De Boog
... voor eenheid in geloof en leven

ZOEK   EEN BOEK  
 
e-mailadres: 
Klant:   
Registreer Klantnummer vergeten?
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escriva
Spreken met God
Over Jozefmaria Escriva
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie Atrium
Theologie andere boeken
DVD
Navarre bible NT
Navarre bible OT
Gezin
Medische Ethiek

Francisco en Jacinta van Fatima
Over 2 Portugese kinderen aan wie Onze Lieve Vrouw in 1917 in Fatima verscheen. Meer ...

Home >  Onze Lieve Vrouw van smarten

15 september. Gedachtenis

25. ONZE LIEVE VROUW VAN SMARTEN

Het feest van vandaag, meteen na de kruisverheffing, herinnert ons aan de bijzondere band en deelneming van Maria aan het offer van haar Zoon op Calvarië. De christelijke godsvrucht heeft vanaf het begin de verhalen overwogen die de evangelies ons hebben overgeleverd over de aanwezigheid van Onze Lieve Vrouw bij het kruis. In de veertiende eeuw verschijnt reeds de Sequentie van de mis 'Stabat Mater Dolorosa'. Paus Pius vii verbreidde in 1814 deze devotie over heel de Kerk en in 1912 bepaalde de heilige Pius x het feest op deze dag, 15 september, in het octaaf van Maria Geboorte. Onze Lieve Vrouw leert ons vandaag de dag de waarde van medeverlossing die onze smarten en lijden kunnen hebben.

-De smart van Maria verenigt zich met die van Jezus. -Medeverlossing van Onze Lieve Vrouw. -Onze smarten en ons lijden heiligen. Onze toevlucht zoeken tot de heilige Maria, Troosteres der bedroefden.

25.1 Laat mij, Moeder, bron van liefde, / voelen het leed dat u doorgriefde, / dat ik met u medeween. / Doe mijn hart voor Jezus branden, / vlecht gijzelf de liefdesbanden, / dat ik God behaag alleen.1

De Heer heeft zijn Moeder bij het verlossingswerk willen betrekken en haar deelgenote gemaakt van zijn hoogste smart. Wanneer de Kerk vandaag dit medeverlossend lijden van Maria viert, nodigt zij ons uit om voor het eigen en andermans heil de duizend en een, bijna altijd geringe, smarten van het leven en de vrijwillige verstervingen aan te bieden. Maria, verbonden met het heilswerk van Jezus, heeft niet alleen geleden als een goede moeder die haar Zoon aanschouwt in het hevigste lijden, tot in de dood toe. Haar smart is van hetzelfde karakter als die van Jezus: het is een verlossende smart. Het lijden van Maria, de dienstmaagd des Heren, allerreinst en vol van genade, verheft haar handelingen zozeer dat al deze, in diepste eenheid met haar Zoon, een bijna oneindige waarde krijgen.

Wij zullen nooit volledig haar onmetelijke liefde voor Jezus, de oorzaak van haar smarten, kunnen begrijpen. Daarom past de liturgie op de Moeder van smarten, zoals op Jezus zelf, de woorden van de profeet Jeremia toe: Allen die voorbij komt, zie het lijden dat ik moet dragen; zie, wie heeft ooit zo geleden.2

De smart van Maria was nog groter door haar heiligheid bij uitnemendheid. Haar liefde tot Jezus maakte, dat zij het lijden van haar Zoon als haar eigen lijden onderging: «Als zij het lichaam van Jezus door slagen verwonden, voelt Maria al die wonden; als zij zijn hoofd met doornen doorsteken, voelt Maria zich opengescheurd door de scherpe uiteinden; als zij Hem gal en azijn aanbieden, drinkt Maria heel de bitterheid daarvan; als zij zijn lichaam op het kruis uitstrekken, ondergaat Maria heel dat hevige lijden.»3 Hoe meer men iemand liefheeft, des te meer treurt men als men hem moet verliezen. «De dood van een broer doet meer verdriet dan die van een dwaas, de dood van een kind meer dan die van een vriend. Welnu [...], om te begrijpen hoe groot Maria's smart was bij de dood van haar Zoon, zou men de grootheid van haar liefde tot Hem moeten kennen. En wie zou ooit zulk een liefde kunnen meten?»4

De grootste smart van Christus, die Hem in een diepe doodsstrijd in Getsemane stortte, die Hem als geen ander deed lijden, was de diepe kennis van de zonde als belediging van God en van de kwaadaardigheid ervan tegenover de heiligheid van God. En als geen enkel ander schepsel drong de Maagd door en deelde zij in die kennis van het kwade en lelijke van de zonde, die de oorzaak van het Lijden was. Haar hart onderging een eindeloze doodsstrijd, veroorzaakt door de afkeer van de zonde, van onze zonden. Maria zag zich ondergedompeld in een zee van smart. «En omdat ieder van ons in grote mate heeft bijgedragen om de zonden te vermeerderen, zouden wij die dan niet zorgvuldig en liefdevol willen overwegen om berouw te krijgen en zo de wonden te herstellen die we aan het hart van Maria en aan het hart van Jezus hebben toegebracht?»5

