Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Zesde week. Woensdag

39. VRUCHTEN IN HET APOSTOLAAT

-De prediking van Christus' leer. Het voorbeeld van Paulus en de eerste christenen. -Zaaien: God geeft de groei. Volharding. -De unieke rol van de vrouw om te evangeliseren in het gezin.

39.1 De lezing tijdens de Mis van vandaag laat ons Paulus' apostolische geestdrift zien, in het hart van de heidense maatschappij. Op de Areopagus te Athene predikte de apostel de voornaamste elementen van het geloof, afgestemd op de belevingswereld en onwetendheid van zijn toehoorders, maar zonder het weglaten van fundamentele waarheden. Hij was er zich van bewust dat zijn leer de inwoners van Athene vreemd en onacceptabel in de oren klonk, maar hij paste zijn onderricht niet aan, verwaterde het niet om het zo meer 'begrijpelijk' te maken. Maar toen zij van de opstanding der doden hoorden, spotten sommigen daarmee, terwijl anderen zeiden: Daarover zullen wij u bij gelegenheid nog wel eens horen.1

De heilige Paulus verliet Athene en ging op weg naar Korinte. Gedurende lange tijd was hij nog onder de indruk van wat zich op de Areopagus had voorgedaan. Met de woorden van de heilige Johannes Chrysostomus: «de Atheners voelden wel voor nieuwe zienswijzen, maar het liet hun verder onverschillig en zij besteedden geen aandacht aan haar inhoud. Ze waren alleen geïnteresseerd in het nieuwtje om over te praten.»2 Deze gebeurtenis herinnert ons, christenen van vandaag, eraan, dat ook wij Christus' prediking, de ene Leer die kan redden, bekend moeten maken. Het is niet echt de meest populaire boodschap of die het meest 'succesvol' is in menselijke termen, of die het beste past bij de stemming van de dag, of kleurt bij de smaak van de tijd.

De apostelen predikten het gehele Evangelie, evenals de Kerk dit door de eeuwen heen heeft gedaan. Paus Benedictus xv doet ons eraan herinneren dat: «Hetgeen de heilige Paulus predikte was: alle waarheden en voorschriften van Christus, zelfs de meest veeleisende, zonder iets te verzwijgen of te verzachten. Hij sprak van nederigheid, van zelfverloochening, van zuiverheid, van onthechting van aardse goederen, van gehoorzaamheid... En hij was niet bang om te benadrukken, dat iemand had te kiezen om God te dienen of Belial. Want het is niet mogelijk om twee heren te dienen. Hij leerde dat iedereen na zijn dood een streng oordeel moet ondergaan; dat niemand kan afdingen bij onderhandelen met God; dat alleen degene die Gods geboden onderhoudt, het eeuwige leven kan verwachten; dat degene die zoekt naar genot door de wetten te overtreden, alleen eeuwige verdoemenis kan verwachten... Nooit heeft de prediker gedacht deze zaken van de waarheid weg te laten, omdat ze misschien te hard op zijn publiek zouden overkomen, in het bijzonder waar het zijn visie op het verval in zijn tijd betrof.»3 Ook wij moeten zo handelen.

Degene die Christus verkondigt, moet er rekening mee houden vaak niet gewaardeerd te zijn, af te zien van 'succes' in menselijke termen, tegen de stroom op te roeien zonder de meer eisende aspecten van Christus' onderricht af te zwakken. Aspecten als versterving, oprechtheid en eerlijkheid waar het beroep en zaken doen betreft, graag kinderen willen krijgen, om kuis en zuiver te zijn in en buiten het huwelijk, de waarde van maagdelijkheid en het celibaat in dienst van het Koninkrijk der hemelen... Er is geen ander recept om onze zieke wereld te genezen. Zoals paus Benedictus xv ook zegt: «Sinds wanneer geeft een dokter waardeloze medicijnen aan zijn patiënten en is hij bang om de goede voor te schrijven?»4

Ook voor een wereld, die op vele manieren vervreemd is geraakt van God en afwijzend aankijkt tegen een christelijke wijze van denken, gelden deze woorden: «Op alle christenen rust dus de verheven taak om er zonder ophouden voor te werken, dat de goddelijke heilsboodschap wordt gekend en aanvaard door alle mensen over de gehele aarde.»5 Allereerst is het onze verplichting om onze apostolische activiteiten te richten op degenen die God naast ons heeft geplaatst, degenen met wie wij regelmatig contact hebben. Wij moeten onze kansen in het apostolaat benutten, Christus' onderricht op een aantrekkelijke en hartverwarmende manier brengen. We zullen niemand tot het geloof trekken als we lichtvaardig en onstuimig zijn; wel als we vriendelijk, geduldig en liefdevol zijn.

