Boeken over RK geloof en leven
Boeken & DVD's Voor eenheid van geloof en leven 
Home Best verkocht Alle titels Aanbiedingen Bestellijst Help Contact
pijl
Categorie
Kort Bestek
Andere pockets
Arco Reeks
Van Jozefmaria Escrivá
Spreken met God
Andere Boeken
Over Jozefmaria Escrivá
Voor kinderen
Jade Reeks
Theologie/ATRIUM
Video / DVD
Navarre bible

Zoek cadeau
tot € 5,-
van € 5,- tot € 10,-
van € 10,- tot € 20,-
vanaf € 20,-

Zoeken


Meditaties
Uit Spreken met God


Betaal snel & veilig met
Meditaties Uit de serie Spreken met God

Derde week. Dinsdag

17. zuiverheid van bedoeling

-Zuiverheid van bedoeling en tegenwoordigheid van God. Handelen met onze gedachten bij God. -Waakzaamheid tegenover lofprijzingen. Alle glorie voor God. -Onderzoek van de motieven van ons doen en laten. Nalatigheden in het apostolaat ten gevolge van het gemis van een juiste intentie.

17.1 Het leven van de eerste christenen en hun getuigenis aan de wereld doen ons hun deugd en karakter kennen. De norm voor hun gedrag was niet een gemakkelijke weg te nemen, of een meer comfortabele positie te kiezen, of een meer populaire beslissing. Zij kozen eerder het volledig vervullen van de wil van God. «Zij negeerden het gevaar van de dood [...], zij vergaten met hoe weinigen ze waren, zij merkten nooit hoevelen tegen hen waren, of de macht en de sterkte of wijsheid van hun vijanden. Hun macht was groter dan dat allemaal: zij vertrouwden op de macht van Hem die op het Kruis was gestorven en weer was verrezen.»1 

Zij hadden hun blik gefixeerd op Christus, die zijn leven gaf voor alle mensen. Zij zochten hun persoonlijke glorie niet, noch het applaus van hun medeburgers. Zij handelden altijd met een correcte bedoeling, want zij hadden hun ogen gericht op de Heer. Daarom kon Stefanus op het ogenblik van zijn martelaarschap zeggen: Heer, reken hun deze zonden niet aan, zoals we in de Mis van vandaag lezen.2

Onze bedoeling is goed, als Christus het doel en de drijvende kracht van al ons doen en laten is. «Zuiverheid van bedoeling is niets anders als tegenwoordigheid van God: God onze Heer is aanwezig in al onze intenties. Hoe vrij zal ons hart zijn van iedere aardse hindernis, hoe helder onze kijk en hoe bovennatuurlijk onze manier van doen, als Jezus werkelijk in het diepste van onze ziel regeert en de leiding heeft bij al onze plannen en bedoelingen.»3

In tegenstelling hiermee: iemand, die altijd de goedkeuring en de bijval zoekt van anderen kan gemakkelijk zijn eigen geweten op een dwaalspoor leiden. De maatstaf voor het doen en laten wordt dan 'wat de mensen zullen zeggen', in plaats van de Wil van God. Bezorgdheid voor de mening van anderen kan gemakkelijk angst voor de maatschappelijke omgeving worden. Het wordt dan niet moeilijk om de apostolische werkzaamheid van christenen teniet te doen «die de dringende taak op aarde vervullen»4 van de evangelisatie van de wereld.

Soms, om niet de schijn te wekken uit de pas te raken, begint men al te vlug niet consequent te zijn met zijn principes. Men bezwijkt voor de bekoring om naar die kant over te hellen, waarvan goedkeurende blikken en handdrukken zijn te verwachten, of minstens in de richting van middelmatigheid. Dat gebeurde met de farizeeën. «Het waren ijdelheid en lafheid die hen van God afbrachten. Die brachten hen ertoe een ander gebied te zoeken voor hun krachtsinspanningen, en dat is wat hen verloren deed gaan: want als je eenmaal probeert je toeschouwers te behagen, voer je de strijd die zij juist graag willen zien.»5 Daartegenover staat dat zij, die Christus echt zoeken, hebben te aanvaarden dat hun gedrag niet populair zal zijn en vaak bekritiseerd, in het bijzonder wanneer zij in een omgeving leven die niet erg christelijk is.