25.2 Vanaf het begin lijkt de Heer ons te hebben willen leren door middel van de schepselen die Hij het meest in dit leven liefhad, Maria en Jozef, dat geluk en verlossingskracht nooit ver verwijderd zijn van het kruis. En ofschoon heel het leven van Onze Lieve Vrouw, samen met dat van haar Zoon, op Calvarië was gericht, is er toch een bijzonder ogenblik, waarop haar buitengewoon duidelijk wordt geopenbaard dat zij deelgenote zal zijn in het lijden van de Messias, haar Zoon. Maria was, in gezelschap van Jozef, in de tempel gekomen om gereinigd te worden van een wettelijke smet die zij niet had opgelopen en om haar Zoon aan de Allerhoogste op te dragen. Bij dit offer van haar Zoon zag Maria een glimp van de onmetelijke omvang van haar verlossingsoffer, zoals voorspeld was. Maar God wilde haar bovendien de diepte van dit offer en haar eigen deelname daaraan openbaren door een rechtschapen man, Simeon die, gedreven door de Heilige Geest, tot Maria sprak: Zie, dit kind is bestemd tot val of opstanding van velen in Israël, tot een teken dat weersproken wordt, opdat de gezindheid van vele harten openbaar moge worden; en uw eigen ziel zal door een zwaard worden doorboord.6

De woorden die tot Maria gericht werden, kondigen duidelijk aan, dat haar leven innig verbonden zou zijn met het werk van haar Zoon. «Wat Simeon zegt -aldus paus Johannes Paulus ii- blijkt 'een tweede boodschap' aan Maria te zijn, want het toont haar de concrete historische omstandigheden waarin de Zoon zijn zending zal vervullen, namelijk in onbegrip en leed [...]. Maar het openbaart van de andere kant ook dat zij haar geloofsgehoorzaamheid moet beleven in lijden aan de zijde van de lijdende Heiland en dat haar moederschap duister en smartelijk zal zijn.»7 De Heer wilde zijn Moeder de angst van een overhaaste vlucht naar Egypte niet besparen toen zij met het Kind en Jozef wellicht al haar intrek had genomen in een eenvoudige woning te Betlehem en begon te genieten van een gezinsleven rond Jezus. God heeft haar niet gevrijwaard tegen de ballingschap in een land dat haar vreemd was en waar ze weer helemaal opnieuw moest beginnen met het beetje dat ze op die overhaaste reis hadden kunnen meenemen... Later, toen ze weer in Nazaret gevestigd waren, kwamen de ongerustheid en de zorgen van die dagen dat zij de twaalfjarige Jezus in Jeruzalem zochten. Wat waren dat momenten van angst voor het hart van de Moeder! En later, tijdens de jaren van het openbare optreden van de Heer, waren er de geruchten en lasterpraatjes die haar ter ore zouden komen, de valstrikken van de kant van de joden, waarvan zij zou vernemen, het onbegrip... Daarna de berichten, het een na het andere en telkens gruwelijker, die elkaar afwisselen in de nacht van het verraad, de kreten die de ochtend daarna zijn dood eisen, de eenzaamheid en verlatenheid waarin zij haar Zoon ziet, de ontmoeting op weg naar Calvarië... Wie zou ooit de onmetelijke smart kunnen begrijpen die het hart van de allerheiligste Maagd overstroomt?... Zie daar Onze Lieve Vrouw... Zij ziet hoe ze haar Zoon aan het kruis nagelen... En daarna de beschimpingen, de lange doodsstrijd van een gekruisigde... O hoe droef, hoe vol van rouwe, was de zegenrijkste vrouwe, moeder van de enige Zoon! / Hoe leed zij, de diepbedroefde, tere Moeder, wijl ze toefde bij die Zoon, aan het kruis ten toon. / Wie toch die niet wenen zoude, zo hij het bitter leed aanschouwde dat Maria's hart verscheurt! / Wie, die zonder medelijden Christus' Moeder zou zien lijden, daar zij met haar Zoon zo treurt!»8

Wanneer wij overwegen, dat onze zonden niet vreemd zijn aan deze smart van Maria, maar er een actief deel van uitmaken, dan bidden wij haar vandaag, dat zij ons helpt haar smart te delen, om een diepe afkeer van elke zonde te koesteren, om edelmoediger te zijn in het eerherstel voor onze zonden en voor de zonden die elke dag overal ter wereld worden begaan.

25.3 Het feest van vandaag nodigt ons uit lijden en tegenslag in het leven te aanvaarden om ons hart te zuiveren en medeverlossers met Christus te zijn. De Maagd leert ons dat we ons niet moeten beklagen over het kwaad, want dat heeft zij nooit gedaan; zij moedigt ons aan het te verenigen met het reddende kruis van haar Zoon en het te veranderen in iets dat goed is voor het eigen gezin, voor de Kerk, voor heel de mensheid.

