Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Zesentwintigste zondag door het jaar (C)

39. samen Delen

-De parabel van de slechte rijke en de arme Lazarus. -Met het gebruik dat we maken van de goederen hier op aarde verdienen of verliezen wij de hemel. -Onthechting. Met de anderen delen, wat onszelf gegeven is.

39.1 In de eerste lezing voor de Mis van vandaag1 ontmoeten wij de profeet Amos bij zijn terugkeer uit de woestijn van Samaria. Hij treft de leiders van het uitverkoren volk aan, als zij zich volkomen overgeven aan de genoegens van de wereld. Zij liggen op ivoren bedden en strekken zich uit op hun rustbanken; zij eten de lammeren van de kudde op en de kalveren uit de stal... Zij drinken wijn uit brede schalen en zalven zich met de kostelijkste olie, maar om Jozefs ondergang bekreunen zij zich niet. Dan kondigt Amos aan wat hun lot zal zijn: Daarom gaan zij als eersten de ballingschap in. Deze profetie ging enige jaren later in vervulling.

De liturgie van vandaag waarschuwt ons, dat een buitensporige zucht naar gemak en de zaken van deze wereld onvermijdelijk zal leiden tot verwaarlozen van God en de anderen, en tot een geestelijk en moreel verval. Het evangelie verhaalt de parabel van Christus over een man die precies in deze val terecht kwam.2 In plaats van de hemel te verdienen door het gebruik van zijn rijkdom, verloor hij deze voor altijd. Het verhaal gaat over een rijk man die in purper en fijn linnen gekleed ging en iedere dag uitbundig feest vierde. Intussen was daar bij zijn deur een arme, die Lazarus heette, met zweren overdekt. Hij verlangde ernaar zijn honger te stillen met wat bij de rijkaard van de tafel viel.

De Heer stelt twee extremen in deze parabel tegenover elkaar: buitengewone rijkdom in het ene geval, verschrikkelijke armoede in het andere. Jezus zegt niets over wat de rijke man bezit. Hij legt de hele nadruk op hoe de rijkdom werd gebruikt, door slechts dure kleren en overvloedige maaltijden te noemen. Aan Lazarus werden zelfs de resten van de maaltijd niet gegeven.

De rijke man deed niets verkeerd toen hij zijn fortuin vergaarde. Hij was ook niet verantwoordelijk voor de bittere armoede van Lazarus, tenminste niet rechtstreeks. Hij maakte geen misbruik van de situatie door Lazarus uit te buiten. Niettemin, de rijke had een bepaalde wijze van leven. Waarschijnlijk goed samengevat met de woorden: hij vierde iedere dag uitbundig feest. Hij leefde alleen voor zichzelf, alsof God niet bestond. Hij was volkomen vergeten, dat wij geen eigenaars zijn van wat wij hebben, maar slechts beheerders.

De rijke had zelf een fijn leven. Hij was niet tegen God en ook onderdrukte hij zijn verpauperde naaste niet. Hij was eenvoudig blind voor het bestaan van de behoeftige man voor zijn deur. Hij leefde voor zichzelf en ontzegde zichzelf geen enkele uitgave. Wat was zijn zonde? Hij zag Lazarus niet. Hij zou voor Lazarus hebben kunnen zorgen, als hij niet zo zelfzuchtig was geweest. Hij gebruikte zijn rijkdom niet op een manier die in overeenstemming was met Gods verlangens. Hij wist niet te delen. De heilige Augustinus merkt op: «Lazarus werd in de hemel opgenomen omdat hij nederig was, niet om zijn armoede. Rijkdom op zich verhinderde de rijke man niet zijn eeuwige geluk te bereiken. Hij werd gestraft om zijn zelfzucht en gebrek aan loyaliteit.»3

Zelfzucht kan zich uiten in een onverzadigbaar verlangen om meer en meer materiële goederen te bezitten. Dit kan mensen blind maken voor de noden van de anderen. Egoïstische mensen gaan anderen behandelen, alsof zij waardeloze objecten zijn. Laten wij er vandaag aan denken, dat wij allen behoeftige mensen om ons heen hebben -mensen zoals Lazarus. Wij mogen niet vergeten, grootmoedig uit te delen van wat wij hebben. Bij het delen van materiële goederen moeten wij bovendien zaaiers van begrip, sympathie en vriendschap zijn.