39.2 Heel vaak verhoort God onze gebeden en inspanningen op de meest onverwachte wijze en laat ze vrucht dragen. Zij zullen zich niet moe maken voor niets6 is de belofte. In de communie van de Mis van vandaag lezen we deze vertroostende woorden: Niet gij hebt Mij uitgekozen, maar Ik u en Ik heb u de taak gegeven op tocht te gaan en vruchten voort te brengen, die blijvend mogen zijn.7

Soms vraagt het apostolaat van ons om te zaaien zonder er vruchten van te zien; andere keren kunnen wij oogsten, misschien wel datgene wat anderen met hun woorden gezaaid hebben, of door het stille lijden in een ziekenhuisbed, of door het vervullen van een saai en niet opzienbarend beroep. Welke het van de twee ook is, God wil dat zowel de zaaier als de oogster zich samen verheugen.8

Als de vruchten lang op zich laten wachten en we verleid worden om de waarde van onze inspanningen af te lezen aan het directe resultaat, moeten we niet vergeten dat er tijden zijn waarin wij het graan niet zullen zien rijpen, maar dat anderen het zullen oogsten. Wat God van ons verwacht is dat we onvermoeibaar zaaien, dat we de vreugde ervaren die het zaaien met zich meebrengt, omdat we er zeker van kunnen zijn dat het zaad, gezaaid in de voor, op een bepaalde dag zal ontkiemen en vrucht zal dragen. Zo zullen we voorkomen dat we ontmoedigd raken. Ontmoedigd zijn is vaak een teken dat we met de verkeerde intentie hebben gezaaid. Wij werken dan niet voor God maar voor onszelf. Wat wíj niet kunnen voltooien, zullen anderen doen.

Ook moeten we niet proberen onrijpe vruchten te oogsten. «Laten we de bloem niet vernielen door te proberen haar met onze vingers te openen. De knop zal zich openen, de vrucht zal rijpen, in het juiste seizoen en op Gods eigen tijd. Wat ons betreft, laten wij zaaien, planten, begieten, en dan wachten.»9 Volharding en geduld zijn belangrijke deugden in het apostolaat. Beide zijn uitdrukkingen van de deugd van standvastigheid.

De geduldige mens is als de zaaier die de gang van de natuur respecteert en elke taak op de juiste tijd uitvoert: ploegen, zaaien, begieten, bemesten, wieden en oogsten. Dit alles moet gebeuren voordat het graan klaar is en er brood van gebakken kan worden voor de familietafel. De ongeduldige wil echter het brood eten, vóórdat het graan is gerijpt. Als wij onze strijd tot heiliging verwaarlozen en anderen niet helpen bij hun heiliging, zullen we geen vruchten zien. Wie zo handelt, heeft een te menselijke kijk op de dingen en is in open tegenspraak met de geduldige mensenzoon, Jezus Christus. Hij is bij machte om dagen en weken en maanden, ja, jaren te wachten op de bekering van één zondaar. Zielen hebben tijd nodig, en het is niet aan ons om uit te maken hoeveel precies. Laten wij goed zaaien om vervolgens rustig af te wachten; laten we God vragen om de kracht van standvastigheid.

39.3 Uit de prediking van Paulus te Athene ontstond de eerste christengemeenschap in die stad. Sommigen sloten zich bij hem aan en kwamen tot geloof, onder wie Dionysius de Areopagiet en een vrouw die Damaris heette, en nog anderen.10 Zij waren het eerste zaad, gezaaid door de Heilige Geest en velen van hen werden later mannen en vrouwen die Christus trouw bleven.

