De Boog tekst
home best verkocht alle titels aanbiedingen cadeau bestellijst help contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Tweeëntwintigste zondag door het jaar (B)

2. Ware zuiverheid

-Zuiverheid van de ziel. -Zuiverheid in het dagelijks leven. -Ons hart onbevlekt houden. De rol van regelmatig biechten.

2.1 De heilige Marcus, die zijn evangelie in de eerste plaats voor bekeerlingen uit het heidendom schreef, geeft als hulp aan de lezer in verschillende passages uitleg over bepaalde joodse gewoonten, de waarde van munten enzovoort, zodat het onderricht van de Heer beter begrepen zou kunnen worden. In het evangelie van vandaag1 vertelt hij ons, dat de joden, en vooral de Farizeeën, niet eten [...] zonder zich eerst de handen te hebben gewassen met een handvol water, daar ze vasthouden aan de overlevering van de voorvaderen; komen ze van de markt, dan eten ze niet, voordat zij zich gereinigd hebben; zo zijn er nog andere dingen waaraan ze bij overlevering vasthouden: het afwassen van bekers, kruiken en koperen vaatwerk.

Deze zuiveringen werden niet eenvoudigweg om hygië­nische redenen of uit beschaafdheid verricht; ze hadden namelijk een religieuze betekenis, want ze symboliseerden de morele zuiverheid om tot God te naderen. In psalm 24, die deel was van de liturgische ritus wanneer men de tem­pel van Jeruzalem binnenkwam, wordt gezegd: Wie mag dan bestijgen de berg van de Heer, wie mag staan in zijn heilig domein? Die rein is van handen en zuiver van hart.2 Zuiverheid van hart blijkt een voorwaarde om tot God te mogen naderen, om deel te nemen aan zijn aanbidding en zijn gelaat te aanschouwen. Maar de Farizeeën gingen niet verder dan het zuiver uiterlijke niveau en vergrootten zelfs de gecompliceerdheid van de riten, terwijl ze hun fundamentele aspect veronachtzaamden, namelijk zuiverheid van hart, waarvan al het overige louter teken en symbool was.3

Bij deze gelegenheid waren de schriftgeleerden en Farizeeën die naar Jeruzalem waren gekomen, verrast dat sommigen van Jezus' leerlingen met ongewassen handen aten, en ze vroegen aan de Heer: Waarom gedragen uw leerlingen zich niet volgens de overlevering van de voorvaderen, maar eten zij met onreine handen? De Heer reageerde scherp op deze lege en formalistische houding en zei: huichelaars, gij laat het gebod van God varen en houdt vast aan de overlevering van mensen. Ware zuiverheid -het 'rein zijn van handen' volgens psalm 24- betekent meer dan 'gewassen handen'. Het moet beginnen in het hart, want uit het binnenste, uit het hart van de mensen, komen boze gedachten, ontucht, diefstal, moord, echtbreuk, hebzucht, kwaadaardigheid, bedrog, losbandigheid, afgunst, godslastering, trots, lichtzinnigheid. Alle daden van de mens hebben hun oorsprong in zijn hart; en als dat niet zuiver is, dan is de hele persoon onzuiver.

Zinnelijkheid, dat wil zeggen de hoofdzonde van de begeerte, laat een diep litteken achter op de ziel. Maar dit is niet de enige manifestatie van onzuiverheid: daartoe behoort ook het buitensporig verlangen naar materiële goederen, de houding die iemand ertoe brengt anderen uit te buiten, te intrigeren, afgunstig of verbitterd te zijn; en ook de neiging om alleen aan zichzelf te denken en anderen buiten te sluiten; en innerlijke luiheid, de oorzaak van dagdromen en fantasieën die de aanwezigheid van God en toewijding op het werk ondermijnen. Ons uiterlijke gedrag wordt gekleurd door onze innerlijke gesteldheid. Veel uiterlijke fouten tegen de naastenliefde kunnen herleid worden tot gevoelens van lichtgeraaktheid of ergernis die krachtig afgewezen hadden moeten worden, zodra ze voor het eerst de kop opstaken.

Wat Jezus afwijst is de mentaliteit achter al deze voorschriften; ze waren op dat moment hun oorspronkelijke doel volledig kwijtgeraakt. In plaats daarvan leert Hij ons die zuiverheid te beminnen, waardoor wij in staat zijn God te zien in ons dagelijks leven. Hij heeft ons zo vaak gezegd dat Hij wil heersen in onze gevoelens, te allen tijde bij ons wil zijn, een nieuwe betekenis wil geven aan al wat we doen. Laten we Hem vragen ons hart altijd zuiver te houden van deze buitensporige neigingen.

