Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

9 november. Feest

39. WIJDING VAN DE BASILIEK VAN LATERANEN

Deze basiliek is een van de eerste Godshuizen die de christenen konden oprichten na het tijdperk van de vervolgingen. Ze werd door paus Silvester op 9 november 324 gewijd. Dit feest, dat aanvankelijk alleen in Rome werd gevierd, werd een algemeen feest in de Romeinse ritus, ter ere van deze kerk die de 'Moeder en het Hoofd van alle kerken van Rome en van de wereld (Urbis et orbis)' genoemd wordt, als teken van liefde en eenheid met de Stoel van sint Petrus. De geschiedenis van deze basiliek herinnert eraan, hoe duizenden en duizenden mensen, die er het doopsel ontvingen, tot het geloof zijn gekomen.

-De Godshuizen, symbool van Gods tegenwoordigheid onder de mensen. -Jezus Christus, werkelijk tegenwoordig in onze kerken. -De goddelijke genade maakt ons tot levende tempels van God.

39.1 De joden vierden telkenjare het feest van de Wijding1 ter herinnering aan de reiniging en instelling van de eredienst in de tempel van Jeruzalem na de overwinning van Judas de Makkabeeër op koning Antiochus.2 Een week lang werd in heel Judea deze verjaardag gevierd. Men noemde het ook het Lichtfeest, omdat men de gewoonte had lantaarns te ontsteken, als symbool van de Wet, en die achter de ramen van de huizen te zetten, elke dag van het feest één lantaarn méér.3 Deze viering werd door de Kerk overgenomen om de dag te herdenken waarop de bedehuizen veranderd waren in plaatsen bestemd voor de eredienst. Heel bijzonder «wordt ieder jaar in geheel de Romeinse ritus de wijding gevierd van de Basiliek van Lateranen, de oudste en eerste in waardigheid van alle kerken van het Westen». Bovendien «viert men in elk bisdom de wijding van de kathedraal, en iedere kerk herdenkt de dag van haar eigen wijding.»4

Het feest dat wij vandaag vieren heeft een speciaal belang, omdat de Basiliek van Lateranen de eerste kerk is die gewijd is aan de Heiland, opgericht te Rome door keizer Constantijn. Tot op de dag van vandaag is zij de kathedraal van de paus van Rome. Het feest wordt in heel de Kerk gevierd als teken van eenheid met de paus.

De tempel werd door de joden beschouwd als een plaats waar Jahwe heel bijzonder tegenwoordig was. Reeds in de woestijn openbaarde Hij zich in de Tent van samenkomst: daar sprak Mozes met de Heer, zoals men met een vriend spreekt; de wolkkolom -teken van zijn tegenwoordigheid- daalde toen af en bleef staan boven de ingang van de Tent.5 Het was de omgeving, waar zijn Naam zal wonen, zijn oneindig en onuitsprekelijk Wezen, om naar zijn getrouwen te luisteren en acht op hen te slaan. Toen Salomo de tempel van Jeruzalem had gebouwd, sprak hij tijdens het feest van de wijding de volgende woorden uit: Maar zou God werkelijk op aarde wonen? Zelfs de hemel en de hemel der hemelen kunnen U niet bevatten! Hoe dan deze tempel die ik gebouwd heb? Geef dan acht op het gebed van uw dienaar en op zijn smeekbede, Jahwe mijn God, en luister naar zijn roepen en naar het gebed dat uw dienaar vandaag tot U richt. Laten uw ogen geopend blijven, dag en nacht, naar dit huis, naar de plaats waarvan Gij gezegd hebt: Mijn naam zal daar wonen, en blijf zo luisteren naar de smeekbede die uw dienaar op deze plaats tot U richt. Luister dan naar de smeekbede van uw dienaar en van uw volk Israël, die zij op deze plaats tot U zullen richten. Ja, Gij zult het horen vanuit de hemel, uw woonstede...6

Wij gaan naar onze kerken toe om onze God te ontmoeten: Hij wacht daar op ons, in werkelijke tegenwoordigheid, in de eucharistie, bewaard in het tabernakel.