Damaris is één van de vele vrouwen die in de bladzijden van de Handelingen voorkomt. Haar bekering laat de universaliteit van het Evangelie zien. De apostelen volgden in de voetstappen van Jezus, die zich niet bekommerde om de vooroordelen van die tijd, en ze hebben de komst van het Koninkrijk zowel aan vrouwen als aan mannen verkondigd.11

De evangelist Lucas bericht ons, dat de bekering van Europa begon met een moeder, Lydia, die onmiddellijk bij haar eigen familie ging evangeliseren en hen allen tot het doopsel leidde.12 Ook bij de Samaritanen was het een vrouw, die Christus' boodschap voor het eerst hoorde en het later rondvertelde aan haar buren.13

Het evangelie laat zien, hoe vrouwen Christus volgden en dienden; hoe ze aanwezig waren aan de voet van het kruis; dat zij de eersten waren, die naar het lege graf gingen. Bij hen vinden we geen teken van schijnheiligheid of fout handelen of verraad.

De heilige Paulus had een diep inzicht in de rol die de christenvrouw als moeder, echtgenote en zuster kon spelen waar het de verspreiding van de christelijke boodschap betrof. Zijn mening hierover vinden we terug in zijn prediking en brieven. Enkelen van deze vrouwen zijn in het bijzonder bekend geworden door de offers die zij brachten om hem te helpen in zijn evangelisatiewerk.

In alle tijden, vandaag de dag niet uitgezonderd, spelen christenvrouwen een hoogst belangrijke rol in het apostolaat en in de overdracht van het geloof. «De vrouw is geroepen om in het gezin, in de maatschappij en in de Kerk iets in te brengen, dat alleen haar eigen is en dat alleen zíj maar geven kan: een fijnvoelende tederheid, een onvermoeibare edelmoedigheid, liefde voor het concrete, scherpzinnigheid, het vermogen om zich in de gevoelens van een ander te verplaatsen, volharding en een diepe en eenvoudige vroomheid.»14 De Kerk verwacht van de vrouwen toewijding en getuigenis van alles wat bijdraagt aan de waardigheid van de menselijke persoon en verder aan hun ware geluk.

Als deze kwaliteiten, waarmee God de vrouwen heeft begiftigd, groeien en zich ontwikkelen, dan pas zal «haar leven en haar werk [...] echt constructief, vruchtbaar en zinvol zijn, onverschillig of ze nu de dag aan de zijde van haar man en haar kinderen doorbrengt of dat zij, omdat ze bijvoorbeeld om nobele redenen van het huwelijk heeft afgezien, al haar krachten in dienst van andere activiteiten stelt.

»Als ze trouw is aan haar menselijke en haar goddelijke roeping, kan en zal elke vrouw de volheid van de vrouwelijke persoonlijkheid verwezenlijken. Laten we niet vergeten dat Maria, de Moeder van God en Moeder van alle mensen, voor ons niet alleen maar een voorbeeld, maar tegelijk een bewijs is van de transcendentale waarde die een schijnbaar onbeduidend leven kan hebben.»15 Maria vragen wij of zij wil bidden voor de vruchten van het werk van de christenvrouw in haar gezin, in de maatschappij en in de Kerk. Haar vragen wij, dat de Kerk altijd een rijke overvloed mag hebben van roepingen, van mensen die geheel toegewijd zijn aan God.

-1. Hnd 17,32. -2. H. Johannes Chrysostomus, Homilieën over de Handelingen van de Apostelen, 39. -3. Benedictus xv, Enc. Humanum genus. -4. Ibidem. -5. Vaticanum ii, Decr. Apostolicam actuositatem, 3. -6. Jes 65,23. -7. Joh 15,16. -8. Vgl. Joh 4,36. -9. G. Chevrot, Le puits de Sychar. -10. Hnd 17,34. -11. Vgl. The Navarre Bible, Acts of the Apostles. -12. Vgl. Hnd 16,14. -13. Vgl. Joh 4,1 e. v. -14. Gesprekken met Mgr. Escrivá, 87. -15. Ibidem.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012