Het eerste wat wij moeten doen is Christus behagen. Als ik nog de gunst van mensen zocht, zou ik geen dienaar van Christus zijn.6 En ook de heilige Paulus antwoordt aan enkele inwoners van Korinte, die zijn apostolaat bekritiseerden: Mij is echter niets gelegen aan uw oordeel of van enige menselijke instantie. Ik oordeel niet eens over mijzelf... De Heer is het die over mij oordeelt.7

Menselijke oordelen zijn vaak verkeerd. Alleen God kan ons doen en laten en onze bedoelingen beoordelen. «Onder de verrassingen die ons op de oordeelsdag wachten, zal de stilte waarmee onze Heer die activiteiten van ons, die de bijval van mensen verdienden, zal begroeten, niet de geringste zijn... Aan de andere kant kan het gebeuren, dat Hij bepaalde activiteiten positief zal beoordelen die kritiek en censuur uitlokten. Onze rechter is de Heer. Hij is het, die wij behoren te behagen.»8 Wij moeten ons elke dag vele malen afvragen: Ben ik bezig met de mij opgedragen taak? Zoek ik de eer van God, of probeer ik mezelf mooi voor te stellen, om zeker te zijn dat de mensen mij aardig vinden? Als we bij die gelegenheden oprecht zijn, zullen we het inzicht krijgen om zo nodig onze bedoeling te herzien en die op God te richten.

17.2 Een slechte bedoeling verknoeit de beste activiteit: de daad kan goed uitgevoerd zijn, kan zelfs nuttig zijn, maar, daar die bij de bron vervalst is, verliest hij al zijn waarde in de ogen van God. IJdelheid of zelfzucht kunnen soms totaal vernietigen, wat een verdienstelijke daad had kunnen zijn. Zonder een goede intentie gaan we de verkeerde kant op.

Bij bepaalde gelegenheden kan het krijgen van lof een teken zijn van vriendschap en ons op de goede weg helpen. Maar we moeten deze lofprijzing in alle eenvoud op God richten. Bovendien, een woord van lof te ontvangen als teken goed begrepen te zijn, is heel iets anders als die lof te zoeken. En we moeten altijd voorzichtig zijn en opletten wanneer we worden geprezen of aanbevolen, daar «onze arme ziel vaak van het rechte pad afdwaalt zo gauw ze wordt toegejuicht en meer behagen schept in gelukkig genoemd te worden dan in het werkelijk te zijn. En dat wat een reden had moeten zijn om God te prijzen, wordt in plaats daarvan een oorzaak van onze verwijdering van Hem.»9

In het evangelie wijst onze Heer op het resultaat van goede daden, gedaan zonder een juiste bedoeling: Zij hebben hun beloning ontvangen, zegt Hij, terwijl Hij naar de farizeeën verwees, die geprezen wilden worden en zich goed bevonden. Zij kregen wat zij wilden: een blik van goedkeuring, een gebaar van bewondering, enkele woorden van lof. En kort daarna zou er niets meer over zijn dan lege lucht, en helemaal niets voor het eeuwige leven. Wat een verschrikkelijke mislukking, om voor zo weinig zoveel te verliezen. God aanvaardt ons doen en laten, zelfs het geringe, als we dat aan Hem opdragen met een zuivere bedoeling: doet alles ter ere Gods10, raadt de heilige Paulus ons aan. De twee kleine muntstukjes, die de arme weduwe in het offerblok van de tempel wierp11, werden een grote schat in de hemel.

Onze Heer beziet ons leven en houdt zijn hand elke dag uitgestrekt naar wat wij Hem kunnen opdragen: Hij aanvaardt alles, wat wij werkelijk voor Hem doen. We krijgen ons eigen bedroevende loon voor al het andere hier beneden. «Zuiverheid van mening. -De bekoringen van hoogmoed en de begeerten van het vlees onderken je gemakkelijk genoeg... en je vecht, en met behulp van de genade overwin je. -Maar de motieven die je tot handelen aanzetten, zelfs in de meest heilige dingen, lijken je niet duidelijk te zijn... Je neemt in je binnenste een stem waar, die jou je menselijke beweegredenen laat zien... op zo'n subtiele manier, dat in je ziel de verontrustende gedachte opkomt, dat je niet handelt zoals je zou moeten -uit zuivere Liefde, enkel en alleen om God alle eer te geven. -Reageer telkens onmiddellijk en zeg: 'Heer, ik wil niets voor mijzelf. Alles tot uw glorie en uit Liefde'.»12

Hier hebben we een prachtig schietgebedje om telkens te herhalen: 'Heer, ik wil niets voor mijzelf. Alles tot uw glorie en uit Liefde'. Het zal ons helpen om onthecht te leven en om onze bedoeling te zuiveren.

17.3 Om mensen te zijn die met de juiste bedoeling handelen, moeten we de motieven voor ons handelen onderzoeken. We moeten in aanwezigheid van God overwegen wat ons ertoe brengt ons op deze of die manier te gedragen. Waarom, bijvoorbeeld, laten wij na apostolaat te doen? Is het omdat wij bang zijn voor wat de mensen zullen zeggen? Of waarom voegen wij ons zo gemakkelijk naar een niet-christelijke omgeving? In het licht van het geloof zullen wij de elementen van lafheid of ijdelheid die ons gedrag kenmerken, kunnen ontdekken.