2.2 De zuiverheid van ziel die de Heer vraagt van zijn volgelingen is zeker niet gewoon een zaak van uiterlijk vertoon. Van ons wordt niet verwacht dat we onze handen en borden wassen en ons hart onzuiver laten. Zuiverheid van de ziel -kuisheid, op het gebied van de zinnelijkheid, en oprechtheid in onze andere gevoelens en neigingen- moet echt naar waarde geschat en in blijdschap gezocht worden, waarbij we onze inspanning steeds baseren op Gods genade. Deze innerlijke zuiverheid -voorwaarde voor alle liefde- is het gevolg van een levenslange, vreugdevolle en aanhoudende strijd die niet verflauwt dankzij het dagelijks gewetensonderzoek dat dient om niet te vervallen in houdingen en gedachten die de ziel van God en de anderen scheiden. De innerlijke zuiverheid is ook de vrucht van de liefde voor een veelvuldige, goed volbrachte biecht, waarin God ons zuivert en vervult van zijn genade en wij ons hart schoon wassen.

Innerlijke zuiverheid brengt een versterking en groei van de liefde met zich mee, en ook de verheffing van de mens tot de waardigheid waartoe hij geroepen is. De mens is zich steeds meer bewust van zijn waardigheid4, wat in contrast staat met de grote regelmaat waarmee hij haar vaak lijkt te veronachtzamen. «Het menselijk hart blijft vandaag de dag dezelfde aandriften voelen die Jezus aanwees als de oorzaak en wortel van onzuiverheid: egoïsme in al zijn vormen, kwaadwillige bedoelingen, lage motieven die zo dikwijls het gedrag van de mens inspireren. Het lijkt echter dat we op dit moment in de geschiedenis getuige zijn van iets -de degradatie van de mense­lijke liefde en een wereldwijde golf van onkuisheid en zinnelijkheid- wat, vanwege ernst en omvang ervan, tot nu toe niet voorgekomen is. Deze verlaging van de mens heeft uitwerking op de kern van zijn wezen, de hele essen­tie van zijn persoonlijkheid, en moet, gezien de wereldwijde verspreiding ervan, beschouwd worden als een verschijnsel dat in de geschiedenis zijn weerga niet kent.»5

Met de hulp van de genade, waarop we altijd kunnen rekenen als we Gods werkzaamheid in onze ziel niet belemmeren, is het onze christelijke plicht om met het voorbeeld van ons leven en met ons woord te laten zien dat kuisheid wezenlijk is voor iedereen, mannen en vrouwen, volwassenen en jongeren, en dat iedereen de kuisheid moet beoefenen volgens de condities van de staat waartoe God hem geroepen heeft; «ze is een vereiste van de liefde, een dimensie van haar innerlijke waarheid in het hart van de mens»6, en zonder haar zou het niet mogelijk zijn God of onze medemens te beminnen.

De trouw aan onze verplichtingen als mannen en vrouwen die Christus volgen, de sterkte en het onontbeerlijke gezonde verstand moeten ons ertoe brengen bezonnen te handelen en gelegenheden te vermijden die schadelijk zijn voor de gezondheid van de ziel en de integriteit van het geestelijke leven. We moeten onze zintuigen te allen tijde beschermen. Indien noodzakelijk moeten we vermijden af te stemmen op bepaalde TV- of radioprogramma's. Als de gelegenheid zich voordoet, moeten we weigeren mee te doen aan gesprekken die indruisen tegen de waardigheid van de aanwezigen, en zoveel als mogelijk proberen zo'n gesprek een andere wending te laten nemen. In de manier waarop we ons kleden, in persoonlijke verzorging, in de sport, kunnen we niet onverschillig staan tegenover decorum en zedigheid. We kunnen ons niet vertonen op plaatsen die ongepast zijn voor een goed christen, ook al zijn ze in de mode of gaan de meesten van onze vrienden erheen. Soms ligt het misschien op onze weg ongecompliceerd krachtig bezwaar te maken tegen onfatsoenlijk gedrag. Het kan geen kwaad te bedenken dat het woord 'obsceen' afkomstig is uit het Grieks en Romeins theater, en verwees naar de -met name lichamelijke- intimiteiten in het leven die 'niet op het podium vertoond moeten worden', uit respect voor het publiek. Zelfs die heidense beschaving, die overigens zeer permissief was in haar morele normen, begreep dat er dingen zijn die niet in de openbaarheid thuishoren.