De tempel -zo leert paus Johannes Paulus ii- «is het huis van God en uw huis. Eert hem dus als plaats van ontmoeting met de gemeenschappelijke Vader.»7 Het kerk-gebouw is het zinnebeeld en teken van de Kerk-verzameling, gevormd door de levende stenen, d.w.z. de christenen, die door hun doopsel aan God zijn toegewijd.8 «De plaats waar de christengemeenschap samenkomt om Gods woord te aanhoren, om gebeden van bemiddeling en lofprijzing van God omhoog te doen stijgen en vooral om de heilige mysteries te vieren, en waar het Allerheiligst Sacrament van de Eucharistie wordt bewaard, is het eigen beeld van de Kerk, de tempel van God, opgebouwd uit levende stenen; ook het altaar, waaromheen het heilige volk zich schaart om deel te nemen aan het offer van de Heer en zich te voeden aan het hemels gastmaal, is het teken van Christus, priester, offerlam en altaar van zijn eigen offer.»9 Wij gaan er in alle eerbied naar toe, want niets is méér eerbied waard dan het huis van de Heer: «Welk een eerbied moeten onze kerken ons niet inboezemen, waar het offer van hemel en aarde, het bloed van een mensgeworden God wordt aangeboden?»10 Wij gaan er ook heen in het vertrouwen van degene die zeer wel weet dat hij er Jezus Christus ontmoet, zijn Vriend, die zijn leven uit liefde voor hem heeft gegeven; Hij wacht daar iedere dag op ons. Het is eveneens het gemeenschappelijke huis waar wij onze broeders ontmoeten.

39.2 De kerken zijn de plaatsen van samenkomst van de leden van het nieuwe volk Gods, die er vergaderen om gezamenlijk te bidden. In de kerken ontmoeten we Jezus, want waar twee of méér in zijn naam samen zijn, daar is Hij in hun midden11; daar horen wij zijn stem. Maar vooral ontmoeten we er Jezus, werkelijk en substantieel tegenwoordig in de heilige eucharistie. Hij is er tegenwoordig met zijn goddelijkheid en allerheiligste menselijkheid, met zijn lichaam en zijn ziel. Daar ziet en hoort Hij ons, en Hij slaat acht op ons, zoals Hij degenen te hulp schoot die, arm en behoeftig, uit alle steden en dorpen12 naar Hem toe kwamen. Aan Jezus, tegenwoordig in het tabernakel, mogen wij onze verlangens en zorgen voorleggen, de moeilijkheden, zwakheden en onze wens om Hem iedere dag méér te beminnen. De wereld zou heel anders zijn, als Jezus niet onder ons had verbleven. Hoe zouden wij dan niet onze tempels en bedehuizen, waar Jezus op ons wacht, liefhebben? Hoeveel vreugde hebben we niet bij het tabernakel ontvangen? Hoeveel pijnen die ons kwelden, hebben we daar niet achtergelaten? Hoe dikwijls zijn we niet na het gesjouw van het dagelijkse leven, gesterkt en bemoedigd, teruggekeerd? We mogen evenmin vergeten, dat zich in het gebedshuis het altaar bevindt, waarop dagelijks het offer van oneindige waarde, dat de Heer op Calvarië heeft voltrokken, wordt hernieuwd. Dagelijks komen ontelbare genadegaven van Gods barmhartigheid tot ons in deze plaatsen die aan de eredienst en het gebed zijn gewijd.

Wanneer een hooggeplaatste gast in een huis verblijf houdt, zou het van een groot gebrek aan hoffelijkheid blijk geven, als men hem niet goed zou onthalen of als men zich niet aan hem zou storen. Zijn wij ons altijd ervan bewust, dat Jezus hier op aarde onze Gast is, dat Hij onze aandacht nodig heeft? Laten we vandaag nagaan of wij bij binnenkomst in een kerk aanstonds Jezus gaan groeten in het tabernakel, of wij ons altijd gedragen zoals dat hoort op een plaats waar God op bijzondere wijze woont, of onze kniebuigingen voor Jezus in het sacrament een werkelijke geloofsdaad is, of wij altijd blij zijn als we in de buurt van een gebedshuis komen, waar Christus waarlijk tegenwoordig is. «Maakt het je niet blij, als je op je gebruikelijke weg door de stad weer een ander tabernakel hebt ontdekt?»13 En we zullen onze bezigheden met méér vreugde en in grotere vrede voortzetten.