Het lijden dat wij moeten heiligen zal vaak bestaan in de kleine tegenslagen van elke dag: wachten dat uitloopt, veranderingen van plannen, projecten die niet verwezenlijkt worden... Andere keren zal het zich voordoen in de vorm van armoede, zelfs gebrek aan het noodzakelijke, misschien gebrek aan werk waarmee men het gezin kan onderhouden. Deze armoede zal een krachtig middel zijn om ons meer met Christus te verenigen, om Hem na te volgen in zijn absolute onthechting van de dingen, zelfs de noodzakelijke. We zullen naar de Maagd kijken die haar Zoon aanschouwt, die zelfs ontdaan was van de lijfrok die zij goed kende omdat ze hem eigenhandig had geweven. En we zullen troost en kracht vinden om in vrede en gemoedsrust verder te gaan.

Ook kan ons ziekte treffen; dan zullen we om de genade bidden die als een schat te zien, als een liefkozing van God, en om dank te zeggen voor de tijd dat we wellicht niet helemaal de gave van een goede gezondheid wisten te waarderen. Ziekte, in welke vorm ook, ook de psychische, kan de toetssteen zijn die toont hoe sterk onze liefde voor de Heer en ons vertrouwen in Hem zijn. Terwijl we ziek zijn, kunnen we sneller groeien in de deugden, vooral de goddelijke: in het geloof, want we leren ook in die toestand de vooruitziende hand te zien van God onze Vader; in de hoop, want wij zijn altijd in zijn handen, maar vooral wanneer we in zwakkere en behoeftiger omstandigheden verkeren; in de liefde, door het lijden als offer aan te bieden en door voorbeeldig te zijn in de vreugde waarmee we deze toestand, die God voor ons heil wil of toestaat, beminnen.

Dikwijls is het moeilijkste van de ziekte de vorm waarin zij zich aandient: «de ongebruikelijk lange duur, de onmacht waarin ze ons brengt, de afhankelijkheid waartoe ze ons dwingt, het onbehagen dat voortkomt uit eenzaamheid, de onmogelijkheid de gewone plichten te vervullen, en voor een priester bijvoorbeeld de onmogelijkheid zijn apostolaatswerk voor te zetten; voor een religieus om de regel te volgen; voor een moeder in het gezin om voor de kinderen te zorgen. Al deze situaties zijn hard en benauwend voor onze natuur. Ondanks alles en na alle middelen te hebben aangewend die het verstand aanraadt om weer gezond te worden, moeten we met de heiligen herhalen: 'O, mijn God! Ik aanvaard al deze vormen: wat Gij wilt, wanneer Gij wilt en hoe Gij wilt'.»9 We bidden Hem om meer liefde en zeggen Hem langzaam en in volledige overgave: «Wilt U het, Heer?... Dan wil ik het ook»10, zoals wij zo vaak en in zo verschillende omstandigheden tot Hem gezegd hebben.

Wanneer we voelen dat de last te zwaar voor onze geringe krachten wordt, dan moeten we een beroep doen op de heilige Maria en haar om hulp en troost vragen, «want zij blijft de liefdevolle troosteres van alle fysieke en morele smarten die de mensheid bedroeven en kwellen. Zij kent onze smarten en pijnen heel goed, want ook zij heeft geleden, van Betlehem tot Calvarïe toe: uw ziel zal door een zwaard worden doorboord. Maria is onze geestelijke Moeder, en een moeder begrijpt haar kinderen altijd en troost hen in hun noden.

«Van de andere kant heeft zij van Jezus aan het kruis de specifieke opdracht gekregen ons lief te hebben, ons uitsluitend en altijd lief te hebben om ons te redden. Maria troost ons voor alles door ons het kruisbeeld en het paradijs te tonen [...].

«O, Moeder, Troosteres, troost ons allen, maak dat wij allen begrijpen dat de sleutel tot het geluk in de goedheid en het trouw volgen van uw Zoon Jezus ligt.»11 Hij weet altijd wat voor ieder van ons de beste weg is, waarop we Hem moeten volgen.

-1. Sequentie van de mis. Hymne Stabat Mater. (Vert. Laus Deo). -2. Klaagl 1,12. -3. A. Tanquerey, La divinización del sufrimiento, bl. 108. -4. H. Alfonsus van Liguori, De heerlijkheden van Maria, 2,9. -5. A. Tanquerey, o.c., bl. 110. -6. Lc 2,34-35. -7. Johannes Paulus ii, Enc. Redemptoris Mater, 25-III-1987, 16. -8. Sequentie van de mis. Hymne Stabat Mater. (Vert. Laus Deo).-9. A. Tanquerey, o.c., bl. 168. -10. Vgl. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 762. -11. Johannes Paulus ii, Homilie 13-IV-1980, 2.





Nieuwsbrief & e-Book

naam:
e-mail adres:
Meer info ...

Betaal Informatie

iDeal

Klanten service

Bestellen
Per e-mail
Tel. (035) 694 63 50

Adres

Bezoek- en verkoopadres:
Stichting Leesgoed, Keizersgracht 218-B, Amsterdam
Dinsdag t/m donderdag van 10:30 tot 13:15 uur.
Zondag van 12:15 tot 13:15 uur