Onze Heer geeft ons een duidelijke maatstaf: Wanneer gij dus een aalmoes geeft, bazuin het dan niet voor u uit.13 Wij behoren onze goede daden niet uit te bazuinen. We moeten niet blijven stilstaan bij de dingen die wij goed gedaan hebben. Laat uw linkerhand niet weten wat uw rechter doet. We moeten niet stilstaan om onze goede daden te analyseren terwijl wij ermee bezig zijn... of achteraf. We behoren ook niet na te laten wat we verondersteld worden te doen.

Wij hebben een eerste-klas getuige van ons handelen. Niets van wat wij doen, gebeurt onopgemerkt door God onze Vader. Niets is Hem onverschillig. Dat zou voor ons al voldoende beloning moeten zijn, een belangrijke reden om onze intenties betreffende ons werk en ons apostolaat te verbeteren.

«Een ongeduldige en ongeordende obsessie om in je beroepsleven hogerop te komen, kan er de oorzaak van zijn, dat je onder het mom 'de zielen te dienen' je eigenliefde aan het dienen bent. Met bedrog -daar slik ik geen letter van in- zoeken wij ons te rechtvaardigen: we mogen zogenaamd bepaalde gunstige ontwikkelingen niet missen, een buitenkans niet laten schieten...

»Richt je ogen op Jezus: Hij is 'de Weg'. Ook tijdens zijn verborgen leven deden zich 'zeer gunstige' ontwikkelingen en buitenkansjes voor om op zijn openbaar leven vooruit te lopen; bijvoorbeeld, toen Hij twaalf jaar was en de schriftgeleerden zich verbaasden over zijn antwoorden... Maar Jezus doet de wil van zijn Vader en wacht: Hij gehoorzaamt!

»Je moet je heilige ambitie, om de hele wereld tot God te brengen, niet laten varen, maar als je zulke ideeën krijgt -die misschien wel een verlangen zijn om te deserteren- denk er dan aan, dat ook jij hoort te gehoorzamen en je bezig hebt te houden met je onopvallende taak zonder uiterlijk vertoon, zolang de Heer niets anders van je vraagt: Hij heeft zijn eigen tijd en zijn eigen paden.»14

Onze Heer vraagt ons waakzaam te zijn, want als we onoplettend zijn, zullen wij in de gewoonte vervallen om hier beneden uit te kijken naar beloningen, en zullen wij uit lafheid, menselijk opzicht, of angst voor wat andere mensen van ons zullen denken, vermijden het goede te doen. We moeten niet zijn, zoals het schip «dat vele reizen heeft gemaakt, vele stormen heeft doorstaan, om dan op een rots aan de grond te lopen met al zijn schatten overboord, verloren in het zicht van de haven. Dat is het geval van iemand die, na een aanzienlijke hoeveelheid werk, de bekoring om lof na te jagen niet verwerpt, en schipbreuk leidt in de haven zelf.»15

Wij zijn vrijer, wanneer we de dingen uitsluitend doen voor God. Zo zijn we niet afhankelijk van wat de mensen zullen zeggen, of van menselijke dankbaarheid, die altijd onbetrouwbaar is. Zuiverheid van bedoeling helpt ons een meer vruchtbaar apostolaat te verrichten in welke omgeving en onder welke omstandigheden dan ook. Het wijst ons de weg van de innerlijke vrijheid.

-1. H. Johannes Chrysostomus, Homilieën over Matteüs, 4. -2. Hnd 7,59. -3. S. Canals, Ascética meditada. -4. Vaticanum ii, Past. const. Gaudium et spes, 93. -5. H. Johannes Chrysostomus, o.c., 72. -6. Gal 1,10. -7. 1 Kor 4,3-4. -8. G. Chevrot, Dans le secret. -9. H. Gregorius de Grote, Moralia, 10,47-48. -10. 1 Kor 10,31. -11. Vgl. Mc 12,42. -12. H. Jozefmaria Escrivá, De Weg, 788. -13. Mt 6,2-4. -14. H. Jozefmaria Escrivá, De Voor, 701. -15. H. Johannes Chrysostomus, Homilie over de evangelische volmaaktheid.



Catalogus 2012
Aanbiedingen
De avonturen van Josemaría
van € 12,00 voor € 5,00
De heilige Jozefmaria Escrivá
van € 9,50 voor € 5,00
Meer aanbiedingen ...
Best verkocht
1 Kinderen van God
2 Korte Geschiedenis van de Katholieke Kerk
3 De Bijbel leren kennen
4 De Katholieke Kerk verkennen
Meer over best verkocht ...
Snel zoeken
Sitemaps: xml  html    ©De Boog 07 feb 2012