ik U, verborgen God; van respect en verbazing; en tegelijkertijd, van onbeperkt vertrouwen. «Telkens wanneer zij bij Christus onze Heer verblijven, genieten de gelovigen van zijn intieme vriendschap en storten hun harten voor Hem uit ten gunste van zichzelf en hun dierbaren, en bidden voor de vrede en het heil van de wereld. Zij dragen heel hun leven met Christus op aan de Vader in de Heilige Geest, en ontvangen in deze wonderbare uitwisseling een vermeerdering van geloof, hoop en liefde. Zo koesteren zij die goede gezindheid, die hen in staat stelt om met alle passende devotie de gedachtenis van de Heer te vieren en veelvuldig het ons door de Vader gegeven brood te ontvangen.» 11

5.3 «Je bent begonnen met je dagelijks bezoek... het verbaast me niet dat je zegt: Ik begin erg van het godslampje bij het tabernakel te houden.»12

Het bezoek aan het Allerheiligste is een oefening van vroomheid, die maar een paar minuten in beslag neemt; toch, wat een hoop genade en wat een sterkte en vrede geeft onze Heer ons erdoor. We ontdekken daar, dat ons bewustzijn van de tegenwoordigheid van God gedurende de dag wordt verbeterd en we verzamelen nieuwe krachten om over de moeilijkheden van de dag heen te stappen. Ons verlangen om beter te werken, wordt daar aangewakkerd en we krijgen een grote hoeveelheid vrede en vreugde om naar ons gezin mee te nemen. Onze Heer, die altijd grootmoedig betaalt, is dankbaar voor het feit dat wij Hem zijn komen bezoeken. «Hij vergeldt zo overdadig, dat je niet hoeft te vrezen. Zelfs een eenvoudige blik, op Hem gericht, zal Hij niet onbeloond laten.»13

Bij het bezoek aan het heilige Sacrament gaan wij Jezus voor een paar minuten gezelschap houden. Het zou kunnen zijn, dat op een bepaalde dag niet veel mensen Hem hebben bezocht, hoewel Hij hen toch verwachtte. Daarom is Hij des te blijer ons daar te zien. We verrichten enkele van de gebruikelijke gebeden en we doen ook een geestelijke communie. We vragen Hem om hulp -zowel geestelijke als materiële; we vertellen Hem, waar we ons zorgen over maken en waar we blij om zijn. We zeggen Hem dat Hij, ondanks onze kleinheid, op ons kan rekenen voor de herevangelisatie van de wereld en we zeggen wellicht tegen Hem, dat we een vriend dicht bij Hem willen brengen. «Wat zullen we doen, vraag je je soms af, in de tegenwoordigheid van Jezus in het heilige Sacrament? Houd van Hem, prijs Hem, dank Hem en vraag Hem wat je op het hart ligt. Wat doet iemand die dorst heeft, als hij een zuivere heldere bron ziet?» 14 

Als we de kerk na deze ogenblikken van gebed verlaten, zullen wij een grotere vrede in ons hebben, een vast voornemen anderen te helpen, een vurig verlangen de communie te ontvangen, omdat de eucharistie de enige manier is om die innige eenheid met Jezus te verwerkelijken. Het zal ons afdoende helpen de tegenwoordigheid van God in de loop van ons werk en onze dagelijkse bezigheden te laten toenemen. Het maakt het ons gemakkelijk om een relatie van vriendschap en vertrouwen gedurende de dag met Hem te onderhouden.

De eerste christenen waren met deze vrome gewoonte al begonnen vanaf het ogenblik dat zij kerken hadden en er het heilige Sacrament bewaarden. De heilige Johannes Chrysostomus gaf het volgende commentaar op deze passage van de Heilige Schrift: «Jezus ging de tempel binnen. Dit paste een goede Zoon: onmiddellijk binnengaan in het huis van zijn Vader om Hem daar de gepaste eer te bewijzen -precies zoals jij die Jezus behoort na te volgen. Wanneer je een stad binnengaat, moet je eerst naar de kerk gaan.»15

In de kerk binnengekomen kunnen we gemakkelijk ontdekken waar het tabernakel is -de eerste plaats waarop we onze aandacht moeten richten- omdat «het tabernakel waarin de allerheiligste eucharistie bewaard wordt, in de kerk of kapel op een voorname plaats, die zichtbaar is, smaakvol versierd en geschikt voor gebed dient te staan.»16 De aanwezigheid van het Allerheiligste zal daar worden aangeduid door een kleine lamp, die, als teken van eerbied voor onze Heer, er voortdurend bij zal branden.

Als we ons gebed beëindigen, vragen wij onze Moeder Maria ons te leren hoe van Jezus, die werkelijk in het tabernakel aanwezig is, te houden zoals zij van Hem hield al die jaren van zijn leven in Nazareth.

-1. Vgl. Lc 32,35-48. -2. H. Jozefmaria Escrivá, Vrienden van God, 302. -3. Vgl. Joh 21,7. -4. Vgl. Concilie van Trente, Canon 4 over de eucharistie, Dz 886. -5. Johannes Paulus ii, Toespraak, 31 oktober 1982. -6. Pius xii, Mediator Dei, 20 november 1947. -7. Vgl. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 537. -8. Vgl. Lc 10,42. -9. H. Jozefmaria Escrivá, Als Christus nu langs komt, 154. -10. Paulus vi, Mysterium Fidei, 3 september 1965. -11. Vgl. Instr. Eucharisticum Mysterium, 50. -12. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 688. -13. H. Theresia van Avila, De weg der volmaaktheid, 23,3. -14. H. Alfonsus van Liguori, Bezoeken aan het Allerheiligste, 1. -15. H. Johannes Chrysostomus, in Catena Aurea, III. -16. Wetboek van Canoniek Recht, 938 §3; Vgl Instr. Eucharisticum Mysterium, 53-57.





Nieuwsbrief & e-Book

naam:
e-mail adres:
Meer info ...

Betaal Informatie

iDeal

Klanten service

Bestellen
Per e-mail
Tel. (035) 694 63 50

Adres

Bezoek- en verkoopadres:
Stichting Leesgoed, Keizersgracht 218-B, Amsterdam
Dinsdag t/m donderdag van 10:30 tot 13:15 uur.
Zondag van 12:15 tot 13:15 uur