Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Zevenentwintigste week. Maandag

49. Zorgen voor elkaar

-Christus is de barmhartige Samaritaan die uit de hemel neerdaalt om ons te verzorgen. -Slagvaardig en praktisch medelijden voor wie ons nodig heeft. -Liefde voor wie ons het meest nabij is.

49.1 In de Mis van vandaag lezen wij de parabel van de barmhartige Samaritaan, zoals verhaald door de heilige Lucas1. Het is een van de mooiste en ontroerendste verhalen in het evangelie. De Heer leert ons wie onze naaste is en hoe wij in broederlijke liefde met de anderen moeten leven. Misschien was de Heer niet ver van de weg, waarover in de parabel gesproken werd. Dikwijls bracht Hij zijn onderricht met zijn omgeving in verband. Eens viel iemand die op weg was van Jeruzalem naar Jericho, in de handen van rovers. Ze plunderden en mishandelden hem en toen ze weggingen, lieten ze hem halfdood liggen.

Veel kerkvaders en vroeg-christelijke schrijvers hebben Christus zelf vereenzelvigd met de barmhartige Samaritaan.2 De man die in de handen valt van rovers is een symbool van de mensheid, gewond en van zijn goederen beroofd door de erfzonde en persoonlijke zonden. De heilige Augustinus merkte op: «Deze overtredingen beroofden de mensen van onsterfelijkheid. Zij overdekten hem met wonden en maakten hem ontvankelijk voor zonde»3 De heilige Beda schreef dat zonden 'wonden' worden genoemd omdat zij de integriteit van de menselijke natuur vernietigen.4 De rovers staan voor de duivels, driften die aanzetten tot kwaad, aanstoot... De leviet en de priester symboliseren het Oude Testament, dat deze wonden niet kon genezen. De herberg is een symbool van de Kerk. «Wat zou er gebeurd zijn met deze arme Jood als de Samaritaan thuis was gebleven? Wat zou er met ons gebeurd zijn als Gods Zoon zijn reis niet had ondernomen?»5 Jezus is bewogen door medelijden met de mens en heelt diens wonden door ze zelf te dragen.6 De heilige Johannes schreef aan de eerste christenen: En de liefde die God is, heeft zich onder ons geopenbaard doordat Hij zijn enige Zoon in de wereld gezonden heeft om ons het leven te brengen... Vrienden, als God ons zozeer heeft liefgehad, moeten ook wij elkander liefhebben.7

«Bij het evangelie van het lijden behoort ook -en wel op een essentiële wijze- de parabel van de barmhartige Samaritaan.»8 Het gehele leven van Christus was een voortdurende toenadering tot de mens om zowel zijn materiële als geestelijke noden te lenigen. Wij behoren ten opzichte van anderen dezelfde soort medelijden te beoefenen. Wij mogen nooit iemand die lijdt, onverschillig voorbij lopen. Wij kunnen van Jezus leren stil te staan en bij iemand te blijven die lichamelijk of geestelijk troost nodig heeft. In de zorgzame liefde zullen de anderen Christus zelf zien, aanwezig in zijn volgelingen.

49.2 De parabel werd geïnspireerd door de vraag: Wie is mijn naaste? Om zijn bedoeling zo duidelijk mogelijk te maken, laat de Heer bij de gewonde verschillende personen de revue passeren: Bij toeval kwam er juist een priester langs die weg, hij zag hem wel, maar liep in een boog om hem heen. Zo deed ook een leviet: hij kwam daar langs, zag hem, maar liep in een boog om hem heen. Toen kwam een Samaritaan die op reis was, bij hem; hij zag hem en kreeg medelijden; hij trad op hem toe, goot olie en wijn op zijn wonden en verbond ze; daarna tilde hij hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en zorgde voor hem.

Jezus wil ons leren, dat onze naaste diegene is die toevallig dicht bij ons is, ongeacht ras, politieke overtuiging of leeftijd... En het kan gebeuren dat onze naaste hulp nodig heeft. De Meester heeft ons een voorbeeld gegeven hoe wij ons moeten gedragen. «Deze Samaritaan [Christus] waste onze zonde schoon, leed voor ons en droeg de halfdode man, die ons zondigen zelf voorstelt, naar de herberg, die de Kerk voorstelt. De Kerk staat open voor iedereen. Zij sluit nooit haar deur voor iemand of weigert hulp te geven. Jezus zelf zei: Kom tot mij... (Mt 11,28). Toen de Samaritaan de reiziger naar de herberg had gebracht verliet hij het geredde slachtoffer niet meteen. Hij bleef de hele dag bij hem om zijn herstel nauwlettend te volgen... Bij zijn vertrek de volgende morgen stond de Samaritaan erop de herbergier van tevoren te betalen voor de verblijfkosten van de reiziger. Hij vertrouwt de herbergier, de engelen van zijn Kerk, de zorg toe voor de reiziger. Deze hulp zal, zo hoopt de Samaritaan, de reiziger naar de hemel leiden.»9

De Heer moedigt ons aan tot een slagvaardig en praktisch medelijden, het toepassen van het geëigende genees­middel, jegens welke persoon we ook maar gekwetst op onze levensweg tegenkomen. De verwondingen kunnen heel verschillend zijn: kwetsuren als gevolg van eenzaam­heid, van gebrek aan genegenheid, van verlatenheid. Mis­schien betreft het fysieke nood: voeding, kleding, huis, werk of de diepe wond van de onwetendheid. En dan zijn er nog de verwondingen van de ziel door de zonde, die de Kerk geneest in het sacrament van de boetvaardigheid, want Zij is «de herberg die langs de levensweg staat. Zij ontvangt de reizigers die doodop zijn van hun tocht en die de bagage van hun verleden vol zonden met zich meebren­gen. Hier kunnen reizigers bevrijd worden van hun zondenlast, zodat zij wat kunnen rusten en wat voedsel tot zich kunnen nemen zodat zij verder kunnen op hun tocht.»10