39.2 Ons leven op aarde is een proeftuin voor onze grootmoedigheid. De Heer maant ons aan: Het is zaliger te geven dan te ontvangen.4 Eigenlijk heel tegenstrijdig 'men krijgt meer van geven dan van ontvangen': wat men krijgt, is de hemel. Wanneer wij grootmoedig zijn, komen wij tot de ontdekking, dat anderen werkelijk Gods kinderen zijn, die ons nodig hebben. Wij zullen dan op deze aarde gelukkig zijn en ook in de eeuwigheid. Liefde is in zichzelf de verwerkelijking van het koninkrijk Gods. Het is een van die artikelen, waarvan nooit te veel voor handen kan zijn. Wij moeten uitzien naar de Lazarus in ons huis, op ons kantoor of onze werkplek...

In de tweede lezing leert de heilige Paulus aan Timoteüs, dat: geldzucht de wortel is van alle kwaad.5 Dan vermaant Paulus hem: Gij echter, man van God, moet dit alles mijden. Streef naar gerechtigheid, godsvrucht, geloof, liefde, volharding, zachtmoedigheid. Strijd de goede strijd van het geloof, grijp het eeuwige leven. Daartoe zijt gij geroepen...6

Alle gelovigen, mannen en vrouwen van God, zijn uitverkoren om het zuurdesem te zijn dat de tijdelijke werkelijkheid omvormt en heiligt. Wij moeten helpen mensen om ons heen te redden van de eeuwige dood, evenzeer als de eerste christenen dit deden in hun gemeenten. Bij het zien van de aandacht die zoveel mensen schenken aan materiële zaken, moeten we begrijpen, dat, om zuurdesem te kunnen zijn midden in deze wereld, een leven dienen te lijden van onthechting van ons bezit. Wij zullen onze omgeving niet kunnen beïnvloeden, als wij gehecht zijn aan overbodige dingen en als wij gewend zijn aan verspilling. Wij moeten mensen door ons voorbeeld leren dat geluk en redding niet komen door het bezit van materiële zaken, maar alleen door heilig te leven.

Ingetogenheid, matigheid en onthechting scheppen de voorwaarden om edelmoedig te zijn: in de besteding van onze tijd, van onze talenten, door het verstrekken van materiële goederen naar de mate van onze mogelijkheden, door het verrichten van goede werken op het terrein van vorming, cultuur, ziekenzorg... Zo zullen wij bevrijd worden van ons egoïsme, van onze ongeordende gehechtheid aan de materiële goederen. En zo «zullen wij de bereidheid verwerven solidair te worden met lijdende, arme en zieke mensen, met uitgestotenen en onderdrukten. Onze gevoeligheid zal groeien en het zal niet veel moeite kosten in de hulpbehoevende naaste Christus zelf te zien. Deze Christus brengt ons nu zijn woorden in herinnering: Al wat gij gedaan hebt voor een dezer geringsten van mijn broeders hebt gij voor Mij gedaan (Mt 25,40). Dit zullen onze geloofsbrieven zijn op de dag van het oordeel. Wij allen zullen dan begrijpen, dat de hemel is weggelegd voor degenen die hun broeders liefhebben in daad en waarheid.»7

39.3 Stemt uw gedrag niet af op de wereld.8 Dat was de boodschap van de heilige Paulus aan de eerste christenen van Rome. Als ons hart gehecht is aan de materiële goederen en wij een zelfzuchtig leven leiden, vinden wij het heel moeilijk om de noden van de anderen te zien. Wij vinden het ook steeds moeilijker God te zien. «De rijke werd veroordeeld omdat hij geen aandacht had voor de ander. Omdat hij Lazarus niet opmerkte, de man die bij hem aan de deur zat en die graag de resten van zijn tafel wilde eten.»9 Wij zouden zélf bereid moeten zijn heel wat weg te geven, als wij anderen willen leren ook grootmoedig te zijn.