39.3 In het Nieuwe Verbond is de ware tempel niet meer door mensenhanden vervaardigd: Jezus' heilige menselijkheid is voortaan Gods tempel bij uitstek. Hij zelf had gezegd: Breekt deze tempel af en in drie dagen zal Ik hem doen herrijzen. En de evangelist verklaart: Hij sprak over de tempel van zijn lichaam.14 En als het fysieke lichaam van Jezus de nieuwe tempel van God is, dan is dat ook de Kerk, het Mystieke Lichaam van Christus, waarvan Jezus Christus zelf de hoeksteen is, waarop het nieuwe gebouw rust. «Verworpen, buiten gesloten, terzijde geschoven, als dood beschouwd -toen net zo goed als thans- maakte en maakt de Vader Hem steeds tot de hechte en rotsvaste basis van het nieuwe bouwwerk. En Hij doet dat door zijn glorievolle verrijzenis...

»De nieuwe tempel, het lichaam van Christus, geestelijk, onzichtbaar, is gebouwd door allen en ieder afzonderlijk van de gedoopten op de levende hoeksteen, Christus, naarmate zij Hem aanhangen en in Hem groeien tot de volheid van Christus. In en door deze tempel, Gods woonstede in de Geest, wordt Hij verheerlijkt, dankzij het heilig priesterschap dat geestelijke offers aanbiedt (1 Pe 2,5), en wordt zijn Koninkrijk in deze wereld gevestigd.»15 De heilige Paulus bracht dit de eerste christenen dikwijls in herinnering: Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat de Geest van God in u woont?16

We dienen vaak te overwegen, dat de Allerheiligste Drieëenheid «door middel van Gods genade in de ziel van de rechtvaardige woont als in een tempel, op innige en bijzondere wijze.»17 De overweging van deze wonderbaarlijke werkelijkheid zal ons helpen om ons meer bewust te zijn van de bovennatuurlijke zin van een leven in Gods genade en van de diepe afschuw die we moeten koesteren tegenover de zonde, «die de tempel van God verwoest», en de ziel berooft van de goddelijke genade en vriendschap. Door deze inwoning kunnen wij genieten van een voorproef van hetgeen het gelukzalige visioen in de hemel zal zijn, want «deze wonderbare vereniging verschilt slechts in aard en staat van die waarvan God de gelukzaligen vervult door hen zalig te spreken.»18

Gods tegenwoordigheid in onze ziel nodigt ons uit een meer persoonlijke en directe omgang na te streven met de Heer, die wij op ieder ogenblik in het diepst van onze ziel zoeken.

-1. Joh 10,22. -2. Vgl. 1 Mak 4,36-59; 2 Mak 1,1 vv; 10,1-8. -3. Vgl. 2 Mak 1,18. -4. A.G. Martimort, L'Église en priére. -5. Ex 33, 7-11. -6. 1 Kon 8,27-30. -7. Johannes Paulus ii, Homilie in Orcasitas (Madrid), 3-XI-1982. -8. Vgl. Ritueel van de wijding van kerken en altaren, Presentatie, 26-X-1978. -9. Vgl. Decreet 29-V-1977, waarin genoemd Ritueel wordt gepubliceerd. -10. Anoniem, La Santa Misa, Rialp, Madrid 1975, bl. 133. -11. Mt 18,20. -12. Vgl. Mc 6,32. -13. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 270. -14. Joh 2,20-21. -15. Johannes Paulus ii, loc. cit. -16. 1 Kor 3,16. -17. Leo xiii, Enc. Divinum illud munus, 9-V-1897, 10. -18. Ibidem, 11.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 08 feb 2012