Wij moeten doen wat wij kunnen om armoede te verlichten, zoals Christus deed tijdens zijn leven op aarde. Wat is een betere weg om ons een te voelen met de Meester dan door naastenliefde en medelijden te beoefenen. «In de verschillende vormen -materiële armoede, onrechtvaardige onderdrukking, lichamelijke en psychische ziekten, en tenslotte de dood- is menselijk lijden het duidelijke teken van de natuurlijke staat van zwakte waarin de mens zich bevindt sedert de erfzonde en het teken dat hij redding nodig heeft. Daarom wekte dit het medelijden van Christus, de Redder, op die het lijden zelf droeg (Mt 8,17) en zich vereenzelvigde met de minste van zijn broeders (Vgl. Mt 25,40-45). Daarom ook krijgen degenen die door de armoede verdrukt worden bij voorkeur de liefde van de Kerk, die sedert haar begin en ondanks de tekortkomingen van veel van haar leden niet opgehouden is zich in te zetten voor het lenigen van hun nood, voor hun bescherming en bevrijding.»11

Wanneer wij bij iemand in nood komen, moeten wij dit doen met groot medeleven, door hun ongeluk tot het onze te maken. Fray Luis de Granada heeft erop gewezen, dat dikwijls meer dan slechts medeleven nodig is: «Daarom moet hij die God wil behagen, dit gebod van liefde nakomen, niet slechts in woord maar ook in daad.»12 Verderop voegt hij eraan toe: «Van de werken die uit liefde tot de naaste gedaan worden, zijn de volgende het belangrijkst: beminnen, raad, deskundige leiding, bijstand, verdraagzaamheid, vergiffenis, opbouw. Deze zijn zo sterk verbonden met liefde, dat het beoefenen ervan onze voortgang aangeeft in het beoefenen van deze allergrootste deugd.»13

49.3 De parabel van de barmhartige Samaritaan leert «wat de relatie van ieder van ons moet zijn met onze lijdende naaste. Wij mogen niet onverschillig in een boog om hem heenlopen; wij moeten bij hem stilstaan. Iedereen die stilstaat bij het lijden van een medemens, welke vorm dit lijden ook aanneemt, is een barmhartige Samaritaan.»14 God plaatst ons naast mensen in nood die wij op onze weg ontmoeten. Liefde moet ons ertoe brengen om te doen wat wij kunnen. Het gaat niet altijd om heldhaftige daden. Veelal is een glimlach al wat nodig is, een bemoedigend woord, goede raad, of de bereidheid op de tong te bijten ondanks een belediging of verwonding, een bezoek aan een zieke of eenzame vriend, het gebruik van goede omgangsvormen zoals een warme begroeting of een woord van dank... Paus Johannes Paulus ii schreef, dat bepaalde beroepen een voortdurend werk van barmhartigheid zijn, zoals bijvoorbeeld de medische beroepen.15 Toch brengt ieder beroep op de een of andere manier 'dienen' of 'zich inzetten' voor anderen met zich mee. Wij kunnen een po­ging doen om onze collega's met genegenheid, medeleven en respect te bejegenen. Wij moeten ons best doen om Christus te zien in de mensen die ons het meest nabij zijn.

Wij dienen bezorgd te zijn om het welzijn van ieder, maar het is vanzelfsprekend dat onze zorg in de eerste plaats onze allernaasten betreft. Liefde behoort een bepaalde rangorde te hebben zodat wij oplettend zijn voor onze broeders en zusters in het geloof, familieleden, vrienden, collega's... De heilige Johannes Chrysostomus verwoordt het als volgt: «Als de Samaritaan bezorgd was in het geval van een vreemde, hoe moet ons gedrag dan wel niet zijn als het mensen in nood betreft die ons meer nabij zijn? Wij mogen voor onze nalatigheid niet de schuld op anderen schuiven. U moet zelf werken aan het herstel zonder nutteloze vergelijkingen met de nalatigheid van anderen. Als u een gouden munt zou vinden, zou u dan uzelf de vraag stellen: waarom heeft niemand anders hem gevonden? Natuurlijk niet. U zou geen moment aarzelen en hem voor uzelf houden. Evenzo moet u beseffen dat, telkens wanneer u een broeder in nood vindt, u iets kostbaarders hebt gevonden dan welke schat ook: de kans voor iemand te zorgen.»16 Laten wij niet tekortschieten en dit ook doen.

-1. Lc 10,25-37. -2. Vgl. H. Augustinus, Preek over de woorden van de Heer, 37. -3. idem, Catena Aurea, V, bl. 513. -4. Vgl. H. Beda, Commentaar op het evangelie van Lucas, in loc. -5. R.A. Knox, Pastoral Sermons, bl. 140. -6. Jes 53,4; Mt 8,17; 1 Pe 2,24; 1 Joh 3,5. -7. 1 Joh 4,9-11. -8. Johannes Paulus ii, Apost. brief Salvifici doloris, 11 februari 1984, 28. -9. Origenes, Preek 34 over de heilige Lucas. -10. H. Johannes Chrysostomus, Catena Aurea, VI, bl. 519. -11. Congregatie voor de geloofsleer, Libertatis conscientia, 22 maart 1986, 68. -12 Fray Luis de Granada, Guía de pecadores, I,2,16. -13. Ibidem. -14. Johannes Paulus ii, o.c., 28. -15. Ibidem, 29. -16. H. Johannes Chrysostomus, Contra Iudeos, 8.




Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 07 feb 2012