Christenen mogen niet passief blijven terwijl een vloedgolf van materialisme over onze hele cultuur raast. Wij moeten ook de wereld niet alleen bekijken in economisch opzicht. «Solidariteit is een absoluut vereiste voor menselijke en bovennatuurlijke broederschap.»10 Deze houding zal ons ertoe brengen in die persoonlijke armoede te leven die Jezus 'zalig' noemde. Deze armoede «bestaat uit onthechting, uit godsvertrouwen, uit matigheid en grootmoedigheid, uit een verlangen naar rechtvaardigheid, uit honger naar het Koninkrijk der hemelen, uit volgzaamheid voor het woord van God en standvastigheid in de waarheid (vgl. 'Libertatis conscientia', 66).

»Iets anders is de armoede die veel van onze broeders in deze wereld beklemt en hun ontwikkeling als persoon in de weg staat. Tegen deze armoede, die bestaat in gebrek en ontbering, verheft de Kerk haar stem om de solidariteit te bevorderen en deze armoede te doen verdwijnen.»11

Wij moeten leren de mensen om ons heen als onze broeders te zien. Zij zijn de broeders die gebrek hebben aan de grote schat van het geloof die wij bezitten. Zij hebben behoefte aan onze vreugde, onze vriendschap en soms onze economische hulp. Wij kunnen niet onverschillig blijven ten aanzien van omstandigheden in delen van de wereld, waar zovelen lijden aan gebrek aan voedsel en scholing en aan onwetendheid over de mens en over God.

Wij zullen onderzoeken of onze onthechting een werkelijke onthechting is. Voert het tot enige praktische gevolgen? Ons leven moet een voorbeeld van matigheid zijn wat betreft het gebruik van materiële goederen. Hebben wij ons hart gericht op de schat die altijd blijft en die geen dief kan wegnemen of de motten kunnen vernielen?12 Als wij geloven, kunnen wij Christus in alle eeuwigheid bezitten. De heilige Augustinus vertelt de geschiedenis van zijn bekering met deze woorden: «Hoe fijn vond ik het, plotseling vrij te zijn van de aantrekkingskracht van deze ijdelheden, zodat het nu een vreugde was af te wijzen wat ik eerst zo bang was te verliezen. Want U verwijderde het uit mij, o echte en allerhoogste Liefde, U verwijderde het uit mij, nam zijn plaats in, U, zoeter dan alle vreugde die vlees en bloed te boven gaat; helderder dan alle licht, en toch dieper van binnen dan elk geheim; verhevener dan alle eer, maar niet te vatten voor degenen die hoog en machtig zijn in hun eigen achting.»13 Wat jammer als wij ooit de rijkdom van de goddelijke liefde niet naar waarde schatten.

-1. Amos 6,1; 4-7. -2. Lc 16,19-31. -3. H. Augustinus, Preken 24,3. -4. Hnd 20,25. -5. 1 Tim 6,10. -6. 1 Tim 6,11-12. -7. A. Fuentes, El sentido cristiano de la riqueza, Madrid 1988, bl. 176. -8. Rom 12,2. -9. Johannes Paulus ii, Preek in Yankee Stadium, 2 oktober 1979. -10. Congregatie voor de geloofsleer, Instructie Libertatis conscientia, 22 maart 1986, 89. -11. Johannes Paulus ii, Preek, 7 mei 1990. -12. Vgl. Lc 12,33. -13. H. Augustinus, Belijdenissen, 9,1,1.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 05 feb 2012