Het zal misschien niet altijd makkelijk zijn als goede christenen te leven in een omgeving die de morele koers in het leven kwijt geraakt is. Van de andere kant heeft de Heer ons nooit een gemakkelijke weg beloofd, maar wel de genade die noodzakelijk is om te overwinnen. Zich laten meeslepen door menselijk opzicht, of door vrees buitenissig te lijken, en zich dan maar aanpassen aan 'heidense vanzelfsprekendheid', zou een blijk zijn van een zwakke, laag-bij-de-grondse persoonlijkheid en vooral van weinig liefde voor de Meester.

2.3 Helemaal in de diepten van het menselijk hart wil de Heilige Geest de bron van een nieuw leven doen opwellen die beetje bij beetje de hele mens doordrenkt. Een van de noodzakelijke elementen in deze activiteit -en tegelijkertijd een van de vruchten van het innerlijke leven- is de deugd van de zuiverheid, en van kuisheid in het bijzonder7: zuiverheid is in het Nederlands en in andere talen hetzelfde gaan betekenen als kuisheid, ofschoon zuiverheid in zichzelf een ruimere betekenis heeft.8 Deze christelijke zuiverheid, kuisheid, is altijd een glorie geweest van de Kerk en een van de duidelijkste tekens van haar heiligheid. Ook nu zijn er, net zoals in de tijd van de eerste christenen, veel mannen en vrouwen die een leven van celibaat of maagdelijkheid leven omwille van het Rijk der hemelen9, midden in de wereld maar zonder werelds te zijn; en er zijn zeer veel christelijke echtparen, vaders en moeders van gezinnen, die een kuis en heilig leven leiden in de gehuwde staat. Zowel de eerst- als de laatstgenoemden zijn getuigen van dezelfde christelijke liefde die zich onderscheidt naar ieders roeping, want, zo leert de Kerk, «huwelijk en maagdelijkheid of celibaat zijn twee manieren om het ene mysterie van Gods verbond met zijn volk uit te drukken en te beleven.»10

Wij allen, ieder in de staat waartoe hij geroepen is -alleenstaand, gehuwd, weduwe of weduwnaar, priester-, vragen God vandaag om ons een hart te geven dat edel en schoon is, vol vriendelijkheid jegens alle mensen en in staat hen allen tot God te brengen; in staat tot een grenzeloze goedheid jegens degenen die tot ons komen, misschien innerlijk bloedend, die onze hulp zoeken en er soms om smeken, om hen te helpen boven water te blijven. Een schietgebed dat ons misschien nu kan helpen, en bij vele gelegenheden, is het gebed dat de liturgie met Pinksteren richt tot de Heilige Geest: Was wat vuil is en onrein, / overstroom ons dor domein, / heel de ziel die is gewond. / Maak weer zacht wat is verstard, / koester het verkilde hart, / leid wie zelf de weg niet vond. 11

En samen met de smeekbede, een krachtdadig voornemen om te doen wat nodig is om te zorgen, dat ons hart nooit misvormd wordt, niet alleen door onzuivere gedachten en verlangens, maar ook doordat we niet in staat zijn snel te vergeven. Laten we besluiten geen enkele wrok of grief te koesteren jegens iemand om wat voor reden dan ook; laten we met al onze kracht proberen afgunst en nijd te vermijden, en alle dingen die de ziel bezoedelen en haar verdrietig en eenzaam achterlaten. Laten we houden van het sacrament van boete en verzoening, waarin ons hart steeds weer meer gezuiverd wordt en vergroot om goed te doen.

En als we het moeilijk vinden om tot dat sacrament te naderen, kunnen we rekenen op de hulp van onze Moeder de maagd Maria, die vol van genade is vanaf het eerste moment van haar conceptie; zij zal ons leren hoe we sterk moeten zijn en ons hart zuiver houden, vol liefde voor haar Zoon.

-1. Mc 7,1-8. -2. Vgl. Ps 24,3-4. -3. Vgl. Johannes Paulus ii, Algemene audiëntie, 10 december 1980. -4. Vgl. Vaticanum ii, Verklaring Dignitatis humanae, 1. -5. J. Orlandis, Las ocho bienaventuranzas, bl. 114-115. -6. Johannes Paulus ii, Algemene audiëntie, 3 december 1980. -7. Vgl. S. Pinckaers, La quête du bonheur. -8. Vgl. Johannes Paulus ii, Algemene audiëntie, 10 december 1980. -9. Mt 19,12. -10. Johannes Paulus ii, Familiaris consortio, 16. -11. Vgl. Romeins Missaal, Zondag van Pinksteren, sequentie.




Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
Spreken met God Deel 5
van € 17,95 voor € 15,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Priester zijn
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 50 vragen over Jezus
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps:   xml   html      ©De Boog 2009